Vroedmeesterpad

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vroedmeesterpad
IUCN-status: Niet bedreigd[1] (2008)
Mannetje met frisse eitjes.
Mannetje met frisse eitjes.
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Amphibia (Amfibieën)
Orde: Anura (Kikkers en padden)
Familie: Alytidae
Geslacht: Alytes
Soort
Alytes obstetricans
(Laurenti, 1768)
Wikimedia Commons Afbeeldingen Vroedmeesterpad
Vroedmeesterpad op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De vroedmeesterpad (Alytes obstetricans) is een padachtige kikker uit de familie Alytidae.

Inhoud

[bewerken] Kenmerken

De vroedmeesterpad is een vrij kleine, gedrongen pad met een opvallend forse kop. De ogen zijn ook groot, wat duidt op de nachtelijke activiteit. Kenmerkend zijn ook de zeer kleine paratoïden. Het plomp aandoende lichaam wordt tot ongeveer 45 tot 55 millimeter lang. De huid doet vrij glad aan voor een pad, lichte kleine wratten zijn van heel dichtbij zichtbaar. Het huidoppervlak vertoont een groenbruine tot soms bruingrijze kleur waarop kleine puntjes zijn te zien die donkergroen, grijsgroen of rood kunnen zijn. De dieren in Nederland en Duitsland zijn over het algemeen vrij donkergroen, vaak olijfkleurig of grijsgroen met weinig opvallende tekening. De meer zuidelijk voorkomende populaties vertonen veel variatie in tekening met een lichtgroene of vaalwitte grondkleur. De ogen puilen duidelijk uit, de pupil is verticaal en het trommelvlies of tympanum is duidelijk zichtbaar. Onder de handpalmen bevinden zich 3 duidelijke knobbeltjes. De buikzijde is wittig, crèmeachtig gekleurd. Gemarmerde exemplaren zijn zeldzamer en komen alleen in het zuidelijke deel van het verspreidingsgebied voor. Het geslachtsonderscheid is niet eenvoudig. De mannelijke dieren zijn namelijk kleiner en vertonen de bijzondere broedzorg: ze lopen een groot deel van het actieve seizoen met de eiersnoeren om hun achterpoten gestrengeld.

[bewerken] Verspreiding

De vroedmeesterpad leeft in het westen en zuidwesten van Europa, met het midden en noorden van het Iberisch Schiereiland als kerngebied. De soort komt in geheel Frankrijk voor, in Zuid-Wallonië en lokaal in Oost-Vlaanderen. In Oost-Duitsland komt de soort in geheel Saksen tot aan Brandenburg voor. Verder naar het zuiden wordt de populatie begrensd tot de Jura in Midden-Zwitserland.

In Nederland komt de pad voornamelijk voor in de Limburgse mergelgroeven met zeven kernpopulaties. Daarnaast zijn er kleinere populaties van Meerssen in het westen van Zuid-Limburg tot Wahlwiller/Nijswiller in het oosten. Een populatie ten westen van Nuth is anno 2010 de meest noordelijke. De vroedmeesterpad is echter op diverse plekken elders in het land uitgezet. Zo is hij in de botanische tuinen van Utrecht, Amsterdam en Den Haag gesignaleerd, waar hij zich goed schijnt te handhaven. In Amersfoort en omgeving is zelfs een zodanige populatie ontstaan dat wijkbewoners klagen over verstoorde nachtrust.

[bewerken] Habitat

De pad leeft veelal op het land waarbij droge plekken worden vermeden. Voorkeur bestaat voor ruderale terreinen zoals kerkhoven, groeven en verlaten fabriekscomplexen. Kleine holletjes onder stenen, in rotsspleten en in omgevallen bomen dienen als schuilplaats. Het voedsel bestaat uit insecten en wormen die tijdens de schemering of 's nachts worden gevangen. Vrijwel alle zand- en steengroeven, open bosranden en stenige hellingen in Zuid-Limburg zijn in principe geschikt als leefgebied voor vroedmeesterpad. Het stenige karakter en de verzonken ligging in het landschap zorgt voor een groot aanbod aan schuilplaatsen, is er sprake van een korte schrale begroeiing en heerst er een geschikt micro-klimaat. De weersomstandigheden kunnen zorgen voor flinke fluctuaties binnen de populaties. In een enkel seizoen met flinke zonperioden kunnen populaties groeien van tientallen tot vele honderden exemplaren. De groeves in het mergelland vormen in Nederland het belangrijkste leefgebied voor de vroedmeesterpad en de nog zeldzamere geelbuikvuurpad. Locale natuurbeheerders dragen zorg voor het geschikt houden van de habitats door overbegroeiing en verbossing tegen te gaan. Dit beheer schept de voorwaarden voor de instandhouding van deze soorten.

[bewerken] Bescherming

De vroedmeesterpad geniet internationaal bescherming onder de Conventie van Bern, waar de Europese Unie op toeziet. De Rode lijst wordt in Nederland juridisch ondersteund door de Flora- en faunawet. De soort met zijn bijzondere broedeigenschappen wordt in alle landen waar hij voorkomt bedreigd. In Nederland is het dier al enkele tientallen jaren niet meer gesignaleerd bij Heerlen en Sittard, waar het vroeger wel voorkwam. De populatie binnen de dorpsgrenzen van Epen is sinds de jaren 70 verdwenen.

[bewerken] Voortplanting

De vroedmeesterpad is één van de weinige amfibieën die broedzorg kent; de mannetjes dragen de eiersnoeren met zich mee tot de larven na 5 tot 7 weken uitkomen. Dan worden de larven afgezet in water, meestal een plasje of poeltje. De pad is daarin niet zo kieskeurig. Door deze vorm van broedzorg wordt voorkomen dat de eieren beschimmelen of worden opgegeten. Nadeel is dat de pad maar voor een beperkt aantal eitjes kan zorgen: hooguit enkele tientallen. Dit is een tegenstelling met de soorten die eierdril afzetten, waarbij meestal honderden eitjes vrijkomen. De eitjes van de vroedmeesterpad hebben geen slijmerig omhulsel maar een zeer dunne en broze schaal. Het broedseizoen loopt tot in het najaar, en daarmee is de soort een grote uitzondering.

De aanwezigheid van vroedmeesterpadden is vooral vast te stellen door het merkwaardige, monotone geluid dat ze maken: een korte fluittoon, die om de paar seconden wordt herhaald en aan een generator doet denken. Vooral op zwoele lente- en zomeravonden (van april tot eind augustus, soms nog later) is het geluid te horen. Een aantal 'zingende' vroedmeesterpadden bij elkaar geeft - omdat elke vroedmeesterpad in een andere toonhoogte 'fluit' - het effect van een klokkenspel. De Limburgse naam voor vroedmeesterpadden is dan ook 'klungelkens' (klokjes). Het geluid wordt voortgebracht door zowel de mannetjes als de vrouwelijke dieren.

[bewerken] Afbeeldingen

[bewerken] Zie ook

[bewerken] Externe links

[bewerken] Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties:

  1. (en) Vroedmeesterpad op de IUCN Red List of Threatened Species.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten
Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen