Deeg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Dit artikel behoort tot
de reeks over kookkunst
Bereidingstechnieken en benodigdheden

Keukengerei
Kooktechnieken

Ingrediënten en soorten voedsel

Kruiden en specerijen
Sauzen - Soepen
Vlees - Vis
Groente - Fruit
Kaas - Pasta
Drank - Andere ingrediënten
Nagerechten

Regionale keukens

Westers - Latijns-Amerika
Caribisch - Indiaans
Aziatisch - Indiaas
Thais - Midden-Oosten
Mediterraan - Afrikaans
Polynesisch - Chinees
Filipijns

Culinaire geschiedenis

Oud-Egyptische keuken
Middeleeuwse kookkunst

Zie ook

P Food.png Horeca
Wikibooks-kookboek

Portaal  Portaalicoon  Eten & Drinken

Deeg is het ongebakken basisproduct voor diverse broden en gebak. Het basisingrediënt van deeg is bloem, dit wordt aangevuld met rijsmiddelen (gist, bakpoeder, ei enz.), eventueel vloeistoffen (melk, water enz.) en smaakstoffen zoals suiker en zout. Deeg is meestal kneedbaar, maar altijd dik van consistentie, vloeibare degen heten beslag. Deeg moet gekneed of geroerd worden om de ingrediënten te mengen en een luchtige structuur van het gebak te verzekeren.

Deeg dat wordt gemengd met een haak
Het deeg wordt gerold met een deegroller

Deegsoorten[bewerken]

Grofweg zijn er acht soorten deeg die als basis voor gebak kunnen dienen:

zanddeeg
deeg uit bloem, koude boter en suiker, eventueel eieren
cakebeslag
bestaat uit boter, meel, eieren en suiker en diverse smaakstoffen zoals vanille.
biscuitbeslag
een beslag dat bestaat uit eieren die au bain-marie luchtig worden geklopt met suiker, waarna het gemengd wordt met bloem. Het vormt de basis voor de meeste gangbare taarten.
Moscovisch beslag
een beslag dat maar volgens één verhouding gemaakt kan worden. De eiwitten en eidooiers worden apart stijf geklopt, elk met de helft van de suiker. De koude boter wordt fijngehakt met de bloem, maïzena en zout. Het botermengsel gaat eerst bij de eiwitten en dan meteen het eigeel erop. Snel maar luchtig door elkaar spatelen en bakken. De enige juiste verhouding is op 1 ei, 20 gram kristalsuiker, 6 1/4 gram maïzena, 18 3/4 gram bloem, 1/4 gram zout en 20 gram harde boter.
soezenbeslag
beslag op basis van in water en gesmolten boter gekookt meel met eieren. Eenmaal gebakken bevat het grote gaten, zodat de soes eenvoudig gevuld kan worden.
korstdeeg/bladerdeeg 
een deeg dat bestaat uit afwisselende laagjes boter en meel-water,uitstekend geschikt voor bewaring in de diepvries.
brooddeeg 
heeft als vaste basis een vorm van meel met een rijsmiddel, wat zout en een vloeibaar deel (water, melk, karnemelk), soms aangevuld met vet of olie (boter, margarine, zonnebloemolie), eventueel aangevuld met ei, suiker en (andere) smaakmakers als zaden.
filodeeg
een Grieks deeg dat gerold is tot zeer dunne vellen. Het staat aan de basis van de Oost-Europese pita en de (verwante) Griekse spanakopita.
zoutdeeg
een deeg dat niet geschikt is voor consumptie. Bestaat uit meel, zout en water. Het wordt gebruikt om sierstukken te maken.

Ongebakken deeg[bewerken]

Er worden nog een aantal andere bereidingswijzen deeg genoemd hoewel deze niet gebakken worden:

pastadeeg
de basis voor pasta, bestaat uit meel, water en eieren en wordt gekookt.
schuimdeeg
gemaakt van geklopte eiwitten, het wordt in een lauwe oven gedurende langere tijd gedroogd tot een merengue of een schuimpje ontstaat.

Uitdrukkingen[bewerken]

  • Een koekje van eigen deeg krijgen: je wordt behandeld zoals je anderen behandelt.
  • Ze zijn allemaal van één deeg: ze zijn allemaal hetzelfde.