Koninkrijk Württemberg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Königreich Württemberg
Staat van de Rijnbond(1806–1813)
Staat van de Duitse Bond(1815–1866)
Deelstaat van het Duitse Keizerrijk(1871–1918)
 Keurvorstendom Württemberg 1806 – 1918 Vrije Volksstaat Württemberg 
Flagge Königreich Württemberg.svg Coat of Arms of the Kingdom of Württemberg, 1817.svg
(Details)
Kaart
Map-DR-Wuerttemberg.svg
Algemene gegevens
Hoofdstad Stuttgart
Oppervlakte 19.508 km² (1910)
Bevolking 2.437.574 (1910)
Talen Zwabisch
Religie(s) Evangelisch,
Rooms-katholiek
Regering
Regeringsvorm Constitutionele monarchie
Dynastie Huis Württemberg

Het Koninkrijk Württemberg (Duits: Königreich Württemberg) was een staat die bestond van 1806 tot 1918, gelegen in het hedendaagse Baden-Württemberg, Duitsland. Het was een voortzetting van het Hertogdom Württemberg, dat gesticht werd in 1495. Daarvoor waren de heersers van Württemberg graven die heersten over een deel van het Hertogdom Zwaben, dat ontbonden werd na de dood van Konradijn van Hohenstaufen in 1268.

Geschiedenis[bewerken]

Op 1 januari 1806 nam hertog Frederik II de titel koning Frederik I aan. Hij sloot zich aan bij de Rijnbond. Zijn grondgebied werd uitgebreid en na het verdrag van Schönbrunn in 1809 kwamen er nog 110.000 onderdanen bij. In ruil hiervoor steunde Frederik Napoleon Bonaparte in zijn campagne tegen Pruisen, Oostenrijk en Rusland. In 1812 stuurde hij 12.000 soldaten naar Rusland voor een veldslag, waarvan er slechts enkele honderden terugkeerden. Na de Slag bij Leipzig (oktober 1813) verliet hij het verliezende leger van de Franse keizer en sloot zich aan bij de geallieerden. Na een verdrag met Metternich in Fulda werd zijn koninklijke titel erkend samen met de nieuw veroverde grondgebieden. In 1815 sloot de koning zich aan bij de Duitse Bond. In 1816 kwam er een crisis nadat de grondwet afgekeurd werd. Frederik stierf rond deze tijd.

Zijn zoon Willem I regeerde van 1816 tot 1864. De nieuwe grondwet kwam er in 1819 en bleef in werking tot 1918. De volgende jaren werd het rustig in het koninkrijk.

De revolutie van 1848 liet ook Württemberg niet onberoerd, hoewel er geen geweld plaats vond. De koning moest zijn ministers ontslaan en mensen aanstellen met een liberaal idee, die ook een verenigd Duitsland wilden. Nadat de onrusten over waren, ontsloeg hij zijn nieuwe liberale ministers en nam terug de oude ministers aan.

In juli 1864 volgde Karel zijn vader op en kreeg meteen met grote moeilijkheden te kampen. Willem I had in de strijd tussen Oostenrijk en Pruisen over de Duitse heerschappij steeds de kant van Oostenrijk gekozen en Karel zette dit beleid voort. In 1866 streed hij aan de kant van Oostenrijk mee in de Pruisisch-Oostenrijkse Oorlog. Pruisen won de oorlog en ze bezetten het noordelijke deel van Württemberg. In augustus 1866 sloten de landen echter vrede en de koning kwam er met een schadeloosstelling van 8.000.000 gulden van af. Er werd een geheim offensief en defensief verdrag gesloten tussen Pruisen en de Zuid-Duitse staten. Op het eind van deze strijd volgde een hernieuwde roep om democratie, maar deze had geen daadwerkelijke resultaten.

Ondanks dat het land niet Pruisisch gezind was, streed het toch mee aan de zijde van Pruisen in de Frans-Pruisische Oorlog van 1870. De troepen waren erg waardevol in de Slag bij Wœrth en in andere operaties. In 1871 werd Württemberg deel van het nieuwe Duitse Keizerrijk. Het land behield echter de controle over de eigen posterijen, telegrafie en spoorwegen en had enkele privileges wat betreft de belastingen en het leger. Op 6 oktober 1891 overleed koning Karel en hij werd opgevolgd door zijn neef Willem II. Willem had geen mannelijke erfgenamen waardoor zijn katholieke neef Albrecht de troonopvolger werd.

De koninklijke kroon van Württemberg

In 1906 werd onder Willems bewind een grondwetshervorming doorgevoerd. De Tweede Kamer bestond niet meer alleen uit leden van de happy few, maar werd een echte volkskamer; de Eerste Kamer werd uitgebreid met leden van de adel en vertegenwoordigers van kerken, hogescholen, landbouw, industrie, handel en nijverheid. Steden kregen nu in de Tweede Kamer deels een aantal stemmen naar hun aantal inwoners. Hiervoor had elke stad evenveel stemmen, onafhankelijk van het aantal inwoners.

Het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog trof de koning zwaar; met tranen in de ogen nam hij afscheid van de troepen in Stuttgart. Onder het volk heerste echter patriottische massahysterie en groot enthousiasme voor de oorlog. Het was duidelijk dat Württemberg bij de oorlog niets te winnen had en koning Willem zag de ontwikkelingen dus op fatalistische wijze aan.

Na de oorlog werd het al snel duidelijk dat de monarchie afgeschaft zou worden en het koninkrijk werd opgevolgd door de Vrije Volksstaat Württemberg.

Zie ook: wapen van Württemberg