Ambtenaar

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een ambtenaar [statutair] is een natuurlijk persoon die is aangesteld in een openbare betrekking om, ondergeschikt aan een hoger gezag, een deel van de overheidstaak te verrichten. Afhankelijk van hun functie, leggen ambtenaren een zuiveringseed of ambtseed af. Ambtenaren kunnen werken bij de rijksoverheid (Nederland), de federale overheid (België), een gemeenschap (België), een gewest (België), een provincie, een gemeente, een waterschap of bij instellingen die worden beheerd door de staat of openbare lichamen. Dienovereenkomstig worden zij ook wel aangeduid als rijksambtenaren, federale ambtenaren, gemeenschapsambtenaren, gewestelijke ambtenaren, provincieambtenaren, gemeenteambtenaren, waterschapsambtenaren, onderwijsambtenaren, politieambtenaren enzovoorts.

Naast deze strikte definitie bestaan er andere, minder strikte definities. Werknemers van semi-overheidsinstellingen worden veelvuldig als ambtenaren gezien.

Historie[bewerken]

Voorlopers van de tegenwoordige ambtenaren waren de dienaren van de vorsten in de late middeleeuwen. Keizer Frederik II stelde in 1231 een nieuwe regeling voor de ambtenarij in. Daarbij werd voor het eerst een staat gebaseerd op een zuiver wereldlijk bestuur, waarvan de ambtenaren recht hadden op een goede honorering en oudedagvoorziening, maar ook onderworpen waren aan een uitgebreide controlesysteem en bijzondere gehoorzaamheidsplichten.

Pas aan het begin van de 19e eeuw wordt de Europese ambtenarij onderworpen aan de staat en de wet in tegenstelling tot bijvoorbeeld een vorst persoonlijk. De Franse Revolutie was mede bepalend voor het ontstaan van de moderne ambtenarij.

Rechtspositie[bewerken]

In veel opzichten lijkt de positie van een ambtenaar op die van werknemers die werkzaam zijn op grond van een arbeidsovereenkomst, te weten:

  1. de ambtenaar werkt in een gezagsverhouding tot een wederpartij (het overheidsorgaan dat de ambtenaar heeft aangesteld)
  2. de ambtenaar voert ten behoeve van zijn wederpartij op vastgestelde tijden vastgestelde taken persoonlijk uit
  3. de ambtenaar wordt voor deze werkzaamheden door zijn wederpartij betaald

In juridische zin is er echter sprake van een fundamenteel verschil tussen de positie van ambtenaren en die van werknemers die werkzaam zijn op grond van een arbeidsovereenkomst. Een ambtenaar [statutair] wordt namelijk door middel van een eenzijdige rechtshandeling door de overheid 'aangesteld' (zie statuten). De aanstelling wordt in een besluit vastgelegd. Buiten de overheid gaan werknemer en werkgever samen een tweezijdige arbeidsovereenkomst aan. Dat juridische verschil van aanstelling neemt natuurlijk niet weg dat ook een natuurlijk persoon die als ambtenaar werkzaam zal zijn hiermee gelijk een werknemer tot overeenstemming met zijn wederpartij dient te zijn gekomen alvorens de aanstelling formeel wordt vastgelegd.

Bovengenoemd verschil heeft gevolgen heeft voor de rechten en plichten van ambtenaren die van land tot land verschillen. Bijvoorbeeld:

  • In principe gelden de wettelijke regels omtrent aanstelling en ontslag volgens het burgerlijk recht niet voor ambtenaren. Het ontslagrecht is geregeld in de Ambtenarenwet en de onderhangende regelingen. Ambtenaren kunnen ontslagen worden op grond van nauwomschreven gronden.
  • Ambtenaren hebben in het algemeen stakingsrecht, maar mogen in sommige gevallen niet staken (zie ook minimale dienstverlening).

De bijzondere rechtspositie van ambtenaren wordt en is in veel landen steeds meer in overeenstemming gebracht met die van werknemers die op grond van een arbeidsovereenkomst werkzaam zijn.

Nederland[bewerken]

De ambtenaar heeft in Nederland een door de Ambtenarenwet van 17 januari 1929 gewaarborgde rechtspositie. Deze wet draagt de beslissing van geschillen tussen ambtenaren en overheid in eerste instantie op aan de kamers van bestuursrechtelijke zaken van de arrondissementsrechtbanken, in hoger beroep aan de Centrale Raad van Beroep. De arbeidsvoorwaarden zijn geregeld in het Ambtenarenreglement.

Een ambtelijke aanstelling is in vaste dienst of in tijdelijke dienst. Aanstelling in tijdelijke dienst geschiedt voor bepaalde of voor onbepaalde tijd.

Het ambtelijk en het privaatrechtelijk ontslagrecht verschillen van elkaar op formele punten. In het bijzonder onderwijs geldt een hybride ontslagrecht dat formeel op het Burgerlijk Wetboek is gebaseerd, maar ook elementen kent die op het ambtelijk ontslagrecht zijn gebaseerd.

In 1903 voerde het Kabinet-Kuyper in reactie op een grote spoorwegstaking een stakingsverbod in voor ambtenaren en werknemers in bepaalde sectoren (zoals de spoorwegen). In 1979 werd dit verbod door het kabinet-Van Agt I weer opgeheven.

Salaris[bewerken]

In Nederland wordt het salaris van ambtenaren geregeld in het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984. Voor politie en defensie zijn afwijkende regelingen opgesteld.

Bij de rijksoverheid zijn 18 salarisschalen.[1] De eerste 5 schalen zijn in principe bedoeld voor functies waarvoor weinig opleiding vereist is, schaal 6 en 7 voor functies op mbo-niveau, schaal 8 en 9 voor functies op hbo-niveau en schaal 10 tot en met 18 voor functies op universitair niveau. Iedere schaal bevat een aantal treden; de overgang naar de volgende trede, de periodieke verhoging geschiedt meestal automatisch. Ook bevorderingen naar de volgende schaal komen soms automatisch tot stand. Als gevolg van deze regel verdienen de laagste ambtenaren vaak meer dan werknemers met soortgelijke functies in het bedrijfsleven en de hoogste ambtenaren minder. De laagste ambtenaren kunnen bijvoorbeeld opklimmen tot de top van schaal 3 waar zij anderhalf maal het minimumloon verdienen. Het salaris in schaal 18 is iets meer dan zes maal het minimumloon. Deze afwijkende salarisstructuur is aanleiding tot het privatiseren van overheidstaken,[bron?] waarbij salarisdalingen tot 20% voor het lagere personeel en salarisstijgingen van 100% voor topfunctionarissen kunnen optreden.

De topfunctionarissen bij een ministerie (of ook wel departement genoemd) behoren tot de Topmanagementgroep (kortweg TMG genoemd) en zijn niet ingedeeld in een van de hierboven genoemde salarisschalen maar krijgen een vast bedrag. In de praktijk wordt dit wel schaal of niveau 19 genoemd. Onder de TMG vallen de volgende functies:

Deelname aan ABP[bewerken]

Ambtenaren (in de strikte zin van mensen met een ambtelijke aanstelling) vormen een deel van het personeel in de sectoren die bij elkaar worden aangeduid als overheid en onderwijs (O & O). Dit heeft onder meer betrekking op ABP-pensioen, en op eigenrisicodragerschap voor de WW van de werkgevers.

Onder meer het bijzonder onderwijs valt wel onder O & O, maar er zijn geen ambtelijke aanstellingen, maar arbeidsovereenkomsten naar burgerlijk recht.

Huidige ontwikkelingen[bewerken]

In 2005 heeft een werkgroep van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties onderzoek gedaan naar de mogelijkheid om het onderscheid ambtenaar/werknemer op te heffen, door van alle ambtenaren 'gewone' werknemers te maken.

Aanhangig is het Voorstel van wet van de leden Van Weyenberg en Van Hijum tot wijziging van de Ambtenarenwet en enige andere wetten in verband met het in overeenstemming brengen van de rechtspositie van ambtenaren met die van werknemers met een arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht (Wet normalisering rechtspositie ambtenaren).

Volgens het Regeerakkoord 2012 wordt het ontslagrecht van ambtenaren in overeenstemming gebracht met het ontslagrecht van werknemers buiten de overheid. Ook secundaire arbeidsvoorwaarden van ambtenaren worden – na raadpleging van de sociale partners – gelijkgetrokken met die in de private sector.

Terugkeerregeling[bewerken]

Artikel 3, zesde lid, Wet Incompatibiliteiten Staten-Generaal en Europees Parlement met de Circulaire Ontslag of terugkeerrecht rijksambtenaren na een periode lidmaatschap Tweede Kamer of Europees Parlement[2] bepalen dat in het geval een rijksambtenaar lid wordt van de Tweede Kamer of het Europees Parlement hem eervol ontslag wordt verleend, dan wel – op zijn verzoek – wordt ontheven van de waarneming van zijn ambt (dus een soort verlof wordt toegekend). Het is geen recht, het verzoek kan worden geweigerd. Na één zitttingstermijn moet de ambtenaar kiezen welke carrière hij wil voortzetten: hij moet weer als ambtenaar gaan werken of wordt eervol ontslagen.

Gemeenteambtenaar[bewerken]

Ook voor personeel dat bij een gemeente werkt is de Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling en de Uitwerkingsovereenkomst (CAR-UWO)[3] van toepassing. De uitwerking in CAR-UWO-artikelen heeft lokaal pas rechtskracht als het college van B&W deze heeft overgenomen in de plaatselijke arbeidsvoorwaardenregeling.

CAR-UWO in niet van toepassing op onder meer de volgende medewerkers, ondanks dat zij door het college of de gemeenteraad zijn benoemd[4]:

  • de vrijwilliger bij de brandweer
  • onderwijzend personeel
  • onderwijsondersteunend personeel als de onderwijsrechtspositieregeling op hen van toepassing is
  • werkvoorziening en een indicatie heeft voor de sociale werkvoorziening, met uitzondering van degene met een indicatie die werkzaam is bij de gemeente in het kader van "begeleid werken"
  • ambulancemedewerker

België[bewerken]

In België wordt het "statuut van de ambtenaren" geregeld door het Koninklijk Besluit van 3 oktober 1937, het zogenaamde "statuut Camu"; dit statuut werd weliswaar reeds herhaalde malen aangepast en uitgebreid. Het statuut Camu geldt echter enkel voor de ambtenaren van de federale uitvoerende macht. De rechtspositieregeling, zoals men een 'statuut' noemt, van de ambtenaren van de Gemeenschappen en Gewesten, wordt geregeld in besluiten van de/ het desbetreffende Gemeenschap of het Gewest zelf, binnen een gemeenschappelijk kader, dat men het algemene principes Koninklijk Besluit (APKB) noemt.

Duitsland[bewerken]

In Duitsland hebben met name hogere functionarissen bij de overheid de status Beamter. Daarnaast heeft de overheid ook werknemers in dienst, via een arbeidscontract. De trend is om het aantal functionarissen met de status 'Beamter' te beperken.

De Duitse ambtenarij werd na de Tweede Wereldoorlog verweten dat ze in hun toewijding en plichtsgetrouwheid kritiekloos aan de misdaden van de nazi's hadden meegewerkt. Professor Robert D' Harcourt, die het optreden van de ambtenaren tijdens de Tweede Wereldoorlog onderzocht in opdracht van de geallieerden constateerde: "De Duitse ambtenarij werkt met benijdenswaardige efficiëntie, echter in het onrecht evenzeer als in het recht. Het enige wat het geleerd heeft, is als een geolied raderwerk te blijven draaien."

In 1945 werd de ambtenaarstatus door het geallieerde bestuur in eerste instantie afgeschaft. In de Bondsrepubliek werd het in juli 1950 weer ingevoerd. In artikel 33 van de grondwet staat sindsdien dat de uitoefening van de bevoegdheden van de openbare macht aan leden van de overheidsdienst moet worden toebedeeld, die in een publiekrechtelijke dienstverband staan.

Algemeen

  • ministeriële ambtenaren
    • secretaris-generaal / secretaresse-generaal (Staatssekretär)= chefambtenaar van ministerie
    • directeur-generaal ministeriaal (Ministerialdirektor) = chef van ministeriële afdeling
    • directeur ministeriaal (Ministerialdirigent)= chef van ministeriële onderafdeling
    • raad ministeriaal (Ministerialrat)= chef van ministeriële bureau (Referatsleiter)
  • hoofdambtenaren (Beamte des Höheren Dienstes)
    • leiding administratie- directeur (Leitender Regierungsdirektor)
    • administratie-directeur (Regierungsdirektor)
    • hoofdadministrateur (Regierungsoberrat / Oberregierungsrat)
    • administrateur (Regierungsrat)
  • hogere ambtenaren (Beamte des gehobenen Dienstes)
    • (Oberamtsrat)
    • (Amtsrat)
    • (Amtmann)
    • (Oberinspektor)
    • (Inspektor)
  • middelbare ambtenaren (Beamte des Mittleren Dienstes)
    • administratie-hoofdsecretaris (Regierungshauptsekretär)
    • administratie-oppersecretaris (Regierungsobersekretär)
    • administratie-secretaris (Regierungssekretär)
    • administratie-adjunct (Regierungsassistent)
  • lagere ambtenaren (Beamte des Einfachen Dienstes)
    • (Oberamtsmeister)
    • (Amtsmeister)
    • (Hauptamtsgehilfe)
    • (Oberamtsgehilfe)

In de jaren 90 werden veel ambtenarenposten vervangen door werknemerposities, met name in de geprivatiseerde luchtverkeersleiding, de posterijen en de Deutsche Bundesbahn.

In de DDR had men geen ambtenaren; tegenwoordig zijn er in het oosten van Duitsland nog steeds minder ambtenaren dan in het gebied van de oude Bondsrepubliek.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
Icoontje WikiWoordenboek Zoek ambtenaar op in het WikiWoordenboek.