Pajottenland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vlaams-Brabantse gemeentes van het Pajottenland (rood), in roze de gemeentes die afhankelijk van de bron tot het Pajottenland gerekend worden, en in geel de gemeentes die gerekend worden tot de toeristische streek Pajottenland-Zennevallei.

Het Pajottenland is een eerder toeristisch dan geologisch bepaalde streek in Vlaams-Brabant, onderdeel van de Groene Gordel, begrensd door de steden Brussel, Halle, Edingen, Geraardsbergen, Ninove en Aalst. Kenmerkend voor de streek is het licht heuvelachtige en landelijke karakter, waardoor het soms als bijnaam het 'Toscane van het Noorden' wordt gegeven. Het betreft grotendeels het zuidwestelijk Brabants heuvellandschap tussen de rivieren de Dender en de Zenne.

Inwoners van dit gebied heten pajotten of pajotters.

Geschiedenis[bewerken]

De Lennikse advocaat F.J. De Gronckel gebruikte het woord Pajottenland, onder het pseudoniem Franciscus Josephus Twyfelloos, in een romantisch en ludiek geschrift, getiteld 't Payottenland zoo als het van onheugelyke tyden gestaen en gelegen is.[1] De tekst verscheen eerst als losse afleveringen in 1845, maar de bekendste verzameling werd als 3e druk in 1852 in Brussel uitgegeven. De guitige advocaat vond het woord uit als tegenhanger van het rond 1840 onder Leuvense studenten bekende Kerlingaland en plagieerde hiervoor zelfs het Kerelslied. De naam payot bestond al in 1789 en betekende huurling bij het Oostenrijkse leger. (Een affiche met de naam payotten werd in het woelige jaar 1789 opgehangen aan de deur van de paterskerk in Turnhout, zoals men kan lezen bij Jan Lindemans in Eigen Schoon en de Brabander van 1926.)

Payot was oorspronkelijk de Waalse benaming voor een soldaat uit de eigen streek, in tegenstelling tot de vreemde Oostenrijkse soldaten. Het woord is een afleiding van pays streek met het Franse suffix -ot en betekent dus streekgenoot en bij uitbreiding streekgenoot in het leger. De betekenis viel ongeveer samen met piot, (al in 1709 uit Frans piote, Van Dale), een algemeen bekend gewestelijk woord voor een infanterist of gewone soldaat. (In Tienen is de Piottengang het straatje dat van de Broekstraat naar de Kazerne of de nieuwe Arena loopt.)

Het Pajottenland was één van de kernen van de anti-concordatairen, beter bekend als Stevenisten.

Gebied[bewerken]

Het Pajottenland omvat in ieder geval de volgende huidige Vlaams-Brabantse fusiegemeenten:

Als we ons baseren op de geschriften van advocaat De Gronckel die het Pajottenland voor het eerst beschreef, behoren ook Liedekerke en de Ninoofse deelgemeenten Neigem en Lieferinge tot het Pajottenland. Ook een deel van het toen nog niet verbrusselde Anderlecht rekende hij bij deze streek.

Het Pajottenland is een vruchtbare landbouwstreek, met kleine dorpen. Het kenmerkende heuvelachtige landschap weerspiegelt zich in heuvels met namen als bergen zoals bv. Ledeberg, Kongoberg, Suikerenberg, IJsberg, Snikberg, Tomberg, Tuitenberg, Zwijnenberg en zelfs Putberg. Het hoogste punt in deze streek ligt op 112m boven zeeniveau.

Bezienswaardigheden[bewerken]

De oude café te Sint-Anna-Pede, tekening door Léon van Dievoet, 1936

Bekende landschappen zijn ook de Congoberg (in Vollezele), de Markevallei en de Zuunvallei (in Sint-Pieters-Leeuw).

In 2007 werden Gaasbeek en Onze-Lieve-Vrouw-Lombeek in een nationale verkiezing geselecteerd tot de 15 mooiste dorpen van Vlaanderen.

Lambiek[bewerken]

In het Pajottenland wordt nog de typische lambiek geproduceerd en de daarvan afgeleide geuze en fruitbieren zoals kriek(enlambiek) en frambozenlambiek, volgens authentieke procedés. Lambiek is ongetwijfeld het oudste van de nog bestaande bieren; het is zo goed als zeker dat het al rond 1300 gebrouwen werd.

Boek[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. 't Payottenland, gelyk het van oudtyds gestaen en gelegen is, Frans Jozef De Gronckel, 1845