Amerongse Bos (Het Utrechts Landschap)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Amerongse Bos
Natuurgebied
Amerongse Bos (Het Utrechts Landschap) (Utrecht (provincie))
Amerongse Bos (Het Utrechts Landschap)
Situering
Land Nederland
Locatie provincie Utrecht
Coördinaten 52° 0′ NB, 5° 30′ OL
Dichtstbijzijnde plaats Amerongen
Informatie
Beheer Utrechts Landschap
Foto's
Forest-IMG 4252.JPG
Portaal  Portaalicoon   Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug

Het Amerongse Bos is een natuurgebied in de Nederlandse provincie Utrecht bij Amerongen met een oppervlakte van 94 hectare. Het is een van de oudste bossen op de Utrechtse Heuvelrug. Sommige dennen dateren uit het midden van de 18e eeuw.[1] sinds 1977 is het bos eigendom van Utrechts landschap In het bos staan statige lanen met grote beuken. In het gebied zijn de overblijfselen van een ijssmeltwaterdal en voormalige rivierlopen van de rijn aanwezig, welke een invloed hebben op het landschap. Daarnaast ligt in het gebied de Amerongse Berg, die met zijn 69,2 meter boven het NAP het hoogste punt is van de provincie Utrecht.

Het bos is in opdracht van de kasteelheren van kasteel Amerongen aangelegd. Het strekt zich uit over de 69 meter hoge Amerongse Berg, het hoogste punt van de Utrechtse Heuvelrug. Aan de rand van het bos liggen oude akkers. In een van de gerestaureerde tabaksschuren is een informatiecentrum van Utrechts Landschap gevestigd.

Geschiedenis[bewerken]

Het Amerongse bos is gelegen op de Utrechtse Heuvelrug. De Utrechtse Heuvelrug is gevormd in het Saalien: de voorlaatste ijstijd. Een gletsjer vanuit Scandinavië vormde een stuwwal. Deze stuwwal is uiteindelijk de Utrechtse Heuvelrug geworden. Het smeltwater van de gletsjer spoelde grindhoudend zand naar lager gelegen gebieden. Deze afzetting ligt als waaiervormige glooiingen tussen Rhenen en Leersum. In de laatste ijstijd (het Weichselien) was er geen gletsjer in Nederland, maar wel permafrost. Hierdoor kon water van gesmolten sneeuw niet de bodem intrekken, en vormde het beekjes. Doordat deze beekjes zich in de ondergrond sneden ontstonden er “sneeuwsmeltwaterdalen”. In het westelijke deel van het Amerongse bos is zo’n sneeuwsmeltwaterdal duidelijk herkenbaar. [2]

Vroege geschiedenis[bewerken]

Sporen van jagers en verzamelaars uit de periode vlak na de laatste tijdperk zijn nauwelijks gevonden. De eerste sporen van mensen komen uit de periode van vroege landbouwers. Deze landbouwers kozen vooral de stuwwal en de uiterwaarden van de Rijn. Op deze stuwwal zijn enkele grafheuvels gevonden uit dat tijdperk. Ook zijn restanten van zogenaamde Celtic fields gevonden ten noorden van Amerongen. Deze restanten zijn zijn geconcentreerde akkercomplexen uit de ijzertijd.

Vanaf de middeleeuwen[bewerken]

Het dorp Amerongen bevond zich in het gebied tussen Rhenen en Dorestad. Dit gebied was een belangrijke centrum in het Frankische Rijk. Amerongen was in deze tijd een flankesdorp: een dorp op de rand van een zandgebied. Tijdens deze periode was Amerongen een agrarische nederzetting, waarvan veel agrarische producten werden geëxporteerd. Waarschijnlijk zorgde het transport van de producten voor de paden en weggetjes die vandaag de dag nog te vinden zijn in het Amerongse Bos. Het bos was een onderdeel van de “markte van Amerongen”. Tot 1378 werd er zoveel hout gekapt, dat het Amerongse Bos niet meer gezien kon worden als bos. Het bos was namelijk vrijwel boomloos geworden. Dit bleef het geval tot ver in de 18e eeuw. De beukenlaan is in 1724 aangelegd door de graaf. Deze beukenlaan heeft aan weerszijden een dubbele rij beuken. Rond 1760 begon de herbebossing van de zuidelijke heuvelrug. Tot de zuidelijke heuvelrug behoren zowel het Amerongse bos als de Elster bossen. Deze herbebossing van Amerongen is één van de eerste van heel de Utrechtse Heuvelrug. Het Amerongse bos is daardoor het oudste bos op de Utrechtse Heuvelrug


Tabaksteelt[bewerken]

Rond Amerongen is ruim 300 jaar tabaksteelt bedreven. De tabaksteelt vond plaats tussen 1645 en 1960 . Voor veel boeren was de tabaksteelt het hoofdmiddel van hun bestaan. Om de akkers te bemesten werden onder andere schapenmest en duivenmest gebruikt. In het zuiden van het Amerongse Eng zijn waterputten geslagen om water te winnen voor de tabaksteelt. Om de tabaksvelden heen stonden hagen van snijbonen om de tabaksplanten te beschermen tegen de wind. Momenteel zijn nog vier tabaksschuren aanwezig in het Amerongse Bos. Bij het bezoekerscentrum ‘De tabaksschuur’ wordt er nog op traditionele manier tabak gekweekt en gedroogd.


Ecologie[bewerken]

De bodem van het Amerongse Bos bestaat vooral uit holtpodzolgronden. Deze grond is zwak lemig, grofzandig en met grind vaak ondieper dan 40 cm. De gemiddelde laagste grondwaterstand in het Amerongse bos ligt dieper dan 180 cm, en de gemiddelde hoogste grondwaterstand ligt dieper dan 80 cm. Dit zorgt ervoor dat veel vegetatie in het Amerongse bos voor de watervoorziening afhankelijk is van hangwater: water in de bodem dat niet in contact staat met het grondwater. Tegenwoordig bestaat het Amerongse Bos uit een verscheidenheid aan bomen. De oudste bomen zijn grove dennen die stammen uit 1770. Gedurende de jaren zijn er voornamelijk Japanse lariksen en Douglas sparren aangeplant. Deze aanplanting vond vooral plaats na de Tweede Wereldoorlog waardoor veel van de aanwezige grote bomen tussen de 60 en 70 jaar oud zijn. Grote delen van het bos bestaan tegenwoordig uit gemengde opstanden van lariks, Douglas, grove den, berk en beuk. Maar ook enkele individuen van de Amerikaanse vogelkers en de fijnspar zijn te vinden. Naast bomen groeien er in het Amerongse Bos ook oudbosplanten. Echter, deze planten zijn schaars. Alleen adelaarsvarens komen algemeen voor. Andere voorkomende soorten zijn witte klaverzuring, valse salie, ruig klokje en gewone salomonszegel. Verder ligt in het bos één grote groeiplaats van de hengel. In de ondergroei staan soorten als blauwe bosbes, bochtige smele, dalkruid, eikvaren, lijsterbes, liggend walstro, vuilboom, stekelvarens en is op enkele plekken struikheide te vinden. deze soorten zijn minder dominant.

De beuk speelt van alle bomen de voornaamste rol in het bos. De verbonden beukenlanen vormen namelijk een netwerk door het bos. Daarnaast zijn de beuken ook essentieel voor andere organismen die in het bos voorkomen. Dood beukenhout is van belang voor de saprofytische paddenstoelen die in het bos voorkomen. Maar ook de boommarters en verschillende broedvogels nesten in de beuken. In 2010 zijn de broedvogels van het Amerongse Bos geïnventariseerd. Er werden toen 48 soorten broedvogels aangetroffen.

Ook verschillende zoogdieren maken gebruik van de beukenlanen zoals de boommarter en vleermuizen. In het bos komen verschillende vleermuissoorten voor, zoals de baardvleermuis, dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, rosse vleermuis en grootoorvleermuis. Overige zoogdiersoorten die voorkomen in het Amerongse Bos zijn: ree, vos, konijn, haas, egel, wezel, hermelijn, eekhoorn, mol en meerdere muizensoorten. Twee reptielensoorten zijn vastgesteld: hazelworm en levendbarende hagedis. Ook zandhagedissen en ringslangen zijn aangetroffen. Noemenswaardige insecten zijn de boomhommel en hoornaarwesp. Beide soorten bouwen nesten in de aanwezige boomholtes. Ook worden er verschillende mierensoorten gevonden als de glanzende houtmier, bruine houtmier en behaarde rode bosmier.

Het ecologische belang van het Amerongse Bos zit voornamelijk in het behoud van soorten en diversiteit, het bos huisvest vele soorten die terug te vinden zijn op de Rode Lijst. Broedvogels als de Boomvalk, Koekoek, Groene specht, Spotvogel, Grauwe vliegenvanger, Matkop, Huismus en de Ringmus zijn er te vinden, maar ook soorten als de kammetjesstekelzwam werden recentelijk aangetroffen op dood beukenhout. Als natuurgebied bevindt het Amerongse Bos zich op de Utrechtse Heuvelrug. Hiermee maakt het deel uit van een van de grootste groenstroken van Nederland. Ook ligt het bos het dichts bij de Veluwe en kan het voor vogels en zaden belangrijke stepping stone vormen tussen de 2 gebieden. De exacte invloed als stepping stone is echter nog onduidelijk. [3]


Beheer[bewerken]

Het Amerongse Bos is door de provincie Utrecht bestempeld als landelijk gebied categorie 4. Dit houdt in dat het bos voornamelijk als natuurgebied dient. Het Utrechts Landschap beheert het bos aan de hand van de 3 B’s: Beheer, Bescherming en Behoud.

Met het beheer probeert het Utrechts Landschap een goede balans te vinden tussen enerzijds de natuur haar werk te laten doen, en anderzijds in te grijpen om het bos gezond te houden. Zo ruimt het Utrechts Landschap omgevallen bomen niet op en wordt er niet ingegrepen om insecten en ziektes te bestrijden. Echter, er worden wel bomen gekapt om zogenaamde ‘toekomstbomen’ de ruimte te geven. Toekomstbomen zijn bomen die volgens de boswachter en andere experts de concurrentie om licht en nutriënten zullen winnen van de nabije bomen. De nabije bomen worden gekapt, waardoor ze de toekomstbomen niet onnodig hinderen. Ook probeert Het Utrechts Landschap met het beheer de biodiversiteit in het Amerongse Bos te verhogen. Een voorbeeld hiervan is het beplanten van nieuwe stukken grond met bloemen die veel insecten aantrekken. Om de biodiversiteit te verhogen wordt er ook inheems loofhout aangeplant. Er worden onder andere winterlindes en hazelaars aangeplant, en langs de perceelsranden wordt de zoete waterkers aangeplant. Dit wordt afgewisseld met kleine schrale open ruimtes met heidevegetaties. Tevens worden er beuken aangeplant in de beukenlanen, wat gunstig is voor de boommarter. Daarnaast probeert het Utrechts Landschap er voor te zorgen dat water in het bos aanwezig blijft, in plaats van dat het het bos uitstroomt. Hiervoor worden kuilen in de hellingen van het bos gegraven. In deze kuilen wordt het water opgevangen, zodat het niet de helling afstroomt.

Wel probeert het Utrechts Landschap het Amerongse Bos te beschermen tegen invasieve soorten. Zo worden de Amerikaanse vogelkers en de Amerikaanse Eik uit het gebied geweerd. Daarnaast voert het Utrechts Landschap ook een actief beheer uit om berenklauwen en uitheems naaldhout uit het Amerongse Bos te verwijderen.

Met het behoud wil het Utrechts Landschap het Amerongse Bos behouden voor de volgende generaties. Zo wordt er waar mogelijk nieuwe grond aangekocht om het gebied te uitbreiden. Echter, er wordt nooit grond verkocht. Hiermee wordt het voortbestaan van het bos gewaarborgd. [4]

Recreatie[bewerken]

De recreatieve mogelijkheden van het bos focussen zich voornamelijk rond de grote beukenlanen in het bos die zich uitermate geschikt zijn om te wandelen. In het bos ligt een voormalige tabaksschuur van Het Utrechts Landschap die dienst doet als informatiecentrum. Dit informatiecentrum doet ook dienst als start en eindpunt van verschillende boswandelingen die door Utrechts Landschap worden georganiseerd. Vanaf een uitzichtplatform aan de zuidkant van het gebied is Kasteel Amerongen en de Amerongse Bovenpolder te zien eveneens als de broedvogels in bovenpolder. Verder ligt er in het bos een mountainbike parcour, en is er een hondenlosloopgebied. [5]