René De Clercq (dichter)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
René De Clercq (dichter)
Gedenkbeeld René De Clercq in Deerlijk
Gedenkbeeld René De Clercq in Deerlijk
Algemene informatie
Volledige naam René Desiderius Declercq
Ook bekend als René De Clercq
Geboren 14 november 1877, Deerlijk
Overleden 12 juni 1932, Maartensdijk
Land Vlag van België België
Dbnl-profiel
Website
Portaal  Portaalicoon   Literatuur

René De Clercq, geboren René Desiderius Declercq (Deerlijk, België, 14 november 1877 - Maartensdijk, Nederland, 12 juni 1932) was een Vlaams schrijver, dichter, politiek activist en componist.

Levensloop[bewerken]

René De Clercq werd in Deerlijk geboren op 14 november 1877 in het huis, toen herberg Het Damberd, dat nu zijn museum herbergt. De schrijfwijze 'De Clercq' is een vervlaamsing van de originele naam 'Declercq' zoals op zijn geboorteakte geregistreerd stond. Zijn vader, Carolus-Ludovicus De Clercq (1831-1893), was een kleine vlashandelaar, herbergier en touwslager en verzorgde de hele vlasbewerking vanaf het zaaien tot het zwingelen. Van het afval werden ’s winters koorden gedraaid. Zijn moeder, Pauline Gheysens (1836-1906), was de tweede vrouw van Charles De Clercq. De man was al gehuwd geweest met Cordula D’heygere. In totaal kreeg hij zestien kinderen, van wie René de voorlaatste was. Na de geboorte van het laatste kind, Rachel, verhuisde Charles naar de herberg De Valke op de hoek van de Harelbekestraat en de Kleine Pontstraat, nu Comm. Edmond Ameyestraat.

Hij ging in 1896 eerst geneeskunde studeren aan de Universiteit van Gent maar schakelde al snel over op Germaanse filologie. De Clercq raakte via Emmanuel De Bom betrokken bij het literair tijdschrift Van Nu en Straks en in 1901 was hij voorzitter van Rodenbach's Vrienden, Taalkundig Studentengenootschap, dat Julius Mac Leod steunde in zijn strijd voor vernederlandsing van de universiteit. In het literair blad Jong Vlaanderen publiceerde hij het euforisch essay "Krachtstorm", over de ontvoogding van het cultuurarme Vlaanderen. Hij ging na zijn promotie in 1902 les geven in Nijvel, Oostende en Gent. In Gent richt hij met Gustaaf De Smet het Algemeen Kunstverbond voor Beide Vlaanderen op, een culturele vereniging voor de kunst der letteren en beeldende kunsten.

De Duitse inval in augustus 1914 brengt De Clercq ertoe te vluchten naar Nederland, waar hij aan de Belgische School in de Van Ostadestraat in Amsterdam les ging geven. Hij werd redacteur van het literair tijdschrift "De Vlaamsche Stem", een blad dat in februari 1915 werd opgericht voor Belgen van Vlaamse afkomst. Hij schrijft hierin gedichten waarin hij de Vlaamse ontvoogding bepleit. Het blad geraakt in mei 1915 wanneer het blad met Duitse financiële hulp wordt overgenomen door de Groot-Nederlandsgezinde Carel Gerretson onder Vlaams-nationale invloed. Ook De Clercq evolueert mee en wordt een Vlaams activist, nadat een met hoofdredacteur Alberik Deswarte op 11 juli verstuurd telegram aan Koning Albert I dat de eentaligheid van Vlaanderen bepleitte, negatief beantwoord werd. Het blad waarvan hij inmiddels zelf de hoofdredactie deelde met Antoon Jacob, wordt een anti-Belgisch blad. Koning Albert I doet daarop vanachter het IJzerfront een Koninklijk Besluit uitgaan dat hem de onderwijsbevoegdheid afneemt. Het blad gaat in 1916 ter ziele wegens geldgebrek, nadat het de censuur aan geallieerde zijde niet meer doorkomt en dus ook niet meer aan het IJzerfront geraakt.

De Nederlandse dominee uit Gent Jan Derk Domela Nieuwenhuis Nyegaard haalt hem in 1916 over lid te worden van Jong-Vlaanderen. De Clercq had de aandacht getrokken vanwege zijn redacteurschap van het ballingentijdschrift Dietsche Stemmen, een blad waarin de Groot-Nederlandse gedachte uitvoerig bejubeld werd. De Clercq publiceerde er eind 1915, begin 1916 een hekelschrift in aan de Belgische regering in ballingschap in Le Havre, "Havere tegen Vlaanderen". In 1916 wordt hij redacteur van " De Toorts", een blad dat tot doel had het Vlaams activisme dat in Nederland als collaboratie gezien werd, te ondersteunen. Hij wordt bestuurslid van het "tijdelijk in Holland gevestigde" "Nationaal Vlaamsch Komiteit tot Verdediging van de Vlaamsche Zaak in België", dat begin 1917 de Amerikaanse president Wilson een telegram, en de Belgische premier Charles de Broqueville een brief zendt waarin de Vlaamse kwestie bepleit wordt. Het comité gaat in mei 1917 op in de "Dietsche Bond".

De oprichting van de Raad van Vlaanderen in mei 1917 haalde in juli 1917 De Clercq over terug te keren naar Vlaanderen. Hij opteert van juli 1917 als lid van de Raad voor een zelfstandig Vlaanderen dat op zal gaan in een Groot-Nederland en verwerkt dat in zijn gedichten van die tijd. "Daar is maar één Vlaanderen", een lied van hem uit 1917, getoonzet door Jef Van Hoof, groeit uit tot het officieuze volkslied van de Vlaams-activisten. Op 22 december 1917 roept de Raad daadwerkelijk de Vlaamse onafhankelijkheid uit. De Clercq is op dat moment ook hoofdredacteur van de Gazet van Brussel en bejubelt het gebeurde. Van de Dietsche Bond wordt hij ondervoorzitter. Op instigatie van de Duitse gouverneur-generaal voor België Freiherr von Falkenhausen wordt hij benoemd tot conservator in het Brusselse Wiertz-museum. In november 1917 maakt hij een culturele tournee door Duitsland waar hij door de Deutsch-Vlämische Gesellschaft hartelijk onthaald wordt. In januari 1918 wordt hij ondervoorzitter van de Raad van Vlaanderen en bereidt hij de "volksraadplegingen" voor. Ook bij de oprichting in Vlaanderen van afdelingen van de Deutsch-Vlämische Gesellschaft is hij betrokken. Maar zodra president Wilson in oktober 1918 - het nakende Duitse verlies aan het Westelijk front is inmiddels onafwendbaar - de onvoorwaardelijke terugtrekking van Duitsland uit Vlaanderen eist, vluchten de leden van de Raad van Vlaanderen naar Nederland en Duitsland.

KONIJNTJE


Konijntje kan zijn oortjes stellen,
Konijntje kan zijn oogjes schuinen,
heeft al zeven springgezellen
om te hollen op de duinen.
Langoor, Schuinoog, Huppelbeentje
droomt nu in zijn eentje.

Onze baby's, Amsterdam (De Hooge Brug), 1920

De vrees voor Repressie na de wapenstilstand doet De Clercq terugvluchten naar Nederland waar hij het over hem in België in 1920 uitgesproken doodvonnis per brief verneemt. Hij bracht zijn verdere leven door met het onderwijzen van kinderen van andere gevluchte Vlaamse activisten en het publiceren van zijn werken. In 1920 gaat hij op tournee door Nederland met zelfgeschreven muziekwerken die hij met een combo uitvoert. Ook voor de Dietsche Bond en De Toorts blijft hij actief, en in Duitsland houdt hij regelmatig lezingen over de Vlaamse en Duitse letteren. Pas in 1929, nadat de Amnestiewet van kracht is geworden, keert hij eenmalig voor een kort bezoek terug in Vlaanderen.

René De Clercq overleed op 54-jarige leeftijd in Maartensdijk. Hij werd begraven in Lage Vuursche.

Eerbetoon[bewerken]

In 1940 werd de straat waar hij is geboren, omgedoopt tot René De Clercqstraat. Vijftig jaar na zijn dood werd De Clercq herbegraven in zijn geboorteplaats Deerlijk, waar een grafmonument en een museum hem verder eren.

In Deerlijk beheert het René De Clercqgenootschap zijn culturele nalatenschap. Elk jaar herdenkt deze organisatie, in samenwerking met Ic Dien, zijn sterfdag aan het grafmonument bij de Sint-Columbakerk. Daarbij worden onder meer liederen en gedichten van De Clercq gezongen en voorgedragen.

Werken[bewerken]

$ = roman, de rest is behoudens vermelding van uitzondering poëzie.

  • 1896 - Gedichten
  • 1898 - Het Lied van Bacchus
  • 1898 - Halewijn's straf
  • 1900 - Echo's
  • 1900 - Ideaal, een sonnettenkrans
  • 1901 - Leus
  • 1902 - Guido Gezelle's dichtwerk, eenige esthetische beschouwingen (proefschrift)
  • 1902 - De Vlasgaard: zangspel in drie bedrijven en vier tafereelen (toneelstuk)
  • 1902 - Natuur
  • 1903 - Terwe: een verhaal in verzen $
  • 1903 - Liederen voor het volk
  • 1905 - Verzameling vaderlandsche schoolzangen
  • 1907 - Gedichten
  • 1907 - Het lied van den arbeid
  • 1907 - Twee liederen: mezzo en sopraan (met medewerking van Willem Andriessen)
  • 1908 - Toortsen
  • 1908 - Wiegenlied: mélodie met pianobegeleiding
  • 1909 - Drie liederen: voor middenstem (met medewerking van Willem Andriessen)
  • 1910? - Zes liederen: elfde reeks (muziek van Emiel Hullebroeck; tekst o.a. van René de Clercq)
  • 1911 - Uit de diepten
  • 1911 - Een dag
  • 1912 - De hoeven (toneelstuk) (in samenwerking met Johan Lefèvre)
  • 1912 - Het Rootland $
  • 1913 - Harmen Riels: roman $ (autobiografie)
  • 1915 - De zware Kroon: verzen over den oorlogstijd (over de Duitse invallers)
  • 1915 - Van aarde en hemel
  • 1915? - Twee René De Clercq-liederen
  • 1915 - oorlog
  • 1916 - Uit zonnige jeugd
  • 1916 - De noodhoorn, vaderlandsche liederen
  • 1917 - Das Nothorn
  • 1917 - Vaderlandsche Liederen (Vlaamse uitgave van "De noodhoorn")
  • 1918 - Tamar: bijbelsch verhaal in verzen (vernoemd naar Tamar)
  • 1919 - Uilenspiegel: de legende en de heldhaftige, vrolijke en roemruchte daden van Uilenspiegel en Lamme Goedzak in Vlaanderenland en elders (naar Tijl Uilenspiegel) (vertaling van de liederen door René de Clercq)
  • 1919 - Maria Magdalena: bijbelsch verhaal in verzen (naar Maria Magdalena, apostel)
  • 1920/21 - Liederen, zangstem, piano (5 banden - partituren, met medewerking van Willem Andriessen)
  • 1920 - Onze baby's / Sjoerd Kuperus met gedichten van René de Clercq
  • 1921? - Klingklang, klokke-bei: zes meiliedjes (tekst: René de Clercq en David Tomkins, muziek: Catharina van Rennes)
  • 1921 - Adeste, zangstem, piano
  • 1921 - Avondlied, zangstem, piano
  • 1921 - Het boek der liefde
  • 1923 - De gouden vrouw
  • 1924 - De koele mei
  • 1925 - Meidoorn: verzen
  • 1926 - Het zonnefluitje (onder het pseudoniem H.C. Joesken)
  • 1927 - De noodhoorn (vermeerderde uitgave)
  • 1927 - Liederen voor Nederland en Vlaanderen
  • 1927 - Te lande
  • 1927 - Een wijnavond bij dr. Aldegraaf $
  • 1928 - Van aarde en hemel (heruitgave)
  • 1929 - Huibert Poot of dichter en boer
  • 1930 - Avonturen van Don Quichote $
  • 1930 - De Historie van Doctor Johannes Faustus (over Faust) $
  • 1930 - Voor-1830-na: een bundel opstellen en gedachten
  • 1932? - Kerstverlangen (muziek: Lieven Duvosel)
  • 1932 - Het beste uit de gedichten van René De Clercq (postuum)
  • 1934 - Kaïn, Saul en David, Absalom: treurspelen (toneelstukken) (postuum) (naar Kaïn, Saul, Koning David en Absalom)
  • 1937 - Nagelaten gedichten (postuum)
  • 1937 - Overgebleven gedichten (postuum)
  • 1937 - Meeningen van René De Clercq (postuum)
  • 1943 - Vaderlandsche liederen (heruitgave, postuum)
  • 1964 - Daar is maar één land (postuum)

Bibliografie[bewerken]

  • G. Depamelaere, René Declercq, uit liefde alleen …, Davidsfonds, Deerlijk, 1977
  • K. Hulpiau, René De Clercq (1877-1932): een monografie, Gent, 1986
  • W. Moens: De dooden leven: René De Clercq, Lodewijk Dosfel, Oscar de Gruyter en Karel van den Oever herdacht, essay, 1938
  • A.F. Pieck en B. Pieck, Dagboek 1917-1920/Herinneringen aan René de Clercq, Gooibergpers, Bussum, 1993
  • J. Vandommele, René De Clercq, Een romantisch dichter in het oog van een wereldstorm, René De Clercqstichting vzw, Deerlijk, 2006
  • J.J. Wijnstroom, Mededeelingen over René De Clercq, Van Soest, Amsterdam, 1937
  • J.J. Wijnstroom, Meeningen van René de Clercq, Van Soest, Amsterdam, 1937
  • J.J. Wijnstroom, René De Clercq’s levensloop, Van Soest, Amsterdam, 1937

Voorouders[bewerken]

René de Clercq wordt sterk geassocieerd met de gemeente Deerlijk, zijn geboorteplaats, waar eveneens het museum René de Clercq gevestigd is. Desalniettemin waren zijn voorouders niet enkel uit Deerlijk afkomstig, maar ook uit Sint-Denijs bij Zwevegem tot aan het einde van de 18de eeuw. Hieronder volgen zijn directe voorouders:

  • Joseph Ignace Declercq (woonde in Sint-Denijs voor hij huwde, is overleden te Sint-Denijs op 22-02-1792) huwde te Vichte op 12-10-1774 met Marie Joanna Thérèse D'Haveloose uit Vichte. De huwelijksgetuige was Pierre Declercq.
    • Jean-Baptiste Declercq (geboren in Sint-Denijs op 14-10-1779, is overleden te Deerlijk op 28-03-1848) huwde met Rosalia Halsberghe (geboren te Otegem op 04-03-1789, overleden te Deerlijk op 11-11-1858)
      • Charles Louis Declercq (geboren te Deerlijk in 1831, is overleden te Deerlijk in 1893) huwde met Pauline Gheysens (geboren in 1836 en overleden in 1906)
        • René Desiderius Declercq

Externe links[bewerken]