Marinecomponent van Defensie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Defensie van België
Vlag van België

Instanties
Federale Overheidsdienst Defensie

Departementen
Budget en financiën
Imago en public relations
De algemene inspectiedienst
Material resources
Strategie
Human resources
Inlichtingen en veiligheid
Juridische steun en bemiddeling
Operaties en training
Vorming

Componenten
Landcomponent
Luchtcomponent
Marinecomponent
Medische component

Functies
Minister van Landsverdediging
De Chef Defensie
Secretaris generaal

De Marinecomponent van de Belgische Defensie is sinds het jaar 2000 de benaming voor een deel van de Belgische Defensie.

Naast de Marinecomponent bestaat de Belgische Defensie uit:

De Belgische Marine heeft haar hoofdbasis in Zeebrugge; verder zijn er bases in Sint-Kruis (Brugge), Antwerpen en Oostende. Ook ligt een deel van de Belgische marinestaf in Den Helder, onder het commando van de Admiraal Benelux.

Geschiedenis[bewerken]

De geschiedenis van de Belgische Koninklijke Marine gaat terug tot 1815 toen België, na de ondergang van het Frankrijk van Napoleon, aangehecht werd aan het Koninkrijk der Nederlanden. Bij de Belgische Revolutie van 1830 blokkeerde een Nederlands schip de haven van Antwerpen en voorkwam zo dat via de haven nog handel bedreven kon worden.

Een eigen marine[bewerken]

Om aan deze blokkade het hoofd te bieden, besloot het parlement op 15 januari 1831 om de eerste Belgische Koninklijke Marine op te richten. In 1862 besloot de regering de militaire Marine af te schaffen en richtte een Staatsmarine op. Deze is beter gekend onder de naam het Korps der Zeelieden en Torpedisten.

De vlag van de Belgische marine
Een officier van de Belgische marine, 2007
Kanonneerboot van de Belgische Koninklijke Marine anno 1830

Tijdens het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog had België geen marine meer omdat haar schepen het doelwit van Duitse onderzeeboten en mijnen waren. Het Leger trok toen beroepszeelui terug van het front en plaatste ze op Franse schepen. Op het einde van WO I (1918) kreeg België van de geallieerden 11 torpedoboten en 26 mijnenvegers. Dit waren van de Duitsers buitgemaakte schepen. Dit werd mogelijk gemaakt door het verdrag van Versailles. In 1927 werd het Korps der Zeelieden en Torpedisten om budgettaire redenen afgeschaft.

Nieuwe marine vanaf 1940[bewerken]

De eerste jaren na 1927 werd er niet tot heroprichting van een marine besloten. En wanneer in 1940 de Tweede Wereldoorlog uitbrak beschikte België nog steeds niet over een marine. Deze werd op dat moment snel opgericht en personeel werd hiervoor aangetrokken. De belangrijkste taak van het nieuw opgerichte marinekorps was het opsporen en vernietigen van mijnen binnen de Belgische kustwateren. Later verleende ze ook haar medewerking aan de Franse marine en nam ze deel aan de evacuatie van België en Frans Duinkerken. Op 25 juni 1940 werden haar schepen in Spanje echter aan de ketting gelegd. Slechts één schip (de P16) kon ontkomen en bereikte Groot-Brittannië.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd een Belgische Sectie van de Royal Navy opgericht. Deze afdeling leverde de bemanning voor twee korvetten (HMS Buttercup en HMS Godetia), een flotillie mijnenvegers en enkele patrouillevaartuigen. De Belgische Sectie van de Royal Navy bestond tot 1946.

Na de Tweede Wereldoorlog[bewerken]

Bij het einde van WOII besloot de regering om de Marine te behouden en gaf haar de volgende opdrachten:

  • Ontmijnen van de territoriale wateren
  • Controle van koopvaardijschepen die de havens binnenvaren
  • Visserijwacht
  • Redding op zee
  • Kustbewaking

Op 1 februari 1946 richtte de regering, bij KB 30/03/1946, de Zeemacht op.

Na 1945 werd de marine uitgerust met schepen gekregen van de geallieerden. Hierdoor kreeg België ook haar eerste, echte vloot. Deze schepen waren vooral mijnenvegers van Amerikaanse makelij en korvetten van de Britse 'Algerine'-klasse. De marine zal hieraan een aantal schepen van Belgische makelij toevoegen.

Tijdens de jaren 70 en 80 ondergaat de vloot een moderniseringsprogramma en worden de 'Wielingen'-klasse fregatten en de 'Tripartite'-klasse mijnenjagers aan de vloot toegevoegd. Tijdens de jaren 90 deelt ook de marine in de besparings- en hervormingsplannen van defensie. Er worden geen nieuwe schepen meer gebouwd. De mijnenvegers gaan allen buiten dienst en de vier fregatten worden vervangen door twee tweedehandse Nederlandse M-fregatten van de Karel Doormanklasse. Toch blijft de marine tijdens die periode deelnemen aan talrijke buitenlandse operaties.

De Zeemacht werd in het jaar 2000 omgedoopt tot Marinecomponent. Dit is een direct gevolg van de Eenheidsstructuur (strategisch Plan 2000-2015) die op last van Minister van Defensie André Flahaut werd ingevoerd.

In 2005 vierde de marinecomponent haar 60e verjaardag in aanwezigheid van Koning Albert II.

Belgische-Nederlandse marinesamenwerking (BeNeSam)[bewerken]

De geschiedenis van de Belgische-Nederlandse marinesamenwerking gaat terug tot 1948, toen het idee van een overkoepelende staf voortkwam uit de eerste Belgisch-Nederlandse Samenwerking (BeNeSam). In het geheime Militaire Verdrag van 1948 kwamen België en Nederland overeen om in oorlogstijd de Koninklijke Marine en de Belgische Marine onder bevel van één officier te plaatsen, omdat zij in het zelfde gebied zouden opereren. Op 29 maart 1962 werd een document ondertekend, waarin stond dat alleen indien de Belgische en Nederlandse regering in gezamelijk overleg, als gevolg van het uitbreken van vijandelijkheden of dreigende oorlogsgevaar, het noodzakelijk achten, zou de admiraal Benelux worden benoemd. In 1975 werd de Admiraal Benelux (ABNL) in oorlogstijd opgericht. Pas na het einde van de Koude Oorlog tekenden België en Nederland in 1995 een overeenkomst die de samenwerking regelt tussen de Belgische Marine en de Nederlandse Marine, zowel in vredes- als oorlogstijd. Als gevolg van deze overeenkomst werden beide nationale operationele staven met ingang van 1 januari 1996 samengevoegd tot één enkele geïntegreerde staf, met het hoofdkwartier in Den Helder, onder bevel van de Admiraal Benelux. Dit leidde tot een unieke vorm van Belgisch-Nederlandse marinesamenwerking op het gebied van operatiën, opleidingen, trainingen, logistiek en onderhoud. Hierbij blijven echter beide landen soeverein wat betreft de politieke beslissing tot inzet van hun schepen.

Zo worden de Belgische en Nederlandse M-fregatten en mijnbestrijdingsvaartuigen operationeel aangestuurd door het geïntegreerde binationale marinehoofdkwartier in Den Helder. België is belast met de opleiding en training van de bemanningen voor de mijnbestrijdingsvaartuigen en het is verantwoordelijk voor de logistiek en onderhoud van deze vaartuigen. Nederland heeft dezelfde verlichtingen voor de M-fregattenë. In de BeNeSam-overeenkomsten staan overigens ook nog andere vormen van maritieme samenwerking beschreven. Op het gebied van mijnbestrijding is er sind 1975 de binationale school Eguermin in Oostende. Deze school is tevens een NAVO Centre of Excellence. In Zeebrugge wordt de Mine Couter Measures Operational Sea Training gegeven. Hier wordt beoordeeld of een schip klaar is om zijn operationale periode in te gaan. Operators en verbindingspersoneel van beide marines worden sinds 1996 opgeleid bij de Operationele School in Den Helder. Koks en hofmeesters krijgen sinds hetzelfde jaar hun gezamenlijke opleiding te Brugge.

Taken van de marinecomponent[bewerken]

De huidige taken van de Marinecomponent:

In vredestijd
  • Visserijwacht waarborgen
  • Vernietigen van springstoffen (op zee)
  • Redding op zee
  • Steun verlenen aan de Politie en Douane (op zee)
  • Opsporen van wrakken en vergane schepen
  • Hyperbaar Medisch Centrum ter beschikking stellen (decompressietanks)
  • Controle Territoriale Wateren en de exclusieve economische zone
  • Controle vervuiling op zee
  • Humanitaire operaties
  • Steun verlenen aan diplomatie en buitenlandse handel
  • Belgische aanwezigheid op zee verzekeren
  • Deelname aan operaties in NAVO en VN verband

Lijst van operaties[bewerken]

  • 1950 - 1954 : Transport Belgische en Luxemburgse vrijwilligers naar Korea
  • 1954 : Repatriëring van het Belgisch expeditiekorps uit Korea
  • 1960 : De onafhankelijkheid van Belgisch Congo; bijna de ganse vloot is ter plaatse
  • 1968 : Multinationale ontmijningsoperatie tussen België, Frankrijk, Duitsland en GB
  • 1987 - 1988 : Op. Octopus en Calendar: oorlog Iran - Irak
  • 1990 - 1991 : Op. Southern Breeze: Invasie Koeweit door Irak
  • 1992 - 1994 : Op. Equator Kiss: humanitaire hulp aan Somalië
  • 1992 - 1994 : Deelname aan vredesondersteunende Ops in Ex-Joegoslavië
  • 1995 - 1996 : Op. Southern Breeze II: controle embargo tegen Irak
  • 1998 : Op. Southern Breeze III: controle embargo tegen Irak
  • 1998 : Op. Open Spirit: Oostzee
  • 1999 : MCM Adriatische Zee & Embargo Op. Allied Force
  • 1999 & 2000 : Oostzee MCM Op. MCOPLAT
  • 2003 : West Shark: grootschalige anti-drugs operaties in het Caraïbische gebied
  • 2004 : Active Endeavour: patrouille in de Middellandse Zee tegen terroristische activiteiten
  • 2008 : Op. UNIFIL bestaande uit Maritime Interdiction Operations (MIO) en bewakingsopdrachten in de Middellandse Zee voor de Libanese kust
  • 2014 : Deelname NAVO missie in de Baltische wateren ter ondersteuning van NAVO lidstaten bij Russisch-Oekraïens conflict.

Rangen[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie: Lijst van militaire rangen van het Belgisch leger

Defensie-Jeugd[bewerken]

Net als de andere componenten bij de Defensie van België, beschikt ook de Marinecomponent over een Defensie-Jeugd werking. Door middel van stages tijdens de schoolvakantie kunnen jongeren even proeven van het leven bij de Marinecomponent. Ook heeft de Marinecomponent een samenwerkingsovereenkomst met het Koninklijk Marine Kadettenkorps, een jeugdbeweging die op maritieme leest geschoeid is.

Lijst van huidige schepen[bewerken]

Volgende schepen zijn momenteel in de vaart:

Fregatten[bewerken]

Mijnenjagers[bewerken]

M916 BNS Bellis

Logistiek steun- en commandoschip[bewerken]

BNS Godetia

Oceanografisch onderzoeksschip[bewerken]

Hulpschepen[bewerken]

Sleepboten[bewerken]

Kustwachtvaartuig[bewerken]

BNS A963 Stern

Zeilend schoolschip[bewerken]

  • A958 Zenobe Gramme (1961-)

Koninklijk Jacht[bewerken]

  • Technema 85/90 | A982 Alpa 4 (2008)[5]

Overige Schepen[bewerken]

  • A995 Spich (2003-)[6]
  • A997 Spin (1958-)[7]
  • A998 Werl (2003-)[6]

Geplande aankopen[bewerken]

Eind 2012 keurde de Belgische regering de aankoop van twee Ready-Duty schepen goed.[8]

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen

Noten

  1. Deze schepen werden overgenomen van de Koninklijke Marine
  2. Zogenaamde tri-partite mijnenjager: een gezamenlijk project van de Nederlandse, Franse en Belgische marines. België bouwde er tien. Vier zijn er uit dienst genomen: drie schepen werden aan Frankrijk verkocht en een laatste is uit omloop genomen maar is nog in België. Verder is de M915 op die ogenblik buiten gebruik na een aanvaring en is het niet zeker of het schip hersteld wordt. Identiek aan de Nederlandse Alkmaarklasse en de Franse Eridanklasse.
  3. Een half-zusterschip van de Godetia, de A961 Zinnia, werd al in 1993 uit dienst genomen en is onlangs voor sloop verkocht.
  4. Dit schip behoort tot de Beheerseenheid van het Mathematisch Model van de Noordzee, maar de marinecomponent staat in voor het dagelijks beheer een levert de bemanning.
  5. a b Privé-jacht van Koning Albert II en Koningin Fabiola, afgemeerd aan de Franse zuidkust en beheerd door de marinecomponent.
  6. a b Worden gebruikt te Lombardsijde voor het terughalen van gebruikte drones en oefendoelen na zeewaartse schietoefeningen. De Spich en Werl zijn kleine RIB's.
  7. Sloep voor transport van personeel over korte afstanden in de haven van Zeebrugge.
  8. Ready Duty Ships voor Belgische marine