Raymond Westerling

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken

Raymond Pierre Paul Westerling (Istanboel, 31 augustus 1919Purmerend, 26 november 1987), bijgenaamd de Turk, was de eigenzinnige en omstreden commandant van de speciale troepen in Nederlands-Indië/Indonesië in de jaren 1946-1948. Hij is vooral bekend geworden door zijn omstreden optreden tijdens de contraterreur-campagne in Zuid-Celebes in 1946/1947 en door een mislukte coup, kort na de soevereiniteitsoverdracht, gericht tegen het Indonesische bewind.

Westerling in Indië Bron:Archief NIMH

Inhoud

[bewerken] Istanbul

Westerling was een telg uit een koopmansgeslacht met Nederlandse wortels dat al generaties lang gevestigd was in Istanboel. In die cosmopolitische omgeving had hij een aantal talen vloeiend leren spreken, maar zijn kennis van het Nederlands was matig. Westerling sprak dus matig Nederlands met een Turks accent. Overigens is altijd onduidelijk gebleven of Westerling wel de Nederlandse nationaliteit bezat. Zijn Turkse achtergrond en het door Westerling nooit weersproken gerucht dat hij zou zijn overgegaan tot de islam, zouden later bijdragen aan het ontzag dat zijn Indonesische tegenstanders voor hem hadden. Westerling werd omdat hij in in Turkije was geboren 'de Turk' genoemd.

[bewerken] West-Europa

Na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog meldde Westerling zich bij het Nederlandse consulaat voor de militaire dienst. Hij belandde via Canada in Engeland, waar hij een commando-opleiding zou krijgen. In het bevrijde zuiden van Nederland werd hij instructeur bij de herrijzende Nederlandse krijgsmacht. Op 10 maart 1945 raakte Westerling gewond door een Duitse aanval met V-1-raketten.

[bewerken] Sumatra

Toen de oorlog in Europa ten einde was trad Westerling in dienst van het KNIL. Na een tussenstop in Ceylon werd hij uitgezonden naar Medan op Sumatra in Nederlands-Indië. Zijn opdracht was om het herstel van het Nederlandse gezag daar voor te bereiden en Nederlandse krijgsgevangen en burger-geïnterneerden op te sporen. Formeel stond Westerling hier onder Brits bevel, maar hij ging vooral zijn eigen weg, waarbij hij opviel door zijn organisatietalent en leiderskwaliteiten.

[bewerken] Zuid-Celebes-affaire

In juli 1946 kreeg Westerling als tweede luitenant het commando over het Depot Speciale Troepen (DST), een in de contra-guerrilla gespecialiseerde eenheid, die voornamelijk werd gevormd door Indo-Europese en inheemse militairen van het KNIL en Oorlogsvrijwilligers uit Nederland. J.C.A. Faber was een van zijn officieren. Westerlings eerste grote missie was herstel van het Nederlandse gezag in Zuid-Celebes, waar de nationalisten, door het uitoefenen van terreur, de terugkeer van het Nederlandse bestuur probeerden te verhinderen. Westerling gaf daar leiding aan een contraterreur-campagne, die later bekend is geworden als de ‘Zuid-Celebes-affaire’, en waarbij duizenden, vaak onschuldige, Indonesiërs werden omgebracht. Volgens de Indonesische schrijver Pramudya Ananta Toer zijn er bij deze acties 40.000 Indonesiërs omgebracht (ref. Jalan Raya Pos - Jalan Daendels door deze schrijver). Algemeen wordt echter aangenomen dat het getal 40.000 nationalistische propaganda was. Serieuze schattingen spreken van 4000 tot 5000 doden.

[bewerken] Affaire Aernout

Kapitein Raymond Westerling heeft nog opdracht gekregen om, samen met Mr. Haye, onderzoek naar de "Affaire Aernout", de moord op Rob Aernout, de vermoedelijke gifmoord op generaal Simon Spoor en de sabotage van het vliegtuig van de luchtmachtcommandant van Java, overste Terluin, in te stellen maar veel documenten bleken verdwenen en op 25 augustus 1948 kreeg Westerling opdracht onmiddellijk zijn onderzoek te staken en alle stukken af te geven aan Mr. Haye, de auditeur-militair bij de Krijgsraad te Velde te Bandoeng.De inmiddels gearresteerde verdachten moesten worden vrijgelaten. Op 9 november 1949 overleed mr. Haye op 49-jarige leeftijd na hoogstwaarschijnlijk te zijn vergiftigd. Ook Raymond Westerling en Johan Heinrich Christoffel Ulrici zijn, volgens eigen getuigenissen, bijna het slachtoffer van een gifmoord geworden.

[bewerken] Jogjakarta

De militaire confrontatie tussen Nederland en de Republik Indonesia duurde tot ver in het jaar 1949. Gedurende die tijd werd het DST, later omgedoopt tot het Korps Speciale Troepen (KST), vooral ingezet voor zuiveringsacties die bedoeld waren om de reguliere troepen meer lucht te geven. De parachutisten van het KST kwamen in actie tijdens en na de Tweede Politionele Actie. Hun meest spectaculaire operatie was de luchtlandingsraid op het Republikeinse regeringscentrum in Jogjakarta, aan het begin van de Tweede Politionele Actie (december 1948). Hierbij werden Soekarno en andere republikeinse leiders gevangen genomen. Kapitein Westerling was daar niet bij. Hij had kort tevoren, wegens een meningsverschil over het te voeren beleid, ontslag genomen uit de dienst.

[bewerken] Bandoeng

Met zijn ontslag uit de dienst was de rol van Westerling overigens nog niet uitgespeeld.

Na de soevereiniteitsoverdracht (27 december 1949) ontstond grote onrust onder de Molukse militairen van het KNIL. Door het naderende vertrek van de Nederlanders dreigden zij in een onmogelijke positie te geraken. Zij vreesden dat zij, als trouwe helpers van de koloniale overheersers, in de strijdkrachten van het onafhankelijke Indonesië niet met open armen zouden worden ontvangen. Terugkeer naar de Molukken, onderdeel van de deelstaat Oost-Indonesië, leek ook geen aantrekkelijke optie. De algemene verwachting was namelijk dat de Indonesische regering spoedig een eind zou maken aan de autonomie van de deelstaten - een Nederlandse creatie waar Soekarno c.s. alleen mee akkoord waren gegaan om Nederland tot de soevereiniteitsoverdracht te bewegen.

Te midden van deze woelingen stelde Westerling zich aan het hoofd van een coup tegen de Indonesische regering. Het was de bedoeling dat Indonesische tegenstanders van Soekarno c.s., waarvan werd beweerd dat zij over een geheim leger (APRA) beschikten, de macht in Indonesië zouden grijpen en de autonomie van de deelstaten zouden veiligstellen. Het kostte Westerling niet veel moeite om een aantal KNIL-militairen, met name Moluks personeel van wat inmiddels het Regiment Speciale Troepen (RST) was gaan heten, bereid te vinden in actie te komen.

In januari 1950 overvielen zij met succes het Republikeinse hoofdkwartier in Bandoeng, waarbij aan Indonesische zijde veel doden vielen, maar daar bleef het bij. Vervolgacties om de ontstane verwarring uit te buiten kwamen niet van de grond en de coup werd dan ook een volslagen mislukking. Volgens Westerling was dit te wijten aan de toevallige ontdekking van voorbereidende acties van de coupplegers in de omgeving van Djakarta door een Nederlandse officier die niet in het complot zat en die meteen alarm sloeg. Ook zou een Nederlandse politiecommissaris in Djakarta die in het complot zat en die voor wapens had moeten zorgen, op het cruciale moment slappe knieën hebben gekregen en het hebben laten afweten.

125 militairen die aan de coup hadden deelgenomen, allen behorende tot het RST, verschenen voor een Nederlandse krijgsraad en werden tot gevangenisstraffen veroordeeld. Zij zaten hun straf vervolgens uit in Nederlands Nieuw-Guinea. Westerling wist, geholpen door Nederlandse militairen, met een watervliegtuig te ontsnappen naar Singapore.

[bewerken] Nederland

Na langdurige omzwervingen, waarbij voortdurend uitlevering aan Indonesië dreigde, kwam Westerling uiteindelijk in Nederland aan. Daar leidde hij, afgezien van een mislukte carrière als operazanger, een betrekkelijk onopvallend leven. Hij publiceerde in 1952 zijn memoires en voorzag later in zijn levensonderhoud als winkelier in tweedehands boeken, hoofdzakelijk militaire geschiedenis, in de Ter Haarstraat te Amsterdam (oud West).

[bewerken] Zie ook

[bewerken] Externe links

[bewerken] Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties:

  • Jong, Loe de, Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog, deel 12, Sdu, 's-Gravenhage, 1988
  • Moor, J.A. de, Westerlings Oorlog, Indonesië 1945-1950, Balans, 1999
  • Westerling, de eenling, Uitgeverij Spoor, Amsterdam, 1982; vertaald uit het Frans: Dominique Venner: Westerling: guérilla story, Uitgeverij Hachette, reeks « Les Grands aventuriers », Parijs, 1977

 
Persoonlijke instellingen
Boek maken