Koninkrijk Hannover

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Königreich Hannover
Tot 1837 in personele unie met het Verenigd Koninkrijk
 Eerste Franse Keizerrijk
 Koninkrijk Westfalen
1814 — 1866 Koninkrijk Pruisen 
(Details) (Details)
Kaart

Algemene gegevens
Hoofdstad Hannover
Talen Duits, Nedersaksisch, Saterfries
Religie(s) Lutheranisme, Rooms-katholicisme, Calvinisme
Regering
Dynastie Huis Hannover
Staatshoofd Koning
Hannover en omliggende gebieden
Hannover en omliggende gebieden

Het Koninkrijk Hannover (Duits: Königreich Hannover) was een land in het Noord-Westen van Duitsland dat bestond van 1814 tot 1866. Hannover werd tot 1837 in personele unie geregeerd met het Verenigd Koninkrijk en was een lidstaat van de Duitse Bond. Het land was ontstaan toen het Congres van Wenen het bevrijde Keurvorstendom Hannover tot koninkrijk uitriep. In 1866 werd Hannover na de Pruisisch-Oostenrijkse Oorlog door Pruisen geannexeerd als de provincie Hannover.

Inhoud

[bewerk] Geschiedenis

Tussen 1803 en 1814, tijdens de napoleontische oorlogen, was het Keurvorstendom Hannover bezet en geannexeerd door Frankrijk en de Franse satellietstaat Westfalen. Na de Volkerenslag bij Leipzig in 1813 stortte de napoleontische Rijnbond in en werd Hannover door Russische troepen bevrijd. Tijdens het congres van Wenen werd Hannover in rang verhoogd tot een Koninkrijk. Dankzij de onderhandelingstactiek van graaf Ernst Friedrich Herbert zu Münster werd het territorium van de staat flink uitgebreid met een aantal door Frankrijk en Westfalen geannexeerde gebieden. Op 29 mei 1815 sloten Hannover en Pruisen een verdrag over de nieuwe grenzen.

  • artikel I.1: Pruisen staat het vorstendom Hildesheim af
  • artikel I.2: Pruisen staat de stad en het gebied van Goslar af
  • artikel I.3: Pruisen staat het vorstendom Oost-Friesland met het Harlingerland af
  • artikel I.4: Pruisen staat het Nedergraafschap Lingen af
  • artikel II: Pruisen staat het Eichsfeld en het kapittel St. Peter af
  • artikel III.1: Pruisen zal zich inspannen om Hessen-Kasel de ambten Uchte, Freudenberg, Auburg (Wagenfeld), het graafschap Schaumburg, de heerlijkheid Plessen en de heerlijkheid Neuengleichen te laten afstaan aan Hannover
  • artikel III.2: Pruisen zal zich inspannen om Hessen-Rothenburg afstand te laten doen van de heerlijkheid Plessen
  • artkel IV.1: Hannover staat het hertogdom Saksen-Lauenburg af
  • artikel IV.2: Hannover staat het ambt Klötze af
  • artikel IV.3: Hannover staat het ambt Elbingerode af
  • artikel VI: Pruisen krijgt wegen door het koninkrijk Hannover voor militair gebruik
  • artikel XI: Hannover krijgt Meppen (hertogdom Arenberg), Rheina-Wolbeck (Looz-Corswarem) en het graafschap Bentheim
  • artikel XI: Hannover zal zich inspannen om Brunswijk Calvörde en Walkenried te laten afstaan.

Uiteindelijk hadden niet alle inspanningen om de grenzen te normaliseren succes. Hannover kreeg de kleinere Hessische enclaves wel, maar Schaumburg bleef bij Hessen-Kassel. Aan de andere kant bleven Calvörde en Walkenried bij Brunswijk.

Op 24 oktober 1816 werd Adolf, hertog van Cambridge gouverneur-generaal, terwijl het koninkrijk werd bestuurd door graaf Münster vanuit Londen. Onder invloed van de heersende reactie tegen de idealen van de Franse Revolutie kwam in 1819 een nieuwe grondwet tot stand. Hierin werd voorzien in een Eerste Kamer - bestaande uit de adel en enkele prelaten - en een Tweede Kamer, bestaande uit de overige prelaten en afgevaardigden van steden, dorpen en landelijke gebieden. De Kamers hadden nauwelijks bevoegdheden. Op 22 februari 1833 werd hertog Adolf vice-koning, waarna op 26 september een liberalere grondwet van kracht werd, die de kamers meer macht en de boeren vertegenwoordiging gaf. De troonopvolger weigerde deze grondwet echter te erkennen.

De personele unie met het Verenigd Koninkrijk eindigde in 1837 toen Koningin Victoria de troon besteeg. Door de in Hannover geldende Salische wet kon een vrouw de troon niet erven. Hierdoor werd Ernst August I de naaste mannelijke verwant van Willem IV koning. Ernst August, een berucht reactionair, stelde nog in het jaar van zijn troonsbestijging de grondwet van 1833 buiten werking. Deze daad werd in heel Europa veroordeeld en leidde tot het beroemde protest van een groep hoogleraren, de Göttinger Sieben, die vervolgens werden ontslagen en deels verbannen

In de Maartrevolutie van 1848 moest Ernst August noodgedwongen toezeggen de grondwet van 1833 te herstellen. Er trad een liberale regering aan onder Alexander Levin von Bennigsen en Johann Carl Bertram Stüve die een nieuwe grondwet uitvaardigde. Al in 1850 kwam er echter een conservatieve regering aan de macht. Hannover trad in 1851 toe tot de Duitse Zollverein.

Onder de blinde koning George V zette de reactionaire tendens zich voort. Hij stelde in 1855 de grondwet van 1848 weer buiten werking. In de Duitse politiek was Hannover conservatief groot-Duits en fel anti-Pruisisch. Tijdens de Pruisisch-Oostenrijkse Oorlog probeerde Hannover aanvankelijk neutraal te blijven, samen met andere lidstaten van de Duitse Bond. Nadat uiteindelijk besloten werd de kant van Oostenrijk te kiezen verklaarde Pruisen de oorlog aan Hannover. Na de Slag bij Langensalza werd Hannover bezet en George V ontvluchtte het land. Op 20 september 1866 werd het land officieel geannexeerd en tot de Pruisische Provincie Hannover omgevormd. De steun voor de oude orde bleef echter relatief groot en de conservatieve Deutsch-Hannoversche Partei was tot in de tijd van de Weimarrepubliek meermaals in de Rijksdag vertegenwoordigd.

[bewerk] Machthebbers

[bewerk] Staatshoofden

Zie Huis Hannover voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

[bewerk] Plaatsvervangend staathoofd

[bewerk] Staatsministers

[bewerk] Ministers-presidenten

 
Persoonlijke instellingen
in andere talen