Geschiedenis van Zwitserland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Geschiedenis van Zwitserland

Vroege geschiedenis
Prehistorie (tot 200 v.Chr.)
Romeinse tijd (200 v.Chr.–n.Chr.400)

Helvetii · Cisalpina · Germania Superior · Poeninae · Raetia

Allemannië · Bourgondië (400–900)
Zwaben · Arelat (900–1300)


Oude Eedgenootschap
Early Swiss cross.svg Ontstaan en groei (1291–1516)

Bondsbrief van 1291

Reformatie (1516–1648)
Vroegmoderne Tijd (1648–1798)


Overgangstijdperk
Flag of the Helvetic Republic (French).svg Helvetische Republiek (1798–1803)
Mediation (1803–1813)
Restoratie en Regeneratie, Sonderbundsoorlog (1814–1848)


Moderne Tijd
Flag of Switzerland.svg Zwitserse Bondsstaat (na 1848)

Zwitserland tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914–1918)
Zwitserland tijdens de Tweede Wereldoorlog (1939–1945)

Portaal  Portaalicoon  Geschiedenis
Portaal  Portaalicoon  Zwitserland

Dit artikel beschrijft de geschiedenis van Zwitserland.

Prehistorie[bewerken]

In de oude steentijd, waaruit de eerste overblijfselen van bewoning in grotten stammen, was Zwitserland voor grote delen met gletsjers bedekt. Het gebied van de stad Chur wordt waarschijnlijk al 11.000 jaar bewoond. Er zijn overblijfselen van paalwoningen in de meren vanuit de steentijd, kopertijd en bronstijd. De Zwitserse Alpen werden bewoond door verschillende Keltische volkeren, zoals de Helvetiërs, Raetiërs, Lepontiërs en Sedunen.

Romeinse tijd[bewerken]

Verovering[bewerken]

Het gebied dat nu Zwitserland is, werd voor het eerst binnengevallen door de Romeinen in 197 v.Chr., toen zij Ticino veroverden in het uiterste zuiden; het overige land bleef evenwel nog lang onbezet. In de 1e eeuw v.Chr. wilden de Helvetiërs, die in het Rhônedal woonden, doorstoten naar Gallië (tegenwoordig Frankrijk), maar werden in 58 v.Chr. door Julius Caesar bij Bibracte teruggeslagen. Nog voor de verovering door de Romeinen werden de steden Colonia Julia Equestris (tegenwoordige Nyon) en Augusta Raurica (het tegenwoordige Kaiseraugst) gesticht. Tenslotte onderwierpen Drusus en Tiberius in 15 v.Chr. met een Alpenveldtocht de Helvetiërs en Raëtiërs, en in de 1e eeuw werd het gebied van het tegenwoordige Zwitserland geïntegreerd in het Romeinse Rijk.

Provincialisering[bewerken]

Römische Provinzen im Alpenraum ca 14 n Chr.png
De Alpenprovincies in ca. 14 n.Chr...
Historische Karte CH Rom 1.png
...en na de herindeling van 90 n.Chr.

Als eerste behoorden het noorden en westen van Zwitserland tot de provincie Gallia Belgica en later tot Germania Superior. Het oosten van Zwitserland behoorde tot de provincie Raetia. De centraal-Alpen Wallis en Haute-Savoie behoorden tot Vallis Poenina en Alpes Graiae. Het centrum van Zwitserland was toentertijd Aventicum (het tegenwoordige Avenches), waar nog altijd overblijfselen uit die tijd te bewonderen zijn. De Romeinen bouwden straten, hoofdzakelijk op de lijn Genève naar Arbon. De steden Arbor Felix (Arbon), Basilia (Bazel), Curia (Chur), Genava (Genève), Lousanna (Lausanne), Octodorus of Forum Claudii Vallensium (Martigny), Salodurum (Solothurn), Drusomagnus (Sion), Turicum (Zürich), Urba (Orbe), Vitidurum (Winterthur) stammen alle uit deze tijd. Romeinse Castra waren er in Tenedo (Zurzach) en Vindonissa (Windisch).

Volksverhuizingen[bewerken]

Reeds in de 3e eeuw werden de Agri Decumates (ten noorden van huidig Zwitserland) opgegeven aan de Germaanse stam der Alamannen; daarmee werd het hertogdom Allemannië geboren, van welk woord de naam van het tegenwoordige Duitsland in veel Romaanse talen is afgeleid (Allemagne/Alemania/Alemanha). Rond 400 n.Chr. verlieten de Romeinen voorgoed de limes; het West-Romeinse Rijk kon de provincies Raetia en Helvetia niet meer houden en trok zich terug. De Gallo-Romeinse stammen trokken zich in de Alpen terug en de Alamannen bezetten het vlakke land. Omstreeks 443 vestigden de Bourgonden rond Genève het koninkrijk Bourgondië, dat zich vooral nog verder westwaarts richting Gallië uitbreidde en in 461 Lyon als hoofdstad nam. Hiermee kwam het Duits naar Zwitserland, dat het Latijn (later uiteengevallen in Arpitaans (Romandisch/Frans), Lombardisch (Italiaans) en Reto-Romaans) terug naar de Alpen dreef.

Middeleeuwen[bewerken]

Kerstening[bewerken]

Vanaf de vierde eeuw verbreidde het christendom zich vanuit het westen over geheel Zwitserland; in Genève, Sion en Bazel ontstonden kerken en bisdommen. In de 5e eeuw werden ook kerken en kloosters gesticht in Graubünden. De drijvende kracht achter de verbreiding van het christendom waren vooral de Bourgondische koningen, die opgevolgd werden door de Franken in de 6e eeuw. In oostelijk Zwitserland vereerden de Alamannen nog tot de 7e eeuw de Germaanse god Wodan. Dit eindigde door het zendelingenwerk van Ierse monniken, die onder andere de Abdij van Sankt Gallen uit de 8e eeuw hebben doen ontstaan.

Bourgonden, Alamannen en Franken[bewerken]

In 532/4 werd het Bourgondische West-Zwitserland en in 536 het Alamannische Oost-Zwitserland opgenomen in het Frankenrijk. Door het verdrag van Verdun in het jaar 843 kwam het gebied van West-Zwitserland bij Lotharingen (vanaf 888 bij het hertogdom Bourgondië) en het overig deel van Zwitserland bij het Duitse Rijk.

Late Middeleeuwen[bewerken]

De Zähringer grondvestten in de 12e eeuw op de Zwitserse Hoogvlakte enige steden: Bern, Murten, Fribourg (Freiburg in Üchtland) en Thun. Enige tijd was Zürich ook in hun bezit.

De Habsburgers hadden in Zwitserland hun stamkasteel, de Habsburg met hun stedelijke residentie in Brugg. Aargau behoorde tot hun stamland. Door het uitsterven van enige grafelijke geslachten in de 13e eeuw, concentreerde het grondbezit zich bij de adel. Door een slimme huwelijkspolitiek werden landerijen van de Zähringer, Lenzburger en Kyburger uit de kantons van Schwyz, Nidwalden, Glarus en Zürich aan het grondgebied van de Habsburgers toegevoegd. Maar de steden Freiburg, Bern, Bazel en Zürich bleven vrijsteden. In West-Zwitserland heersten de graven van Savoye.

Zwitsers Eedgenootschap[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Oude Eedgenootschap voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
De bondsbrief van 1291

In de 13e eeuw werd de Gotthardpas geopend door de bouw van de Duivelsbrug (Teufelsbrücke) en werd daarmee een belangrijke politieke factor. Zeker de Habsburgers waren zeer geïnteresseerd in de controle hierover.

Ontstaan[bewerken]

De woudkantons Uri en Schwyz regelden in de 13e eeuw een vrijheidsbrief, waardoor ze een grote mate van vrijheid kregen. In 1273 werd Rudolf I van Habsburg Rooms-koning. Hij plande voor zijn zoon een hertogdom Zwaben, inclusief de Gotthard, waardoor het gedaan zou zijn met de rechtsvrijheid. Dit leidde in 1291 tot oprichting van het Zwitsers Eedgenootschap. De woudkantons Uri, Schwyz en Unterwalden als oerkantons, zwoeren, volgens de legende op 1 augustus 1291 op de Rütli-weide, een eeuwig verbond. De Habsburgse voogden werden tegelijkertijd verdreven.

In 1292 werden de vrijheidsbrieven niet vernieuwd door Albrecht I, zoon van Rudolf I. In 1315 wilde Leopold I van Oostenrijk de macht over Binnen-Zwitserland overnemen. Maar de Zwitsers versloegen zijn leger bijna volledig in de Slag bij Morgarten.

Groeiende kracht[bewerken]

In 1332 sloot Luzern zich bij de oerkantons aan. In 1351 sloot ook Zürich zich aan na problemen met de Habsburgers. In 1353 sloot ook Bern zich aan bij de eeuwige bond. Hiermee ontstonden de 8 oude Steden van het Zwitsers Eedgenootschap. Het ging daarbij niet om een statenbond, maar meer om bilaterale verdragen tussen de verschillende partners.

Zwitserland van 1291 tot 1515

In 1386 vervolgde zich de strijd met de Habsburgers. Hertog Leopold III van Oostenrijk werd in de Slag bij Sempach door de eedgenoten verslagen. Binnen het eedgenootschap kwam het tot een oorlog tussen Zürich en Schwyz, omdat ze beide uit waren op het graafschap Toggenburg na het uitsterven van het Toggenburger gravengeslacht.

Van 1474 tot 1478 werden de Bourgondische oorlogen gevoerd met hertog Karel de Stoute van Bourgondië. Een spreuk hierover: Karel de Stoute verloor bij Grandson zijn goed, bij Murten zijn moed en bij Nancy zijn bloed. Na de verovering van Vaud door Bern ondernam Karel de Stoute een veldtocht (De Bourgondische Oorlogen). Op 2 maart 1476 werd hij verslagen in de Slag bij Grandson bij het meer van Neuchâtel. Daarna werd hij op 22 juni 1476 verslagen in de slag bij Murten. De Zwitsers kwamen op 5 januari 1477 de bevriende hertog van Lotharingen te hulp in de slag bij Nancy, waarbij Karel de Stoute stierf. De faam van de Zwitsers was hiermee gezet, waardoor de vorsten van Europa dan veel Zwitserse huursoldaten in hun oorlogen inzetten. Dit heeft veel rijkdom naar Zwitserland gebracht. Fribourg en Solothurn, die aan de zijde van de Eedgenoten hadden gevochten, verlangden hierna opname in het Zwitsers Eedgenootschap, wat gebeurde in 1481. In 1499, na de Schwabenoorlog, kregen de Zwitsers ook hun onafhankelijkheid van het Heilige Roomse Rijk.

Afronding grondgebied[bewerken]

In 1501 sloten Bazel en Schaffhausen zich aan en in 1513 Appenzell. Deze constellatie noemde zich de 13 oude Steden van het Zwitsers Eedgenootschap. Lugano en Locarno werden veroverd. Sankt Gallen, Biel, Rottweil, Mulhouse (tegenwoordig deel van Frankrijk), Genève, bisdom Sankt Gallen en Neuchâtel sloten zich aan. In 1506 werd de Zwitserse Garde (Cohors Helvetica) opgericht, na aanvraag door Paus Julius II, voor de bescherming van het Vaticaan, hetgeen nog altijd voortduurt. In 1513 werd het hoogtepunt van de macht van de Zwitsers bereikt met de bescherming van de Hertog van Milaan. In 1515 werd na de Slag van Marignano tijdens de Oorlog van de Liga van Kamerijk vrede gesloten met koning Frans I van Frankrijk, waarna verdere interventies in Italië niet meer door de Zwitsers werden uitgevoerd. De Zwitsers verklaarden zich vanaf dan neutraal.

Reformatie en contrareformatie[bewerken]

In 1519 werd door Huldrych Zwingli de reformatie gestart, niet alleen uit theologisch, maar zeker ook uit politiek oogpunt. De reformatie breidde zich uit over de Zwitserse Hoogvlakte, voornamelijk doordat de mensen een mogelijkheid zagen onder de heerschappij van de kerk vandaan te komen en zelfbestuur te kunnen krijgen. In 1531 werd er oorlog gevoerd als gevolg van de reformatie, waarbij Zwingli stierf. Het principe van vrije geloofskeuze werd ingevoerd, waarbij ook gedeeltelijk een tegenreformatie, terug naar het katholieke geloof, optrad. De kantons van Zürich, Bern, Bazel, Schaffhausen en delen van Graubünden bleven gereformeerd, de kantons van Uri, Schwyz, Nidwalden, Obwalden, Luzern, Zug, Solothurn en Fribourg bleven rooms-katholiek. De samenwerking tussen de protestantse en katholieke kantons was vaak uiterst moeizaam. In feite leefden deze kantons grotendeels langs elkaar heen, hetgeen goed mogelijk was vanwege het losse karakter van de bondsstaat. Er was geen sprake van tolerantie van andersdenkenden binnen de afzonderlijke kantons.

In 1541 zette de reformatie zich in een tweede aanloop door in Genève onder leiding van Johannes Calvijn. In 1618 en 1619 werd in de Synode van Dordrecht de eenheid in het gereformeerde geloof vastgelegd, onder andere met de aanwezigheid van veel Zwitserse theologen.

Onafhankelijkheid[bewerken]

Zwitserland kreeg uiteindelijk de al lang bereikte soevereiniteit volkenrechtelijk officieel in de Vrede van Westfalen op 24 oktober 1648, die ook een einde maakte aan de Tachtigjarige Oorlog en de Dertigjarige Oorlog. Tijdens de Franse Revolutie werd Zwitserland in 1798 aangevallen en verslagen; het verloor de stad Mulhouse aan Frankrijk en Valtellina aan de Cisalpijnse Republiek, en zo aan het latere Italië.

Helvetische Republiek[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Helvetische Republiek voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De Franse revolutionairen schaften het oude Eedgenootschap af en vervingen het door een republiek, die met een verwijzing naar de Romeinse tijd "Helvetisch" werd genoemd. De centralisatiepolitiek werd echter sterk tegengewerkt en de republiek werd in 1803 weer afgeschaft.

Van statenbond naar bondsstaat[bewerken]

In de Mediatieakte van Napoleon Bonaparte in 1803 kwam het tot een nieuwe grondwet en nieuwe verdeling van gebieden. Zwitserland kreeg zijn autonomie terug. De toenmalige onderdanengebieden en verbonden gebieden, Sankt Gallen, Graubünden, Aargau, Thurgau, Ticino en Vaud, werden eigen kantons, waardoor het aantal kantons tot 19 werd verhoogd. In 1815 werd door het Weense congres de altijd durende neutraliteit van Zwitserland door de Europese grootmachten erkend. Wallis, Neuchâtel en Genève werden als kantons in het Zwitsers Eedgenootschap opgenomen, waardoor het aantal kantons naar 22 uitgebreid werd.

In 1845 kwam het tot een polarisering tussen de liberale, stedelijke, overwegend protestantse kantons en de conservatieve, katholieke bergkantons, die tot een poging tot afscheiding van de kantons van Luzern, Uri, Schwyz, Unterwalden, Zug, Fribourg en Wallis van het Eedgenootschap zou leiden. In 1847 kwam het zelfs tot een oorlog tussen de Zwitserse Confederatie en de afgescheiden "Sonderbund". Onder leiding van de Zwitserse generaal Henri Dufour behaalden de troepen van de Confederatie na enige schermutselingen de overwinning. In 1848 werd hierna het moderne Zwitserland opgericht, als een bondsstaat. In 1856 bracht een tegenrevolutionaire actie in Neuchâtel nog spanningen met Pruisen. Tot dan was Neuchâtel nog een vorstendom van Pruisen, weliswaar binnen het Zwitsers Eedgenootschap. Door bemiddeling van Napoleon III kon een oorlog echter voorkomen en werd Neuchâtel geheel onafhankelijk van Pruisen.

Tijdens de Sardisch-Franse oorlog tegen Oostenrijk in 1859, de Italiaanse-Oostenrijkse oorlog in 1866 en de Frans-Duitse Oorlog in 1870 gelukte het Zwitserland zijn neutraliteit te bewaren, onder andere door versterkte bewaking van de grenzen. De neutraliteit heeft ertoe geleid dat veel internationale organisaties zich in Zwitserland hebben gevestigd. Ook vele belangrijke congressen worden in Zwitserland gehouden. Het land tussen Montreux, Interlaken en Sankt Moritz werd voor Europeanen een geliefd vakantiegebied. De universiteiten in Zwitserland waren de enige in het Duitstalige gebied, die vrouwen lieten studeren. Deze mogelijkheid werd door veel vrouwen in Europa gebruikt. Ook de oprichting van de Eidgenossissche Technische Hochschule in Zürich versterkte de internationale leidende rol van Zwitserland.

Bijzondere data[bewerken]

Bronnen[bewerken]