Mangrove

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nuvola single chevron right.svg Voor de gelijknamige band, zie Mangrove (band).
Korte video van een mangrove in Brazilië

Mangroven zijn bomen of struiken die in mangroveleefomgevingen (biomen, dit zijn grote ecosystemen) voorkomen. De mangrove wordt vaak beschouwd als een bioomtype. Mangroven zijn belangrijk voor de biodiversiteit. Mangroven groeien het beste op zoute slikgronden.

De mangrove komt alleen voor in tropische gebieden met een getij. Hierdoor worden deze gebieden regelmatig overspoeld en is de grond zout. Mangroven komen voor in rivierdelta's en langs de kust. Mangrovebossen kunnen zich overal vestigen langs lage en vlakke tropische kusten met warm zeewater en een niet te sterke golfslag.

In de mangrove komt een grote variatie in plantensoorten voor. De “echte” mangrove wordt gevormd door ongeveer 54 soorten in 20 geslachten behorend tot 16 families. Deze soorten komen alleen voor in de mangroveleefomgevingen en sporadisch op andere plekken.[1]

In het Koninkrijk der Nederlanden komt natuurlijk mangrovebos voor in de Lac Bay op het eiland Bonaire. In de dierentuin Burgers' Zoo is een mangrove nagebootst in de Mangrovehal.

Carboonmangrove[bewerken]

Aan de hand van ontelbare fossiele resten uit het Carboon kunnen we met zekerheid vaststellen dat het begrip 'mangrove' niet alleen van deze tijd is. Een gebied zo groot als alle continenten aan elkaar, Gondwanaland, strekte van horizon tot horizon. Ontelbare soorten bomen, planten, insecten en andere dieren kwamen hierin voor. Veel soorten die in het Perm zijn uitgestorven, dit door immense klimaatsprongen, wijzen eenduidig op het bestaan van zo'n "supermangrove" met veel riviertjes, meren en drooggevallen eilandjes.

Voor een uitgebreid overzicht van soorten en families (voor zover bekend), zie: Lijst van plantensoorten uit het Carboon.

Bouw[bewerken]

De mangrovesoort Sonneratia op de landzijde van het rif Yap met talrijke ademwortels.

De wortels van de mangrove houden het zand en de modder vast. In gebieden waar de mangrove is gekapt treedt vaak snelle erosie van de kustlijn op.

Er zijn mangrovesoorten die dicht onder het grondoppervlak ver verspreide horizontale wortels vormen, waarop zogenaamde ademwortels (pneumatoforen of pneumatorrizie) staan. Dat zijn kegelvormige organen die boven de grond of het water uitsteken, waardoor bomen of struiken die in het water staan kunnen beschikken over lucht. Deze organen zijn bedekt met lenticellen, die nodig zijn voor gasuitwisseling, en hebben dwarse horizontale voedingswortels, die ook aan de ademhaling bijdragen. Er zijn echter ook mangrovesoorten die geen ademwortels, maar luchtwortels vormen.

Vermeerdering[bewerken]

De mangroveboomsoorten uit de familie van de Rhizophoraceae en Araceae zijn levendbarend (vivipaar). Dat wil zeggen dat de zaden al kiemen in de vrucht, en bij sommige soorten de kiemplanten nog een poosje aan de moederboom vast blijven zitten en een speervormige wortel ontwikkelen die, wanneer de kiemplant van de boom valt, diep in de grond dringt. Bij andere soorten kiemt het zaad ook in de vrucht, maar ontwikkelt het zich zodanig dat de vrucht blijft drijven wanneer deze van de boom valt.

Gebruik[bewerken]

De mangrove is een van nature rijke boom die vaak gekapt wordt. In Maleisië wordt het hout van de mangroveboom gebruikt als brandhout of voor houtskool en voor eenvoudige houtconstructies. Het hout is makkelijk te splijten en heeft een hoge calorische waarde. Het hout wordt ook soms voor aquarium en terrarium gebruikt.

Van sommige mangrovesoorten wordt uit de bast looistof tannine voor de visnetten gewonnen.

De soort Poga oleosa van de Rhizophoraceae heeft zaden die een kwalitatief zeer goede olie bevatten, die vergelijkbaar is met olijfolie.

Mangrovesoorten[bewerken]

De onderstaande lijst (naar Tomlinson, 1986[2]) geeft het aantal soorten per geslacht en familie:

Belangrijke families[bewerken]

Familie Avicenniaceae
  • Avicennia – 8
  • Soort: Avicennia marina (Grijze mangrove)
  • Soort: Avicennia germinans (Zwarte mangrove)
Familie Combretaceae
  • Laguncularia – 1
    • Soort: Laguncularia racemosa (Witte mangrove)
  • Lumnitzera – 2
Familie Arecaceae (Palmen)
  • Nypa – 1
Familie Rhizophoraceae
  • Bruguiera – 6
  • Ceriops – 2
  • Kandelia – 1
  • Rhizophora – 8
    • Soort: Rhizophora mangle (Rode mangrove)
Familie Sonneratiaceae
  • Sonneratia – 5

Minder belangrijke families[bewerken]

Familie Bombacaceae
  • Camptostemon – 2
Familie Euphorbiaceae
  • Excoecaria – 2
Familie Lythraceae
  • Pemphis – 1
Familie Meliaceae
  • Xylocarpus – 2
Familie Myrsinaceae
  • Aegiceras – 2
Familie Myrtaceae
  • Osbornia – 1
Familie Pellicieraceae
  • Pelliciera – 1
Familie Plumbaginaceae
  • Aegialitis – 2
Familie Pteridaceae
  • Acrostichum – 3
Familie Rubiaceae
  • Scyphiphora – 1
Familie Sterculiaceae
  • Heritiera – 3

Rhizophoraceae[bewerken]

Dit is een belangrijke familie met ongeveer 80 mangrovesoorten. Het zijn meestal lage bomen of struiken met op de takken gezwollen knopen. De bloemen zijn tweeslachtig en staan in de bladoksels. De kroonblaadjes hebben franje, haren of andere aanhangsels.

De wortels van de mangrovesoorten uit het geslacht Rhizophora ontstaan uit de boomstam en groeien een stukje horizontaal om vervolgens naar de grond om te buigen. De stam komt zo op kromme stelten te staan. De stamvoet en de hoofdwortel van deze bomen sterven later af.

De soorten uit het geslacht Bruguiera vormen knievormige ademwortels die veel lijken op de wortels van de soorten uit het geslacht Rhizophora, maar inwendig een andere bouw hebben.

Mangrove-ecoregio's[bewerken]

Afrotropische ecozone

Centraal-Afrikaanse mangroven (Angola, Kameroen, het Kongogebied, Equatoriaal-Guinea, Gabon, Ghana, Nigeria)
Oost-Afrikaanse mangroven (Kenia, Mozambique, Tanzania)
Guinese mangroven (Senegal, Gambia, Guinee-Bissau, Guinee, Sierra Leone, Liberia, Ivoorkust)
Madagaskar mangroven (Madagaskar)
Zuid-Afrikaanse mangroves (Mozambique, Zuid-Afrika)

Austral-asiatische ecozone

Nieuw-Guinea mangroven (Indonesië)

Indomaleisische ecozone

Godavari-Krishna mangroven (India)
Indochina mangroven (Cambodja, Maleisië, Thailand, Vietnam)
Indus River Delta-Arabische Zee mangroven (Pakistan)
Myanmar kust mangroven (India, Maleisië, Myanmar, Thailand)
Sunda Shelf mangroven (Brunei, Indonesië, Maleisië)
Sundarbans mangroven (Bangladesh, India)

Neotropische ecozone

Alvarado mangroven (Mexico)
Amapa mangroven (Brazilië)
Bahamase mangroven (Bahama's, Turks- en Caicoseilanden)
Bahia mangroven (Brazilië)
Belizeaanse Kust mangroven (Belize)
Belizeaanse Rif mangroven (Belize)
Bocas del Toro-San Bastimentos Eiland-San Blas mangroven (Costa Rica, Panama)
Venezuelaanse kustmangroven (Venezuela)
Esmeraldes-Grote Oceaan Colombia mangroven (Colombia, Ecuador)
Greater Antilles mangroven (Cuba, Dominicaanse Republiek, Haïti, Jamaica, Puerto Rico)
Guyanese mangroven (Frans-Guyana, Guyana, Suriname, Venezuela)
Golf van Fonseca mangroven (El Salvador, Honduras, Nicaragua)
Golf van Guayaquil-Tumbes mangroven (Ecuador, Peru)
Golf van Panama mangroven (Panama)
Ilha Grande mangroven (Brazilië)
Lesser Antilles mangroven (Lesser Antilles)
Magdalena-Santa Marta mangroven (Colombia)
Manabí mangroven (Ecuador)
Maranhao mangroven (Brazilië)
Marismas Nacionales-San Blas mangroven (Mexico)
Mayan Corridor mangroven (Mexico)
Grote Oceaan Mexicaanse zuidkust mangroven (Mexico)
Grote Oceaan vochtige kust mangroven (Costa Rica, Panama)
Mosquitia-Nicaraguan Caribbean Coast mangroven (Costa Rica, Honduras, Nicaragua)
Noordelijke Grote Oceaan drogekust mangroven (El Salvador, Guatemala)
Honduras noordelijke mangroven (Guatemala, Honduras)
Pará mangroven (Brazilië)
Petenes mangroven (Mexico)
Piura mangroven (Peru)
Ría Lagartos mangroven (Mexico)
Rio Negro-Rio San Sun mangroven (Costa Rica, Nicaragua)
Rio Piranhas mangroven (Brazilië)
Rio São Francisco mangroven (Brazilië)
Grote Oceaan zuidelijke drogekust mangroven (Costa Rica, Nicaragua)
Tehuantepec-El Manchon mangroven (Mexico)
Trinidad mangroven (Trinidad en Tobago)
Usumacinta mangroven (Mexico)

Noten

  1. Hogarth, Peter J. (1999). The Biology of Mangroves. Oxford University Press, New York. ISBN 0-19-850222-2.
  2. Tomlinson, Philip B. (1986). The Botany of Mangroves. Cambridge University Press, Cambridge. ISBN 0-521-25567-8.

Wikipediabron