Blauwalgen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Blauwalgen
Celdraden van een blauwalgensoort
Celdraden van een blauwalgensoort
Taxonomische indeling
Rijk: Bacteria
Stam
Cyanobacteria
Blauwalgen op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Blauwalgen, blauwwieren, cyanobacteriën of Cyanobacteria zijn een stam binnen het domein van de bacteriën. Blauwwieren zijn, net als planten, in staat tot fotosynthese. Volgens de endosymbiontentheorie zijn de chloroplasten in de evolutie ontstaan uit endosymbiotische blauwwieren.

De naam voor deze groep is Cyanobacteria, afgeleid van de blauw-groene kleur cyaan omdat de blauwe kleurstof fycocyanine deze groep kenmerkt. De naam blauwalgen is misleidend omdat de blauwalgen niet tot de 'echte' algen, maar tot de bacteriën behoren. De meeste soorten hebben een blauwgroene kleur, maar er zijn er ook met een roodbruine kleur gevormd door de kleurstof fycoërytrine, zoals in de Rode Zee. De kleurstoffen zijn niet zoals bij de planten gebonden aan bladgroenkorrels, maar zitten in de buitenste plasmalagen van de cel.

Als de blauwalgen overlast veroorzaken worden ze vaak "blauwalg" (in het enkelvoud) genoemd.

Evolutie en classificatie[bewerken]

Plaats van de Cyanobacteria in de fylogenie

Cyanobacteriën behoren tot de oudste organismen op aarde; er wordt geschat dat ze al 3,5 miljard jaar bestaan. Cyanobacteriën waren de eerste organismen op aarde die zuurstof konden produceren en zo de ontwikkeling van hogere organismen mogelijk hebben gemaakt. Volgens de endosymbiontentheorie zijn de chloroplasten in plantencellen ontstaan uit voorouders van de huidige blauwalgen.

Er bestaan verschillende taxonomische indelingen van blauwalgen, waarbij de indeling van de blauwalgen nog sterk in beweging is. Volgens de International Code of Nomenclature of Bacteria is een deel van de blauwalgen ingedeeld in:

Levenswijze[bewerken]

Blauwalgen leven niet alleen in zoet en zout water maar ook in de grond, op rotsen, takken en boomstammen. In de tropen leven ze als epifyten op bladeren van planten. Sommige soorten kunnen zeer hoge temperaturen, tot zelfs 75-85 °C, verdragen en leven in heetwaterbronnen.
Er zijn ook soorten die in mutualistische symbiose leven met een bepaalde plant, zoals de blauwwier Anabaena azollae in de bladholten van de grote kroosvaren (Azolla filiculoides) en andere blauwwieren in de wortels van palmvarens en Gunnera. Daarnaast zijn er soorten die symbiotisch met schimmels samenleven in korstmossen.

Bouw[bewerken]

Blauwalgen kunnen eencellig zijn maar ze kunnen ook kolonies of celdraden, al of niet vertakt, vormen. De voortplanting is ongeslachtelijk. Cellen vermeerderen zich door binaire deling. Bij de draadvormen breken kleine stukjes van de draden af. Kolonies breken in stukken.

De cellen zijn meestal omgeven door een gelatineachtige laag.

Sommige soorten overwinteren als vegetatieve rustsporen, akineten genoemd, die in het voorjaar weer actief worden.

Fotosynthese[bewerken]

Het chlorofyl van blauwalgen is eenvoudiger van vorm dan bij de planten. De blauwalgen benutten een groter deel van het lichtspectrum dan de meeste algen en planten doordat ze beschikken over pigmentstructuren, fycobilisomen genoemd, waarin de pigmenten fycoerytrine, fycocyanine en allofycocyanine gerangschikt zijn. Deze pigmenten kunnen licht met een golflengte van 550 - 620 nanometer invangen en aan chlorofyl doorgeven voor fotosynthese.

Stikstofbinding[bewerken]

Bepaalde soorten zijn in staat om stikstofgas uit de lucht te binden net zoals de stikstofbindende bacteriën in de wortels van de vlinderbloemigen doen.

Algenbloei[bewerken]

Er zijn veel soorten blauwalgen, enkele daarvan waaronder de Planktothrix agardhii zijn berucht omdat zij bij een algenbloei in de zomer en nazomer massaal optreden en grote overlast bezorgen. Een algenbloei is een gevolg van al aanwezige voedingsstoffen (nutriënten). Overmatige algenbloei is vaak een symptoom van een onderliggend probleem, namelijk een teveel aan nutriënten eutrofiëring. De optimale groeiomstandigheden zijn een temperatuur tussen de 20 °C en 30 °C, lichtarme en luwe (wind en stroming) omstandigheden en nutriëntrijk water.

Menselijke gezondheid[bewerken]

In verband met de gezondheid wordt aangeraden niet te zwemmen in gebieden met te veel blauwalg. Sommige soorten kunnen giftige stoffen afscheiden waarvan mensen ziek worden. Deze stoffen kunnen via de mond het lichaam binnenkomen. Juist daarom is voor kinderen zwemmen in met blauwalg besmet zwemwater gevaarlijk: ze nemen nog wel eens per ongeluk een paar slokken water. Ze zijn ook nog eens kwetsbaarder dan volwassenen. De klachten bij mensen variëren van hoofdpijn, ernstige zwelling van de oogleden, irritatie van slijmvliezen, huidirritatie, misselijkheid, diarree tot koorts. De vergiften kunnen ook tot langetermijnschade aan het zenuwstelsel leiden.

Ook huisdieren kunnen ernstig ziek worden door het drinken van water met blauwalgen of door hun besmette vacht droog te likken.

Bestrijding[bewerken]

Uit onderzoek van TNO-MEP is gebleken dat de driehoeksmossel (Dreissena polymorpha) een effectief middel tegen een blauwalgplaag kan zijn. Deze mosselen zijn in staat om per kg lichaamsgewicht 35 liter water te filteren[bron?] en daar rond de 800 mg stikstof en 80 mg fosfaat uit te halen. Naast (gebonden) nutriënten is de mossel ook in staat om blauwalg direct uit het water te filteren.

In een zomer met relatief slecht weer, zoals de zomer van 2007, blijkt dat dit de groei van blauwalg remt. Niettemin werden ook begin augustus 2007 diverse zwemverboden ingesteld o.a. in Zuid-Holland wegens blauwalgen.

Het Nieuwe Meer in het Amsterdamse Bos wordt met luchtbellen behandeld om de blauwalg te bestrijden. Bij het Zeeuwse Tholen werd geprobeerd de haven vrij van blauwalg te houden door middel van ultrasone trillingen. De enige echte oplossing is echter het verminderen van fosfaat en nitraat. Aangezien sommige blauwalgen (Anabaena) ook stikstof kunnen binden is de fosfaatconcentratie in de praktijk het belangrijkst.

Behandeling van het water met een verdunde oplossing van waterstofperoxide heeft zeer goede resultaten opgeleverd. Drie dagen na behandeling is de blauwalg niet meer schadelijk aanwezig. Wel moet nog gecontroleerd worden of het toxinegehalte inmiddels ook voldoende verlaagd is.[1]

Gebruik[bewerken]

Spirulina-tabletten

Sommige blauwalgen worden verwerkt in cosmetica zoals pillen en gezichtsmaskers. Ook worden ze in levensmiddelen als stabilisator, smaakmaker of eiwitleverancier toegepast.

De blauwalg Spirulina is in tabletvorm te koop en zou de gezondheid bevorderen evenals Aphanizomenon. Bij dierproeven is gebleken dat het pigment fycocyanine ontstekingsremmend kan werken.

In de thalassotherapie wordt ook gebruikgemaakt van bepaalde blauwalgen.

Terughoudenheid in het gebruik van blauwalgpreparaten lijkt raadzaam zolang niet onomstotelijk is vastgesteld dat de producten veilig zijn. Diverse wetenschappelijke onderzoeken hebben blauwalggiffen aangetoond in tabletten en capsules[2][3].

Recent worden proefprojecten uitgevoerd om blauwalgen te gebruiken voor de productie van biobrandstoffen vertrekkende van de afvalgassen van staalbedrijven om zo de CO2-uitstoot van deze industrie te verlagen. Het bedrijf Lanzatech heeft, in samenwerking met Baosteel een proefinstallatie in China, tegen Beijing waar sinds april 2012 370000 liter ethanol per jaar geproduceerd wordt.[4][5].

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties