Reza Pahlavi (1878-1944)
Reza Sjah Pahlavi (Savadkuh, 16 maart 1878 - Johannesburg, 26 juli 1944) was de sjah van Iran (Perzië) van 1925 tot 1941.
Jeugd en opleiding [bewerken]
Hij volgde een militaire opleiding en werd officier van de door de Russen opgerichte Perzische Kozakkenbrigade. In 1904 werkte hij als kozak en als bediende voor de Nederlandse consul Frits Knobel, die als consul-generaal in Teheran diende van 1889-1895 en van 1902-1904. In 1920 onderdrukte hij een pro-communistische opstand in Enzeli. Hij werd daarna commandant van de Kozakkenbrigade en in 1921 bevelhebber en brigadegeneraal. Dit leverde hem de titel khan op. Uit zijn huwelijk met Tadj ol-Molouk (1896-1982), werd de latere sjah Mohammed Reza Pahlavi geboren. In 1923 scheidde Reza Khan van haar.
Sjah van Iran [bewerken]
Op 22 februari 1921 pleegde kolonel Reza Khan samen met de pro-Britse journalist Zia al-Din Tabataba'i een coup. Tabataba'i werd minister-president, terwijl Reza Khan minister van Defensie, veldmaarschalk en opperbevelhebber werd. Reza nam tevens de titel Janab-i-Ashraf (doorluchtige hoogheid) aan. Reeds spoedig raakten Reza en Tabataba'i met elkaar in conflict en in juni 1921 werd Tabataba'i als premier ontslagen.
In 1923 trouwde Reza Khan voor de derde keer, nu met Qamar ul-Mulk. Op 28 oktober 1923 werd hij minister-president. In februari 1925 verkreeg hij dictatoriale bevoegdheden en in oktober 1925, na het vertrek van de laatste Kadjaren (Qajar)-vorst, Soltan Ahmad Qajar, werd Reza Khan staatshoofd. Hij gaf Perzië de naam Iran, land van Ayra (Ariërs). Op 12 december 1925 werd hij door het parlement (Majlis) tot Sjah-an-Sjah ('koning der koningen', keizer) Mirza Reza Sjah van Iran gekozen.
In april 1926 werd hij gekroond en nam de dynastieke pre-islamitische naam Pahlavi (Pahlawi, Pehlavi) aan. Het was niet de enige uiting van antiquarisme tijdens zijn regering. Zo liet hij zich kronen met een kopie van de kroon van koning Shapur I en werd Cyrus II de Grote als verondersteld seculier heerser naar voren geschoven.
Reza Sjah regeerde als een absoluut vorst. Hij raakte geïnspireerd door president Atatürk van Turkije en koning Amanoellah Sjah van Afghanistan. Hij raakte met zijn hervormingsbeleid vaak in conflict met de geestelijkheid. Reza Sjah onderhield nauwe betrekkingen met Groot-Brittannië, de Sovjet-Unie (vriendschapsverdrag), met Turkije, Afghanistan en met Duitsland. Nazi-Duitsland was in de jaren dertig de belangrijkste handelspartner van Iran.
Zijn handelspact met Duitsland en de noodzaak voor de Geallieerden om de Transiraanse Spoorlijn te controleren, leidde in 1941 - tijdens de Tweede Wereldoorlog - tot de bezetting van Noord-Iran door de Sovjetrussen en Zuid-Iran door de Britten. Reza Sjah werd naar Mauritius verbannen (later naar Johannesburg, Zuid-Afrika). Zijn zoon, kroonprins Mohammed Reza Pahlavi van Iran, volgde hem als sjah op. Reza Sjah overleed op 26 juli 1944 in Johannesburg. Zijn mausoleum in Ray, even ten zuiden van Teheran, werd tijdens de Iraanse Revolutie (1979) vernietigd.
| Zie de categorie Reza Shah van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |