Lesbianisme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Lesbische vrouwen)
Ga naar: navigatie, zoeken
Lesbisch symbool

Lesbianisme of vrouwelijke homoseksualiteit is de seksuele en/of emotionele voorkeur van vrouwen voor andere vrouwen, die ook wel lesbiennes genoemd worden.

In het kader van de algemene homo-emancipatie en het feminisme, en soms als voortrekkers daarvan, hebben lesbische vrouwen sinds het begin van de 20e eeuw juridische gelijkheid en een beperkt scala aan eigen voorzieningen weten te verwerven.

Terminologie[bewerken]

De term lesbische vrouw is afgeleid van de naam van het Griekse eiland Lesbos, waar de dichteres Sappho leefde, die over de vrouwenliefde dichtte.[1] Soms spreekt men daarom ook wel over Sapphische liefde.

Voor lesbische vrouwen bestaan de volgende synoniemen:

  • Lesbienne: een wat verouderde term voor lesbische vrouwen
  • Lesbi: in de jaren tachtig gebruikte afkorting van lesbische vrouwen
  • Lesbo: steeds vaker voorkomende afkorting voor lesbische vrouwen, met een wat stoerdere klank
  • Pot: van lollepot of potje afgeleid scheldwoord voor lesbische vrouwen, maar door hen zelf ook als geuzennaam gebruikt[2]
  • Sapphist: ouderwets en weinig gebruikt woord, afgeleid van de Griekse dichteres Sappho.

In lhbt, de Nederlandstalige variant de in de jaren negentig in de Verenigde Staten ontstane afkorting LGBT, staat de L voor lesbisch (en de G, B en T voor respectievelijk homoseksueel (Engels: gay), biseksueel en transgender). In Vlaanderen wordt vooral de term holebi gebruikt, waarmee homoseksuelen, lesbiennes en biseksuelen worden bedoeld.

Cijfers[bewerken]

Volgens een onderzoek van het Nederlandse Sociaal en Cultureel Planbureau uit 2012 voelt naar schatting 1,4% van de vrouwen van 16 jaar en ouder zich seksueel uitsluitend aangetrokken tot de eigen sekse. Nog eens 16% van de vrouwen is enigszins of evenveel op de eigen sekse gericht en kan als biseksueel getypeerd worden.[3]

Onderzoek door de Universiteit van Indiana uit 2014 onder 2850 personen wees uit dat lesbische vrouwen tijdens seks met hun partner vaker een orgasme bereiken dan heteroseksuele vrouwen: 74,7 procent tegen 61,6 procent.[4]

Lesbofobie[bewerken]

Homofobie gericht tegen vrouwen wordt ook wel lesbofobie genoemd. Dit is de angst voor vrouwelijke homoseksualiteit (lesbianisme), met name de angst voor het verschijnsel vrouwelijke homoseksualiteit, de beleefsters hiervan en/of de handelingen en expressievormen die met het voorgaande worden geassocieerd; of de angst om zelf lesbisch te worden; alsmede het gedrag of de houding voortkomend uit deze angst.

De term lesbofobie ontstond om lesbiennes en de vijandigheid tegen hen zichtbaarder te maken. Voorts heeft lesbofobie enkele specifieke kenmerken en oorzaken. Vaak gaat het bijvoorbeeld gepaard met seksisme en machismo.

Geschiedenis[bewerken]

Homoseksualiteit onder vrouwen was heel lang verborgen en stilzwijgend. Lesbische vrouwen waren maatschappelijk onzichtbaar, onder meer doordat seksuele contacten tussen vrouwen als minder problematisch werden gezien dan bij mannen onderling. De tijdens de middeleeuwen strafbaar geworden zonde van de sodomie had namelijk vooral betrekking op anale penetratie en andere homoseksuele handelingen tussen mannen.[5]

Seksuele inversie (1900-1940)[bewerken]

Vóór het begin van de twintigste eeuw bestonden lesbiennes nog niet als voor de buitenwereld herkenbare sociale categorie. Het waren seksuologen als Havelock Ellis en Richard von Krafft-Ebing die rond 1900 homoseksualiteit onder vrouwen typeerden als een 'omkering' van gendereigenschappen (seksuele inversie). Eerder, in de jaren veertig van de 19e eeuw werden in progressieve kringen in Berlijn overigens reeds vrouwen gesignaleerd die graag in mannenkleding uitgingen (travestie), onder wie ook Marie Dähnhardt (1818-1902), de (ex-)echtgenote van de links-Hegeliaanse filosoof Max Stirner; een notie daarbij van al dan niet vermeende homoseksualiteit leek destijds echter te ontbreken.

Exemplaar van het Duitse tijdschrift voor lesbische vrouwen Die Freundin uit 1928

Deze wetenschappers beschreven lesbiennes als vrouwen met mannelijke trekken, die relaties aangaan met feminiene vrouwen, wat bekend kwam te staan als een butch en femme-relatie. In de jaren twintig wordt dit ook in het publieke leven zichtbaar en duiken deze types bijvoorbeeld steeds regelmatiger in de literatuur op, zij het meestal in negatieve zin (bijvoorbeeld in The Fox uit 1920 van D.H. Lawrence). Veel explicieter – en positiever - is het boek The Well of Loneliness uit 1928 van Radclyffe Hall (1880-1943) waarin de heldin Stephen Gordon (en de schrijfster overigens zelf ook) internationaal hét rolmodel voor lesbische vrouwen werd die zichzelf als butch identificeerden.

In deze periode gold Berlijn als het centrum bij uitstek voor lesbische vrouwen. Er waren voor hen clubs, bars en cafe's in een aantal dat nadien niet meer overtroffen werd. Daarnaast waren er meerdere op lesbiennes gerichte tijdschriften, zoals Die Freundin, dat van 1924-1933 verscheen, en kwam in 1931 de eerste film met openlijk lesbische personages uit: Mädchen in Uniform.[6]

Een van de weinige plekken waar lesbische vrouwen toendertijd in Nederland terechtkonden was het gemengde café 't Mandje van Bet van Beeren aan de Zeedijk.

Keurslijf (1940-1965)[bewerken]

Tijdens de eerste decennia na de Tweede Wereldoorlog bleef lesbische seksualiteit naar de buitenwereld nog nagenoeg onzichtbaar,[7] maar werd onderling het onderscheid tussen butch en femme belangrijker en strikter dan daarvoor en het had bovendien verdergaande consequenties. Nu homoseksualiteit onder vrouwen 'officieel' bestond en vooral het butchtype voor zichtbaarheid van de lesbische levensstijl had gezorgd, werd de butch/femme relatie min of meer de norm.

Ongeschreven regels bepaalden dat butch/butch- en femme/femme-relaties taboe waren. Een butch kon alleen maar een verhouding beginnen met een (seksueel passief geachte) femme en femmes hoorden verwoed naar de gunsten van een butch te dingen. In die zin was een butch/femme-rolverdeling ontstaan naar analogie van de man/vrouw-verhouding. Men ging er dan ook impliciet vrijwel steevast van uit dat elke lesbienne in een van beide categorieën kon worden ingedeeld, zowel in homoseksuele als heteroseksuele kringen.[8]

Het lesbische uitgaansleven bleef in deze tijd beperkt tot een klein aantal locaties in de steden Den Haag, Amsterdam en Rotterdam. In Amsterdam konden lesbische vrouwen sinds de jaren vijftig terecht bij sociëteit De Schakel van het COC. Hoewel ze bij die vereniging met ca. 500 leden slechts 15% van het ledental uitmaakten, kregen ze met de vrouwenlanddagen die van 1961 t/m 1965 telkens ongeveer 200 vrouwen uit het hele land trokken, een eerste gelegenheid om ook eens in de meerderheid te zijn.[9] Vrouwen die het zich konden veroorloven gingen naar steden als Brussel, Parijs of Londen, waar meer specifiek lesbische zaken waren.[10]

In België was het de lesbische activiste Suzan Daniel die in 1953 de eerste homo/lesbische emancipatie-organisatie oprichtte: het Centre Culturel Belge/Cultuurcentrum België (CCB). Er ontstonden echter al snel conflicten met de leden, die veelal Franstalige mannen waren, waarna Daniel de organisatie al in oktober 1954 weer verliet. De mannen begonnen vervolgens op 23 november 1954 het Centre de Cultur et de Loisirs/Cultuur- en Ontspanningscentrum (CCL-COC).[11]

Lesbisch activisme (1965-2000)[bewerken]

De waardering van butch- en femmetypes en de butch/femme-relatie veranderde radicaal in de jaren zeventig onder invloed van de tweede feministische golf. Het idee dat een vrouw een 'mannelijke' identiteit kon hebben werd fel bekritiseerd, evenals de verhouding tussen de butch en femme die in essentie even patriarchaal en onderdrukkend was als het heteroseksuele equivalent.

Ook speelde een belangrijke rol dat de imitatie van man/vrouw-relaties impliceerde dat heteroseksualiteit de norm was en dus beter dan homoseksuele relaties, die niet meer dan een slap aftreksel van een 'echte' relatie konden zijn. De oude rolmodellen raakten dus uit de gratie en daarvoor kwam het ideaal van androgynie in de plaats. Een klassiek geworden lesbische roman die deze verandering in perceptie en (zelf)definiëring goed illustreert is Rubyfruit Jungle uit 1973 van Rita Mae Brown.

De kritiek kwam vanaf begin jaren zeventig tot uiting via radicale lesbische groeperingen, zoals Paarse September met haar slogan "lesbisch zijn is een politieke keuze" die door Lesbian Nation in praktijk gebracht werd. In 1977 was het de Internationale Lesbische Alliantie die in Amsterdam de eerste Nederlandse Gay Pride organiseerde, gericht tegen de antihomo-campagne van de Amerikaanse Anita Bryant. Naast deze zelfstandige initiatieven wisten lesbische vrouwen binnen het COC ook meer aandacht voor hun positie te verwerven.

Bovendien kwamen er vanuit de feministische vrouwenbeweging lesbische tijdschriften zoals Diva (1982) en Lust en Gratie (1983), werden erotische vrouwenfeesten georganiseerd[12] en speciale vrouwenboekhandels geopend: in 1975 De Heksenkelder (later Savannah Bay) in Utrecht en in 1977 De Feeks in Nijmegen.

In deze periode werd in Amsterdam ook het eerste exclusieve vrouwencafé geopend: Tabu in de Leidsekruisstraat (1970-1977). Dit werd gevolgd door de nog steeds bestaande cafés Saarein en Vivelavie en enkele disco's die speciaal op lesbische vrouwen gericht waren: Homolulu in de Kerkstraat (1975-1997), Labyrinth in de Koggestraat (1987-1989) en YouII aan de Amstel (1999-2007). Daarnaast kwamen er grote feestavonden, zoals de "Lesbian Party" in de iT en later in Amsterdam Marcanti, waar eind jaren negentig zo'n 2500 vrouwelijke bezoekers op af kwamen.[13]

Om het lesbische erfgoed te behouden en documenteren, werden in 1982 het Lesbisch Archief Amsterdam en het Lesbisch Archief Leeuwarden opgericht, het laatste kreeg in 1987 een onderkomen in het Anna Blaman Huis. In 1999 fuseerden beide archieven samen met het Homodok tot het IHLIA.

Ook in Vlaanderen kwamen er in de loop van de jaren zeventig lesbische vrouwengroepen: Sappho, Liever Heks en Çatal Hüyük in Gent en Atthis in Antwerpen en in 1978 organiseerde de links-feministische groep de Rooie Vlinder in Gent de eerste homodag.[14] Omdat lesbische vrouwen vonden dat ze in de door mannen gedomineerde holebibeweging te weinig ruimte kregen, organiseerden ze sinds medio jaren tachtig elk jaar een eigen Lesbiennedag.

Sociale acceptatie (2000-heden)[bewerken]

Het succes van de homobeweging, die emancipatie en integratie van homoseksuelen bepleitte, heeft ook invloed gehad op de wijze waarop tegenwoordig tegen butch- en femmestereotypen wordt aangekeken. Lesbische vrouwen hoeven zich niet meer door uiterlijk en kledingstijl te profileren, zoals de oudere generatie middels de spreekwoordelijke tuinbroeken en korte kapsels deed. Met name jonge lesbo's dragen nu lang haar, make-up en net zulke modieuze kleding als hun heteroseksuele leeftijdsgenoten. Desondanks is er ook bij hen de behoefte om onder elkaar te zijn, veel minder dan vroeger in cafés, maar meer op feestavonden, of in een lhbt-studentenvereniging.[15]

De populariteit van de opvatting dat lesbiennes 'normale' vrouwen zijn, die zich behalve in hun seksuele voorkeur in niets van heteroseksuele vrouwen onderscheiden, leidt vooral tot afwijzing van de butch, die het meest van het gangbare vrouwelijk ideaalbeeld afwijkt. Tekenend hiervoor is de afwezigheid van de butch in de televisieserie The L Word over een Amerikaanse groep lesbische vriendinnen.

Blijkens onderzoek uit 2013 is in Nederland de sociale acceptatie van lesbische vrouwen erg hoog: 96% van de bevolking staat positief tegenover homoseksualiteit. 19% van de bevolking neemt aanstoot aan twee zoenende vrouwen. De acceptatie van lesbische vrouwen is daarmee hoger dan de acceptatie van homoseksuele mannen: daar is het percentage van de bevolking dat aanstoot neemt aan twee zoenende mannen 29% (14% aan een zoenende man en vrouw).[16]

Lesbische voorzieningen[bewerken]

Sinds het begin van de 20e eeuw zijn specifieke voorzieningen voor lesbische vrouwen ontstaan, waaronder uitgaansgelegenheden en evenementen, hulpverlenings- en belangenorganisaties en gespecialiseerde media. Het aanbod voor lesbische vrouwen is altijd aanmerkelijk kleiner gebleven dan dat voor homoseksuele mannen en tegenwoordig zijn veel voorzieningen bedoeld voor lhbt'ers gezamenlijk.

Lesbische evenementen[bewerken]

In Nederland zijn er geen grote landelijke evenementen die specifiek op lesbische vrouwen gericht zijn, maar in Vlaanderen is er de L-day, die jaarlijks in de herfst plaatsvindt, aanvankelijk in Gent, maar sinds 2015 in telkens een andere Vlaamse stad. Rond dezelfde tijd is er de L-week, georganiseerd door Het Roze Huis in Antwerpen.

Lesbische uitgaansgelegenheden[bewerken]

Café Vivelavie in Amsterdam, hier tijdens de Amsterdam Gay Pride 2015

Waar er in grote steden voor homomannen meerdere of zelfs vele bars en clubs zijn, is er voor lesbische vrouwen vaak maar één uitgaansgelegenheid. Zo is bijvoorbeeld in een aantal grote Amerikaanse steden maar één lesbische bar en telde New York er in 2008 drie, met een hoogtepunt rond het jaar 2000, toen er vijf bars speciaal voor vrouwen waren.[17]

De enige nog bestaande lesbische bar in 'homohoofdstad' San Francisco, de Lexington Club, sloot eind 2014, nadat in de voorgaande jaren ook al bekende lesbische cafés in Philadelphia, Chicago en Portland dicht waren gegaan. Als reden voor dit geringe aantal uitgaansgelegenheden wordt wel genoemd dat lesbische vrouwen minder drinken dan mannen, sneller het uitgaan ontgroeien en zich minder prettig voelen in dergelijke cafés.[17]

Ook in Nederland is het aantal uitgaansgelegenheden voor lesbische vrouwen uiterst gering: alleen in Amsterdam zijn er twee speciaal op hen gerichte cafés, namelijk Saarein in de Elandstraat en Vivelavie in de Amstelstraat. Wel zijn er daarnaast nog meer of minder frequent plaatsvindende feestavonden voor vrouwen die op vrouwen vallen, zoals Rumour Has It, dat sinds 2011 in wisselende Amsterdamse clubs gehouden wordt.[15] Een ander vrouwenfeest is Flirtation dat tweemaandelijks in discotheek Panama plaatsvindt.

Lesbische media[bewerken]

In Nederland zijn er onder meer de volgende lesbische media:

  • Zij aan Zij: het enige Nederlandstalige lesbisch tijdschrift voor Nederland en België.
  • Chebba: het tijdschrift van SJA Meidenplaza dat jaarlijks voor en door Amsterdamse vrouwen wordt gemaakt.
  • FemFusion.nl: een sociaalnetwerksite voor lesbische vrouwen.

Voorbeelden van bekende lesbische media elders in de wereld zijn:

  • Girls Like US: Engelstalig tijdschrift.
  • Diva: lesbisch tijdschrift voor Groot-Brittannië opgericht in 1994.
  • Curve: Noord-Amerikaans tijdschrift voor het eerst uitgegeven in 1990 in San Francisco.

Zie ook[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • Judith Schuyf, Een stilzwijgende samenzwering. Lesbische vrouwen in Nederland 1920-1970, Amsterdam 1994.
  • Mirjam Hemker & Linda Huijsmans, Lesbo-encyclopedie. Amsterdam, Ambo, 2009.

Externe links[bewerken]