Bende van Nijvel

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Bende van Nijvel (in het Frans aangeduid als Tueries du Brabant) was een groep misdadigers die in 1982, 1983 en 1985 in België een reeks moorden, inbraken, diefstallen en overvallen pleegde. Daarbij vielen in totaal 28 doden en ruim 40 gewonden. Met name de bloedige roofovervallen op supermarkten van de Delhaize-keten in 1985 schokten de Belgen. De leden van de Bende van Nijvel werden niet ontmaskerd en ook hun motieven zijn tot op heden niet bekend. Het politieonderzoek verliep in de beginfase volgens sommigen chaotisch en onzorgvuldig. Hierdoor én omdat het aantal doden en gewonden hoog was maar de buit relatief gering, werd de bende vaak gezien als een organisatie met politieke motieven die bescherming genoot van hogerhand.[1] Bewijzen voor deze stelling zijn nooit gevonden.

Geschiedenis[bewerken]

De Bende van Nijvel - de naam is haar door de pers gegeven - liet voor het eerst van zich horen in 1982. Toen betrof het een diefstal van een geweer uit een wapenwinkel in Dinant. De misdadigers toonden zich weldra van een gewelddadiger zijde. De misdrijven in 1982 en 1983 hadden een sterk uiteenlopend karakter - roofovervallen, autokapingen, inbraken - maar kenmerkten zich door het brute geweld waarmee de bende opereerde, die zijn naam kreeg na de nachtelijke inbraak in een Colruyt-supermarkt in Nijvel. Een man en een vrouw die met hun auto kwamen tanken, werden gedood. Een gealarmeerde rijkswachtpatrouille werd beschoten en een andere nadien in een hinderlaag gelokt. Daarbij werd een rijkswachter gedood en zijn collega voor dood achtergelaten.

Voor zover bekend was de bende in 1984 niet actief, maar in 1985 sloeg ze harder toe dan ooit. Op vrijdag 27 september 1985, rond 20.10u, en later rond 20.30u, pleegde een bende twee overvallen op twee Delhaize-filialen waarbij in totaal acht doden vielen. Eerst werd het filiaal in Eigenbrakel (Rue de la Graignette) overvallen (3 doden) en minder dan een half uur later dat in Overijse (Brusselsesteenweg) (5 doden). De laatste overval op een Delhaize-filiaal in Aalst op zaterdag 9 november 1985 was het bloedigst en kostte acht mensen het leven.

Volgens de laatste stand van het onderzoek bestond de Bende uit een harde kern van drie personen: een lange man (de 'reus') die de overvallen leidde, de moordenaar ('killer' in Bende-jargon) die de meeste moorden pleegde en een 'oudere man' die vooral als chauffeur fungeerde. Het wordt evenwel niet uitgesloten dat de Bende bij de laatste overval in Aalst uit zes personen bestond.

Er zijn getuigenissen die doen vermoeden dat de 'killer' om het leven is gekomen toen de Bende na de laatste overval in Aalst op de vlucht sloeg. Een politieagent van de stad Aalst die op de vluchtauto schoot zou hem toen geraakt hebben. De 'killer' wordt verantwoordelijk gehouden voor 23 van de 28 doden. Feit is dat de bende daarna niet meer van zich liet horen.

Getuigen zeggen dat ze op de avond van de overval in het bos van La Houssière twee mannen bij een Volkswagen Golf hadden gezien. Een derde man zou op de grond hebben gelegen. Het staat vast dat leden van de Bende rond die tijd in dit gebied zijn geweest. In het nabijgelegen kanaal dumpten ze toen twee zakken met wapens, munitie en ander bewijsmateriaal.

Tussen 27 september en 5 oktober 2004 zocht het gerecht in het bos van La Houssière bij 's-Gravenbrakel vergeefs naar het lichaam van de moordenaar. Wel doken twee kogels op, twee kogelhulzen, een jas, een uurwerk en oude munten. De munitie was van eenzelfde type als gestolen werd bij de Bende-overval op wapenhandel Dekaise in Waver. Een herhaling van de graafwerken in maart 2005 bleef eveneens vruchteloos.

In 2010 werd er nogmaals gezocht in het kanaal in de buurt van het hellend vlak van Ronquières, ook ditmaal zonder resultaat.

Op 12 mei 2014 werd, 28 jaar na de laatste overval, een 68-jarige opgepakt die verdacht wordt van deelname aan overvallen in Eigenbrakel en Overijse[2][3].Deze werd op 10 juli 2014 weer vrijgelaten, of hij nog verdachte is is niet bekend.


Motieven[bewerken]

Terrorisme[bewerken]

Aanhangers van de theorie dat de bende uit terroristen bestond, menen dat de daders in de extreemrechtse hoek gezocht moeten worden, meer bepaald de militie Westland New Post. Deze opvatting wordt onder meer gesteund door verhalen over het dubieuze Brusselse milieu van de jaren tachtig waarin enkele rijkswachters nauwe banden zouden onderhouden hebben met extreemrechts, en door de opvatting dat de overvallen met militaire precisie werden uitgevoerd.

Gedacht wordt dat de bende wellicht uit (ex-)rijkswachters en extreemrechtse militanten bestond en met de acties het land wilde destabiliseren. Als mogelijk financier werd de omstreden edelman Benoît de Bonvoisin genoemd. Als gevolg van de overvallen van de bende werd het materieel van de dienst bij de rijkswacht verbeterd.

Deze complottheorie en varianten daarop hebben in de media veel aandacht gekregen en worden ook door journalisten als Guy Bouten, auteur van een boek over de Bende van Nijvel, geloofwaardig geacht. Toch is er geen overtuigend bewijs gevonden om extreemrechts of enig andere politiek geïnspireerde organisatie, aan de Bende-criminelen te koppelen.

Wel staat vast dat zowel extreemrechtse militanten als de Bende van Nijvel de bossen van La Houssière goed kenden. Een aantal rechtse extremisten hield er schietoefeningen, de Bende stak er een vluchtwagen in brand en dumpte wapenzakken in het nabijgelegen kanaal. Tussen rommel die mogelijk door de Bende in het bos werd achtergelaten stak een papier waarop het handschrift te zien zou zijn van de toenmalige vriendin van Jean Bultot, een omstreden adjunct-gevangenisdirecteur die bekendstond vanwege zijn extreemrechtse sympathieën.

Geheime diensten / Gladio[bewerken]

Anderen wijzen de Amerikaanse CIA aan als organisator van de overvallen. Ook volgens een onderzoek van de Belgische senaat pasten deze misdaden mogelijk binnen het Gladio-netwerk van de Amerikaanse inlichtingendiensten, dat de invloed van het communisme in West-Europa moest ontmoedigen.[4]

Leden van de Belgische Parlementaire Onderzoekscommissie belast met het onderzoek van de recente onthullingen over het bestaan in België van een clandestien internationaal inlichtingennetwerk, bekend als de commissie-Gladio (1990), verdedigden dit verband. Commissievoorzitter Roger Lallemand schreef de aanslagen toe aan het werk van buitenlandse geheime diensten, die als doel hadden de binnenlandse Belgische democratie te beïnvloeden. Hij meende dat de terreuraanslagen van de jaren 80 vooral een media-effect moesten veroorzaken. Deze geheime diensten gebruikten daarvoor beurtelings extreem-linkse of extreem-rechtse groeperingen.[5]

Ex-adjunct-gevangenisdirecteur Jean Bultot en gewezen rijkswachters Martial Lekeu[6] en Robert Beijer legden gelijkaardige getuigenissen af. Lekeu werd hierover ook door de speurders ondervraagd maar veranderde toen zijn verklaringen. Ook Bultot en Beijer hebben naderhand andere theorieën verkondigd, die op punten in tegenspraak zijn met hun eerdere getuigenissen over Gladio.

De onregelmatigheden in het onderzoek naar de Bende van Nijvel en de CCC zouden in 1991 leiden tot de oprichting van een parlementair overzichtscomité dat de inlichtingendiensten controleert, het zogenaamde Comité I.

Voor een koppeling van een geheime dienst aan de Bende-misdrijven is geen overtuigend materieel bewijs gevonden.

Wapenhandel en afpersing[bewerken]

Ook illegale wapenhandel en afpersing werden als motieven genoemd. Bij deze laatste theorie wordt ervan uit gegaan dat de misdadigers sommige slachtoffers doelbewust kozen. Een vroegere bankier Leon Finné, gedood in Overijse, zou bij illegale wapentransacties betrokken zijn geweest. Ook het koppel Jacques Fourez-Elise Dewit zou niet zomaar zijn vermoord. Van deze twee werd gezegd dat ze iets met de Roze Balletten te maken hadden, en goede banden hadden met een ander slachtoffer, restaurantuitbater Jacques Van Camp.

Dat deze mensen elkaar echt kenden is nooit aangetoond. Ook voor het verhaal dat ze alle vier lid waren van dezelfde politieke organisatie, CEPIC, is in het politieonderzoek geen bewijs te vinden, maar het ging in de media wel een eigen leven leiden.

Behalve afpersing van personen behoort ook afpersing van de supermarktketens tot de mogelijke verklaringen. Het is echter nooit aangetoond dat een van de overvallen ketens afgeperst is of betaald heeft. Wel is het opvallend dat de laatste drie overvallen op winkels van één en dezelfde keten (Delhaize) plaatsvonden.

Banditisme[bewerken]

De opvatting dat de Bende uit traditionele overvallers bestond die uit waren op geld is door velen ongeloofwaardig genoemd vanwege de relatief geringe buit en het grote aantal doden. In de beginfase, toen het aantal doden nog niet zo groot was, werd dit spoor gevolgd door de speurders.

Toch valt dit motief niet geheel uit te sluiten. Buitenlandse profilers die het dossier hebben bestudeerd, zijn tot conclusies gekomen die banditisme toch tot een mogelijke optie maken. Zij stelden dat het toenemend gewelddadige gedrag van de Bende mogelijk een deel van de 'kick' vormde. Ook was de buit in sommige gevallen behoorlijk te noemen, zeker voor mensen uit armere milieus, oordeelden de profilers. De gebruikte wapens wekten ook niet de indruk dat de Bende uit militair getrainde "professionals" of geroutineerde beroepsmisdadigers bestond.

Daarnaast zijn voor andere, politiek geïnspireerde motieven geen sluitende bewijzen gevonden en hebben politiek geïnspireerde complottheorieën de neiging vroeg of laat uit te komen.

Onderzoek[bewerken]

Het onderzoek naar de Bende van Nijvel bleef tot dusver zonder concreet resultaat. Dat kwam onder meer doordat het aanvankelijk verspreid was over arrondissementen en politiediensten die meer oog leken te hebben voor elkaar en voor de publieke opinie, dan voor de waarheid. De bende Van Nijvel had ook handig gebruik gemaakt van de Belgische tweedeling, door aan weerszijden van de taalgrens te opereren. Dit doet vermoeden dat de bende de structuren van de politiediensten goed kende. Het toenmalige politiealarm waarbij een aantal diensten in actie kwamen en versperringen werden geplaatst, werd niet op tijd ingezet als gevolg van de verticale hiërarchische structuur van de Rijkswacht. Deze laatste liet na een provinciaal of landelijk alarm af te kondigen na de overval in het Waalse Eigenbrakel, waardoor interventiediensten in Vlaanderen geen verband konden leggen op het moment dat ze in actie moesten komen na de tweede overval op die dag in Overijse.

Het parket van Dendermonde was - in de ogen van de pers - het meest voortvarend in zijn aanpak, maar kon zich slechts met een klein deel van het dossier bezighouden. De centralisatie van het dossier in Charleroi oogstte veel kritiek. Toch kwam er daarna pas enige lijn in het onderzoek. De feiten lagen toen echter al vijf of meer jaar terug, waardoor het behalen van resultaat almaar moeilijker werd.

Het parket in Bergen beschuldigde de zogenoemde 'Borains' - een groepje randfiguren uit de Borinage - ervan de Bende-misdrijven van 1982 en 1983 te hebben gepleegd. De rechtbank in 1988 sprak ze vrij. De aanklacht was louter gebaseerd op tegenstrijdige, onder dwang verkregen bekentenissen en onjuist ballistisch onderzoek.

Van de overvallen in 1985 werd slechts eenmaal iemand officieel verdacht: Philippe De Staercke, een beroepsmisdadiger die in 1987 tot twintig jaar werd veroordeeld voor een reeks andere feiten. In mei 2001 werden de beschuldigingen tegen hem in verband met de Bende van Nijvel ingetrokken bij gebrek aan bewijs. De Staercke zou voor de overval in Aalst op verkenningstocht zijn geweest. De vroegere woonwagenbewoner uit de Brusselse zuidrand beantwoordde in veel opzichten aan het daderprofiel. Dat werd echter pas opgesteld nadat de beschuldigingen tegen hem werden ingetrokken.

In de media werden ook de vroegere rijkswachters Madani Bouhouche en Robert Beijer veelvuldig als betrokkenen genoemd, evenals hun vroegere kennis Jean Bultot. Hoewel Bouhouche en Beijer een reeks spraakmakende misdrijven op hun kerfstok hadden - waar ze ook voor veroordeeld werden - zijn er geen concrete bewijzen die hen verbinden met de Bende van Nijvel. De geruchten hierover blijven echter hardnekkig, mede omdat bij Bouhouche plannen werden aangetroffen om warenhuizen af te persen.

Ook werd Patrick Haemers verdacht deel uit te maken van de Bende van Nijvel. De gewelddadige aanpak van de bende leek erg op die van de bende Haemers. De politie kwam tijdens het onderzoek vaak in aanraking met het Brusselse misdaadmilieu van de jaren 80 waarin Patrick Haemers verzeild was. In het onderzoek naar de Bende van Nijvel is sprake van 'de reus'. Dit profiel werd geassocieerd met Patrick Haemers, vanwege zijn grote lichaamslengte. Hij schoot ook wild in het rond als iemand die onder de invloed van drugs leek te zijn. Haemers stond immers bekend om zijn cocaïnegebruik tijdens bankovervallen. Sommige getuigen waaronder slachtoffer David van der Steen beweerden jaren na de feiten dat ze Haemers herkenden als dader omwille van de pukkel naast de neus, en de typische heldere blauwe ogen. Jaren later meende hij de man die hem zwaar verwondde te herkennen toen Haemers op de voorpagina van het weekblad Humo stond. Op dat moment was Haemers echter al dood.

Bultot was in de jaren tachtig adjunct-directeur van de gevangenis in Sint-Gillis. Hij was, evenals Bouhouche, een fanatiek beoefenaar van de schietsport practical shooting. Ook kende hij De Staerke. Hij werd verdacht van heling, vluchtte naar Paraguay en later Zuid-Afrika, vanwaar hij de ene na de andere theorie over de Bende van Nijvel spuide aan wie het maar horen wilde.

Het onderzoek naar de Bende van Nijvel dreigde in de late jaren negentig stil te vallen, maar kreeg in 1998 een nieuwe impuls door een tweede parlementaire enquête, geleid door Tony Van Parys. De eindconclusie was dat, anders dan de media vaak hebben bericht, sporen naar extreemrechtse militanten, vermeende banden met de rijkswacht en geheime diensten wel waren onderzocht door de speurders, maar niet tot concrete verdenkingen hadden geleid.

Veel familieleden van slachtoffers geloven niet meer in een doorbraak.

Begin 2006 waren er huiszoekingen in het zuiden van Frankrijk in het huis van de crimineel Madani Bouhouche. Deze was er in december 2005 dood aangetroffen, nadat hij er vijf jaar als een kluizenaar had geleefd sinds zijn vrijlating. Hij kwam om toen hij aan het houthakken was en de thesis van een ongeval werd bevestigd.

In januari en februari 2009 werd, klaarblijkelijk na een tip van een op sterven liggende gangster, onderzoek gedaan op het terrein van een schroothandelaar in Elouges, in Dour. Hoewel bij de graafwerken menselijke skeletten werden gevonden, bleken deze niet in verband te staan met de Bende van Nijvel.

In februari 2010 werd speurder Lionel Ruth, die al 25 jaar bij het onderzoek betrokken was en de laatste jaren een leidende functie had, van het onderzoek gehaald en geschorst. Ruth zou jarenlang een wapen hebben bewaard dat toebehoorde aan de voormalige vriendin van de meermaals als verdachte genoemde Jean Bultot. Dit wapen zou echter niet door de Bende van Nijvel zijn gebruikt.

Op 2 juni 2010 publiceerden de speurders een nieuwe robotfoto van een man die lid zou zijn geweest van de Bende van Nijvel. De foto leverde de eerste dag driehonderd tips op.[7]

Dit gebeurde in het kader van een door VTM (Telefacts crime) uitgezonden reconstructie van de laatste Bende-overval in Aalst. Daarbij werd ook gesteld dat de daders een uitvalsbasis in Sint-Genesius-Rode of directe omgeving hadden. Ook bleken de onderzoekers een verband met Noord-Franse gangsters mogelijk te achten.[8]

Eind november 2010 onthulde de krant De Morgen dat de speurders meenden een van de daders te herkennen. Het zou gaan om Dominique Salesse een voormalige kompaan van Philippe De Staercke en lid van de Bende van Baasrode.[9] De man zou sterk lijken op de robotfoto die tijdens de tv-reconstructie van de overval in Aalst werd getoond. Salesse ontkent elke betrokkenheid.[10]

In februari 2013 zegde de crimineel Claude Nitelet in een interview met de krant La Capitale dat hij al vele jaren de hoofdverdachte was in het dossier, maar dat alles wat hem in verband bracht met de Bende van Nijvel berustte op toeval.[11]

Overzicht van de feiten[bewerken]

Bij dit overzicht moet opgemerkt worden dat de omvang van de buit al naargelang de bron verschilt. Ook zijn enkele autodiefstallen niet vermeld.

  • 13 maart 1982: winkeldiefstal Dinant. Een eendenroer (geweer met lange loop) wordt gestolen.
  • 14 augustus 1982: overval kruidenierszaak in Maubeuge (Frankrijk). Geen doden, thee, wijn en champagne buit.
  • 30 september 1982: wapenhandelaar Dekaise in Waver. 1 dode agent, vijftiental wapens buit, waaronder machinepistolen.
  • 23 december 1982: restaurant in Beersel. 1 dode door foltering, borden, koffie, wijn en champagne buit.
  • 09 januari 1983: dode taxichauffeur gevonden in Bergen
  • 11 februari 1983: Delhaize Genval. Geen doden, 692.384 BEF buit.
  • 25 februari 1983: Delhaize Ukkel. Geen doden, 600.000 BEF buit.
  • 03 maart 1983: Colruyt Halle. 1 dode, 704.077 BEF buit.
  • 07 mei 1983: GB Supermarkt Houdeng-Goegnies. Geen doden, 800.000 BEF.
  • 10 september 1983: textielbedrijf Wittock-Van Landeghem in Temse. 1 dode, 7 gesofisticeerde kogelvrije vesten buit.
  • 17 september 1983: Colruyt Nijvel. 3 doden, 1 agent en het koppel Fourez-Dewit.
  • 02 oktober 1983: restaurant Aux Trois Canards in Ohain. 1 dode, de uitbater: Jacques Van Camp. Tevens auto gestolen.
  • 07 oktober 1983: Delhaize Beersel. 1 dode, 1.300.000 BEF buit.
  • 01 december 1983: juwelier in Anderlues. 2 doden, enkele juwelen buit
  • 27 september 1985: Delhaize Eigenbrakel. 3 doden, 200.000 BEF buit.
  • 27 september 1985: Delhaize Overijse. 5 doden, waaronder bankier Léon Finné, 991.103 BEF buit.
  • 09 november 1985: Delhaize Aalst. 8 doden, 937.777 BEF buit.

Totaal: 28 doden, 6 à 7 miljoen BEF (= 150.000 à 175.000 euro) buit.

In 2015 zullen alle overvallen verjaard zijn.

Verwijzingen in populaire cultuur[bewerken]

  • In de stripreeks Nero door Marc Sleen speelde de Bende in het album "De Gouden Patatten" (1984) een grote rol. In het verhaal oogst Nero als bij toeval gouden aardappelen. Later worden deze gestolen door de Bende van Nijvel. Wanneer Nero en Detective van Zwam op het spoor van de misdadigers komen schieten ze Van Zwam neer. Nero wordt hierdoor zo razend dat hij eigenhandig de helft van de Bende uitmoordt. Uiteindelijk wordt de Bende opgerold door Jan Spier.
  • In de film De Zaak Alzheimer (2004) door Erik Van Looy naar het gelijknamig boek van Jef Geeraerts wordt er op zeker moment ook even naar hen verwezen. Wanneer het politieteam discussiëert over mogelijke links naar de gangster Angelo Ledda reageert één van hen sarcastisch: "Wie weet zit de Bende van Nijvel er ook nog achter!"
  • In het boek Zwarte Tranen van Tom Lanoye is er sprake van "De Bende van de Panter", een bende die vestigingen van fictieve supermarktketen "De Panter" overvalt en telkens menselijke slachtoffers maakt. Dit is ook een verwijzing naar de Bende, en De Panter is een verwijzing naar Delhaize De Leeuw, waar een groot deel van de moorden heeft plaatsgevonden.
  • In de roman Guggenheimer wast witter van Herman Brusselmans wordt gezegd dat de tuinman/chauffeur/manusje-van-alles Jules lid was van de Bende van Nijvel.
  • De film Le bal masqué (1998) van Julien Vrebos is gebaseerd op de aanslagen van de Bende van Nijvel.

Zie ook[bewerken]

Bibliografie[bewerken]

  • Hugo Gijsels, De Bende & Co - 20 jaar destabilisering in België, Leuven, Kritak, 1990.
  • Raf Sauvillier en Jan Willems, De bende van Nijvel: Tien jaar blunders van het gerecht, Antwerpen, Icarus, 1995.
  • Dirk Barrez, Het onderzoek, een bende: Over het onderzoek naar de Bende van Nijvel, Antwerpen, Standaard, 1996.
  • Cyrille Fijnaut en Raf Verstraeten, Het strafrechtelijk onderzoek inzake de "Bende van Nijvel": de rapporten ten behoeve van de Parlementaire Onderzoekscommissie belast met een onderzoek van de noodzakelijke aanpassingen van de organisatie en werking van het politie- en justiewezen op basis van de moeilijkheden die zijn gerezen bij het onderzoek naar de "bende van Nijvel", Leuven, Universitaire Pers, 1997.
  • Daniele Ganser, NATO's Secret Armies, Operation Gladio and Terrorism in Western Europe, London, Frank Cass, 2004, pp. 125-147.
  • Guy Bouten, De Bende van Nijvel, Van Halewyck, Leuven, 2008 ISBN 9789056178970
  • Guy Bouten, Tueries du Brabant. Le dossier, le complot, les noms, (vertaling en herwerking A. Jourdan & E. Timmermans), Brussel, 2009.

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties