Amish

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Contrast in vervoer in Pennsylvania
Traditionele klederdracht
Landbouwgebied met Amish-boerderijen

De Amish is een mennonitische, rigoristische protestantse geloofsgemeenschap in Noord-Amerika. Het zijn volgelingen van de Zwitser Jakob Amman (1644 - 1730) die in 1693 brak met de minder radicale mennonitische hoofdstroom. Door geloofsvervolgingen in Zwitserland gedwongen trokken veel Amish naar het platteland van de Elzas en de Palts. Kleine groepen kwamen in Nederland, Polen en Rusland terecht. Vanuit Europa emigreerden veel Amish-gemeenschappen vanaf 1737 naar Noord-Amerika omdat hun levenswijze in Europa vaak nauwelijks getolereerd werd. Anderen sloten zich in de loop der tijd weer aan bij de mennonieten of andere doperse bewegingen. Het aantal Amish wordt geschat op 230.000 tot 250.000. Door de traditioneel grote gezinnen groeit deze bevolkingsgroep anno 2012 nog steeds snel.[1][2]

Emigratie[bewerken]

In de 18e eeuw nodigde William Penn de Amish en andere religieuze minderheden zoals Quakers en Hernhutters uit om naar zijn kolonie Pennsylvania in Noord-Amerika te komen om zich daar te vestigen. Zo'n 500 Amish gingen op deze uitnodiging in. In de 19e eeuw, als reactie op politieke (Franse Revolutie) en economische (Industriële revolutie) veranderingen, volgden nog eens 3.000 personen. Als gevolg hiervan stonden in 2005 zo'n 224.000 Amish geregistreerd in 22 Amerikaanse staten, waarvan het merendeel in Pennsylvania, Ohio en Indiana.

Leer[bewerken]

Bij de Amish zijn religie, waarden en traditie onlosmakelijk verbonden met het dagelijkse leven. Hun geloof wordt meer geleefd dan besproken. Het dagelijks leven is nauw verweven met het geloof; het kerkelijke, sociale en familieleven vallen vrijwel samen. Hierdoor ligt de nadruk niet echt op de theologie maar op de praktijk van het geloof.

Aan deze praktijk ligt wel een duidelijke doctrine ten grondslag. De kern is de verlossingsleer die gefundeerd is op het anabaptisme. God is de enige die beslist over het lot, of een mens uiteindelijk in de hel of de hemel komt. Een vroom en deugdzaam leven helpt wel, maar is niet beslissend. De Amish geloven op basis van de Bijbel dat de mens ten diepste slecht is en de afstand tussen God en mens is dan ook groot. Deze afstand blijkt uit hun strakke kerkliturgie. De traditie van het werpen van het lot geeft uiting aan de immanentie van God als uitdrukking van Zijn wil. De Amish zien een groot onderscheid tussen zichzelf en de slechte wereld, waarin de moderniteit tot verdorvenheid heeft geleid. Ze zijn overtuigd van het onnut van kennis, autonomie en financiële zekerheid. Soberheid, een eenvoudig leersysteem, ontheffing van de leerplichtwet en pacifisme zijn echter ideaal. De plaats van het individu in het grote geheel is klein. In deze gemeenschapsreligie bepalen ouders wat kinderen doen, de groep bepaalt hoe men moet leven, en als individu moet je je daarin voegen. Een uitzondering hierop is de rumspringa.

Erediensten worden eenmaal per twee weken gehouden bij een van de leden thuis, ze duren in het algemeen drie tot vier uur. Er worden twee preken gehouden, een lange en een korte. De voorgangers zijn niet theologisch geschoold. Tijdens de diensten wordt monotoon en zeer langzaam gezongen uit een gezangenboek uit 1654.[3]

Leefwijze[bewerken]

Traditioneel vervoer
Kinderen op weg naar school
Ploegen met paarden

Eenvoud[bewerken]

De Amish hechten zeer aan hun doperse geloof waarin ook een radicaal pacifisme is besloten, alsmede eenvoudig leven waarbij men bijna volledig zelfvoorzienend is wat betreft voeding en alledaagse benodigdheden. Verder is belangrijk een hecht gezinsleven en loyaliteit aan de geloofsgemeenschap. Men plaatst zich bewust buiten de moderne wereld. De Amish leven in agrarische gemeenschappen, nog grotendeels zoals men in de eerste helft van de 19e eeuw leefde, zonder veel moderne voorzieningen en met gebruikmaking van traditionele landbouwmethoden en ambachtswerk. Men draagt nog de eenvoudige plattelandskledij uit die tijd.

Onderwijs[bewerken]

Zeggenschap over opvoeding en onderwijs is een basisbegrip in de Amish-gemeenschap. Onderwijs in eigen kring door eigen leerkrachten volgens een eigen lesprogramma maakt het mogelijk de typische Amish-normen en -waarden door te geven aan een volgende generatie. Voorop staat het leren van de gemeenschappelijke waarden en van praktische vaardigheden.

Het verwerven van 'wereldse kennis' op het niveau van middelbaar en hoger onderwijs wordt als het toegeven aan persoonlijke ijdelheid gezien. Amish-kinderen gaan tot ongeveer hun 14e jaar naar school. Die bestaat meestal uit één enkel klaslokaal en wordt gerund door de lokale gemeenschap. De kinderen krijgen les in rekenen, lezen, schrijven en Bijbelkennis. Er is veel aandacht voor praktische vaardigheden die voor een groot deel ook thuis, op de boerderij en in de werkplaatsen worden verworven. Geschiedenis, aardrijkskunde en andere kennis over 'de wereld' zoals op andere scholen gewoon is worden niet onderwezen. Daardoor hebben de meeste Amish geen volledig beeld van de geschiedenis en de wereld buiten de gemeenschap. Dit wordt nog in de hand gewerkt doordat veel van de Amish geen kranten lezen en geen televisie, radio, telefoon of internet gebruiken.

In de jaren vijftig en zestig van de twintigste eeuw zijn er door de overheid processen aangespannen tegen Amish die niet aan sommige leerplichtwetten wilden voldoen. Veel vaders hebben toen in de gevangenis gezeten omdat ze weigerden hun kinderen naar de toen verplicht geworden 'high school' te sturen. Na een lange en soms bittere strijd stelde het Hooggerechtshof hen in 1972 in het gelijk. Volgens het hof zou verplichte deelname aan vervolgonderwijs de vrijheid van godsdienst van de Amish in ernstige mate in gevaar brengen.

Techniek[bewerken]

Vaak wordt er door de buitenwereld van uitgegaan dat alle Amish tegen technische vooruitgang zijn. Dit ligt echter genuanceerder. Halverwege de 19e eeuw werd het steeds duidelijker dat de industriële revolutie, die rond 1800 was begonnen, de wereld grondig had veranderd en dat er voor de toekomst nog veel meer verandering stond aan te komen. De Amish-gemeenschap hield toen meerdere conferenties over de vraag hoe men om moest gaan met al die moderne ontwikkelingen. Het grootste deel van de Amish, het deel dat tegenwoordig bekendstaat onder de naam Old Order Amish, besloot de nieuwe ontwikkelingen in zijn geheel af te wijzen. De rest van de gemeenschap vormde verschillende splintergroeperingen die, in verschillende gradaties, liberaler omgaan met producten van de technische vooruitgang.

De Old Order Amish gebruiken alleen technieken die gangbaar waren rond 1850 en rijden daarom tegenwoordig nog steeds met paard-en-wagen, gebruiken geen elektriciteit en dragen nog steeds de toen gebruikelijke kleding. De meer liberale stromingen hebben wel elektriciteit, en gebruiken ook auto's (Beachy- en New Order Amish). Soms is dit alleen om moderne werktuigen op de boerderij of werkplaats te kunnen gebruiken, maar bij anderen gaat het om een bijna volledige toepassing van alle moderne technologieën in werk- en woonhuis. Vaak worden deze 'moderne Amish' door de meer conservatieven niet meer als Amish beschouwd.

Pennsylvania-Duits[bewerken]

Bijna alle Amish spreken Pennsylvania-Duits ('Pennsilfaani-Deitsch') met elkaar; een variant van het Hoogduitse dialect dat nog steeds gesproken wordt in het gebied waar de voorouders van de meeste Amish vandaan kwamen: Zuid-Duitsland en Zwitserland. Erediensten worden gehouden in het Hoogduits of Pennsilvaans. Met niet-Amish spreekt men Engels.

Toerisme[bewerken]

Toeristenattractie

In Pennsylvania komen ieder jaar miljoenen mensen op bezoek die met eigen ogen willen zien hoe de Amish leven. Er zijn 'voorlichtingscentra' met 'multimedia shows' in een 'Amish Experience Theater.' Ook zijn er rondleidingen, themaparken, nagebouwde Amish-dorpen, antiekmarkten en souvenirwinkels. Het is zelfs mogelijk je verkleed als Amish te laten fotograferen. De commerciële uitbating van het Amish-leven lijkt hierdoor een feit. Steeds meer Amish beginnen een graantje mee te pikken van de overvloedige belangstelling. Ze hebben dan vaak een stalletje langs de weg waar men ambachtelijk gemaakte spullen en zelfgemaakte honing, jam, brood en limonade kan kopen. Het toerisme bevestigt aldus de leefwijze van de Amish; als deze hun traditionele kleding, vervoermiddelen en landbouwmethoden zouden opgeven, hadden de toeristen er met hun dollars immers niets meer te zoeken.

Rumspringa[bewerken]

Kinderdoop kennen de Amish niet: evenals andere doopsgezinden vinden ze dat iemand pas weloverwogen en bewust tot de gemeenschap kan toetreden als hij of zij de jaren des onderscheids heeft bereikt rond het 20e levensjaar. Vanaf een jaar of 16 mogen Amish een paar maanden tot een paar jaar leven als de gemiddelde Amerikaan. Zo kunnen ze beter kiezen tussen het leven in de Amish-gemeenschap en het leven in de 'wereldse' Amerikaanse maatschappij. Dit wordt rumspringa (Nederlands: in het rond springen, ronddollen) genoemd. Ze mogen altijd terugkeren naar de Amish-gemeenschap, onder de voorwaarde dat ze dan ook hun hele leven Amish blijven. Op deze wijze kunnen de jongeren ervaren wat er in de rest van de maatschappij zoal te koop is en kan de keuze voor een leven als Amish bewust worden gemaakt. Zo'n 85 tot 90 procent kiest ervoor om zich na de rumspringa weer bij de Amish aan te sluiten en bijna allen houden zich daarna de rest van hun leven ook aan die keuze. Bij dit definitieve aansluiten worden de jongvolwassenen ook gedoopt en nemen hun vaste plaats in de gemeenschap in. Kiezen ze niet voor het Amish-leven dan worden ze vaak verstoten door hun familie en de Amish-groep waarin ze zijn opgegroeid.

Straf bij overtredingen[bewerken]

Als een lid van een traditionele Amish-gemeenschap iets doet dat ernstig in strijd is met de gemeenschapsafspraken en zich na herhaalde vermaningen niet betert, kan deze persoon op voorstel van de kerkleiding voor een bepaalde periode door de hele gemeenschap worden genegeerd. Dit wordt shunning of Meidung (mijding) genoemd. Niemand mag dan meer spreken met of luisteren naar de overtreder, totdat deze in een bijeenkomst van de gemeenschap zijn zonden heeft beleden. Bij zeer ernstige overtredingen kan dit mijden levenslang duren, zodat de overtreder dan feitelijk uit de gemeenschap verstoten is.

Genetica[bewerken]

Syndroom van Ellis-van Creveld vererft autosomaal recessief.
(chance=kans, carrier=drager)

Doordat zich vrijwel geen mensen van buiten de gemeenschap bij de Amish voegen zijn alle Amish-nakomelingen van de kleine groep oorspronkelijke kolonisten en is iedere Amish verwant aan de familie van zijn of haar partner. Dit leidt tot genetische drift. Bij de Amish komt het syndroom van Ellis-van Creveld vaker voor, waarbij onder andere dwerggroei en polydactylie als symptomen aanwezig zijn. Ook komen er veel tweelingen voor onder de Amish. Doordat het gemiddelde Amish-gezin 5 tot 10 kinderen heeft, groeit de gemeenschap snel: iedere 20 jaar verdubbelt hun aantal. Omdat goed bekend is wie allemaal familie is van wie en de groep bereid was mee te werken aan wetenschappelijk onderzoek zijn veel genetische onderzoeken verricht onder de Amish; een bekend onderzoek waaruit voor het eerst bleek dat manisch-depressiviteit een genetische basis kan hebben, werd in een Amish-populatie uitgevoerd.[4]

Amish in de media[bewerken]

Er zijn verscheidene Hollywoodfilms over de Amish gemaakt, waarin de levenswijze van de Amish vaak overdreven wordt aangezet. Volgens kenners van de cultuur der Amish geeft de film Witness uit 1985 met Kelly McGillis en Harrison Ford nog steeds het meest waarheidsgetrouwe beeld van de gemeenschap.

De documentaire Devil's Playground (2002) belicht de rumspringa. Een aantal tieners wordt gedurende langere tijd gevolgd, en een aantal ouderlingen komt aan het woord - een zeldzame gebeurtenis, aangezien de Amish niet graag gefotografeerd of gefilmd willen worden. Ook is er een negendelige serie op televisie geweest waarbij enkele jongvolwassenen tijdens de rumspringa gevolgd werden: Amish in the City (2004).

Zanger "Weird Al" Yankovic bracht in 1996 de single "Amish Paradise" uit, een satire op de levensstijl van de Amish, gebaseerd op het nummer "Gangsta's Paradise" van Coolio.

Schietincident[bewerken]

Op 2 oktober 2006 werden vijf personen gedood na een schietincident op een Amish-school in Nickel Mines (Pennsylvania). Een zwaarbewapende man (zelf niet Amish), volgens de politie de 32-jarige Charles Carl Roberts IV, nam een aantal leerlingen en moeders van leerlingen mee naar buiten. Elf meisjes werden vastgebonden aan hun enkels, en vervolgens beschoten. Ook enkele andere personen werden geraakt. In totaal vielen er vijf doden. De dader heeft zich na zijn daad van het leven beroofd. Ouders van de neergeschoten kinderen waren op de begrafenis van de moordenaar aanwezig wat algemene verbazing en bewondering wekte. Op basis van deze gebeurtenis is in 2010 de film Amish Grace gemaakt.[5]

Zie ook[bewerken]

  • Hutterieten; een vergelijkbare geloofsgemeenschap in vooral Canada.
Bronnen, noten en/of referenties

Bron:

  • ESTER P, De stillen op het land, Kampen 2001, 3e geheel herziene druk, ISBN 90-391-0846-3.

Referenties:

  1. [1]
  2. Reformatorisch Dagblad, Ledental amish in 16 jaar verdubbeld, 28-08-2008
  3. Reformatorisch Dagblad, Een afgezonderd volk, 04-11-2006
  4. Law A, Richard CW 3rd, Cottingham RW Jr, Lathrop GM, Cox DR, Myers RM. Genetic linkage analysis of bipolar affective disorder in an Old Order Amish pedigree. Hum Genet. 1992 Mar;88(5):562-8.
  5. Amish Grace (2010) op IMDB