Wetenschappelijk skepticisme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Carl Sagan, bedenker van de term wetenschappelijk skepticisme

Wetenschappelijk skepticisme (ook gespeld als scepticisme, zie aldaar) is het nagaan of beweringen ondersteund worden door empirisch onderzoek en reproduceerbaar zijn als onderdeel van een methodologische norm waarbij men streeft naar "de uitbreiding van verzekerde kennis."[1]

Over de term en zijn reikwijdte[bewerken]

Wetenschappelijk skepticisme wordt ook wel rationeel skepticisme of skeptisch onderzoek genoemd.

De term wetenschappelijk skepticisme (Engels scientific skepticism) lijkt voort te komen uit het werk van Carl Sagan, allereerst in Contact (1985; p.306) en vervolgens in Billions and Billions (1997; p.135).[2][3]

Wetenschappelijk skepticisme verschilt van filosofisch scepticisme, dat zich richt op de vraag in hoeverre we überhaupt kunnen beweren kennis te hebben over de aard van de wereld en hoe wij die waarnemen. Dit lijkt op (maar is niet gelijk aan) cartesiaanse twijfel (ook wel methodologisch skepticisme genoemd), een systematisch proces van skeptisch zijn over (of twijfelen aan) de waarheid van de eigen opvattingen. Wetenschappelijk skepticisme omarmt empirisme. Het Nieuwe Skepticisme dat Paul Kurtz beschrijft is wetenschappelijk skepticisme.[4] Volgens goochelaar Jamy Ian Swiss gaat wetenschappelijk skepticisme over "hoe je moet denken, niet wat je moet denken".[5]

Verschillende definities[bewerken]

Wetenschappelijk skepticisme wordt wel gedefinieerd als: "Een skepticus is iemand die de voorkeur geeft aan opvattingen en conclusies die betrouwbaar en geldig zijn boven die prettig of handig zijn, en past daarom rigoreus en openlijk de methoden van de wetenschap en de rede toe op alle empirische beweringen, vooral die van hem of haar zelf. Een skepticus weegt een voorlopige aanvaarding van iedere bewering af tegen geldige logica en een eerlijke en doortastende beoordeling van het beschikbare bewijsmateriaal, en bestudeert de valkuilen van het menselijk redeneren en de mechanismen van misleiding in een poging om te voorkomen dat men door anderen of zichzelf wordt misleid. Skepticisme waardeert de methode boven een bepaalde conclusie."[6]

""Skepticisme is een voorlopige aanpak van beweringen. Het is de toepassing van de rede op elke en alle ideeën — heilige koeien zijn niet toegestaan. Met andere woorden, skepticisme is een methode, geen standpunt."[7]

"Skepticisme is een methode om beweringen over de wereld te bestuderen. In de skeptische "gereedschapskist" zit een betrouwen op de rede, kritisch denken en een verlangen naar verifieerbaar, testbaar bewijsmateriaal over bepaalde beweringen (vooral uitzonderlijke). Doorgaans wordt de "skeptische manier van denken" belichaamd door de wetenschappelijke methode."[8]

Overzicht[bewerken]

Wetenschappelijke skeptici menen dat een empirische navorsing van de werkelijkheid leidt naar de waarheid en dat de wetenschappelijke methode het beste geschikt is voor dit doel. Als men de strengheid van de wetenschappelijke methode overweegt, kan men de wetenschap zelf eenvoudigweg zien als een georganiseerde vorm van skepticisme. Volgens Robert K. Merton moeten alle ideeën getest worden en onderwerp zijn van rigoreuze gestructureerde gemeenschappelijke navorsing (zie CUDOS).[9] Dit betekent niet dat de wetenschappelijke skepticus noorzakelijkerwijs een wetenschapper is die echte experimenten uitvoert (hoewel dat wel het geval kan zijn), maar dat de skepticus over het algemeen beweringen aanvaardt die volgens hem/haar waarschijnlijk waar zijn op grond van testbare hypothesen en kritisch denken.

Wetenschappelijke skeptici trachten beweringen te evalueren gebaseerd op de verifieerbaarheid en falsifieerbaarheid en ontmoedigen het om beweringen op basis van (blind) vertrouwen of anekdotisch bewijs aan te nemen. Skeptici richten hun kritiek vaak tegen beweringen die zij niet plausibel, twijfelachtig of overduidelijk in tegenspraak met de algemeen aanvaarde wetenschap beschouwen. Wetenschappelijke skeptici stellen niet dat ongebruikelijke beweringen automatisch van de hand dienen te worden gewezen - integendeel stellen zij dat beweringen over het paranormale of anomale verschijnselen kritisch dienen te worden bestudeerd en dat uitzonderlijke beweringen uitzonderlijk bewijs vergen voordat er enige geldigheid aan toegekend zou moeten worden

Vanuit een wetenschappelijk perspectief worden theorieën beoordeeld op vele criteria, zoals falsifieerbaarheid, Ockhams scheermes, verklaringskracht en de mate waarin de voorspelling overeenkomt met onderzoeksresultaten. Skepticisme is onderdeel van de wetenschappelijk methode: een onderzoeksresultaat wordt bijvoorbeeld niet als bewezen beschouwd totdat er is vastgesteld dat het onafhankelijk kan worden gerepliceerd.[10]

Volgens de principes van skepticisme is in het ideale geval ieder individu in staat tot het zelf bepalen van zijn standpunt op grond van het bewijs(materiaal) in plaats van zich te beroepen op bepaalde autoriteiten, skeptisch of anderszins. In de praktijk wordt dit moeilijk vanwege de hoeveelheid kennis die de wetenschap inmiddels vergaard heeft. Derhalve wordt het van wezenlijk belang om een evenwicht te vinden tussen kritisch denken en een erkenning van de consensus die er bestaat onder de meest relevante wetenschappers.

Niet alle 'grenswetenschap' (fringe science) is per se pseudowetenschap. Bijvoorbeeld passen sommige aanhangers van onderdrukte herinneringen de wetenschappelijke methode nauwkeurig toe en hebben zelfs "enige" empirische onderbouwing voor de geldigheid ervan kunnen vinden,[11][12][13] maar zulke theorieën hebben nog geen volledige wetenschappelijke consensus verkregen.[14][15][16][17]

Empirische of wetenschappelijke skeptici beoefenen geen filosofisch scepticisme. Terwijl een filosofische scepticus kan betwijfelen dat kennis überhaupt bestaat, zoekt een empirische skepticus slechts naar waarschijnlijk bewijs voordat hij die kennis aanvaardt.

Geschiedenis van de skeptische beweging[bewerken]

Volgens de skeptische historicus Daniel Loxton is "skepticisme een verhaal zonder een begin of een einde"; hij stelt dat het betwijfelen en bestuderen van uitzonderlijke beweringen al zo oud is als de mensheid zelf.[18] Door de geschiedenis heen zijn er voorbeelden te vinden van individuen die kritische navorsing bedrijven en boeken schrijven of publiekelijk optreden tegen specifieke oplichters en populair bijgeloof, waaronder mensen als Lucianus van Samosata (2e eeuw), Michel de Montaigne (16e eeuw), Thomas Ady en Thomas Browne (17e eeuw), Antoine Lavoisier en Benjamin Franklin (18e eeuw), een groot aantal filosofen, wetenschappers en goochelaars doorheen de 19e en begin 20e eeuw tot en met en na Harry Houdini. Skeptici die zich verenigen in organisaties die het paranormale en grenswetenschap onderzoeken is echter een modern fenomeen.

Loxton noemt het Belgische Comité Para (1949) als oudste skeptische organisatie met een "breed mandaat".[18] Hoewel het voorafgegaan werd door de Nederlandse Vereniging tegen de Kwakzalverij (1881), dat derhalve door anderen wordt gezien als oudste skeptische organisatie,[19][20] richt de VtdK zich louter op het bestrijden van kwakzalverij en heeft daarom een 'smal mandaat'. Het Comité Para was deels opgericht als reactie op een uitbuitende industrie van nepmediums die valse hoop verkochten aan rouwende verwanten van vermisten tijdens de Tweede Wereldoorlog.[18] Daarentegen herleidt Michael Shermer de oorsprong van de moderne wetenschappelijk skeptische beweging tot Martin Gardners boek Fads and Fallacies in the Name of Science (1952),[21] dat in 1967 in het Nederlands verscheen als Is dat nog wel wetenschap?.

Vier invloedrijke Amerikaanse skeptici: Ray Hyman, Paul Kurtz, James Randi en Kendrick Frazier.

Hoewel de meeste skeptici in de Engelstalige wereld de oprichting van CSICOP in 1976 in de Verenigde Staten zien als de "geboorte van het moderne skepticisme",[22] modelleerde oprichter Paul Kurtz het eigenlijk naar het Comité Para, inclusief de naam.[18] Kurtz' motief was dat hij 'teleurgesteld [was] door het opkomende tij van geloof in het paranormale en het gebrek aan adequate wetenschappelijke studies van zulke beweringen.'[23] Hoewel CSICOP niet de oudste was, was het 'de eerste succesvolle Noord-Amerikaanse skeptische organisatie met een breed mandaat in het contemporaine tijdperk',[24] populariseerde het het gebruik van de termen 'skepticus', 'skeptisch' en 'skepticisme' door haar tijdschrijft Skeptical Inquirer[25] en inspireerde rechtstreeks de oprichting van een hele reeks andere skeptische organisaties wereldwijd, in het bijzonder in Europa.[26] Dit waren onder meer Australian Skeptics (1980), Vetenskap och Folkbildning (Zweden, 1982), New Zealand Skeptics (1986), Gesellschaft zur wissenschaftlichen Untersuchung von Parawissenschaften (Oostenrijk, Duitsland en Zwitserland, 1987), Skepsis r.y. (Finland, 1987), Stichting Skepsis (Nederland, 1987), CICAP (Italië, 1989) en SKEPP (Vlaanderen, 1990). Vaak stonden astronomen aan de wieg van skeptische organisaties,[27] maar ook goochelaars zoals James Randi, die zijn eigen James Randi Educational Foundation (JREF) stichtte in 1996, waren belangrijk in het ontmaskeren van charlatans en het populariseren van hun bedrog. Hij nodigde iedereen uit om zijn of haar beweringen te bewijzen met de One Million Dollar Paranormal Challenge. Andere invloedrijke Amerikaanse organisaties van de tweede generatie waren The Skeptics Society (in 1992 opgericht door Michael Shermer), de New England Skeptical Society (ontstaan in 1996) en de Independent Investigations Group (in 2000 gesticht door James Underdown).

Na de val van het communisme zag Oost-Europa een vloedgolf aan kwakzalverij en paranormaal geloof dat niet meer werd beteugeld door de over het algemeen pro-wetenschappelijke communistische regimes of waarvan de invoer uit West-Europa werd belemmerd door het IJzeren Gordijn (zoals homeopathie), hetgeen aanzette tot de oprichting van een reeks nieuwe skeptische organisaties om consumenten te beschermen.[28] Onder deze bevonden zich de Tsjechische Skeptische Club Sisyfos (1995),[29] het Hongaarse Szkeptikus Társaság (2006) en de Poolse Scepticiclub (2010).[30] Het European Skeptics Congress (ESC) is sinds 1989 door heel Europa gehouden, sinds 1994 gecoördineerd door de European Council of Skeptical Organisations.[31] In de Verenigde Staten is sinds 2003 The Amaz!ng Meeting (TAM, georganiseerd door de JREF in Las Vegas) de belangrijkste skeptische conferentie, met twee afgeleide conferenties in Londen (2009 en 2010) en één in Sydney (2010). Sinds 2010 organiseren de Merseyside Skeptics Society en Greater Manchester Skeptics samen Question, Explore, Discover (QED) te Manchester. Zes World Skeptics Congresses zijn tot nu toe gehouden, namelijk in Buffalo (1996), Heidelberg (1998), Sydney (2000), Burbank (2002), Abano Terme (2004) en Berlijn (2012).[32][31]

Voorbeelden[bewerken]

Enkele onderwerpen die wetenschappelijk skeptische literatuur in twijfel trekt zijn bijvoorbeeld gezondheidsbeweringen over bepaald voedsel, procedures, alternatieve geneeswijzen; de plausibiliteit en het bestaan van bovennatuurlijke krachten (zoals tarotlezen) of wezens (zoals klopgeesten, engelen, goden); cryptozoölogische monsters (zoals het Monster van Loch Ness of Bigfoot); en ook creationisme/intelligent design, wichelen, complottheorieën en andere beweringen die de skepticus op wetenschappelijke gronden als waarschijnlijk onwaar beschouwt.[33][34]

Skeptici zoals James Randi zijn beroemd geworden door het ontmaskeren van dergelijke beweringen. Joe Nickell, die het paranormale onderzoekt, waarschuwt er echter voor dat "ontmaskeraars" voorzichtig, serieus en onbevooroordeeld moeten omgaan met paranormale beweringen. Hij legt uit dat als men met een open geest onderzoek gaat doen, men meer kans van slagen heeft om mensen iets te leren en van gedachten te doen veranderen dan door ontmaskering.[35][36]

Pseudoskepticisme[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Pseudoskepticisme voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Richard Cameron Wilson schreef in een artikel in New Statesman dat "de nepscepticus in werkelijkheid een vermomde dogmaticus is, die daardoor extra gevaarlijk is vanwege zijn succesvol toegeëigende mantel van de onbevooroordeelde onderzoeker met een open geest". Sommige voorstanders van achterhaalde intellectuele standpunten (zoals aidsontkenning, holocaustontkenning en klimaatontkenning) gaan zich te buiten aan pseudoskeptisch gedrag wanneer zij zichzelf "skeptici" noemen, omdat zij selectief bewijsmateriaal aanhalen dat overeenkomt met opvattingen die zij al hadden.[37] Volgens Wilson, die dit fenomeen toelicht in zijn boek Don't Get Fooled Again (2008), is het karakteristieke element van vals skepticisme dat het "zich niet concentreert op een neutrale zoektocht naar de waarheid, maar op het verdedigen van een al eerder besloten ideologisch standpunt".[38]

Wetenschappelijk skepticisme wordt soms zelf op grond hiervan bekritiseerd. De term pseudoskepticisme wordt dikwijls gebruikt in controversiële disciplines waar de tegenstand van wetenschappelijke skeptici sterk is. In 1994 omschreef Susan Blackmore, een parapsychologe die skeptischer werd en uiteindelijk een CSICOP-fellow werd in 1991, bijvoorbeeld wat zij "het ergste soort pseudoskepticisme" noemde:

Aanhalingsteken openen

"Er zijn enkele leden binnen skeptische groepen die duidelijk geloven dat zij al vóór enig onderzoek het juiste antwoord weten. Ze zijn niet geïnteresseerd in het overwegen van alternatieven, het bestuderen van rare beweringen of het zelf uitproberen van paranormale ervaringen of een ander bewustzijn (lieve help, nee!), maar alleen in het promoten van hun eigen specifieke geloofsstructuur en -samenhang ..."[39]

Aanhalingsteken sluiten

Met betrekking tot de etiketten "dogmatisch" en "pathologisch" die de "Association for Skeptical Investigation"[40] op critici van paranormale studies plakken, merkt Robert Todd Carroll van het Skeptic's Dictionary[41] op dat het "een groep is van pseudoskeptische paranormale onderzoekers en aanhangers die de kritiek van ware skeptici en kritische denkers op paranormale studies niet waarderen. Het enige scepticisme dat deze groep promoot is scepticisme jegens critici en [hun] kritiek op paranormale studies."[42]

Vermeende gevaren van pseudowetenschap[bewerken]

Skepticisme is een benadering van opmerkelijke of ongebruikelijke beweringen waarbij twijfel te verkiezen is boven geloof bij gebrek aan doorslaggevend bewijsmateriaal. Skeptici menen over het algemeen dat geloof in de buitenaardse hypothese (ETH)[43] en de krachten van mediums een misverstand is, omdat er geen empirisch bewijs bestaat om zulke fenomenen te ondersteunen.

Bertrand Russell stelde dat individuele handelingen gebaseerd zijn op de opvattingen van de handelende persoon, en als deze opvattingen niet worden ondersteund door bewijs, kunnen zulke opvattingen leiden tot destructief handelen.[44] James Randi schrijft ook vaak over oplichterij door mediums en gebedsgenezers.[45] Critici van alternatieve geneeswijzen wijzen vaak op het slechte advies dat ongekwalificeerde beoefenaars geven en ernstig letsel of de dood tot gevolg heeft. Richard Dawkins wijst op religie als een bron van geweld (vooral in zijn boek God als misvatting) en beschouwt creationisme als een bedreiging voor de biologie.[46] Sommige skeptici, zoals de leden van de podcast The Skeptics' Guide to the Universe, keren zich tegen bepaalde sekten en nieuwe religieuze bewegingen vanwege hun bezorgdheid om wat zij zien als nepwonderen die worden uitgevoerd of aanbevolen door de leiders van zulke groepen.[47] Ze bekritiseren vaak geloofsstelsels die zij eigenaardig, bizar of irrationeel bevinden.

Noemenswaardige skeptische media[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie ook Lijst van skeptische conferenties en Lijst van skeptische organisaties.
Podcasts
1rightarrow blue.svg Zie Lijst van skeptische podcasts voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
  • Cognitive Dissonance (Amerikaans)
  • For Good Reason – JREF (Amerikaans)
  • Geologic (Amerikaans)
  • Kritisch Denken (Vlaams-Nederlands)
  • Point of Inquiry – CFI (Amerikaans)
  • Skepticality – The Skeptics Society (Amerikaans)
  • Skeptics with a K – MSS (Brits)
  • Skeptoid (Amerikaans)
  • The Pseudo Scientists – YAS (Australisch)
  • The Reality Check – Ottawa Skeptics (Canadees)
  • The Skeptic Zone – AS (Australisch)
  • The Skeptics' Guide to the Universe – NESS (Amerikaans)
Tijdschriften
1rightarrow blue.svg Zie Lijst van skeptische tijdschriften voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
  • FolkvettVoF (Zweeds)
  • Skepter – Stichting Skepsis (Nederlands)
  • Skeptic – The Skeptics Society (Amerikaans)
  • Skeptical Inquirer – CSICOP (Amerikaans)
  • Skeptiker – GWUP (Duitstalig)
  • The Skeptic – CSICOP (Brits)
  • Wonder en is gheen wonder – SKEPP (Vlaams)
Televisieprogramma's

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

  • Why Is There A Skeptical Movement? - Daniel Loxton, een overzicht van de geschiedenis (en voorgeschiedenis) van de skeptische beweging en de principes waarop het wetenschappelijk skepticisme is gefundeerd.
  • Het Woordenboek van de Skepticus – Robert Todd Carroll, Nederlandse versie van The Skeptic's Dictionary, vertaald door Herman Boel
Bronnen, noten en/of referenties

Literatuur

Engelstalig

  • Carroll, Robert Todd, The Skeptic's Dictionary: A Collection of Strange Beliefs, Amusing Deceptions, and Dangerous Delusions, John Wiley & Sons, 2003 ISBN 0-471-27242-6.
  • Randi, James, Flim-Flam! Psychics, ESP, Unicorns, and Other Delusions, Prometheus Books, June 1982, p. 342 ISBN 0-345-40946-9.
  • Randi, James; Arthur C. Clarke, An Encyclopedia of Claims, Frauds, and Hoaxes of the Occult and Supernatural, St. Martin's Griffin, 1997, p. 336 ISBN 0-312-15119-5.
  • Sagan, Carl; Ann Druyan, The Demon-Haunted World: Science as a Candle in the Dark, Ballantine Books, 1997, p. 349 ISBN 0-345-40946-9.

Nederlandstalig

  • Nienhuys, Jan Willem; Marcel Hulspas, Tussen waarheid en waanzin – Een encyclopedie der pseudo-wetenschappen, De Geus, 1998, p. 488 ISBN 9044502786.
  • Renckens, Cees, Dwaalwegen in de geneeskunde. Over alternatieve geneeswijzen, modeziekten en kwakzalverij, Bert Bakker, 2004, p. 461 ISBN 9035126556.
  • Vermeren, Patrick, De HR-ballon – 10 populaire praktijken doorgeprikt., Academia, 2007, p. 188 ISBN 9038211805.

Voetnoten

  1. Stemwedel, Janet D.. Basic concepts: the norms of science (blog). ScienceBlogs: Adventures in Ethics and Science. Seed Media Group (2008-01-29): quoting Merton, R. K. (1942)
  2. Sagan, Carl, Contact, Orbit, 1997, p. 432 ISBN 1-85723-580-0.
  3. Sagan, Carl, Billions and Billions: Thoughts on Life and Death at the Brink of the Millennium, Ballantine Books, 1998, p. 320 ISBN 0-345-37918-7.
  4. (en) Kurtz, Paul, The New Skepticism: Inquiry and Reliable Knowledge, Prometheus, 1992, p. 371 ISBN 0-87975-766-3.
  5. (en) Swiss, Jamy Ian. Overlapping Magisteria. James Randi Educational Foundation Geraadpleegd op 19 maart 2013
  6. (en) Steven Novella. Skeptic – The Name Thing Again. SkepticBlog (17 november 2008) Geraadpleegd op 20 mei 2014
  7. (en) The Skeptics Society. About Us – A Brief Introduction. Website The Skeptics Society Geraadpleegd op 20 mei 2014
  8. http://www.drinkingskeptically.org/skepticism.htm
  9. (en) Merton, R. K., The Normative Structure of Science, 1942 in Merton, Robert King, , University of Chicago Press, Chicago, 1973, “The Sociology of Science: Theoretical and Empirical Investigations” ISBN 978-0-226-52091-9.
  10. Wudka, Jose. What is the scientific method? (1998) Geraadpleegd op 2007-05-27
  11. Chu, J. (May 1999). Memories of childhood abuse: dissociation, amnesia, and corroboration. American Journal of Psychiatry 156 (5): 749–55 . PMID:10327909. Geraadpleegd op 2008-01-16.
  12. Duggal, S. (April 1998). Recovered memory of childhood sexual trauma: A documented case from a longitudinal study. Journal of Traumatic Stress 11 (2): 301–321 . PMID:9565917. DOI:10.1023/A:1024403220769. Geraadpleegd op 2007-12-31.
  13. Freyd, Jennifer J., Betrayal Trauma - The Logic of Forgetting Childhood Abuse, Harvard University Press, Cambridge, MA, 1996 ISBN 0-674-06805-X.
  14. McNally, R. J. (2004). The science and folklore of traumatic amnesia. Clinical Psychology Science and Practice 11 (1): 29–33 . DOI:10.1093/clipsy/bph056.
  15. McNally, R. J. (2007). Dispelling confusion about traumatic dissociative amnesia. Mayo Clin. Proc. 82 (9): 1083–90 . PMID:17803876. DOI:10.4065/82.9.1083.
  16. McNally, R. J. (2004). Is traumatic amnesia nothing but psychiatric folklore?. Cogn Behav Ther 33 (2): 97–101; discussion 102–4, 109–11 . PMID:15279316. DOI:10.1080/16506070410021683.
  17. McNally, R. J. (2005). Debunking myths about trauma and memory. Can J Psychiatry 50 (13): 817–22 . PMID:16483114.
  18. a b c d (en) Daniel Loxton. Why Is There a Skeptical Movement? 3. The Skeptics Society website (2013) Geraadpleegd op 24 mei 2014
  19. (en) Andy Lewis. "Dutch Sceptics Have ‘Bogus’ Libel Decision Overturned On Human Rights Grounds", The Quackometer, 3 augustus 2009. Geraadpleegd op 24 mei 2014.
  20. "Masseuse met kapsones", De Standaard, 21 June 2007. Geraadpleegd op 24 May 2014.
  21. (en) Michael Shermer. A Skeptical Manifesto. The Skeptics Society website (1997) Geraadpleegd op 24 mei 2014
  22. Loxton (2013), p.29.
  23. Loxton (2013), p.32.
  24. Loxton (2013), p.2.
  25. Boel, Herman (2003). Wat is het verschil tussen Skepticisme en Scepticisme?. Wonder en is gheen wonder 3 (1) (SKEPP). Geraadpleegd op 24 May 2014.
  26. (en) Frazier, Kendrick, The Encyclopedia of the Paranormal, Amherst, 1996, p. 168–180 Geraadpleegd op 24 May 2014.
  27. Tim Trachet. Twintig jaar SKEPP in 2010. SKEPP (5 June 2010) Geraadpleegd op 24 May 2014
  28. (en) Mahner, Martin (January / February 2002). 10th European Skeptics Congress: Rise and Development of Paranormal Beliefs in Eastern Europe. Skeptical Inquirer 26 (1) (CSICOP). Geraadpleegd op 23 mei 2014.
  29. (en) Czech Skeptical Club SISYFOS. Website Sisyfos (27 mei 2006) Geraadpleegd op 24 mei 2014
  30. (en) Tomasz Witkowski & Maciej Zatonski. The Inception of the Polish Sceptics Club. CSI website (18 november 2011) Geraadpleegd op 24 mei 2014
  31. a b (en) Earlier European skeptic events. Website Szkeptikus Társaság Geraadpleegd op 24 mei 2014
  32. James Alcock. World Skeptics Congress 2012: A Brief History of the Skeptical Movement. YouTube (25 mei 2012) Geraadpleegd op 3 juni 2014
  33. (en) Gardner, Martin, Fads and Fallacies in the Name of Science, Dover, 1957 ISBN 0-486-20394-8.
  34. (en) Skeptics Dictionary Alphabetical Index Abracadabra to Zombies. skepdic.com (2007) Geraadpleegd op 2007-05-27
  35. Skeptical inquiry vs debunking
  36. Hansen, George P.. CSICOP and the Skeptics: An Overview (1992) Geraadpleegd op 2010-05-25
  37. (en) Wilson, Richard. Against the Evidence. Progressive Media International (18 september 2008) Geraadpleegd op 2 juni 2014
  38. (en) Wilson, Richard C., Don't get fooled again: the sceptic's guide to life, Icon, 2008 ISBN 978-1-84831-014-8.
  39. (en) Kennedy, J. E. (2003). The capricious, actively evasive, unsustainable nature of psi: A summary and hypotheses. The Journal of Parapsychology 67: 53–74 . Zie voetnoot 1 p.64 dat citeert Blackmore, S. J., Women and Parapsychology, Parapsychology Foundation, New York, 1994, “Women skeptics”, p. 234–236)
  40. Skeptical Investigations Gearchiveerd van het origineel op April 12, 2013 Geraadpleegd op July 6, 2013
  41. Skepdic article on positive pseudo-skeptics
  42. Robert Todd Carroll "Internet Bunk: Skeptical Investigations." Skeptic's Dictionary
  43. De buitenaardse hypothese is de opvatting dat ufo-waarnemingen het best verklaard kunnen worden door te veronderstellen dat het ruimteschepen van buitenaardse wezens die de Aarde bezoeken betreft.
  44. (en) Russell, Bertrand. On the Value of Scepticism. The Will To Doubt. Positive Atheism (1928) Geraadpleegd op 2 juni 2014
  45. Fighting Against Flimflam, TIME, Jun. 24, 2001
  46. Better living without God? / Religion is a dangerously irrational mirage, says Dawkins. San Francisco Chronicle (15 oktober 2006) Geraadpleegd op 2 juni 2014
  47. (en) Langone, Michael D., Recovery from Cults: Help for Victims of Psychological and Spiritual Abuse, W. Norton. American Family Foundation, juni 1995, p. 432 ISBN 0-393-31321-2.