Kafferkoren

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Sorghum
Sorghum
Sorghum
Taxonomische indeling
Rijk: Plantae (Planten)
Stam: Embryophyta (Landplanten)
Klasse: Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade: Bedektzadigen
Clade: Eenzaadlobbigen
Clade: Commeliniden
Orde: Poales
Familie: Poaceae (Grassenfamilie)
Onderfamilie: Panicoideae
Geslachtengroep: Andropogoneae
Geslacht: Sorghum
Soort
Sorghum bicolor
(L.) Moench (1794)
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Kafferkoren (Sorghum bicolor) wordt ook durra, kafir genoemd. De soort behoort tot het geslacht Sorgo (Sorghum), in de grassenfamilie (Poaceae). Het graan wordt ook wel als Sorghum verhandeld (de Engelse handelsnaam). De naam kafferkoren is afgeleid van kaffer, een scheldnaam voor een lid van de Bantoevolken in Zuid-Afrika.

Kafferkoren werd rond 3000 v.Chr. gedomesticeerd in Ethiopië en heeft zich van daaruit verspreid over heel Afrika. Ongeveer 2000 v.Chr. werd kafferkoren ook verbouwd in Centraal-India. In Egypte werd ze als cultuurplant belangrijk vanaf de vroeg-islamitische tijd. Afrikaanse slaven brachten kafferkoren begin 17e eeuw naar de Verenigde Staten, waar nu het grootste gedeelte van de wereldproductie plaatsvindt om maïs te vervangen als veevoer.

Gebruik[bewerken]

De plant is droogte-tolerant en is vooral belangrijk voor semi-aride (droge) gebieden. Het zaad wordt gebruikt als voedsel, veevoer en voor de productie van alcoholische dranken (Kafirbier). Het is een belangrijk voedselgewas in Afrika, Centraal-Amerika en Zuid-Azië en staat op de vijfde plaats van de verbouwde granen.

Botanische beschrijving[bewerken]

Kafferkoren is een eenjarig gewas dat afhankelijk van het ras 0,6-5 m lang kan worden. De stengel kan van vijf tot meer dan dertig mm dik worden. De bladeren lijken op die van maïs maar zijn korter en breder. De bladeren zijn glad en met een waslaag bedekt. De pluim is gewoonlijk compact bij de graansorghums en meer open bij de voedertypen. Aan een pluim kunnen tot 6000 aartjes zitten. Bij sommige typen worden de kafjes bij het dorsen verwijderd, maar bij andere moeten de korrels zoals bij haver gepeld worden. Ook is er verschil in uitstoelling (vorming van zijscheuten) tussen de verschillende typen. De zaden kunnen wit, geel, rood of bruin van kleur zijn. In 1 gram graansorghum zitten 25 tot 62 zaden en bij grassorghum 120 tot 159. De zaden zijn vrij rijk aan vitamine B.

Andere planten in het geslacht Sorghum[bewerken]

Voor zover Sorghum-soorten commercieel gebruikt worden zijn ze in te delen in vier groepen:

  • graansorghums (waaronder kafferkoren) worden gebruikt als een soort rijst of gemalen tot meel.
  • grassorghums voor beweiding en hooiwinning
  • zoete sorghums ("Guinea corn") voor de productie van siropen en suiker. Zoete sorghum kan tot 10% suiker bevatten.
  • bezemsorghums voor de productie van bezems en borstels.

Kafferkoren bevat vooral in het vegetatieve stadium naast blauwzuur ook het alkaloïde hordenine. In hooi en kuilvoer komt geen blauwzuur meer voor.

Graansorghum brengt 200-6000 kg/ha op. Grassorghum kan 40-70 ton verse massa per ha opbrengen.

Externe link[bewerken]