Cyrus II de Grote

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Graftombe van Cyrus de Grote in Pasargadae.

Cyrus II de Grote, in de Bijbel Kores genaamd (Perzisch: کوروش بزرگ, Kūrosh-e-Bozorg), is de stichter van het Perzische Rijk. Hij stamt uit de dynastie van de Achaemeniden, die het Perzische Rijk regeerde.

Biografie[bewerken]

De Cyruscilinder

Afgaande op het verslag van de Griekse auteur Herodotus van Halicarnassus volgde Cyrus in 559 v.Chr. zijn grootvader Astyages op als vorst in de gebieden die door de Perzen werden bewoond, en waarover zijn familieleden vermoedelijk al een aantal generaties regeerden. Zij deden dat als vazal van het machtige rijk van de Meden.

Cyrus slaagde er echter in tegen zijn leenheer Astyages in opstand te komen en de Meden te verslaan. Daardoor werd hij in 550 koning van Meden en Perzen; hij beheerste daardoor een gebied dat min of meer samenvalt met het huidige Iran en het oosten van Turkije. Nu begon een reeks veroveringen die dit rijk deden uitgroeien tot het grootste wereldrijk tot dan. Babylon, Kanaän, Egypte, Bactrië, Klein-Azië en de Centraal-Aziatische steppenomaden moesten zijn gezag erkennen. Hij liet tevens de eerste hoofdstad van het Achaemeniden (het vroegere Perzische Rijk) bouwen, Pasargadae genaamd, deze lag ongeveer 87 km ten noordoosten van de historische stad Persepolis.

In 542 v.Chr.[1] overwon hij Croesus, koning der Lydiërs. De verovering van het Lydische koninkrijk bracht ook de annexatie van de Griekse steden op de kust van Klein-Azië met zich mee. Dit was het gevolg van hun opportunistische neutraliteitspolitiek: nadat ze geweigerd hadden zich bij Cyrus aan te sluiten, deden zij ook geen inspanning om Croesus te helpen. Herodotus veronderstelde dat de nederlaag van Croesus tegen Cyrus als gevolg van een doorlopende en onvermijdelijke reeks voorvallen leidde tot het grote conflict tussen Oost en West.

De veroveringen werd gevolgd door die van het Neo-Babylonische Rijk, dat nog steeds een ernstige bedreiging vormde voor het Perzische Rijk. Babylon, in die tijd de culturele hoofdstad van de wereld, werd verdedigd door koning Nabonidus en zijn kroonprins Belsazar. Na een jaar vol bloedige gevechten, waarvan de Naboniduskroniek verslag doet, versloeg Cyrus Nabonidus in oktober 539 bij Opis; twee weken later deed hij zijn intrede in de stad. Volgens Cyrus eigen propaganda, bekend uit de Cyruscylinder, werd hij verwelkomd door de inwoners, die ontstemd zouden zijn geweest over de religieuze politiek van de laatste Babylonische koning. Hoeveel hier van waar is, valt niet uit te maken. Wel staat vast dat Cyrus sindsdien ook de titel "koning van Babylonië" voerde.

Cyrus heeft aan verschillende vijanden genade geschonken. Een van de koningen die hij versloeg, zou zelfs nog vijftien jaar zijn staatssecretaris zijn geweest. Na zijn machtsovername stuurde Cyrus onverwijld de godenbeelden en andere religieuze voorwerpen van de verschillende Mesopotamische steden terug, die door de Babylonische koningen vroeger waren geroofd en naar de hoofdstad gesleept. Er is vaak geopperd dat ook de Joden de uit de tempel geroofde voorwerpen terugkregen. Velen die destijds naar Babylonië verbannen waren, zouden toestemming hebben gekregen om naar hun vaderland terug te keren, waarmee een einde kwam aan de "Babylonische ballingschap".[2]

Middeleeuwse afbeelding van Jean Fouquet met daarop Cyrus II en de joden

Na de inname van Babylon trok Cyrus verder om zijn noordoostelijke grens te beveiligen. Zijn doel was het koninkrijk van de Massageten, een van die Aziatische nomadenstammen in de buurt van de Kaspische Zee, die een voortdurende bedreiging vormden voor de meer geëvolueerde sedentaire volkeren in het Rijk. Volgens Herodotus vond Cyrus de dood tijdens deze campagne; andere auteurs noemen andere doodsoorzaken. In elk geval nam zijn zoon Cambyses II in augustus 530 v.Chr. de macht over.

Cyrus wordt genoemd in de Bijbel. Hij wordt daar Kores of Cores genoemd. Behalve in het boek Ezra (waar hij veelvuldig wordt genoemd) wordt ook melding van hem gemaakt in Jesaja 44:28 en 45:1. Daar is geprofeteerd dat Cyrus de stad Babylon zal veroveren, en wordt hij betiteld als herder en gezalfde des Heren. In Daniël 10:1 wordt hij genoemd als koning der Perzen, die in Babylon regeert.

Beoordeling[bewerken]

De figuur van Cyrus 'de Grote' sprak levendig tot de verbeelding van latere geslachten. Zijn uitzonderlijke bekwaamheid als legeraanvoerder én zijn veronderstelde religieuze tolerantie gaven aanleiding tot het ontstaan van een rijke legendencyclus rond zijn persoon. In het werk van Herodotus komt hij naar voren als een legendarische persoonlijkheid, van wie de historische realiteit dreigt verloren te gaan in een overvloed van volkse verhalen. In Xenophons Cyropaedia is hij zelfs geen wezen van vlees en bloed, maar een ideaalbeeld van deugdzaamheid (van Griekse deugden nog wel) en zijn (grotendeels fictieve) ervaringen leveren stof voor een (Griekse) vorstenspiegel.

Dit positieve Griekse beeld werd als het ware "geflankeerd" door het beeld van de Joden. Van hen verwierf hij de blijvende dankbaarheid, omdat hij ze zou hebben toegestaan uit de gevangenschap huiswaarts te keren, en de heilige voorwerpen die Nebukadnezar had gestolen uit de tempel te Jeruzalem mee terug te nemen.[3]

Hij gold daardoor niet alleen als de stichter van het grootste wereldrijk van de oudheid, maar zou ook een visionair vorst zijn geweest met ideeën omtrent een ideaal bestuur, zoals de wereld nog niet eerder had gekend, en die pas weer zouden opkomen bij Alexander de Grote. Hij was zowel een organisator als een veroveraar, en hij gold als wijs en tolerant genoeg om de overwonnen volken hun eigen manier van leven en hun godsdienst te laten behouden. Deze opvattingen bezorgen hem tot heden de naam van de meest liberale vorst uit de Oudheid.

Bronnen[bewerken]

  • P. Briant, (2002) From Cyrus to Alexander. History of the Persian Empire
  • J-D. Brignoli, Cyrus le Grand. La Fondation d'un Empire, in Histoire Ancienne 12 (L'Empire perse de Cyrus à Alexandre) (2007), pp. 8-17.

Voetnoten[bewerken]

  1. De vaak genoemde datum 547 is gebaseerd op een verkeerde interpretatie van de zogenaamde Naboniduskroniek. Zie R. Rollinger, "The Median 'Empire', the End of Urartu, and Cyrus' Campaign in 547" in: Proceedings of the First International Conference on Ancient Cultural Relations between Iran and West Asia (2004).
  2. Deze interpretatie is onlangs ter discussie gesteld door Diana Edelman, The Origins of the 'Second' Temple. Persian Imperial Policy and the Rebuilding of Jerusalem (2005).
  3. Zie het hierboven genoemde boek van Diana Edelman voor de weerlegging van dit idee.

Externe link[bewerken]

Voorganger:
Cambyses I
Koning van Perzië Opvolger:
Cambyses II
Achaemeniden: Cyrus · Cambyses · Smerdis · Darius I · Xerxes I · Artaxerxes I · Darius II · Artaxerxes II · Artaxerxes III · Darius III
Macedoniërs: Alexander de Grote · Philippos III Arridaios · Alexander IV
Seleuciden: Seleucus I Nicator · Antiochus I Soter · Antiochus II Theos · Seleucus II Callinicus · Seleucus III Ceraunus · Antiochus III de Grote · Seleucus IV Philopator · Antiochus IV Epiphanes
Parthen: Arsaces I · Arsaces II · Priapitius · Phraates I · Mithridates I de Grote · Phraates II · Artabanus I · Mithridates II de Grote · Gotarzes I · Orodes I · Sinatrukes · Phraates III · Mithridates III · Orodes II · Phraates IV · Tiridates II · Phraataces · Orodes III · Vonones I · Artabanus II · Tiridates III · Vardanes I · Gotarzes II · Sanabares · Vonones II · Vologases I · Vardanes II · Vologases II · Pacorus II · Artabanus III · Vologases III · Osroes I · Mithridates IV · Vologases IV · Osroes II · Vologases V · Vologases VI · Artabanus IV
Sassaniden: Ardashir · Sjapoer I · Hormazd I · Bahram I · Bahram II · Bahram III · Narses · Hormazd II · Sjapoer II · Ardashir II · Sjapoer III · Bahram IV · Yazdagird I · Bahram V · Yazdagird II · Hormazd III · Peroz · Valash · Kavad I · Zamasp · Khusro I · Hormazd IV · Khusro II · Bahram VI · Kavad II · Ardashir III · Boran · Hormazd V · Yazdagird III
Ghaznaviden: Alptigin · Sebük Tigin · Ismail · Mahmud · Mohammed · Mas'ud I
Il-kans: Hulagu · Abaka · Teguder · Arghun · Geikhatu · Baidu · Ghazan · Öljeitü · Abu Sa'id · Arpa · Musa · Mohammed
Timoeriden: Timoer Lenk · Pir Mohammed · Shahrukh Mirza · Abu'l-Qasim Bābar · Sjāh Mahmūd · Ibrāhim · Sultān Abu Sa’id Gūrgān · Yādgār Muhammad · Sultān Hussayn · Badi ul-Zamān · Muzaffar Hussayn
Safawiden: Ismail I · Tahmasp I · Ismail II · Mohammad Khodabanda · Abbas I · Safi · Abbas II · Suleiman I · Soltan Hoseyn I · Tahmasp II · Abbas III · Suleiman II · Ismail III
Afshariden: Nadir Sjah Afshar · Adil Sjah Afshar · Ebrahim Sjah Afshar · Shahrokh Sjah Afshar
Zand: Karim Khan · Mohammad Ali Khan · Abol Fath Khan · Sadiq Khan · Ali Murad Khan · Jafar Khan · Lotf Ali Khan
Kadjaren: Agha Mohammed Khan Kadjar · Fath'Ali Kadjar · Mohammad Sjah Kadjar · Ali · Hossein Ali Kadjar · Naser ed-Din Kadjar · Mozaffar ed-Din Kadjar · Mohammed Ali Kadjar · Soltan Ahmad Kadjar · Ali Reza Khan-e Kadjar · Nasir al-Mulk · Mohammed Hassan Mirza
Pahlavi: Reza Pahlavi · Mohammad Reza Pahlavi