Philippe Pétain
| Philippe Pétain | ||||
| Henri Philippe Benoni Omer Joseph Pétain | ||||
| Geboren | 24 april 1856 Cauchy-à-la-Tour (Pas-de-Calais) |
|||
| Gestorven | 23 juli 1951 Île d'Yeu (Pays de la Loire) |
|||
| Politieke partij | Onafhankelijk | |||
| Partner | Eugénie Hardon Pétain | |||
| Beroep | Militair (Maarschalk van Frankrijk) | |||
| President van Frankrijk | ||||
| Aangetreden | 11 juli 1940 | |||
| Einde termijn | 19 augustus 1944 | |||
| Voorganger | Albert Lebrun | |||
| Opvolger | Charles de Gaulle | |||
| Premier van Frankrijk | ||||
| Aangetreden | 16 juni 1940 | |||
| Einde termijn | 11 juli 1940 | |||
| Voorganger | Paul Reynaud | |||
| Opvolger | Pierre Laval | |||
| Minister van Defensie | ||||
| Aangetreden | 9 februari 1934 | |||
| Einde termijn | 8 november 1934 | |||
| Premier | Gaston Doumergue | |||
| Voorganger | Joseph Paul-Boncour | |||
| Opvolger | Louis Maurin | |||
|
||||
Henri Philippe Benoni Omer Joseph (Philippe) Pétain, ook bekend als maarschalk Pétain, (Cauchy-à-la-Tour (Pas-de-Calais), 24 april 1856 - Île d'Yeu (Pays de la Loire), 23 juli 1951) was een Franse militair en politicus die een prominente rol speelde tijdens de Eerste Wereldoorlog in de strijd tegen de Duitsers en tijdens de Tweede Wereldoorlog het staatshoofd was van het Vichy-bewind, dat een marionettenregime was van nazi-Duitsland.
[bewerken] Levensloop
In 1876 nam hij dienst in het Franse leger en bezocht de militaire school van Saint-Cyr. Daarna diende hij vele jaren als infanterieofficier en als instructeur. Na het bestuderen van de Russisch-Japanse Oorlog (1904-1905) kwam hij tot de overtuiging dat gezien de toegenomen vuurkracht van de moderne artillerie defensieve tactieken de voorkeur verdienden. Dat werd hem in het Franse leger niet in dank afgenomen. Daar heerste juist de tegenovergestelde gedachte (gestimuleerd door kolonel Loiseau de Grandmaison en generaal Ferdinand Foch) van "l'attaque à outrance" (de aanval tot het uiterste). Het betekende dat zijn militaire carrière in het slop raakte.
Tegen het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog stond Pétain op het punt af te zwaaien. Vanwege de oorlog echter werd hij in plaats daarvan gepromoveerd tot brigadegeneraal en nam hij deel aan het offensief in Artois. In 1916 benoemde opperbevelhebber Joseph Joffre hem tot commandant van de Franse troepen bij Verdun. Pétain reorganiseerde de bevoorrading van het front en wist de Duitse aanval bij Verdun te keren. Hij werd de "overwinnaar van Verdun".
Na het rampzalige offensief van generaal Robert Nivelle in het voorjaar van 1917 ontstonden er uitgebreide muiterijen in het Franse leger. Complete eenheden weigerden dienst en in sommige gevallen moest er zelfs artillerievuur op de muiters gericht worden. Nivelle werd ontslagen en Pétain verving hem als opperbevelhebber. Hij bezocht de legereenheden en sprak met de soldaten. Hij stond bekend als een generaal die hart had voor de "poilu". Hij wist ook hier het tij te keren door betere verlofregelingen op te zetten en tijdelijk de inzet van het Franse leger te beperken tot defensieve operaties. Deze overwinning wordt wel Pétains "morele Verdun" genoemd. Pétain speelde in die tijd een belangrijke rol bij de ontwikkeling van betere Franse tanks: de FT-17 en de Char 2C; van de FT-17 meende hij dat hij wezenlijk was voor behouden van het moreel tijdens latere offensieven.
Twee weken na de wapenstilstand werd Pétain bevorderd tot maarschalk. In die rol sloeg hij de opstand in het Rifgebergte met harde hand neer. Hij bleef actief in militaire aangelegenheden en werd in 1934 zelfs minister van Oorlog.
In 1940, toen hij al 84 jaar oud was, stemde hij toe in een benoeming tot staatshoofd van het Vichy-bewind, dat vrijwel geheel onder Duitse controle stond. Bovendien bleek Pétain antisemiet te zijn. Onder zijn bewind begonnen de Jodenvervolgingen. Na de geallieerde landingen in Normandië in 1944 werden Pétain en de andere leden van de Vichy-regime door de Duitsers gedwongen naar Sigmaringen in Duitsland te verhuizen. Kort daarna trad hij af. In april 1945 echter kwam hij terug naar Frankrijk, werd daar gearresteerd en beschuldigd van hoogverraad. Hij werd schuldig bevonden en ter dood veroordeeld. Vanwege zijn hoge leeftijd en zijn verdiensten tijdens de Eerste Wereldoorlog werd het vonnis door zijn voormalige ondergeschikte, de toenmalige premier van de voorlopige regering Charles de Gaulle omgezet in levenslange gevangenisstraf. Pétain verloor eveneens zijn zetel in de Académie française waartoe hij in 1929 was toegelaten. De motieven voor de collaboratie van deze oorlogsheld zijn nooit echt duidelijk geworden. Tot zijn verdediging kan aangevoerd worden dat in 1940 zijn geestelijke vermogens al achteruitgegaan waren. De Gaulle speculeerde er in zijn memoires wel wat over. Philippe Pétain overleed in 1951 op 95-jarige leeftijd in de gevangenis op het Île d'Yeu, na geheel dement te zijn geworden.
| Zie de categorie Philippe Pétain van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |
| Voorganger: Paul Reynaud |
Premier van Frankrijk (Président du Conseil, Derde Franse Republiek) 16 juni 1940 - 11 juli 1940 |
Opvolger: Pierre Laval (Vichy-Frankrijk) |
| Voorganger: Albert Lebrun (Derde republiek) |
President van Frankrijk Chef de l'État français 11 juli 1940 - 19 augustus 1944 |
Opvolger: Charles de Gaulle (Voorlopige regering) |