Vincent Auriol

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vincent Jules Auriol
Vincent Auriol in 1927
Vincent Auriol in 1927
Geboren 27 augustus 1884
Revel, Derde Franse Republiek
Overleden 1 januari 1966
Politieke partij SFIO
Partner Michelle Acouturier
Beroep Politicus
16e President van de Franse Republiek
Aangetreden 16 januari 1947
Einde termijn 16 januari 1954
Voorganger Leon Blum
Opvolger René Coty
Portaal  Portaalicoon   Politiek

Vincent Auriol (Revel, 17 augustus 1884Parijs, 1 januari 1966) was een Frans politicus. Hij was de eerste president van de Vierde Franse Republiek (1947 tot 1954).

Biografie[bewerken]

Auriol werd geboren als zoon van een bakker. Hij studeerde rechten en vestigde zich als advocaat in Toulouse. Hij werd een overtuigd socialist, lid van de Fédération socialiste en was medeoprichter van de socialistische krant Le Midi Socialiste in 1908. Spoedig werd hij tot voorzitter van Vereniging van Journalisten van Toulouse gekozen.

In 1914 werd Auriol voor de socialistische partij in de Franse Nationale Vergadering (Kamer van Afgevaardigden) gekozen (kiesdistrict Muret). Hij bleef lid van de Kamer van Afgevaardigden tot 1940. Van 1925 tot 1946 was hij burgemeester van Muret. In 1920 viel de Parti Socialiste Unifé (PSU) in 1920, en was Auriol één van de medeoprichters van de Section Française de l'Internationale Ouvrière (SFIO). De SFIO keerde zich tegen Parti Communiste Français (PCF), maar was wel dogmatisch marxistisch.

Auriol werd de voornaamste woordvoerder financiën van de SFIO. Van 1924 tot 1926 was hij voorzitter van de Commissie Financiën van de Kamer van Afgevaardigden. Van 4 juni 1936 tot 22 juni 1937 was hij minister van Financiën in de Volksfront-regering van Léon Blum. In de tweede Volksfront-regering (22 januari 1937 - 18 januari 1938), onder premier Camille Chautemps, was Auriol minister van Justitie. In het daaropvolgende, kortstondige kabinet-Blum II (13 maart - 3 april 1938) was hij minister zonder portefeuille, verantwoordelijk voor coördinatie binnen het kabinet. Toen Édouard Daladier daarop een conservatieveRadicaal-Socialistische regering vormde, nam Auriol hierin geen zitting maar koos ervoor om weer kamerlid te worden.

Auriol stemde op 10 juli 1940 tegen het voorstel om premier Philippe Pétain buitengewone volmachten te geven. De meerderheid van de parlementariërs stemde echter vóór. De Vichy-regering, die toen aan de macht kwam, stelde Auriol onder huisarrest. In oktober 1942 wist hij te ontsnappen en sloot hij zich bij het verzet aan. Hij vluchtte in oktober 1943 naar Groot-Brittannië waar hij zich bij de Vrije Fransen van De Gaulle aansloot. Hij vertegenwoordigde de socialisten in de Vrije Franse Consultatieve Raad die De Gaulle bijeen had geroepen. In juli 1944 woonde hij namens de Vrije Fransen een zitting van de Verenigde Naties Monetaire en Financiële Conferentie in Bretton Woods, New Hampshire (VS) bij.

President van Frankrijk[bewerken]

Op 21 november 1945 werd Auriol minister van Staat in de tweede voorlopige regering-De Gaulle. Hij werd ook voorzitter van de Nationale Constituerende Vergadering die de grondwet van de Vierde Franse Republiek opstelde. Nadat de grondwet een feit was, werd hij in 1946 voorzitter van de Franse Nationale Vergadering. Op 16 januari 1947 werd hij 452 tegen 242 stemmen tot president van Frankrijk gekozen. Zijn tegenkandidaat was Auguste Champetier de Ribes van de Mouvement Républicain Populaire (Republikeinse Volksbeweging).

Als president zag Auriol het als zijn voornaamste taak om de goede relaties met de bondgenoten te handhaven, maar hij verzette zich tegen de dominantie van het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten in de wereld. Tijdens de stakingen van 1947 die gesteund werden door de Confédération Générale du Travail (vakbond) en de Parti Communiste Français, stond hij achter het besluit van het kabinet om 80.000 reservisten in te zetten tegen de "rebellie." De stakingen eindigden op 10 december 1947, maar herleefden weer in 1948 en in 1953.

Tijdens Auriols presidentschap begon de Indochina-oorlog (1946) en braken er opstanden uit elders in het Franse koloniale rijk: Madagaskar (1947); Marokko (1953); Tunesië (1952). In 1951 werd het Front de Libération Nationale in Algerije opgericht waarna er een bevrijdingsoorlog uitbrak in die Franse kolonie die uiteindelijk bijdroeg aan de val van de Vierde Franse Republiek.

Auriol was tegen een Europese defensiegemeenschap en tegen de herbewapening van Duitsland.

Op 16 januari 1954 werd René Coty tot president van Frankrijk gekozen. Auriol had zich niet kandidaat gesteld voor een tweede termijn.

Auriol over zijn presidentschap:
"Het werk was dodelijk; premiers belden mij alle uren van de nacht uit mijn bed om hun ontslagen te bekrachtigen."[1]

Na zijn aftreden schreef Auriol politieke artikelen. In 1958 werd hij in de Constitutionele Vergadering gekozen. Hij zegde in hetzelfde jaar zijn lidmaatschap van de SFIO op en steunde De Gaulle. Maar toen bleek dat De Gaulle een nieuwe grondwet wilde met een sterk presidentschap, keerde hij zich tegen De Gaulle. Hij voerde campagne tegen de nieuwe grondwet, maar tijdens het referendum van 1958 koos de bevolking toch vóór de grondwet. In 1960 trad hij uit de Constitutionele Vergadering vanwege zijn verzet tegen De Gaulles groeiende macht. In 1965 steunde hij presidentskandidaat François Mitterrand.

Vincent Auriol overleed op 1 januari 1966 in Parijs.

Werken[bewerken]

  • Hier et Demain (Charlot, 1941)
Bronnen, noten en/of referenties
  • Grote Winkler Prins Encyclopedie, zevende druk, 1975, deel 2 (red. Winkler Prins)
  • De Katholieke Encyclopaedie, tweede druk, 1949, deel 3 (red. De Katholieke Encyclopaedie)

Zie ook[bewerken]

Voorganger:
Léon Blum
Voorzitter van de Voorlopige Regering
President van Frankrijk
1947-1954
Opvolger:
René Coty
Voorganger:
Léon Blum
'Co-prins van Andorra'
Franse staatshoofden
1947 - 1954
Opvolger:
René Coty