Hendrik de Leeuw
| Hendrik de Leeuw | ||
| 1129-1195 | ||
| Hendrik de Leeuw en Mathilde van Engeland | ||
| Hertog van Saksen | ||
| Periode | 1142-1180 | |
| Voorganger | Albrecht I de Beer | |
| Opvolger | Bernhard III | |
| Hertog van Beieren | ||
| Periode | 1156-1180 | |
| Voorganger | Hendrik XI Jasomirgott | |
| Opvolger | Otto I | |
| Markgraaf van Brunswijk | ||
| Periode | 1136-1195 | |
| Voorganger | Hendrik de Trotse | |
| Opvolger | Hendrik V | |
| Vader | Hendrik de Trotse | |
| Moeder | Gertrudis van Supplingenburg | |
Hendrik de Leeuw (verm. in of nabij Ravensburg, 1129 - Brunswijk, 6 augustus 1195), uit het Huis der Welfen, was als Hendrik III hertog van Saksen (1142-1180) en als Hendrik XII hertog van Beieren (1156-1180). Hij was de zoon van Hendrik de Trotse. Zijn schoonvader was koning Hendrik II van Engeland.
In 1147 probeerde hij in Wendenkruistocht de Wenden tot het christendom te bekeren. In 1160 streed hij wederom tegen de Slaven.
Hendrik had zich vooral voorgenomen het Saksische gebied te vergroten. Daarvoor had hij de ene stad na de andere opgericht, ook in Beieren, maar vooral in Saksen, zoals Ratzeburg (1154), München (1158), Lübeck (1159) en Schwerin (1160).
In 1174 kreeg hij het aan de stok met keizer Frederik I Barbarossa omdat hij niet wilde mee deelnemen aan de Italiëoorlog. Hendrik had daarvoor namelijk de stad Goslar willen hebben. Frederik Barbarossa weigerde, verloor zijn strijdtocht en deed hem hierop in de ban. Zijn beide hertogdommen werden hem ontnomen in 1180 en Hendrik moest in 1182 naar Engeland. Frederik ging in 1189 echter weer op kruistocht, waarna Hendrik snel terug was.
In 1189 trok hij met een groot leger naar Bardowick en belegerde de stad. Toen dat een tijd geduurd had, is van de Bardowickers een stier weggelopen, rechtstreeks het kamp van Hendrik in. Hendriks mensen hebben toen de stier opgejaagd, waarna deze door de rivier de Ilmenau de stad weer instormde. Zo vond Hendrik een doorwaadbare plek door de Ilmenau en stootte, evenals die stier, door en legde de ganse stad plat; alleen de kerken heeft hij laten staan. Zo is de rijke stad Bardowick aan zijn einde gekomen.
Na het conflict met keizer Frederik verzoende hij zich met Frederiks erfgenaam, keizer Hendrik VI. Hij overleed in Brunswijk.
Huwelijken en kinderen[bewerken]
Hendrik was gehuwd:
- in 1147 met Clementia van Zähringen, dochter van hertog Koenraad van Zähringen
- in 1168 met Mathilde Plantagenet, dochter van koning Hendrik II van Engeland,
Kinderen van Hendrik en Clementia:
- Gertrudis (1155-1196), die in 1166 huwde met hertog Frederik IV van Zwaben (-1167) en in 1177 met koning Knoet VI van Denemarken (1162-1202)
- Richenza (-1167)
- Hendrik
Kinderen van Hendrik en Mathilde:
- Mathilde (1172-1210), in 1189 gehuwd met graaf Godfried III van Perche (-1202) en in 1204 met Enguerrand III van Coucy (-1243)
- Richenza (1172-1204), in 1202 gehuwd met koning Waldemar II van Denemarken (1170-1241).
- Hendrik (±1173-1227), paltsgraaf bij de Rijn
- Lotharius (1174-1190)
- Otto IV (1175-1218)
- Willem (1184-1213), graaf van Lüneburg, en vader van Otto I van Brunswijk
Hendrik kreeg nog een dochter uit een buitenechtelijke relatie met Ida van Bliesheuvel:
- Mathilde (1155-1219), gehuwd in 1167 met Borwin I van Mecklenburg