Franse marine

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Franse Nationale Marine
Marine Nationale
Franse marinevlag
Franse marinevlag
Land Vlag van Frankrijk Frankrijk
Oprichting 1624
Chef d'état-major de la marine (Stafchef van de marine) admiraal Alain Oudot de Dainville
Troepensterkte* 23600
Aantal paramilitairen* 2400
Aantal vliegtuigen* 206 (waaronder helikopters)
Aantal schepen* 113 (waaronder 1 vliegdekschip)

De Franse Marine, officieel Nationale Marine (Frans: Marine Nationale), is het maritieme onderdeel van de Franse krijgsmacht en is naar personeel gemeten de grootste zeemacht van West-Europa. Ze bestaat uit een compleet assortiment aan schepen, van patrouilleboten tot fregatten die kruisvluchtwapens kunnen lanceren. Ze heeft ook een nucleair aangedreven vliegdekschip en vier nucleaire onderzeeboten die ballistische raketten kunnen lanceren.

Het motto van de Franse marine is Honneur, Patrie, Valeur, Discipline (Eer, Vaderland, Moed, Discipline). Deze woorden zijn te vinden op elk schip van de marine.

De huidige Franse Marine[bewerken]

Marinehaven van Toulon

Op dit moment (2011) is admiraal Bernard Rogel opperbevelhebber.

De Charles de Gaulle is het enige vliegdekschip van de Franse marine. Volgens Franse marinedoctrine heeft de Franse marine er twee in dienst, maar op dit moment is politieke discussie gaande over de bouw van een tweede vliegdekschip. Oorspronkelijk was het plan dat een conventioneel aangedreven vliegdekschip naar het ontwerp van de Britse Queen Elizabeth-klasse te bouwen, maar financiële problemen zorgen voor twijfel.[1] Een besluit over de bouw van een tweede vliegdekschip wordt verwacht in 2012.

De Franse marine is verdeeld in vijf onderdelen:

Toekomstige ontwikkelingen[bewerken]

De Franse marine onderneemt een belangrijke versterking, zowel door modernisering als in uitbreiding van het aantal schepen. Dit houdt onder andere in:

  • Een tweede vliegdekschip welk voor 2015 geleverd moet worden en een geplande onderhoudsbeurt voor de nucleair aangedreven Charles de Gaulle. Het nieuwe vliegdekschip wordt gebouwd volgens een Brits ontwerp, aangepast aan Franse behoeften. Het schip zal een niet-nucleaire aandrijving krijgen.
  • 2 Horizon fregatten die momenteel worden gebouwd
  • 17 FREMM multipurpose fregatten, eerste levering verwacht in 2008
  • 6 nucleaire aanvalsonderzeeboten van de Barracudaklasse

De uitrustingen zullen ook gemoderniseerd worden, te weten

Geschiedenis[bewerken]

Slag bij Sluis

De Franse marine werd ook wel La Royale genoemd. De reden daarvoor is niet bekend. Het kan zijn vanwege de connectie met de Franse monarchie, of het was vanwege de locatie van het hoofdkwartier: Rue Royale in Parijs. De marine gebruikte de koninklijke titels niet zoals andere Europese marines, zoals de Britse Royal Navy, deden.

Middeleeuwen[bewerken]

De geschiedenis van de Franse marine gaat terug tot de Middeleeuwen, toen zij werd verslagen door de Engelsen bij Slag bij Sluis en zij met de hulp van Castiliëde Engelsen versloeg bij La Rochelle.

De marine werd een samenhangend instrument van macht rond de 17e eeuw onder Lodewijk XIV. Onder toezicht van de 'Zonnekoning' was de Franse marine goed gefinancierd en uitgerust. Ze behaalden vele vroege successen in de Negenjarige Oorlog tegen de Royal Navy en de Nederlandse marine. Financiële problemen echter dwongen de marine terug naar de haven waardoor de Engelsen en Nederlanders het initiatief terug kregen. Vóór de Negenjarige Oorlog, in de Nederlands-Franse Oorlog, wist zij een belangrijke zege te behalen op een gecombineerde Spaans-Nederlandse vloot bij de Slag om Palermo (1676).

18e eeuw[bewerken]

Slag bij Martinique (1799)

De achttiende eeuw zag het begin van dominantie van de Royal Navy, welke een aantal grote overwinningen behaalde op de Fransen. Toch bleven de Fransen successen behalen, zoals in de Atlantische campagnes, geleid door Picquet de la Motte. In 1766 leidde de Bougainville de eerste Franse tocht rond de wereld.

Tijdens de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog vervulde de Franse marine een beslissende rol door de Amerikanen te steunen. De Franse marine was de grootste zeemacht die de Britten bevocht, met de hulp van de Continentale en Amerikaanse staatsmarines en Amerikaanse kapers. Een indrukwekkende prestatie was dat de Fransen, onder de Grasse, een Engelse vloot versloegen bij de Slag om Chesapeake in 1781, waardoor de Frans-Amerikaanse troepen de Slag bij Yorktown, die ook gaande was, wonnen.

In India leidde Suffren indrukwekkende campagnes tegen de Britten (1770-1780) waardoor ze het overwicht kregen tegen viceadmiraal Sir Edward Hughes.

De Franse Revolutie betekende de dood van vele nobele zeelieden, waaronder Charles d'Estaing. Pogingen om de marine onder Napoleon tot een sterke strijdmacht te maken, werden tenietgedaan door de dood van Latouche Tréville en de Slag bij Trafalgar in 1805, waarbij de Britten een gecombineerde Frans-Spaanse vloot vernietigde. Hierdoor was de volledige dominantie van de Britten gegarandeerd tot de Tweede Wereldoorlog.

De enige Franse zege onder Napoleon tegen de Britten was de Slag bij Grand Port nabij Mauritius, gewonnen door admiraal Duperré.

19e-eeuwse wederopstanding[bewerken]

Technische innovaties[bewerken]

Gebakoorlog

In de negentiende eeuw krabbelde de marine weer op en werd ze naar grootte de tweede zeemacht van de wereld, na de Britse Royal Navy. De marine voerde een succesvolle blokkade van Mexico uit tijdens de Gebakoorlog van 1884 en vaagde de Chinese marine weg in de Slag bij Foochow. Ze diende ook als perfecte verbinding binnen het steeds groter wordende Franse Rijk. De Franse marine, gretig om de strijd met de Britten aan te gaan, nam een leidende rol in verschillende velden van de ontwikkeling van oorlogsschepen met de introductie van nieuwe technologieën.

  • Frankrijk leidde de ontwikkeling van kanonnen met granaten, uitgevonden door Henri-Joseph Paixhans
  • Le Napoléon was het eerste stoomvoortgestuwde slagschip in de geschiedenis in 1850
  • La Gloire de eerste zeegaande ironclad in 1853
  • In 1863 liet de Franse marine de Plongeur te water, 's werelds eerste mechanisch voortgestuwde onderzeeboot
  • In 1876 was de Redoutable 's werelds eerste oorlogsschip met een volledig stalen romp

De Franse marine werd ook een fervent voorstander van de Jeune École-doctrine, wat vroeg om kleine, maar sterke oorlogsschepen met krachtige kanonnen, om zo tegen de Britse vloot op te kunnen.

Die conceptuele en technologische voorsprong bleek aantrekkelijk voor het industrialiserende Japan. De Franse ingenieur Emile Bertin werd uitgenodigd voor vier jaar, om een compleet nieuwe vloot voor de Keizerlijke Japanse Marine te ontwerpen, wat leidde tot haar succes in de Eerste Chinees-Japanse Oorlog in 1894.

20e eeuw[bewerken]

De marine ging door met baanbrekende innovaties, en deed het goed tijdens de Eerste Wereldoorlog.

Het eerste vliegdekschip[bewerken]

La Foudre

De uitvinding van het watervliegtuig in 1910, met de Franse Le Canard, leidde tot de eerste ontwikkelingen voor een schip dat vliegtuigen mee kon nemen welke uitgerust waren met drijvers. In 1911 kwam de eerste watervliegtuig-carrier in Franse dienst, de La Foudre. Ze vervoerde vliegtuigen met drijvers in hangars onder het hoofddek, vanwaar ze met een kraan te water werden gelaten. La Foudre werd verder aangepast in november 1913 met een vlak dek van 10 meter voor het lanceren van de vliegtuigen.

Vlootopbouw tussen de Wereldoorlogen[bewerken]

Elke zeevloot bestaat uit een scala aan schepen van verschillende groottes en geen enkele vloot heeft de middelen om elk schip het beste te maken in die klasse. Desondanks streven verschillende landen ernaar om in een bepaalde klasse uit te blinken. Tussen de wereldoorlogen was de Franse vloot opzienbarend door het bouwen van kleine aantallen schepen die "over the top" waren, in vergelijking tot andere vloten.

De Fransen besloten bijvoorbeeld "supertorpedobootjagers" te bouwen die tijdens de Tweede Wereldoorlog voor lichte kruisers werden gehouden. De Le Fantasque klasse is nog altijd 's werelds snelste torpedobootjagerklasse. De Surcouf onderzeeboot was de grootste en sterkste van zijn tijd.

De Fransen wilden of konden echter niet in elke klasse het beste schip hebben. Toen de Duitsers kwamen met de zogenaamde vestzakslagschepen antwoordden de Fransen met een klasse van twee schepen van het Dunkerque-klasse-type, met kanonnen die net sterk genoeg waren om de Duitse schepen uit te schakelen, maar ook niet meer dan dat.

Tweede Wereldoorlog[bewerken]

Operatie Catapult

Aan het begin van de oorlog participeerde de Franse marine in een aantal operaties tegen de asmogendheden, door te patrouilleren op de Atlantische Oceaan en het bombarderen van Genua. De Franse overgave veranderde dit drastisch: de Franse vloot trok zich onmiddellijk terug uit de gevechten.

De Britten zagen de Franse vloot nog altijd als potentieel gevaarlijk. De Fransen konden namelijk de kant van Duitsland kiezen, of, waarschijnlijker, de Duitse Kriegsmarine zou ze in handen krijgen. Het was essentieel dat ze buiten dienst gesteld werden. Enkele schepen lagen in havens die door de Britten gecontroleerd werden in Engeland of Egypte en deze werden overtuigd dat ze zich aan moesten sluiten bij de geallieerden als Vrije Franse schepen of werden ontmanteld.

Het merendeel van de vloot echter, lag in Dakar of Mers-el-Kébir. De Royal Navy stelde een ultimatum, maar toen onderhandelingen onmogelijk bleken openden ze het vuur en kelderden en beschadigden een groot deel van de Franse vloot (Operation Catapult) op 3 juli 1940. Dit resulteerde in verzuurde Engels-Franse relaties, die de hele oorlog en ook erna zouden blijven bestaan.

In november 1942 trokken de geallieerden Frans Noord-Afrika binnen. Als tegenactie bezetten de Duitsers Vichy-Frankrijk (Case Anton), inclusief de Franse marinebasis Toulon, waar het grootste deel van de overgebleven Franse vloot lag. Dit was een belangrijk Duits doel. Troepen onder SS-commando kregen opdracht om ze te veroveren (Operation Lila). De Franse marineleiding was verdeeld over hun reactie: admiraal Jean de Laborde, commandant van de Forces de Haute Mer, pleitte ervoor om uit te varen en de geallieerde invasievloot te onderscheppen, terwijl anderen, zoals admiraal Gabriel Auphan, voorstander waren voor aansluiting bij de geallieerden. Op enkele oorlogsschepen ontstond een spontane demonstratie voor het aansluiten bij de geallieerden met de leus "Vive de Gaulle! Appareillage!"

De orders van de Franse commandanten om de schepen te verwoesten in het geval de Duitsers ze wilden overnemen werd versterkt en dit gebeurde ook, ondanks de aanwezigheid van Duitse troepen. Geen enkel schip dat werd buitgemaakt kon gerepareerd worden. Enkele schepen vluchtten uit Toulon en sloten zich aan bij de geallieerden, waarvan de onderzeeboot Casabianca een van de belangrijkste was.

Als gevolg hiervan sloten steeds meer Fransen zich aan bij de geallieerden, inclusief schepen uit Egypte. Franse schepen ondersteunden de landingen in Zuid-Frankrijk (Operatie Dragoon) en Normandië (Operation Neptune).

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties