Johan Boskamp (voetballer)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Jan/Johan Boskamp
Boskamp in 1978
Boskamp in 1978
Persoonlijke informatie
Volledige naam Johannes Boskamp
Bijnaam Bossie
Geboortedatum 21 oktober 1948
Geboorteplaats Rotterdam, Nederland
Lengte 178 cm
Been Rechts
Clubinformatie
Positie Middenvelder
Jeugd
1955-1965
1965-1966
RVV HOV
Feyenoord
Senioren
Seizoen Club w 0(g)
1966-1974
1969-1970
1974-1982
1982-1984
Feyenoord
Holland Sport
RWDM
Lierse SK
102 (14)
31 0(7)
239 (36)
60 0(3)
Interlands
1978 Vlag van Nederland Nederland 02 0(0)
Getrainde clubs
1981
1984-1986
1988-1989
1989-1992
1992
1993-1995
1995-1997
1997-1998
1999
1999
2000
2001-2002
2004-2005
2004-2005
2005-2006
2006
2007-2009
2009
RWDM (speler-trainer)
Lierse SK
Verbroedering Denderhoutem
KSK Beveren
KV Kortrijk
RSC Anderlecht
RSC Anderlecht
AA Gent
Dinamo Tbilisi
Georgië
KRC Genk
Al-Wasl Club
Kazma SC
Koeweit
Stoke City FC
Standard Luik
FCV Dender
KSK Beveren
Portaal  Portaalicoon   Voetbal

Johannes (Johan/Jan) Boskamp (Rotterdam, 21 oktober 1948) is een voormalig Nederlandse voetballer en voetbaltrainer. Momenteel is hij actief als scout bij Feyenoord en als voetbalanalist in Belgische en Nederlandse voetbalprogramma's. Als international maakte Boskamp deel uit van de Oranje-selectie voor het WK 1978 in Argentinië.

Boskamp stond als speler bekend als een krachtige middenvelder. De Rotterdammer brak door bij Feyenoord, maar kende vooral succes in België als speler van RWDM. In 1975 werd hij de eerste buitenlander die de Belgische Gouden Schoen in ontvangst mocht nemen. Zijn carrière sloot hij af bij Lierse SK, waar hij ook voor het eerst als trainer aan de slag ging. Boskamp trainde tal van Belgische clubs. Hij beschikt niet over de juiste diploma's om in Nederland profclubs te trainen. In de jaren 90 won hij drie landstitels op rij met RSC Anderlecht. Later werd hij onder meer nog bondscoach van Georgië en Koeweit. Momenteel is Boskamp actief als voetbalanalist. Zijn bulderlach, temperamentvolle uitvallen en Rotterdamse tongval vormen zijn handelsmerk.

Carrière als speler[bewerken]

Jeugd[bewerken]

Boskamp op 18-jarige leeftijd.

Boskamp werd na de Tweede Wereldoorlog geboren in Rotterdam. Hij groeide als arm straatschoffie op in de havenstad. Dat de stad tijdens de oorlog zwaar getroffen werd, ligt aan de basis van Boskamps aversie tegen Duitsers.[1] Op 7-jarige leeftijd sloot hij zich aan bij Rotterdamse Voetbalverening Hoop Op Vooruitgang (RVV HOV). Hij voetbalde er 10 jaar alvorens de overstap te maken naar Feyenoord.

Debuut bij Feyenoord[bewerken]

Op zijn zeventiende kreeg hij een contract bij Feyenoord, waardoor hij ineens meer verdiende dan zijn vader.[2]. Zijn vader werkte overigens als suppoost (steward) in De Kuip. Na enkele jaren bij de jeugd maakte Boskamp in 1966 zijn officieel debuut voor Feyenoord. De blonde middenvelder stond aanvankelijk in de schaduw van kleppers als Willem van Hanegem, Wim Jansen en Franz Hasil. In 1969 veroverde hij met Feyenoord zijn eerste landstitel en beker.

Holland Sport[bewerken]

In het seizoen 1969/70 werd hij uitgeleend aan Holland Sport. Boskamp werd een vaste waarde bij de Nederlandse middenmoter, maar miste zo wel de Europese campagne van Feyenoord. De Rotterdamse club veroverde tijdens Boskamps afwezigheid immers de Europacup I. In de zomer van 1970 keerde hij terug naar Feyenoord.

Terugkeer naar Feyenoord[bewerken]

Boskamp mocht in september 1970 meespelen in de wereldbeker voor clubs. Zowel in de heen- als terugwedstrijd tegen het Argentijnse Estudiantes mocht hij invallen. Feyenoord won als eerste Nederlandse club de wereldbeker na een 1-0 thuiszege. Later dat seizoen won Boskamp ook zijn tweede landstitel. Hoewel hij meer dan 100 wedstrijden voor Feyenoord speelde, was hij nooit een titularis. In 1974 werd hij voor de derde keer kampioen en veroverde hij ook de UEFA Cup. In de terugwedstrijd van de finale van de UEFA Cup mocht hij na 76 minuten de Deen Jørgen Kristensen vervangen. Zo'n 10 minuten later viel Boskamp echter al geblesseerd uit. Na het seizoen ruilde hij Rotterdam in voor Brussel.

RWDM[bewerken]

Boskamp als speler van RWDM (1977).

Boskamp verhuisde naar België en belandde in de hoofdstad bij fusieclub RWDM. Hij werd er meteen de sterkhouder en aanvoerder van het team. De club werd gefinancierd door Jean-Baptiste L'Ecluse. Onder zijn bewind groeide RWDM in de jaren 70 uit tot een Belgische topclub. Het was ook hij die conditietrainer Michel Verschueren zijn eerste baan als manager aanbood. Met spelers als Boskamp, Maurice Martens, Nico de Bree, Willy Wellens, Odilon Polleunis, Wietse Veenstra en Eddy Koens werd RWDM een te duchten concurrent voor stadsgenoot Anderlecht. In 1975 werd RWDM kampioen van België. Enkele maanden later kreeg Boskamp als eerste buitenlander ook de Gouden Schoen.

In Europa hield RWDM het echter niet lang vol. Reeds in de tweede ronde van de Europacup I werden Boskamp en zijn ploegmaats uitgeschakeld door Hajduk Split. In België verdween RWDM zelden uit de top vijf. In het seizoen 1976/77 bereikten de Brusselaars bovendien ook de halve finale van de UEFA Cup. Begin jaren 80 zakte het team terug naar de middenmoot. In 1981 nam Boskamp van februari tot maart ook even de leiding als trainer. Een jaar later verliet hij de club.

Lierse[bewerken]

In 1982 trok de 34-jarige middenvelder naar Lierse SK. Daar werd hij klaargestoomd voor een carrière als trainer. Hij voetbalde twee seizoenen op het Lisp en wist daarin telkens uit de degradatiezone te blijven. In die periode was hij bij Lierse een ploeggenoot van onder meer Herman Helleputte, Eddy Snelders, Stan Van den Buys en landgenoot Ronald de Vos van Steenwijk.

Statistieken[bewerken]

Seizoen Club Competitie Wed. Goals
1966/67 Vlag van Nederland Feyenoord Eredivisie 1 0
1967/68 15 2
1968/69 10 0
1969/70 Vlag van Nederland Holland Sport (huur) 31 7
1970/71 Vlag van Nederland Feyenoord 22 2
1971/72 21 4
1972/73 5 1
1973/74 28 5
1974/75 Vlag van België RWDM Eerste klasse 33 5
1975/76 32 6
1976/77 28 4
1977/78 30 7
1978/79 32 6
1979/80 28 2
1980/81 26 3
1981/82 29 3
1982/83 Vlag van België Lierse SK 29 2
1983/84 31 1
TOTAAL 431 60

Nationale ploeg[bewerken]

Boskamps prestaties bij RWDM ontgingen ook de KNVB niet. In 1978 werd de middenvelder twee keer geselecteerd voor Oranje. Zijn officiële debuut voor de nationale ploeg maakte hij op 5 april 1978 in een vriendschappelijk duel tegen Tunesië. Het was toenmalig bondscoach Ernst Happel, die hij nog kende van bij Feyenoord, die hem opriep. Nederland won met 0-4, Boskamp mocht na 65 minuten invallen voor Willy van de Kerkhof.

Vervolgens mocht Boskamp ook mee naar het wereldkampioenschap in Argentinië. Happel nam de potige middenvelder mee als bankzitter. In de groepsfase mocht hij één keer invallen. Tegen Schotland verving hij na 10 minuten de geblesseerde Johan Neeskens. Oranje verloor het duel met 3-2, maar stootte wel door naar de volgende ronde. Boskamp kwam later in het toernooi niet meer in actie.

Carrière als trainer[bewerken]

Lierse[bewerken]

In 1984 nam Boskamp bij Lierse het roer over als trainer. In zijn eerste seizoen slaagde hij er in om met Lierse opnieuw net boven de degradatiezone te eindigen. Maar in 1986 werden de Pallieters laatste en zakte het elftal naar tweede klasse. Reeds toen had Boskamp een oog voor jonge talenten. In 1986 liet hij de 16-jarige Gert Verheyen bij Lierse debuteren. In 1986/87 werd Boskamp aan de deur gezet en opgevolgd door Marcel Vets.

Denderhoutem en Beveren[bewerken]

Eind jaren 80 ging Boskamp in Oost-Vlaanderen aan de slag. Eerst trainde hij het bescheiden Verbroedering Denderhoutem, nadien nam hij KSK Beveren onder zijn hoede. De club had het moeilijk in eerste klasse en zakte na Boskamps komst naar tweede klasse. De Rotterdammer loodste het team echter meteen terug naar het hoogste niveau. Beveren werd in 1991 kampioen in de tweede afdeling. Een jaar later nestelden de Waaslanders zich opnieuw veilig in de middenmoot.

KV Kortrijk[bewerken]

KV Kortrijk degradeerde in 1992 naar de tweede klasse en deed ook een beroep op Boskamp. Hij probeerde de West-Vlamingen terug naar eerste klasse te loodsen, maar kreeg plots een onverwachte aanbieding van topclub RSC Anderlecht.

RSC Anderlecht[bewerken]

Manager Michel Verschueren, die hij nog kende van bij RWDM, stelde hem bij voorzitter Constant Vanden Stock voor als opvolger van Luka Peruzović. De Kroaat stond afgetekend aan de leiding met Anderlecht maar werd toch ontslagen. Vanden Stock volgde Verschueren, hoewel hij Boskamp aanvankelijk niet vond passen bij de stijl van het huis. Na zijn aanstelling als nieuwe hoofdcoach werd Boskamp verplicht om vaker een maatpak en das te dragen.

De supporters steunden de komst van Boskamp niet. Peruzović kon goede resultaten voorleggen en was in hun ogen zonder duidelijke reden ontslagen. Maar Boskamp zette het werk van zijn voorganger met succes voort en veroverde in 1993 zijn eerste titel als trainer. Met spelers als Luc Nilis, Marc Degryse, Philippe Albert en Filip De Wilde beschikte hij over een sterk team. In 1994 pakte hij met Anderlecht de dubbel. Het seizoen werd enkel overschaduwd door een snelle uitschakeling in de Champions League. Zo gaf Anderlecht in december 1993 in een wedstrijd tegen Werder Bremen een 0-3-voorsprong uit handen. De Duitsers wonnen uiteindelijk nog met 5-3.

In 1995 pakte Boskamp een derde landstitel op rij. Hij trad daarmee in de voetsporen van Bill Gormlie en Pierre Sinibaldi. Zij wonnen in respectievelijk de jaren 1950 en 60 ook drie titels op rij met paars-wit. Na zijn derde titel hield de Rotterdammer het voor bekeken. Hij stapte op en Anderlecht nam Herbert Neumann aan als zijn opvolger. De Duitser werd echter in Europa meteen uitgeschakeld en mocht reeds in augustus zijn koffers pakken. Raymond Goethals werd even trainer ad-interim terwijl Verschueren probeerde om Boskamp terug te halen. Boskamp zegde toe en werd in 1996 vicekampioen met Anderlecht. Een jaar later werd paars-wit slechts vierde en gingen Boskamp en Anderlecht opnieuw uit elkaar.

AA Gent, Dinamo Tbilisi en bondscoach[bewerken]

Boskamp verhuisde naar AA Gent, waar hij Lei Clijsters opvolgde. In zijn eerste seizoen eindigde hij met de Buffalo's op de achtste plaats. Een seizoen later werd hij al in oktober ontslagen.

Hij zat vervolgens een tijdje zonder club. In 1999 ging hij in Georgië aan de slag. Hij trainde er Dinamo Tbilisi en was er tevens bondscoach van het nationale elftal. Hij werd met Tbilisi kampioen na een 7-1 zege tegen Goeria Lantsjchoeti.

Genk[bewerken]

In de loop van het seizoen 1999/00 keerde Boskamp terug naar België. Hij volgde in februari 2000 Jos Heyligen op bij Racing Genk. Onder zijn leiding won Genk de beker na een klinkende 4-1 zege tegen Standard Luik. Genk mocht opnieuw Europa in, maar daarin werd Boskamps team uitgeschakeld door Werder Bremen. Vlak voor de winterstop werd hij aan de deur gezet.

Midden-Oosten[bewerken]

Begin 21e eeuw koos Boskamp voor enkele financieel aanlokkelijke opdrachten in het Midden-Oosten. Eerst trainde hij Al-Wasl Club in de Verenigde Arabische Emiraten, wat later werd hij in Koeweit coach van Kazma SC. Hij werd in die periode ook aangesteld als bondscoach van Koeweit.

Stoke City en Standard[bewerken]

In 2005 verhuisde Boskamp naar Engeland. Hij werd trainer bij tweedeklasser Stoke City. Hij vond er onder meer Ed de Goey, Carl Hoefkens en Junior terug. Na onenigheid met het bestuur stapte hij na reeds een seizoen op. Stoke City trok vervolgens opnieuw zijn voorganger Tony Pulis aan als coach.

Boskamp werd in 2006 verrassend trainer bij Standard Luik. Bij de Rouches liet hij jonge talenten als Axel Witsel en Marouane Fellaini debuteren. Maar het team draaide niet en dus werd hij al in augustus ontslagen. Toenmalig technisch directeur Michel Preud'homme nam het roer over en bereikte dat seizoen nog de finale van de beker met Standard.

Dender[bewerken]

Aan het einde van zijn trainerscarrière keerde Boskamp terug naar twee oude liefdes. Eerst was hij actief bij FCV Dender EH, het vroegere Denderhoutem, nadien opnieuw bij Beveren. Bij Dender werd hij in november 2007 aangenomen. De club was voor het eerst naar de hoogste afdeling gepromoveerd. Boskamp slaagde erin om met Dender in eerste klasse te overleven, maar kreeg het dan aan de stok met zijn assistent Patrick Asselman. De club eindigde in 2008/09 in de degradatiezone en werd verwezen naar de eindronde. Daarin eindigde Dender achter KSV Roeselare. Op 19 mei 2009 werd hij ontslagen. Asselman volgde hem op.

Beveren[bewerken]

Beveren contracteerde hem op 29 mei 2009 voor drie seizoenen. Hij was er eerder coach van 1989 tot 1992. Met zijn aanstelling wilde Beveren zich verzekeren van een snelle terugkeer naar het hoogste niveau. De club was echter niet tevreden over zijn prestaties. Op 28 december 2009 besloot de club vanwege de voorlaatste positie in tweede klasse Boskamp te ontslaan. Hij kampte toen ook met gezondheidsproblemen.

Na zijn trainersloopbaan werd hij actief als scout van Feyenoord. Hij is ook goed bevriend met de Georgiër Merab Zjordania, die van 2010 tot 2013 eigenaar was van Vitesse. In 2011 legde hij een aanbieding om scout te worden in dienst van Manchester City naast zich neer.

Palmares[bewerken]

Als speler[bewerken]

Competitie Aantal Jaren
Nationaal
Nederlands kampioen 3x 1969, 1971, 1974
KNVB Beker 1x 1969
Belgisch kampioen 1x 1975
Trofee Jules Pappaert 1x 1975
Europees
Wereldbeker voor clubs 1x 1970
UEFA Cup 1x 1974
Individueel
Gouden Schoen 1x 1975
Man van het Seizoen 2x 1975, 1978

Als trainer[bewerken]

Competitie Aantal Jaren
Nationaal
Belgisch kampioen 3x 1993, 1994, 1995
Beker van België 2x 1994, 2000
Belgische Supercup 1x 1993
Kampioen in Tweede Klasse Belgie 1x 1991
Georgisch kampioen 1x 1999

Persoonlijk[bewerken]

Kenmerkend voor Boskamp zijn o.a. zijn bulderlach, zijn Rotterdams accent en de vele bijnamen die hij aan voetbalspelers geeft. Zo noemde hij Marc Degryse steevast "de kleine". In 2008 verscheen zijn biografie "Geen Gezeik" bij uitgeverij Borgerhoff & Lamberigts. Het boek stond zeven weken in de top tien van de Standaard Boekhandel en is ondertussen toe aan zijn derde herdruk.

Hij woont in het Belgische Relegem. Hij trouwde met zijn jeugdvriendin Jenny, bijgenaamd Jen. Zij overleed in 2001. Hij was actief als trainer van Genk toen hij een telefoontje kreeg dat ze in het ziekenhuis opgenomen moest worden.

Media[bewerken]

In België kreeg Boskamp nog wat extra bekendheid door zijn medewerking aan het tv-programma FC Nerds.

In 2009 was Boskamp in de cinemazalen te zien als Kabouter directeur in de Kabouter Plopfilm Plop en de kabouterbaby.

Boskamp schuift sinds het seizoen 2010-2011 geregeld aan bij het voetbalprogramma Voetbal International. In 2012 was Boskamp ook regelmatig te zien in VI Oranje. In België is hij vaak te gast in Extra Time op Canvas en in een Champions League-programma van 2BE.

Voor de actie van S.O.S kinderdorpen veilde Boskamp zijn Gouden Schoen voor het goede doel. Op het gala van de Gouden Schoen kreeg hij deze echter terug van de redactie van Het Laatste Nieuws.

In september 2013 werd zijn autobiografie getiteld Jan Boskamp - Geen Gezeik nummer één op de CPNB lijst van bestverkopende boeken, uitzonderlijk voor een non-fictie-uitgave in Nederland.

Trainerscarrière[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Wikiquote Wikiquote heeft een of meer citaten gerelateerd aan Johan Boskamp.
Bronnen, noten en/of referenties
Voorganger:
Paul Van Himst
Gouden Schoen
1975
Opvolger:
Rob Rensenbrink
Voorganger:
François Janssens
Man van het Seizoen
1975
Opvolger:
Paul Courant
Voorganger:
René Verheyen
Man van het Seizoen
1978
Opvolger:
Jean Janssens