Wolfgang Lüth

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Wolfgang Lüth
Wolfgang Lüth.jpg
Geboren 15 oktober 1913
Riga, Letland
Overleden 13 mei 1945
Flensburg-Mürwik, Duitsland
Land/partij Flag of German Reich (1935–1945).svg Nazi-Duitsland
Onderdeel War Ensign of Germany 1938-1945.svg Kriegsmarine
Dienstjaren 1933 - 1945
Rang Nazi Kriegsmarine Kapitan zur See.png Kapitän zur See
Eenheid 1. Unterseebootsflottille
6. Unterseebootsflottille
12. Unterseebootsflottille
22. Unterseebootsflottille
Leiding over U 13
U 9
U 138
U 43
U 181
22. Unterseebootsflottille
Marineschule Mürwik
Slagen/oorlogen Spaanse Burgeroorlog
Tweede Wereldoorlog
Slag om de Atlantische Oceaan
Onderscheidingen Ridderkruis met Eikenloof, Zwaarden en Briljanten

Wolfgang Lüth (Riga, Letland, 15 oktober 1913 - Flensburg-Mürwik, Duitsland - 13 mei 1945) was een Duitse onderzeebootkapitein bij de Kriegsmarine tijdens de Tweede Wereldoorlog. Met één van zijn onderzeeboten, de U-181, bracht hij ruim 46 geallieerde schepen tot zinken. Hiermee was hij na Otto Kretschmer de meest succesvolste onderzeebootkapitein uit de Tweede Wereldoorlog. Samen met Albrecht Brandi was hij ook de enige U-boot kapitein die werd onderscheiden met het Diamanten Ridderkruis, de hoogste Duitse onderscheiding.

Wat vooraf ging[bewerken]

Wolgang Lüth werd op 15 oktober 1913 in Riga, Letland, aan de Oostzee, geboren, dat toen nog behoorde bij het Russische Keizerrijk. Wolgang Lüth studeerde eerst rechten en filosofie en ging pas op z'n 20e voor het eerst naar zee. Na een tijdje als matroos op het driemastzeilschip Gorch Fock te hebben gevaren, meldde hij zich in 1933 als vrijwilliger bij de Kriegsmarine. Hij volgde zijn opleiding eerst als cadet op 23 september 1933, tot officier op de lichte kruiser Karlsruhe in 1934 en diende vervolgens voor een jaar op de lichte kruiser Königsberg en kreeg, na zijn afstuderen, in februari 1937 het commando over de U-13. In juli werd hij benoemd tot 2e Wachtofficier van de U-27, waarmee hij in de Spaanse wateren patrouilleerde tijdens de Spaanse Burgeroorlog. In oktober werd hij benoemd tot 1e Wachtofficier van de U-38, en met deze boot werd hij mede op patrouille gestuurd toen de oorlog uitbrak op 1 september 1939.

De Tweede Wereldoorlog[bewerken]

Toen de Tweede Wereldoorlog al bijna een maand bezig was, kreeg Lüth een andere U-boot tot zijn beschikking, de U-9, een Type II U-boot. Hiermee ging hij op zes patrouilletochten met een gestaag succes, waaronder het tot zinken brengen van de Franse onderzeeër Doris op 9 mei 1940. Op 27 juni 1940 nam hij het commando over van de U-183. Met dit schip moest hij Britse transportschepen voor de kust van India en Oost-Afrika torpederen. Daar liet hij 4 schepen tot zinken brengen op zijn eerste patrouille met 34.633 BRT aan scheepsruimte. In oktober na zijn tweede patrouille werd hij onderscheiden met het Ridderkruis voor zijn behaalde successen.

Op 21 oktober 1940 nam Lüth het commando over van de U-43, een grote Type IX U-boot. Met deze boot maakte hij in vijf patrouilles, 12 schepen tot zinken voor een totale 68.077 BRT aan scheepsruimte. Op 1 januari 1941 werd hij bevorderd tot Kapitänleutnant. Op 9 mei 1942 nam hij het commando over van een Type IXD-2 U-boot, de U-181. Hij verliet Kiel voor zijn eerste patrouillereis in september 1942 met deze nieuwe U-boot. Zijn doel was op patrouille in de Indische Oceaan en de Zuid-Afrikaanse wateren. In oktober bereikte hij de kustlijn buiten Kaapstad en gedurende een maand liet hij 12 schepen zinken voor een totaal van 58.381 BRT aan scheepsruimte, alvorens terug te keren naar Bordeaux, Frankrijk, in januari 1943. Op 16 november 1942 ontving hij al het Eikenloof (Eichenlaub) bij zijn Ridderkruis.

In maart 1943 voerde Lüth voor de tweede maal uit naar Zuid-Afrika. Deze patrouilletocht duurde 205 dagen, welke hij in die tussentijd, 10 schepen voor 40.331 BRT tot zinken bracht. Lüth werd hiervoor bekroond met de "Gekruiste Zwaarden" bij zijn Ridderkruis tijdens deze patrouille. Hij was ook gepromoveerd tot Korvettenkapitän (korvetkapitein) op 1 april 1943. Op 8 september 1943, kreeg Lüth de "Diamanten" toegekend bij zijn Ridderkruis.

Na vijf jaar van de operationele U-bootdienst nam Lüth het bevel van de 22e Unterseebooteflottille in januari 1944. Dit was een opleidingseenheid voor de U-bootcommandanten. In juli 1944 nam hij het commando over van de 1e Abteilung van de Marineschule Mürwik (Marine-Academie van Mürwik) in Flensburg-Mürwik. Hij werd bevorderd tot Fregattenkapitän op 1 augustus 1944 en werd commandant van de gehele Marinschule in september en gepromoveerd tot Kapitän-zur-See (kapitein-ter-zee).

Zijn profiel[bewerken]

Lüth was hiermee anders dan de andere U-boot kapiteins: hij vocht altijd voor de kust en altijd in de Indische Oceaan, terwijl andere kapiteins meestal de Noordzee of de Atlantische Oceaan als jachtgebied hadden. Volgens veel historici bevond Lüth zich hierdoor in een veel gemakkelijkere situatie: in de Indische Oceaan werden schepen slechts zelden bewaakt door oorlogsschepen waardoor Lüth gemakkelijk en praktisch onbedreigd, scheepsslachtoffers kon maken.

Wolfgang Lüth was ook wat persoonlijkheid betreft totaal anders dan de meeste andere onderzeebootkapiteins: hij was een fanatieke Nazi, een overtuigd anti-semiet en harde nationalist, dit terwijl bijna alle andere kapiteins zich niet uitspraken over politiek.

Ook behandelde Lüth zijn bemanning anders: hij lette erg op hygiëne en uiterlijke verzorging, was streng en zette ze psychologisch onder druk. Ook bracht Lüth ze spiritualiteit bij: hij deed aan meditatie en leerde ze filosofie. Lüth vond hygiënische verzorging extreem belangrijk en hij eiste dat ieder bemanningslid zich vlak voor het begin van reis kaal zou scheren. Lüth was een groot voorstander van de verbetering van hygiënische omstandigheden en hij bracht dit onderwerp veel te sprake bij admiraal Karl Dönitz. Lüth beschouwde zichzelf als "vader" van zijn bemanning, de jonge matrozen waren zijn "kinderen" en volgens hem was een U-bootreis de ultieme trip naar volwassenwording.

Lüth's onorthodoxe methodes maakte van hem de meest kleurrijke, meest excentrieke en meest omstreden van alle Duitse U-boot kapiteins. Toch behaalde Lüth met dezelfde onorthodoxe methodes extreem veel succes en toen hij in augustus 1943 zijn 40e schip tot zinken had gebracht, werd hij onderscheiden met diamanten bij het Ridderkruis, één van de hoogste Duitse onderscheidingen.

Hierna zou Lüth nog een tocht maken, waarbij hij 6 schepen tot zinken zou brengen, voordat hij zich vestigde in de buurt van Hamburg als lesinstructeur en trainer van onderzeebootkapiteins. Lüth zou vanaf dat moment niet meer direct aan de oorlog deelnemen. Met zijn leeftijd van slechts 30 jaar was Lüth de jongste van alle U-boot instructeurs.

In 1944 schreef Lüth het boek "U-boot krijgers voor vandaag en morgen" een boek waarin stond hoe een U-boot kapitein het beste zijn bemanningsleden moest behandelen. Het boek werd door andere kapiteins als belachelijk en naïef omschreven. Lüth's excentrieke gedrag maakte hem tot de meest eenzame van alle kapiteins, een buitenstaander met weinig vrienden.

Zijn dood[bewerken]

De dood van Wolfgang Lüth is omgeven met raadsels: op 13 mei 1945 (de oorlog was toen al officieel afgelopen in Europa) liep Lüth 's nachts over straat. Hij liep dicht bij de omheining van een onderzeebootbasis. Een Duitse soldaat zag hem en vroeg hem om het wachtwoord te zeggen: Lüth gaf een verkeerd wachtwoord en werd doodgeschoten. Lüth had het wachtwoord geweten, het is dus een raadsel waarom hij het verkeerde wachtwoord gaf. Waarschijnlijk wilde hij zelfmoord plegen door expres het verkeerde wachtwoord te zeggen. Lüth was een fanatiek nazi en hij had dikwijls gezegd dat hij niet meer wilde leven als Duitsland de oorlog zou verliezen. Lüth werd twee dagen later, op 15 mei 1945, begraven en kreeg de laatste staatsbegrafenis van het Derde Rijk en ligt begraven op de begraafplaats Flensburg-Adelby. Lüth ontving nog zijn laatste eerbewijs van het Derde Rijk. Hitlers opvolger van de staat, Rijkspresident en Groot-admiraal Karl Dönitz, sprak de laatste woorden als grafrede. Lüth was de enige Duitse onderzeebootkapitein die een staatsbegrafenis kreeg.

U-Bootcommando's[bewerken]

  • U-13: 16 dec. 1939 - 28 dec. 1939 - Geen oorlogspatrouille
  • U-9: 30 dec. 1939 - 10 juni 1940 - 6 patrouilles (samen 74 dagen)
  • U-138: 27 juni 1940 - 20 okt. 1940 - 2 patrouilles (samen 29 dagen)
  • U-43 21: okt. 1940 - 11 apr. 1942 - 5 patrouiles (samen 204 dagen)
  • U-181: 9 mei 1942 - 31 okt. 1943 - 2 patrouilles (samen 335 dagen)
  • 22e Unterseebootflottille: jan. 1944 - mei 1944
  • Marineschule Mürwick: juni 1944 - mei 1945

Successen[bewerken]

  • 46 schepen tot zinken gebracht met een totaal van 225.204 BRT
  • 1 oorlogsschip tot zinken gebracht van 552 ton
  • 2 schepen beschadigd met een totaal van 17.343 BRT

Militaire loopbaan[bewerken]

Decoraties[bewerken]

Externe links[bewerken]

  1. U.Boot.Net: Wolfgang Lüth
  2. Wolfgang Lüth
  3. Site Galerij Wolfgang Lüth
  4. Eichenlaubträger Wolfgang Lüth
  5. Deutsche Unterseeboote 1933-1945
Bronnen, noten en/of referenties
  • Scherzer, Veit. Die Ritterkreuzträger 1939–1945 Die Inhaber des Ritterkreuzes des Eisernen Kreuzes 1939 von Heer, Luftwaffe, Kriegsmarine, Waffen-SS, Volkssturm sowie mit Deutschland verbündeter Streitkräfte nach den Unterlagen des Bundesarchives. Jena, Duitsland: Scherzers Miltaer-Verlag. 2007, ISBN 978-3-938845-17-2.
  • Busch, Hans-Joachim; Röll. Der U-Boot-Krieg 1939–1945 — Die Ritterkreuzträger der U-Boot-Waffe von September 1939 bis Mai 1945. Hamburg, Berlijn, Bonn, Duitsland: Verlag E.S. Mittler & Sohn. 2003, ISBN 978-3-8132-0515-2.
  • Berger, Florian. Mit Eichenlaub und Schwertern. Die höchstdekorierten Soldaten des Zweiten Weltkrieges. Wenen, Oostenrijk: Selbstverlag Florian Berger. 1999, ISBN 978-3-9501307-0-6.

  1. a b Busch and Röll 2003, p.86
  2. a b c d Busch and Röll 2003, p.87
  3. a b c d e Busch and Röll 2003, p.88
  4. a b c d Scherzer 2007, p. 518
  5. a b c d e f Berger 1999, p.190
  6. a b c Busch & Röhn 2003, p.87.