Neerslag (atmosfeer)
Neerslag is het atmosferische verschijnsel van naar de aarde neervallend water in de vorm van waterdruppels, ijs, of sneeuw, meestal afkomstig uit wolken. Pas wanneer de water of ijs bevattende neerslag de grond bereikt, wordt officieel van neerslag in weerkundige zin gesproken. De hoeveelheid neerslag wordt gemeten met een regenmeter (pluviometer), zo nodig gesmolten en daarna in millimeters (mm) uitgedrukt. Eén millimeter neerslag komt overeen met 1 liter op een horizontaal gelegen oppervlakte van 1 m². De neerslag op aarde varieert sterk, tussen 50 en 200 mm per jaar in woestijngebieden tot meer dan 10 000 mm per jaar zeer lokaal in tropische gebieden.
Inhoud |
[bewerken] Vorming van neerslag
Neerslag valt uit wolken die gevormd zijn door condensatie van afgekoelde waterdamp. Wolken bestaan uit wolkenelementen, kleine waterdruppeltjes en ijskristallen. Door de geringe massa zweven deze min of meer en worden vooral meegevoerd door de luchtstromen. De valsnelheid is dusdanig laag dat het enkele dagen kan duren voordat het aardoppervlak bereikt wordt, zodat het dan zeer waarschijnlijk al verdampt is. Dat er toch neerslag valt, komt door twee processen, coalescentie en het Wegener-Bergeron-Findeisen-proces.
[bewerken] Vormen
Men onderscheidt de volgende vormen:
Hierboven werd reeds gezegd dat de hoeveelheid neerslag gemeten wordt nadat hagel en sneeuw gesmolten zijn. In populaire weerberichten wordt daar wel eens van afgeweken. Vers gevallen sneeuw is zeer volumineus. Zegt men dat ergens een grote hoeveelheid sneeuw is gevallen, bijvoorbeeld een halve meter, dan wordt meestal ongesmolten sneeuw bedoeld.
[bewerken] Stratiforme bewolking
In gelaagde of stratiforme bewolking zijn de verticale luchtbewegingen meestal beperkt tot slechts enkele cm/s. De intensiteit van de neerslag is over het algemeen licht of matig, maar de motregen kan lang aanhouden in een groot gebied. Het merendeel van de neerslag op gematigde breedten valt uit dit type bewolking. Als de temperatuur bovenin de bewolking onder de -13°C daalt, kan het Wegener-Bergeron-Findeisen-proces plaatsvinden, waardoor de intensiteit toeneemt.
[bewerken] Convectieve bewolking
In convectieve wolken (cumulus en cumulonimbus) zijn de verticale luchtstromingen door convectie over het algemeen veel krachtiger dan die in stratiforme bewolking. Veelal is dit meer dan 1 m/s en kan in zware buien oplopen tot meer dan 25 m/s. De wolkenelementen kunnen daardoor snel aangroeien, zodat er al zo'n 20 tot 30 minuten na het ontstaan van de wolk intensieve neerslag kan vallen. Door de krachtige verticale luchtbewegingen kunnen ijskristallen meerdere malen omhoog worden gevoerd en aangroeien tot grote hagelstenen. Aangezien de convectie sterker wordt in de zomer, zal er dan meer hagel vallen.
[bewerken] Neerslagstatistieken Nederland
[bewerken] Normalen
Hieronder volgen de normale gemiddelde jaarlijkse neerslaghoeveelheden, en de absolute en relatieve neerslagduur, van dertien officiële KNMI-weerstations, over het tijdvak 1971-2000.[1]
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
[bewerken] Extremen
De grootste hoeveelheid neerslag in een etmaal sinds het begin van de metingen betrof 208 mm en viel op 3 augustus 1948 in Voorthuizen.[2]
Hieronder volgen ranglijsten van diverse extreme neerslagsommen, zoals gemeten op het KNMI-station in De Bilt tussen 1901 en 2012.[3]
| Nr. | Natste jaar | Natste seizoen | Natste maand | Nr. | |||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 1. | 1998 | 1239,6 mm | Herfst 1998 | 468,2 mm | Augustus 1912 | 220,5 mm | 1. |
| 2. | 1965 | 1151,9 mm | Zomer 1966 | 411,3 mm | September 1957 | 213,2 mm | 2. |
| 3. | 1966 | 1148,0 mm | Herfst 1974 | 402,7 mm | September 2001 | 210,7 mm | 3. |
| 4. | 2001 | 1038,9 mm | Zomer 1912 | 386,2 mm | Augustus 1969 | 198,0 mm | 4. |
| 5. | 1912 | 1027,0 mm | Herfst 1930 | 359,8 mm | Oktober 1932 | 193,4 mm | 5. |
| 6. | 1994 | 1025,2 mm | Zomer 1930 | 358,6 mm | Juli 1930 | 192,0 mm | 6. |
| 7. | 1981 | 993,0 mm | Zomer 1965 | 358,3 mm | Juli 1966 | 190,8 mm | 7. |
| 8. | 1974 | 992,7 mm | Zomer 1917 | 354,8 mm | December 1965 | 190,3 mm | 8. |
| 9. | 1950 | 951,6 mm | Winter 1966 | 338,0 mm | Oktober 1981 | 188,5 mm | 9. |
| 10. | 2000 | 932,4 mm | Herfst 1944 | 337,2 mm | Augustus 1917 | 187,8 mm | 10. |
| Nr. | Droogste jaar | Droogste seizoen | Droogste maand | Nr. | |||
| 1. | 1921 | 387,3 mm | Herfst 1953 | 52,2 mm | April 2007 | 0,3 mm | 1. |
| 2. | 1933 | 510,9 mm | Herfst 1920 | 52,3 mm | Februari 1986 | 0,4 mm | 2. |
| 3. | 1959 | 535,8 mm | Lente 1996 | 60,8 mm | Februari 1985 | 1,9 mm | 3. |
| 4. | 1976 | 536,3 mm | Winter 1964 | 63,7 mm | September 1959 | 3,0 mm | 4. |
| 5. | 1971 | 561,8 mm | Lente 1976 | 66,2 mm | Januari 1997 | 3,6 mm | 5. |
| 6. | 1996 | 575,7 mm | Winter 1934 | 69,0 mm | Februari 1959 | 5,1 mm | 6. |
| 7. | 1953 | 597,4 mm | Lente 1991 | 69,8 mm | Oktober 1953 | 5,5 mm | 7. |
| 8. | 1982 | 600,7 mm | Winter 1985 | 72,1 mm | Februari 1934 | 5,6 mm | 8. |
| 9. | 2003 | 612,7 mm | Zomer 2003 | 73,6 mm | Mei 1989 | 5,6 mm | 9. |
| 10. | 1929 | 630,4 mm | Lente 1918 | 75,5 mm | Februari 1917 | 6,2 mm | 10. |
[bewerken] Zie ook
[bewerken] Externe link
- Buienradar, actuele neerslag in de Benelux.
Bronnen, noten en/of referenties: