Kerkgebouw

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

(Doorverwezen vanaf Kerk (gebouw))
Ga naar: navigatie, zoeken
De Rooms-katholieke kruiskerk van Uden, in neo-romano-gotische stijl
De Sint-Janskerk (links) en de Sint-Servaasbasiliek (rechts) in Maastricht

Een kerk is een plaats van samenkomst voor christenen. In dit gebouw worden diensten en andere religieuze samenkomsten belegd ter ere van God. In sommige kerken staat een altaar dat gebruikt wordt bij de uitvoering van sacramenten. Een kerk wordt ook wel bedehuis, gebedshuis, Godshuis of tempel genoemd.

Inhoud

[bewerken] Beknopte geschiedenis

1rightarrow.png Zie Vroegchristelijke bouwkunst voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De kerkbouw kent een lange geschiedenis. De eerste christenen kenden geen kerken maar kwamen bijeen op iedere geschikte plaats. De Grot van Sint Petrus nabij Antiochië is daarvan een voorbeeld. Pas na enkele eeuwen werden gebouwen speciaal voor de eredienst gebouwd. De oudste bekende kerk is de Huiskerk van Dura Europos in het oosten van Syrië uit de eerste helft van de derde eeuw.

Een belangrijke stimulans voor de kerkenbouw was het Constantijn de Grotes Edict van Milaan van 313, waardoor de christelijke kerk in het Romeinse rijk gelegaliseerd werd. De eerste kerken kenmerken zich door een grote variëteit in vormen, maar vanaf de tweede helft van de 4e eeuw wordt de basiliek het meest voorkomende bouwtype. De kerkenbouw in het Oost-Romeinse Rijk wordt gekenmerkt door een neiging tot centraalbouw.

Vanaf het einde van de Eerste Wereldoorlog loopt de ontwikkeling van de kerkenbouw grotendeels samen met die van de profane architectuur.

[bewerken] Bouwstijlen Kerken

[bewerken] Vroegchristelijke bouwkunst

1rightarrow.png Zie Vroegchristelijke bouwkunst voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De eerste kerken waren huiskerken of huiskapellen, waar christenen heimelijk samenkwamen. Nadat in 313 het Edict van Milaan was uitgevaardigd, zijn verschillende kerken gebouwd door keizer Constantijn de Grote. Enkele voorbeelden zijn de Oude Sint-Pietersbasiliek in Rome en de Dom van Trier in Trier.

[bewerken] Byzantijnse architectuur

1rightarrow.png Zie Byzantijnse architectuur voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Het Byzantijnse Rijk nam veel van de bouwstijl van de Romeinen over en vooral onder keizer Justinianus I de Grote werden diverse belangrijke kerken gebouwd. Bekende voorbeelden zijn de Hagia Sophia in Constantinopel (het huidige Istanboel) en de Basiliek van San Vitale in Ravenna in Italië.

[bewerken] Romaanse Stijl

In het Karolingische Rijk worden de Romeinse bouwmethodes verder ontwikkeld en verspreid naar gebieden waar deze kennis verloren was gegaan. Uit de Karolingische architectuur komt in de 9e eeuw de romaanse stijl voort, waarin een toenemende drang tot verticaliteit zich uit in de bouw van torens. Deze romaanse architectuur kenmerkt zich verder door het gebruik van ronde vormen, dikke muren en kleine vensters en vindt toepassing in de westerse christelijke wereld.

[bewerken] Gotiek

Door de opkomst van de gotiek, dat door een ingenieuze skeletconstructie de bouw van zeer hoge en goed verlichte kerken mogelijk maakt, wordt de romaanse stijl vanaf de 13e eeuw in grote delen van Europa verdrongen, al vindt er in sommige streken een tijdelijke symbiose tussen de twee stijlen plaats in de vorm van de romanogotiek.

Tot ver in de 16e eeuw is de gotiek de kerkelijke bouwstijl bij uitstek. De stijl wordt, behalve door een grote verticaliteit, gekenmerkt door spitsbogen en een grote mate van ornamentiek. De neogotiek en de andere daaruit voortkomende neo-stijlen zijn tot ver in de 20e eeuw toonaangevend.

[bewerken] Renaissance

De gotiek wordt vanaf de 16e eeuw vervangen door de renaissance, een stijl die in eerste instantie vooral van belang is in Italië maar snel verspreid wordt over Europa. De architectuur van de renaissance grijpt sterk terug op de architectuur uit de Oudheid en kent een voorkeur voor centraalbouw, eventueel in combinatie met de traditionele basilikale opzet.

[bewerken] Barok

Na de reformatie zijn het vooral de protestanten die de renaissance-architectuur verder gebruiken. Het katholieke antwoord hierop is de barok.

[bewerken] Classicisme

In de loop der 18de eeuw vindt het classicisme algemene toepassing, zowel bij protestanten als katholieken. Rond de eeuwwisseling en later gaat dit classicisme over in het het neoclassicisme, neoromaans, neogotiek. De 19e eeuw wordt daarna gekenmerkt door het eclecticisme (waterstaatsstijl), een herwaardering voor de bouwstijlen uit de Middeleeuwen en het zoeken naar modernismen.

[bewerken] Een kerkmodel als attribuut

Een kerkmodel, vorstelijk ornaat (of van een abdis) zijn attributen van de H. Begga; een kerk met twee torens, bisschoppelijk gewaad ; idem van Bernulfus; een kerkmodel, keizerlijk ornaat: idem van Henricus; kerkmodel, bisschoppelijk gewaad, staf met kruis, twee kruiken, vat en bron zijn attributen van Willibrordus.

[bewerken] Soorten kerken

Voor veel termen betreffende de kerkbouw zie: Lijst van termen in de bouwkunde

[bewerken] Zie ook


Persoonlijke instellingen