Zwitserland tijdens de Tweede Wereldoorlog

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Geschiedenis van Zwitserland

Vroege geschiedenis
Prehistorie (tot 200 v.Chr.)
Romeinse tijd (200 v.Chr.–n.Chr.400)

Helvetii · Cisalpina · Germania Superior · Poeninae · Raetia

Allemannië · Bourgondië (400–900)
Zwaben · Arelat (900–1300)


Oude Eedgenootschap
Early Swiss cross.svg Ontstaan en groei (1291–1516)

Bondsbrief van 1291

Reformatie (1516–1648)
Vroegmoderne Tijd (1648–1798)


Overgangstijdperk
Flag of the Helvetic Republic (French).svg Helvetische Republiek (1798–1803)
Mediation (1803–1813)
Restoratie en Regeneratie, Sonderbundsoorlog (1814–1848)


Moderne Tijd
Flag of Switzerland.svg Zwitserse Bondsstaat (na 1848)

Zwitserland tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914–1918)
Zwitserland tijdens de Tweede Wereldoorlog (1939–1945)

Portaal  Portaalicoon  Geschiedenis
Portaal  Portaalicoon  Zwitserland

Net als tijdens de Eerste Wereldoorlog was Zwitserland tijdens de Tweede Wereldoorlog neutraal.

Voorgeschiedenis[bewerken]

Bondsraad 1939:

Tijdens het Congres van Wenen in 1815 erkenden en garandeerden de vijf grote Europese mogendheden de neutraliteit. Sinds die tijd was Zwitserland niet meer betrokken geweest bij een Europese oorlog. Sindsdien zijn neutraliteit en Zwitserland nauw met elkaar verbonden. Neutraliteit is ook uitgangspunt van haar buitenlandpolitiek[1]. Ook tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) bleef Zwitserland buiten het oorlogsgeweld. Na de oorlog werd het "vredelievende" Zwitserland uitgekozen als zetel van de Volkenbond. Deze internationale organisatie dat tot doel had oorlogen in de toekomst te voorkomen werd gevestigd in Genève. Overigens dient te worden opgemerkt dat Zwitserland - anders dan bij de Verenigde Naties - zelf ook lid was van de Volkenbond. Als Volkenbondslid stelde Zwitserland zich altijd zeer voorzichtig op: Zwitserland steunde nooit sanctiemaatregelen tegen lidstaten (bang als zij was om partij te kiezen). Ook kwam Zwitserland telkens weer op kwesties terug als het ontbreken van Duitsland tijdens de vergaderingen of financiële steunverlening aan het failliete Oostenrijk[2].

Vanaf de tweede helft van de jaren '30, en vooral na de Anschluss van Oostenrijk (1938) - en dus de grens met het Duitse Rijk aanzienlijk langer werd -, toen de internationale spanningen toenamen, deelde de Zwitserse regering, de Bondsraad, de Volkenbond officieel mee dat Zwitserland geen enkel sanctiebesluit uitgaande van de Volkenbond zou steunen[2]. Kort hierna kocht de regering nieuwe wapens aan en werd de dienstplicht verlengd. Op 31 augustus 1939 verklaarde Zwitserland zich officieel neutraal. De Bondsraad ging hierna over tot algehele mobilisatie. In totaal 500.000 man werden gemobiliseerd[3]. Op een bevolking van - toentertijd - 4 miljoen zielen een behoorlijk groot aantal.

Verkiezing van Henri Guisan tot opperbevelhebber[bewerken]

Generaal Henri Guisan, detail van het monument te Avenches

Eén dag voor de afkondiging van de algehele mobilisatie koos de Bondsvergadering kolonel Henri Guisan met 204 van de 229 stemmen tot opperbevelhebber van het Zwitsers leger gekozen met de rang van generaal[4][5]. Anders dan aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog werd er iemand tot opperbevelhebber gekozen die niet op de hand van de Duitsers was[6]. Guisan, ofschoon een conservatieve federalist die voorstander was van een meer autoritaire staat, stond namelijk bekend als pro-Frans. Bovenal was hij vastbesloten om de neutraliteit van de Zwitserse staat te bewaren. Mocht Zwitserland worden aangevallen door Duitsland - iedereen (bevolking, regering, opperbevel) was het er over eens dat áls Zwitserland zou worden aangevallen, een Duitse aanval het meest waarschijnlijk was[7] - dan zouden generaal Guisan en zijn mannen de Duitse agressor flink aanpakken. Omdat Guisan het Zwitserse vrijheidsideaal belichaamde werd hij door de bevolking op handen gedragen.

Volmachten voor de Bondsraad[bewerken]

Van 1940 tot 1948 waren bepaalde levensmiddelen alleen op de bon verkrijgbaar

Bondspresidenten tijdens de Tweede Wereldoorlog

Jaar Persoon Partij
1939 Philipp Etter SKVP
1940 Marcel Pilet-Golaz FDP
1941 Ernst Wetter FDP
1942 Philipp Etter SKVP
1943 Enrico Celio SKVP
1944 Walter Stampfli FDP
1945 Eduard von Steiger BGB

Tegelijk met de afkondiging van de mobilisatie, besloot de Bondsvergadering (het Zwitserse parlement), de Bondsraad volmachten te verlenen om alle benodigde maatregelen te treffen[8]. De Bondsraad hoefde slechts tweemaal per jaar verslag uit te brengen aan de Bondsvergadering over de voortgang van de maatregelen. Door de Bondsraad volmachten te verlenen ontwikkelde Zwitserland zich in een autoritaire richting. De conservatieve Bondsraadsleden vonden dit alles behalve erg. Al in de jaren voor de oorlog bepleitten sommigen van hen (waaronder Philipp Etter (CVP) en Marcel Pilet-Golaz (FDP) de stichting van een autoritair-democratische staat met een uitvoerend presidentschap. Uiterst rechtse bewegingen zoals het bijzonder invloedrijke Schweizerischer Vaterländischer Verband ("Zwitsers Vaderlands Verbond") - waarbij zich veel vooraanstaande politici van conservatieven huize hadden aangesloten[9] - maar vooral extreemrechtse en fascistische partijen (Nationaal Front) waren teleurgesteld, zij hadden gehoopt dat de regering Zwitserland zou omvormen tot een dictatuur.

Guisan grijpt in[bewerken]

De velden aan de voet van de Rütli waar Guisan op 25 juli 1940 zijn beroemde rede hield

Toen in juni 1940 Frankrijk door de Duitsers werd verslagen, was Zwitserland ingeklemd door de asmogendheden. Op 25 juni, vier dagen nadat Frankrijk een wapenstilstand had gesloten met Duitsland, sprak bondspresident Marcel Pilet-Golaz de bevolking via de radio toe. Bondspresident Pilet-Golaz benadrukte de bevolking dat Zwitserland neutraal zou blijven, maar tegelijkertijd onder ogen moest zien dat Europa niet meer hetzelfde was en dat Zwitserland zich moest aanpassen aan de nieuwe orde[10]. Veel Zwitsers waren ontzet over deze radiorede, niet in de laatste plaats generaal Guisan. Bondspresident Pilet-Golaz werd als veel te toegefelijk gezien. Generaal Guisan besloot om in te grijpen. Op 25 juli 1940 vond er op de Rütli, de legendarische berg in het kanton Uri, een openluchtbijeenkomst plaats van alle Zwitserse commandanten. Generaal Guisan sprak een rede uit waarin hij duidelijk maakte dat Zwitserland iedere aanval van buitenaf zou afslaan. Ook waarschuwde hij voor defaitisme en verslapping, alsook voor gebrek aan vertrouwen in eigen kracht[11]. Deze rede viel zeer goed bij de bevolking en de kranten prezen de opperbevelhebber. Veel minder gelukkig met de rede waren de Bondsraad (Pilet-Golaz sprak van de "ongelukkige Rütlirede") en de Duitse en Italiaanse regeringen die fel protesteerden. Duitsland was woedend en eiste genoegdoening. Tevens maakte Duitsland bij monde van haar gezant in Bern Ernst Freiherr von Weizsäcker bij de Zwitserse regering bekend dat haar neutraliteitspolitiek volkomen achterhaald was en zij er verstandig aandeed om deel te nemen aan de oorlog aan de zijde van de asmogendheden[12]. Hier ging de Zwitserse regering natuurlijk niet op in. De regering kwam de Duitsers echter wel tegemoet. Zo werd de sinds enige tijd bestaande perscensuur verder aangescherpt, zo mochten er bijvoorbeeld geen anti-Duitse artikelen meer in de kranten verschijnen. De handel met nazi-Duitsland werd ook verder opgevoerd en de Zwitserse minister van Economische Zaken Walter Stampfli deed de nodige economische concessies. Tussen 1940 en 1945 verkocht het Duitse Rijk goud ter waarde van 1,3 miljard frank aan Zwitserse banken in ruil voor Zwitserse franken en andere buitenlandse valuta. Veel van dit geld hadden de nazi's geroofd in de door hen bezette landen of van de Joden.

Kort na de Duitse dreigementen ontving bondspresident Pilet-Golaz een delegatie van de fascistische Nationale Bewegung Schweiz, iets wat het parlement hem niet in dank afnam en mede bijdroeg tot het feit dat hij in 1944, toen de asmogendheden aan de verliezende hand waren, aftrad.

Pro-Duitse krachten[bewerken]

Hoewel de legerleiding over het algemeen genomen niet pro-Duits was, wil dit niet zeggen dat er geen pro-Duitse officieren in haar midden te vinden waren. Kolonel Eugen Bircher, voorzitter van het Schweizerischer Vaterländischer Verband, was zeer pro-Duits en betoonde zich reeds voor de oorlog een voorstander van nauwe samenwerking tussen Zwitserland en nazi-Duitsland. Het was Bircher die een Zwitsers medisch bataljon oprichtte om aan de zijde van de Duitsers gewonden te verplegen aan het oostfront. Ook kolonel Arthur Fonjallaz, lid van het fascistische Nationaal Front en voorheen van de Heimatwehr was pro-Duits. Anders dan Bircher was Fonjallaz openlijk nationaalsocialistisch. In januari 1940 werd hij bij de Zwitserse grens (Schaffhausen) met Duitsland door de grenswacht gearresteerd en beschuldigd van spionage voor nazi-Duitsland. Een rechtbank veroordeelde hem tot twee jaar gevangenisstraf. In 1943 kwam hij vrij en hij stierf een jaar later.

Vanzelfsprekend waren de meeste grootindustriëlen voorstanders van "accommodatie" en samenwerking met nazi-Duitsland.

Operatie Tannenbaum[bewerken]

Aan het begin van de Tweede Wereldoorlog hadden de Duitsers een aanvalsplan ontwikkeld: Operatie Tannenbaum. Volgens Operatie Tannenbaum moest Zwitserland in snel tempo worden bezet. Belangrijke strategische posities, zoals de Gotthardtunnel, moesten ongeschonden in Duitse handen vallen. Naast het Duitse leger, moest ook het Italiaanse leger deelnemen aan de operatie. Het bezette Zwitserland zou worden verdeeld onder nazi-Duitsland en fascistisch Italië. Het Duitssprekende noorden en een deel van het Franssprekende westen zouden door Duitsland worden geannexeerd, terwijl Italië zich tevreden moest stellen met de kantons Ticino, Wallis en Graubünden. De Duitse legerleiding zag echter om twee belangrijke reden af van een aanval: ten eerste werd er gerekend op fel verzet in de Zwitserse Alpen, waardoor de Zwitsers de tijd zouden hebben om belangrijke bruggen en tunnels op te blazen, en ten tweede was de strijd tegen Groot-Brittannië opgelaaid en deze nam veel Duitse militairen in beslag. Men kon op dat moment moeilijk gebruikmaken van de Luftwaffe[13].

Democratische gezindheid van het overgrote deel van de bevolking[bewerken]

Verreweg de meeste Zwitsers waren echter weinig ingenomen met de nazi's en waren zelfs fel antifascistisch. Zij ergerden zich aan de voorzichtigheid van de regering. Zij stonden pal achter de legerleiding en hechtten waarde aan de humanitaire rol die Zwitserland als christelijke en humanistische staat diende te vervullen: namelijk de opname van vluchtelingen, de verzorging van de gewonden en de internering van buitenlandse soldaten. Daarnaast streefden zij naar behoud van de democratie en Zwitserse waarden (Geistige Landesverteidigung).

De democratische gezindheid van de journalistiek kenmerkte zich door het plaatsen van antinazistische artikelen, althans tijdens de eerste oorlogsmaanden. Later werd de perscensuur verder door de regering aangescherpt en kwam er een verbod op anti-Duitse propaganda. Desalniettemin was Zwitserland het enige land in Europa waar Duitstalige journalisten kritische artikelen schreven over een Duitse regering[14].

Verkiezingen van 1943[bewerken]

Bondsraad 1943:

Midden in de oorlog vonden er in 1943 verkiezingen plaats voor de Bondsvergadering. In de jaren voor de oorlog nam de invloed van de Sociaaldemocratische Partij van Zwitserland (SP/PS) toe. De sociaaldemocraten hadden vooral veel aanhang in de stedelijke gebieden en in de Franstalige kantons (Romandië). De opkomst van de sociaaldemocraten stuitte op veel verzet binnen de traditionele partijen, de liberale Vrijzinnig Democratische Partij (FDP), de rooms-katholieke Zwitserse Conservatieve Volkspartij (SKVP) en de ultraconservatieve Partij van Boeren, Arbeiders en Burgers (BGB). Ondanks de omvang van de SP in het parlement, waren er nooit sociaaldemocraten in de federale regering geweest. De FDP, SKVP en de BGB hadden toetreding van de SP steeds verhinderd. Bij de verkiezingen van 1943 verwierf de SP 28,6% van de stemmen, bijna 3% meer dan bij de verkiezingen van 1939. De SP streefde de FDP voorbij en werd de grootste partij in het parlement[15]. Het was onmogelijk geworden om de SP buiten de regering te houden. In december 1943 toen het parlement nieuwe Bondsraad koos werd Ernst Nobs namens de SP in de Bondsraad gekozen. Nobs werd beheerder van het Departement van Financiën en Douane. Nobs was in het verleden een revolutionair, maar was inmiddels een gematigde socialist geworden.

Toen in de loop van 1944 duidelijk werd dat de asmogendheden de oorlog gingen verliezen, begon de Zwitserse regering in te zien dat haar beleid van "accommodatie" ten opzichte van nazi-Duitsland wat te ver was doorgeschoten. Er kwam flink wat kritiek van de geallieerden, met name van de Sovjet-Unie, waar men sprak van het Profascistische Zwitserland[16]. Om wat aan imago verbetering te doen, besloot de Bondsraad om Pilet-Golaz niet te kiezen als bondspresident voor het jaar 1944. Dit was opmerkelijk. Pilet-Golaz was voor het jaar 1943 vicepresident geweest en meestal betekende dit dat de persoon die het vicepresidentschap vervulde het jaar daarop bondspresident zou worden. Pilet-Golaz legde het feit dat hij niet werd gekozen tot bondspresident uit als een persoonlijke nederlaag en hij bood zijn ontslag aan als lid van de Bondsraad. Zijn plaats in de Bondsraad werd opgevuld door Max Petitpierre (14 december 1944), een man die na de oorlog een belangrijke rol van betekenis zou spelen als minister van Buitenlands Zaken.

Het jaar 1944 was niet alleen politiek bewogen jaar voor de Zwitsers, maar ook jaar vol spanningen. In de zomer leek het er even op dat Amerikaanse en Franse eenheden de Zwitserse grens zouden oversteken en via Zwitserland Zuid-Duitsland zouden binnenvallen. Uiteindelijk bleef een geallieerde aanval op Zwitserland uit[12]

Oorlogshandelingen op Zwitsers grondgebied[bewerken]

Een Fiesler Storch, een degelijk vliegtuig, gemaakt in Kassel
De Fi 156

Ofschoon een neutrale staat, vonden er toch oorlogshandelingen op Zwitsers grondgebied plaats. Nazi-Duitsland schond meerdere malen het Zwitserse luchtruim. Tijdens de invasie van Frankrijk in mei/juni 1940 schond de Duitse luchtmacht (Luftwaffe) het Zwitserse luchtruim niet minder dan 197 keer! In een aantal gevallen haalde Zwitserse vliegtuigen en afweergeschut vliegtuigen van de Luftwaffe naar beneden. In totaal ging het om elf toestellen. Op 5 juni 1940 protesteerde de Duitse gezant officieel bij de Zwitserse regering. Op 19 juni volgde een tweede, scherper en intimerender, protest. Hitler was vooral kwaad omdat afweergeschut van Duitse makelij Duitse vliegtuigen naar beneden haalde. Op 20 juni beval het Zwitserse opperbevel dat er vanaf dat moment geen vliegtuigen die het Zwitserse luchtruim schenden meer mochten worden neergehaald door Zwitserse vliegtuigen. Luchtafweergeschut werd vanaf die tijd nog wel gewoon gebruikt. Bij schendingen van het luchtruim door (Luftwaffe-)vliegtuigen maakte de Zwitserse luchtmacht ook gebruik van een andere tactiek: het tot landen dwingen van de (Duitse) toestellen. Hitler was furieus en stuurde saboteurs naar de Zwitserse vliegtuigen. Deze actie haalde overigens niets uit[17].

Het door de asmogendheden omringde Zwitserland, werd ook slachtoffer van Geallieerde bombardementen. Op 1 april 1944 bombardeerden Amerikaanse vliegtuigen per abuis de Zwitserse stad Schaffhausen. De Amerikanen hadden Schaffhausen (vlakbij de Duitse grens) verward voor een Duitse stad. Bij het bombardement kwamen 40 mensen om het leven en werden 50 gebouwen verwoest. Na dit incident vertroebelden de relaties tussen Zwitserland en de VS zo erg, dat er bijna sprake was van een niet-verklaarde oorlog. Op 8 februari 1945 kwamen er 18 mensen om het leven toen geallieerde toestellen per ongeluk bommen lieten vallen op de plaatsje Stein am Rhein, Vals en Rafz. Op 4 maart 1945 verwoestten geallieerde vliegtuigen het station van Bazel; hier vielen echter geen doden bij. Op dezelfde dag bombardeerde een B-24 Liberator per vergissing een stadswijk van Zürich; het resultaat: 5 doden. De bemanning van de B-24 Liberator had Zürich aangezien voor de Duitse stad Freiburg.[18]

Kaart van Europa 1941/1942: Zwitserland ingeklemd door de asmogendheden

De Zwitserse regering nam over het algemeen geen genoegen met excuses, men beschouwde ze in feite als oorlogsdaden. Overigens leken de geallieerde legerleiders, anders dan de geallieerde regeringen, weinig onder de indruk te zijn. Volgens sommige Amerikaanse commandanten had het "pro-Duitse" Zwitserland de bombardementen wel verdiend.

De conflicten die tussen Zwitserland en de VS in de laatste oorlogsjaren bestonden, verdwenen na de oorlog als sneeuw voor de zon[16]. Langer bleven de problemen aan de met de Sovjet-Unie. Anticommunistisch als zij was, verbood de Zwitserse regering in 1940 de Communistische Partij van Zwitserland (KPS) en - zoals reeds eerder gemeld - was er een Zwitsers medisch bataljon actief aan het oostfront. Dankzij de druk van de USSR op de Zwitserse regering, maar ook dankzij protesten van Zwitserse communisten werd in 1944 echter de Zwitserse Partij van de Arbeid (PdA), een verbond van communisten en linkse socialisten, opgericht. De Zwitserse regering ondernam geen pogingen om deze partij te verbieden. Na 1945 verbeterden de betrekkingen met de Sovjet-Unie aanmerkelijk.

Vluchtelingenpolitiek[bewerken]

Reeds voor de Tweede Wereldoorlog vestigden zich tegenstanders van het Duitse nationaalsocialisme en het Italiaanse fascisme in Zwitserland. Ook vestigden zich in de jaren voor de oorlog Joden in het Alpenland. Het aantal vluchtelingen nam na het uitbreken van de oorlog in 1939 toe. Over de gehele tijdsduur van de oorlog genomen ving Zwitserland 300.000 mensen op. Een groot deel van hen, 104.000 personen, bestond uit geïnterneerde militairen van allerlei oorlogvoerende naties. Zwitserland was, als neutraal land, volgens de Vredesconferenties van Den Haag verplicht om soldaten die op de één of andere manier in het land waren geraakt te interneren. De overigen opgenomen personen waren burgers die, door naar Zwitserland te vluchten, vervolging door de nazi's ontliepen. Een deel van hen werd geïnterneerd, een ander deel mocht zich vestigen. Vluchtelingen mochten geen beroep uitoefenen. Onder de vele burgervluchtelingen bevonden zich zo'n 26.000 tot 27.000 Joden[19]. Voor de oorlog woonden er maar 25.000 Joden op een totale bevolking van 4 miljoen mensen in Zwitserland. Joden die naar Zwitserland waren gevlucht kregen een "J" in hun paspoort gestempeld - iets waar de Zwitserse regering enkele jaren geleden haar excuses voor heeft aangeboden - en de meeste van hen werden in interneringskampen opgevangen. Erg prettig moet het verblijf in één van de interneringskampen niet zijn geweest. Officieel onderzoek heeft aangetoond dat sommige kampen als Arbeitslager, werkkampen, werden bestempeld[20].

Geld dat door Joden en de geallieerden op Zwitserse bankrekeningen werd gestort kon na de oorlog maar moeizaam worden opgenomen. De Zwitser Bankenassociatie was hier grotendeels verantwoordelijk voor. In de jaren '90 leidde dit tot een groot proces tegen de Zwitserse Bankenassociatie en de Zwitserse regering door het Joods Wereldcongres.

In oktober 1942 werden de Zwitserse grenzen gesloten voor Joodse vluchtelingen. Zo'n 10 tot 20.000 Joden werden sindsdien niet meer toegelaten in Zwitserland. Het initiatief voor deze maatregel ging uit van minister van Justitie Eduard von Steiger, die naast lid van de BGB, ook lid was van het uiterst rechtse Schweizerischer Vaterländischer Verband (SVV). Von Steiger stond bekend als een antisemiet. Dezelfde Von Steiger sprak op 30 augustus 1942 een jongerenbijeenkomst van de Gereformeerde jongerenorganisatie Junge Kirche dat het kleine Zwitserland, dat hij vergeleek met een "reddingsboot in de woeste zee", niet in staat was om nog meer vluchtelingen op te nemen, anders zou de boot "kapseizen en iedereen verdrinken."

In het begin van 1945 werd de grens met Italië gesloten voor voortvluchtige fascisten. Fascisten die toch de grens overstaken werden vaak door de Zwitserse politie uitgezet. In sommige gevallen achtervolgden partizanen gevluchte fascisten tot over de Zwitserse grens om hen gevangen te nemen en terug te brengen naar Italië.

In de jaren na 1945 probeerde de Zwitserse regering de onvriendelijke houding ten opzichte van de vluchtelingen goed te maken. Veel voormalige concentratiekampgevangen werden naar Zwitserland gestuurd om aan te sterken. Ook vonden veel stateloos geworden oorlogsslachtoffers een veilig thuis in Zwitserland[16].

Bondsraad 1945:

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • Illustrierte Geschichte der Schweiz, door: Sigmund Widmer (1973), blz. 425-450
  • Bericht van de Tweede Wereldoorlog, door: A.H. Paape (e.a.) (1975), band 4, blz. 1054-4057
Bronnen, noten en/of referenties
  1. 14-18, De Eerste Wereldoorlog, door: Dr. R.L. Schuursma (1976), band 4, blz. 1426
  2. a b Bericht van de Tweede Wereldoorlog, door: A.H. Paape (e.a.) (1975), band 4, blz. 1054
  3. Wanneer men ook de paramilitaire eenheden, zoals de kantonmilities meerekent, komt men op ongeveer 850.000 man uit Bericht van de Tweede Wereldoorlog, door: A.H. Paape (e.a.) (1975), band 4, blz. 1055
  4. Tegenkandidaat was kolonel Jules Borel, Illustrierte Geschichte der Schweiz, door: Sigmund Widmer (1973), blz. 430
  5. De verkiezingsresultaten van de verkiezingen van onder andere Zwitserse generaals
  6. Te weten generaal Ulrich Wille
  7. Anders dan tijdens de Eerste Wereldoorlog toen Zwitserland er lange tijd vanuit ging dat een Franse aanval het meest waarschijnlijk was 14-18, De Eerste Wereldoorlog, door: Dr. R.L. Schuursma (1976), band 4, blz. 1426-1427
  8. Dit kon ruim worden geïnterpreteerd door de regering
  9. (en) Join Simon Wiesenthal Center in its fight against anti-Semitism, Holocaust denial and defending the safety of Jews worldwide. | Simon Wiesenthal Center
  10. Bericht van de Tweede Wereldoorlog, door: A.H. Paape (e.a.) (1975), band 4, blz. 1055-1056
  11. Bericht van de Tweede Wereldoorlog, door: A.H. Paape (e.a.) (1975), band 4, blz. 1056
  12. a b Bericht van de Tweede Wereldoorlog, door: A.H. Paape (e.a.) (1975), band 4, blz. 1057
  13. Illustrierte Geschichte der Schweiz, door: Sigmund Widmer (1973), blz. 444
  14. Switzerland's Neutrality in World War II
  15. Switzerland's Role in World War II
  16. a b c Illustrierte Geschichte der Schweiz, door: Sigmund Widmer (1973), blz. 449
  17. Essential Militaria, Nicholas Hobbes, 2005
  18. Vor 60 Jahren… wir erinnern uns... US-Bomben auf Schweizer Kantone
  19. Independent Commission of Experts Switzerland - Second World War ICE
  20. (en) TIME: Heartless Haven