Vrijzinnig Democratische Bond

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vrijzinnig-Democratische Bond
Afbeelding gewenst
Functiehouders
Partijvoorzitter Eerke Alber Smidt / Willem Treub (1901-1905)
Henri Pieter Marchant (1905-1908)
Leendert Nicolaas Roodenburg (1914-1916)
Joseph Limburg (1919-1920)
Willem Hendrik Martinus Werker (1921-1925; 1929-1933)
Roelof Kranenburg (1925-1929; 1933-1937)
Marcus Slingenberg (1937-1941)
Dolf Joekes (1941-1943)
Jan Schilthuis (1945-1946)
Geschiedenis
Opgericht 17 maart 1901[1]
Opheffing 1946
Fusie van Radicale Bond met linkervleugel van de Liberale Unie
Opgegaan in PvdA
Algemene gegevens
Actief in Nederland
Richting Centrum-Links
Ideologie Progressief liberalisme, kathedersocialisme
Portaal  Portaalicoon   Politiek
Nederland

De Vrijzinnig-Democratische Bond (VDB) was een progressief-liberale partij in Nederland.

De VDB is opgericht in 1901 en in 1946 opgegaan in de PvdA.

Geschiedenis[bewerken]

Ontstaan en eerste periode (1901-1918)[bewerken]

Progressieve liberalen splitsen zich in 1892 op initiatief van de kiesvereniging Amsterdam van de Liberale Unie af en vormen de Radicale Bond. De Radicale Bond wordt geleid door Willem Treub. De partij staat voor een verregaande uitbreiding van het kiesrecht en van de sociale wetgeving. Zij is sterk beïnvloed door het kathedersocialisme.

In 1901 legt het bestuur van de Liberale Unie aan de partijvergadering voor om al haar kamerkandidaten te binden aan het algemeen kiesrecht. Nadat de partijvergadering deze binding afwijst, treden het partijbestuur, delen van de kamerclub en een deel van de kiesverenigingen uit de partij. Zij verbinden zich met de Radicale Bond en fuseren tot de Vrijzinnig Democratische Bond. De nieuwe partij noemt zich niet liberaal, maar neemt wel feitelijk de plaats van een progressief liberale partij in. De partij streeft naar hervorming van het ontstane kapitalisme en - onder leiding van Aletta Jacobs - naar vrouwenkiesrecht. Met geestverwanten uit de Liberale Unie legt de partij de grondslag voor het stelsel van sociale zekerheid.

Van 1905 tot 1908 maakt de partij deel uit van de liberale minderheidsregering-De Meester.

Na de verkiezingen van 1913, welke door de liberale partijen wordt gewonnen, tracht partijleider Dirk Bos een coalitie met de sociaaldemocraten te vormen. Deze poging mislukt en de VDB treedt toe tot een liberale minderheidsregering. Doel is invoering van het algemeen kiesrecht en het staatspensioen. Na een regeling met de confessionele partijen wordt een grondwetshervorming gerealiseerd. Het nieuwe kiesstelsel, gebaseerd op evenredige vertegenwoordiging, leidt tot een kleinere rol voor de VDB en de andere liberale partijen.

Wel slaagt de partij er in 1919 in het vrouwenkiesrecht door het parlement te krijgen. Hiertoe dient Henri Marchant, die de in 1916 overleden Dirk Bos opvolgde als fractievoorzitter en politiek leider, op 15 mei 1919 een initiatief-wetsontwerp in.

Interbellum (1919-1940)[bewerken]

In het gehele interbellum blijft de VDB een kleine partij. Voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog keert de partij zich fel tegen het nationaalsocialisme, maar ook tegen de toenemende maatschappelijke invloed van de rooms-katholieke zuil. Nadat Henri Marchants geheimgehouden bekering tot het katholicisme in 1934 openbaar werd, werd hij uit de VDB gestoten. De partij werd, evenals de overige democratische en antidemocratische politieke partijen en bewegingen met uitzondering van de NSB, in 1941 verboden door de Duitse bezetter.

Na de oorlog[bewerken]

Als gevolg van de doorbraakgedachte fuseert de VDB met de Sociaaldemocratische Arbeiderspartij (SDAP) tot de Partij van de Arbeid. Een deel sluit zich aan bij de nieuwe liberale Partij van de Vrijheid (PvdV). Kort na de fusie met de SDAP verlaat de oud-VDB-partijleider Pieter Oud de PvdA en verbindt zich met de PvdV. Dit leidt tot de oprichting van de Volkspartij voor Vrijheid en Democratie.

In 1953-1954 werd er onder leiding van Klaas Bijlsma een poging gedaan de VDB te heroprichten, zie Vrijzinnig Democratische Bond (1953). Deze poging was echter geen succes.

Het vrijzinnig democratisch gedachtegoed blijft politici van zowel de PvdA als de VVD inspireren. Velen van de in 1966 opgerichte partij Democraten 66 beschouwen deze partij als herleving van de VDB.

Partijprominenten[bewerken]

Vertegenwoordigers in de Tweede Kamer[bewerken]

  • 1901: 9 zetels van de 100
  • 1905: 11 zetels
  • 1909: 9 zetels
  • 1913: 7 zetels
  • 1917: 8 zetels
  • 1918: 5 zetels
  • 1922: 5 zetels
  • 1925: 7 zetels
  • 1929: 7 zetels
  • 1933: 6 zetels
  • 1937: 6 zetels

Vertegenwoordigers in de Eerste Kamer[bewerken]

  • 1922: 4 zetels van de 50
  • 1923: 3 zetels
  • 1926: 3 zetels
  • 1929: 4 zetels
  • 1932: 4 zetels
  • 1935: 3 zetels
  • 1937: 2 zetels

Deelname aan kabinetten[bewerken]

Politiek leiders[bewerken]

Fractievoorzitters in de Tweede Kamer[bewerken]

  • 1901-1901: Arnold Kerdijk
  • 1901-1916: Dirk Bos
  • 1916-1933: Henri Marchant
  • 1933-1937: Dolf Joekes
  • 1937-1938: Pieter Oud
  • 1938-1946: Dolf Joekes

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  • Klijnsma, M.H. (2008) Om de democratie. De Geschiedenis van de Vrijzinnig-Democratische Bond 1901-1946. Amsterdam: Uitgeverij Bert Bakker
  • Voerman, G. (1991) De vrijzinnig-democratische traditie: VDB tussen socialisme en liberalisme Amsterdam: Wiardi Beckmann Stichting
  • Embden, D. van (ca. 1926) Vrijzinnig-Democratische Bond: gedenkboek 17 maart 1901-1926 's-Gravenhage: Van Stockum