Jacques Chirac

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Jacques Chirac
Jacques René Chirac
Jacques René Chirac
Geboren 29 november 1932
Parijs, Frankrijk
Politieke partij UDR (1971-1976)
RPR (1976-2002)
UMP (sinds 2002)
Partner Bernadette Chirac
(geboren 1933)
Beroep Politicus
Ambtenaar
Religie Rooms-katholiek
Handtekening Handtekening
22e president van de Franse Republiek
Aangetreden 17 mei 1995
Einde termijn 16 mei 2007
Premier Alain Juppé (1995-1997)
Lionel Jospin (1997-2002)
Jean-Pierre Raffarin (2002-2005)
Dominique de Villepin (2005-2007)
Voorganger François Mitterrand
Opvolger Nicolas Sarkozy
Co-vorst van Andorra
Aangetreden 17 mei 1995
Einde termijn 16 mei 2007
Afgevaardigde Joan Martí i Alanis (1995-2003)
Joan Enric Vives i Sicília (2003-2007)
Premier Marc Forné Molné (1995-2005)
Albert Pintat (2005-2007)
Voorganger François Mitterrand
Opvolger Nicolas Sarkozy
Premier van Frankrijk
Aangetreden 20 maart 1986
Einde termijn 10 mei 1988
President François Mitterrand
Voorganger Laurent Fabius
Opvolger Michel Rocard

——————————

Aangetreden 27 mei 1974
Einde termijn 26 augustus 1976
President Valéry Giscard d'Estaing
Voorganger Pierre Messmer
Opvolger Raymond Barre
Burgemeester van Parijs
Aangetreden 20 maart 1977
Einde termijn 16 mei 1995
Voorganger Eerste
Opvolger Jean Tiberi
Minister van Binnenlandse Zaken
Aangetreden 27 februari 1974
Einde termijn 28 mei 1974
Premier Pierre Messmer
Voorganger Raymond Marcellin
Opvolger Michel Poniatowski
Portaal  Portaalicoon   Politiek

Jacques René Chirac (Parijs, 29 november 1932) is een Frans staatsman en oud-politicus. Hij was gedurende twaalf jaar, vanaf 17 mei 1995 tot en met 16 mei 2007, president van Frankrijk. In 2002 werd hij herkozen voor een nieuw mandaat van vijf jaar. Voordat hij tot president werd verkozen was hij burgemeester van Parijs en tweemaal premier. Tevens was hij toen, omdat hij staatshoofd van Frankrijk was, co-vorst van Andorra.

Vroege carrière[bewerken]

Chirac komt uit een Frans middenklassegezin dat zijn wortels heeft in het departement Corrèze. Hij is katholiek. Hij studeerde aan het Institut d'Études Politiques (Sciences Po) en l'École nationale d'administration (ENA) in Parijs. Hij werd een overtuigd gaullist (aanhanger van de vroegere president Charles de Gaulle) en werd in 1962 medewerker van premier (later president) Georges Pompidou.[bron?]
Van 1967 tot 1968 was Chirac staatssecretaris van Werkgelegenheid en van 1968 tot 1971 staatssecretaris van Economische Zaken en Financiën. Jacques Chirac werd in 1971 als minister toegevoegd aan premier Jacques Chaban-Delmas. Van 1972 tot 1973 was hij minister van Landbouw en minister van Binnenlandse Zaken.

Premier[bewerken]

Van 1974 tot 1976 was Chirac voor de eerste keer premier. Tijdens zijn premierschap sloot hij economische en militaire verdragen met Irak. Hij prees president Saddam Hoessein in het openbaar en verkocht hem onder meer militaire apparatuur, waaronder 60 Mirage F1-gevechtsvliegtuigen en de nucleaire installatie Osirak.[bron?]

In 1976 werd Chirac als premier opgevolgd door de liberale econoom Raymond Barre, een partijgenoot van president Valéry Giscard d'Estaing. Vervolgens richtte hij de neo-gaullistische Rassemblement pour la République (RPR) op. Van 1976 tot 1994 was hij hiervan de voorzitter.

Als premier had Chirac besloten dat Parijs weer een eigen gemeentebestuur zou krijgen. Sinds de opstand van 1871 had de hoofdstad onder direct bestuur van de regering gestaan. Chirac zelf werd in 1977 burgemeester, wat hij bleef tot 1995, toen hij werd gekozen tot staatshoofd. In zijn jaren als burgemeester was hij ook oppositieleider en tweemaal verliezend kandidaat voor het presidentschap: in 1981 en 1988.

Op 20 maart 1986 won rechts in Frankrijk de parlementsverkiezingen. Op 9 april werd Chirac opnieuw premier, ditmaal in 'cohabitation' met de socialistische president François Mitterrand, een novum in de Vijfde Republiek. Dit duurde tot 10 mei 1988.

In 1993 werd de RPR de grootste partij in het parlement, en kon een kabinet vormen. Chirac, die slechte herinneringen had aan zijn premierschap onder Mitterand, besloot zijn handen schoon te houden. Hij schoof zijn partijgenoot en vriend Édouard Balladur naar voren. Deze werd in de twee jaar van de cohabitation tamelijk populair en kondigde najaar 1994 zijn kandidatuur voor het presidentschap aan. Met de vriendschap tussen de beide mannen was het gedaan en er ontstond een felle strijd binnen de RPR, die Chirac ten slotte won.

President[bewerken]

1995 - 2002[bewerken]

In 1995 won Chirac nipt de presidentsverkiezingen en werd hij dan ook op 17 mei president, als opvolger van Mitterrand. Tot juni 1997 bezat Chirac grote macht, omdat premier Alain Juppé net als Chirac tot de RPR behoorde. In 1997 werd Lionel Jospin van de Parti Socialiste (PS) echter premier, nadat de RPR bij de verkiezingen van dat jaar niet meer zoveel stemmen had behaald. De verhouding tussen Chirac en Jospin was puur zakelijk.[bron?]

Bij de verkiezingen van 2002 was er commotie vanwege een corruptieschandaal waarin Chirac verwikkeld was. In de jaren van zijn burgemeesterschap bleek op grote schaal gefraudeerd te zijn met bouwopdrachten, en vier naaste medewerkers van Chirac zijn inmiddels veroordeeld in deze zaak. Als president genoot Chirac tot aan het einde van zijn presidentschap immuniteit.

In de eerste ronde haalde Chirac ternauwernood 20% van de stemmen. 18% van de stemmen ging naar de extreem-rechtse Jean-Marie Le Pen, 1% meer dan Lionel Jospin, de kandidaat van de Parti Socialiste. Hierdoor kwam Chirac in de tweede ronde uit tegen Le Pen, hetgeen tot massale demonstraties leidde, met als hoogtepunt 1 mei 2002, toen er in Parijs 1 miljoen mensen op straat waren. Het merendeel van deze mensen riep op om tóch te gaan stemmen, om ervoor te zorgen dat Le Pen geen kans maakte. Bij de tweede ronde haalde Chirac meer dan 80% van de stemmen.

2002 - 2007[bewerken]

Op 6 mei 2002 benoemde Chirac Jean-Pierre Raffarin van de Démocratie Libérale (DL) tot premier. De RPR van Chirac en de DL van Raffarin gingen spoedig daarna een fusie aan waaruit de UMP ontstond. Na het afkeuren van de Europese Grondwet door de Fransen in een referendum op 29 mei 2005 diende Raffarin zijn ontslag in en werd Dominique de Villepin de nieuwe premier van de Franse Republiek.

Afscheid[bewerken]

Op 11 maart 2007 maakte Chirac bekend dat hij zich niet meer herkiesbaar stelde. Hij deed dit in een toespraak voor de Franse televisie en radio. Chirac beëindigde hiermee zijn politieke carrière na 45 jaar politiek actief te zijn geweest.[1] Op 16 mei 2007 nam hij afscheid van het presidentschap, ten voordele van Nicolas Sarkozy die op 6 mei 2007 met 53,06% van de stemmen werd verkozen tot nieuw staatshoofd.

Veroordeling[bewerken]

Op 21 november 2007 werd een gerechtelijk onderzoek tegen Chirac geopend in verband met een affaire rond fictieve banen daterend uit de tijd dat hij burgemeester was van Parijs. Op 15 december 2011 werd hij veroordeeld tot twee jaar voorwaardelijke gevangenisstraf. Chirac heeft aangegeven dat hij het ten laste gelegde blijft ontkennen, maar dat hij om gezondheidsredenen niet tegen de uitspraak in beroep zal gaan.

Arrogantie en schofferend gedrag[bewerken]

Chirac had de neiging om zich tijdens zijn presidentschap als de leider van Europa te beschouwen. Hij kwam op andere Europese leiders soms arrogant en onbeschoft over. Zo beschuldigde hij de Britse leider Tony Blair een keer van onbeschoftheid omdat deze het niet met hem eens was. Bij een andere gelegenheid zie hij tegen diezelfde Blair: "Hoe kunt u Leo (Blairs zoon) over 20 jaar in de ogen kijken als u een oorlog (de Irakoorlog) helpt te starten?". Blair werd hier woedend over.

Ook schoffeerde en kleineerde hij vooral leiders van vooral kleinere landen zoals Denemarken en Finland op regelmatige basis. Toen Finland Helsinki kandidateerde als vestigingsplaats voor het Europese Autoriteit voor voedselveiligheid zei hij: "Waarom zou iemand een voedselagentschap willen vestigen in een land waar men rendier eet?". Voedsel had trouwens toch zijn aandacht. In een topgesprek met de Russische en Duitse leiders Vladimir Poetin en Gerhard Schröder over de Europese keuken gaf hij aan dat de Finse keuken de slechtste van Europa was, op de voet gevolgd door de Britse. Hij voegde hier een waardeoordeel aan toe: "Mensen die zo slecht koken kan jij niet vertrouwen."

Ook in Oost-Europa maakte hij zich niet altijd geliefd. Over dertien Oost-Europese landen die begin 2003 de Amerikaanse Irak-politiek steunden zei hij: "... ont manqué une bonne occasion de se taire" (= "... hebben een goede gelegenheid gemist om hun mond te houden").

Bronnen, noten en/of referenties
Voorganger:
Pierre Messmer
Premier van Frankrijk
Kabinet-Chirac I
1974-1976
Opvolger:
Raymond Barre
Voorganger:
Laurent Fabius
Premier van Frankrijk
Kabinet-Chirac II
1986-1988
Opvolger:
Michel Rocard
Voorganger:
François Mitterrand
Co-vorst van Andorra
1995-2007
Opvolger:
Nicolas Sarkozy
Voorganger:
François Mitterrand
President van Frankrijk
1995-2007
Opvolger:
Nicolas Sarkozy