Isaac Beeckman

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Isaac Beeckman (Middelburg, 10 december 1588Dordrecht, 19 mei 1637) was een Nederlandse natuurkundige, ingenieur en meteoroloog.

Isaac Beeckman studeerde letterkunde en filosofie in Leiden en promoveerde in 1618 in geneeskunde te Caen. Na een korte carrière als kaarsenmaker en buizenlegger werd hij conrector in Utrecht en Rotterdam. In 1627 werd hij rector van de Latijnse school in Dordrecht, het huidige Johan de Witt-gymnasium. Hij overleed op 48-jarige leeftijd.

Beeckman was een leerling van Simon Stevin. Hij was leermeester en vriend van René Descartes, die zijn eerste werk, het Compendium Musicae, aan Beeckman opdroeg. In zijn tijd werd Beeckman als een van de meest ontwikkelde mensen van Europa beschouwd.

Inhoud

[bewerken] Levensloop

Van 1607 tot 1610 studeerde hij theologie, filosofie en letterkunde in Leiden. In 1612 vertrok hij om te gaan studeren in het Franse Saumur en in 1618 studeerde hij medicijnen in Caen. Simon Stevin was zijn leraar, zowel in Leiden als Saumur.

In 1613 wilde Beeckman predikant worden. Maar dat gebeurde niet. In 1626 schreef hij:

In de philosophie moetmen altyt procederen van wonder tot gheen wonder, dat is te segghen, men moet so langhe ondersoecken totdat hetgene ons vrempt dunket, ons niet meer vrempt en schyndt; maer in de theologie moet men procederen van gheen wonder tot wonder.

Het bijzondere van Beeckman is dat hij meer met de handwerkslieden, technici en ingenieurs van zijn tijd omging dan met de wetenschappers van gevestigde universiteiten.

In april 1620 trouwde hij Cateline de Cerf uit Middelburg, met wie hij zeven kinderen had. Ook in 1620 richt hij in Rotterdam een Collegium mechanicum op, een soort Technische Hogeschool. In 1627 wordt hij als rector van de nieuwe Latijnse school van Dordrecht benoemd.

Beeckman wordt gerekend tot de meest vooraanstaande wetenschappers van zijn tijd. Behalve dat hij arts en ingenieur was, bestudeerde hij de wiskunde en de natuurverschijnselen en stelde hij voor om alle wetenschap en kennis een gedegen basis te geven, met als voorbeeld de wiskunde.

[bewerken] Dagboek

Door de herontdekking in 1905 van zijn dagboek (Journael) werden veel details over zijn wetenschappelijk werk bekend. Beeckman deed vele ontdekkingen maar publiceerde niets. Het Journael vermeldt de ontmoeting in 1618 met Descartes, op een plein in de stad Breda. Ze discussiëerden over een wiskundige puzzel op een aanplakbiljet op de markt. De volgende dag meldde de jonge Fransman zich bij Beeckman met de oplossing van de puzzel. Descartes werd een vriend en leerling van Beeckman. Beeckman bedacht opgaven voor Descartes over muziek, de vrije val, de kettinglijn als kegelsnede.

Het dagboek toont een Beeckman die onderzoek doet als veel van de grote denkers van de Renaissance en door middel van veel brieven contacten met hen onderhoudt. Bijvoorbeeld met de wiskundige Girolamo Cardano, Marin Mersenne, Snellius, Stevin, de sterrenkundigen Tycho Brahe en Kepler, de filosoof Francis Bacon en de artsen William Gilbert en William Harvey. Johan en Cornelis de Witt waren leerling aan Beeckmans school maar waren waarschijnlijk te jong om direct van Beeckman les gehad te hebben.

[bewerken] Descartes

Door zijn journaal weten we meer over zijn relatie met Descartes. Descartes was in eerste instantie een leerling van Beeckman. Beeckman bracht de jonge Fransman enthousiasme bij voor de wetenschappen en daagde hem uit. Descartes was zich hiervan bewust en dankte verschillende keren zijn meester en vriend hier voor. Hij bood hem in 1619 een stuk over muziek aan: Compendium Musicae. Hun vriendschap was echter niet zonder wrijving; en verschillende keren botsten ze over een meningsverschil. Descartes brak tenslotte in 1629 met Beeckman omdat hij het niet kon verdragen dat hij veel aan Beeckman te danken had.

[bewerken] Filosoof

Zijn tijdgenoot, de mathematicus en filosoof Pierre Gassendi zei van hem dat hij de beste filosoof is die hij ooit heeft ontmoet. De eerste kwaliteit van Beeckman was zijn natuurlijke nieuwsgierigheid. Dit verlangen om altijd nieuwe paden in te slaan verhinderde hem om zijn bijzonder originele natuurfilosofie te publiceren en te verspreiden. Beeckman was behalve filosoof ook een groot onderzoeker. Hij was bijvoorbeeld lange tijd bezig om een experiment te verzinnen dat het bestaan van God moet bewijzen.

[bewerken] Natuuronderzoeker

[bewerken] Atomisme

Beeckmans visie op de natuur gaat uit van het atomisme. Hij was beïnvloed door Lucretius' lange gedicht De rerum natura en door de geschriften van Democritus. Hij stelde tegelijk met Sebastien Basson het concept van moleculen op en ontwikkelt het idee dat een fysisch-chemische substantie beschouwd kan worden als een aggregaat van samenstellende deeltjes, ofwel atomen.

[bewerken] Traagheid en valbeweging?

Soms wordt Beeckman ook aangehaald als één van de eerste wetenschappers die het traagheidsprincipe en de valbeweging juist hebben weergegeven. In zijn Journaal lijkt hij echter geen onderscheid te maken tussen de rechtlijnige eenparige beweging en de cirkelvormige. Hij beweerde dat - in vacuüm - beide bewegingen vanzelf zonder uitwendige krachten voortgezet worden. Volgens de huidige klassieke mechanica is voor een cirkelbeweging toch een middelpuntzoekende kracht nodig.

[bewerken] Trilling

Men vindt bij hem ook een discussie over trillende snaren waarvoor hij aantoont dat de frequentie van de grondtoon omgekeerd evenredig is met de snaarlengte en de trillingstijd.

[bewerken] Practicus en theorie druk

Beeckman was een expert uit de praktijk die altijd heeft geprobeerd om de wetenschap door de ervaring te verklaren en om hem technische toepassingen te geven. Hij verzette zich dus tegen de neiging van kamergeleerden om alleen maar abstract te redeneren en om anthropomorfe argumenten te gebruiken. Hij gebruikte de praktijkkennis die hij had opgedaan als buizenfabrikant bij zijn werk om de werking van een pomp te analyseren (1615). Hij stelde een nieuwe theorie op waarbij de luchtdruk de oorzaak is (1629). Deze theorie wijkt af van de gangbare die stelt dat de natuur afschuw van de leegte heeft.

Hij interesseerde zich bijzonder voor de uitvindingen van zijn tijd, van de telescoop tot en met de eerste onderzeeboot van Cornelis Drebbel.

[bewerken] Meteoroloog

Beeckman installeerde het eerste weerstation.

[bewerken] Bronnen

Persoonlijke instellingen
Naamruimten
Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen