Gereformeerde Gemeenten in Nederland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Gereformeerde Gemeenten in Nederland
Kerkgebouw te Opheusden
Indeling
Hoofdstroming protestantisme
Richting gereformeerd, calvinistisch
Voortgekomen uit Ger. Gem. in 1953
Afsplitsingen Ger. Gem. in Ned. (buiten verband) in 1980
Aard
Locatie Nederland, Noord-Amerika en Zuid-Afrika
Aantal leden 26.344. Nederland: 24.339, Noord-Amerika: 2005 (01-01-2018)
Karakter bevindelijk gereformeerd
Portaal:  Christendom
Protestantisme

Titelpagina Statenvertaling

in Nederland

..Stromingen

Lutheranisme
Lutheranisme
Vrijzinnig-Protestantisme
Vrijzinnig protestantisme
Midden-orthodoxie
Protestantse Kerk in Nederland
Modern-Gereformeerd
Voortgezette Gereformeerde Kerken in Nederland
Orthodox Protestantisme
Calvinisme
Gereformeerd protestantisme
Orthodox-protestantisme
Orthodox Gereformeerd
Orthodox-gereformeerden
Bevindelijk Gereformeerden
Bevindelijk gereformeerden
Evangelisch
Evangelisch Christendom

Kerkinterieur Gereformeerde Gemeente in Ned. te Barneveld
Gereformeerde Gemeente in Nederland De Beek-Uddel
Ds. F. Mallan was jarenlang hét gezicht van Gereformeerde Gemeenten in Nederland
Ontstaan van de verschillende stromingen in Nederland
Ontstaansgeschiedenis van kerken in Nederland

De Gereformeerde Gemeenten in Nederland (GGiN) vormen een kerkgenootschap van bevindelijk gereformeerd karakter, dat ontstaan is in 1953 na een scheuring in de Gereformeerde Gemeenten. Het kerkverband bestaat uit 48 Nederlandse gemeenten, 4 gemeenten in Noord-Amerika (deze staan bekend als Reformed Congregations in North America, en een gemeente in Pretoria (Zuid-Afrika). Per 1 januari 2018 telde het kerkverband 24.339 leden.[1]

Geschiedenis[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie ook Protestantisme in Nederland

De oorzaak van de scheuring in 1953 was de afzetting van dr. Cornelis Steenblok als docent aan de Theologische School van de Gereformeerde Gemeenten te Rotterdam. Hij werd afgezet omdat zijn onderwijs te eenzijdig zou zijn. Discussiepunt was het aanbod van genade Zie: 'specifieke kenmerken van het kerkverband'. Vanaf 28 augustus verscheen een eigen kerkblad, de Wachter Sions. In de beginperiode had het kerkverband vijf predikanten, D. L. Aangeenbrug, M. van de Ketterij, F. Mallan, dr. C. Steenblok en C. van de Woestijne. In 1956 kwamen ook de predikanten T. Dorresteijn en H. Ligtenberg naar de Gereformeerde Gemeenten in Nederland over. Na het overlijden van dr. Steenblok in 1966 tot aan zijn eigen overlijden in 2010 had de predikant F. Mallan de leidende rol in het kerkverband. Hij was sinds de oprichting van het kerkverband hieraan als predikant verbonden en was lange tijd hoofdredacteur van het kerkelijk blad van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland, De Wachter Sions.

In 1980 vond in deze kerk wederom een geschil plaats omtrent leerstellingen; hieruit ontstonden de Gereformeerde Gemeenten in Nederland (buiten verband) met circa 3000 leden. Daarmee verloren de Gereformeerde Gemeenten in Nederland de helft van hun predikanten. De drie predikanten A. van den Berg, J. de Groot en A. Wink kwamen buiten het kerkverband te staan, nadat Van den Berg was geschorst in verband met zijn opvattingen. De Groot en Wink steunden hem en gingen met hem mee. Ze namen zeven gemeenten mee: Gouda, Veenendaal, Rijssen, Nieuwerkerk, Dinteloord, IJsselmuiden en Middelburg. De predikanten M. van Beek, F. Mallan en A. van Straalen bleven achter. Laatstgenoemde vertrok naar Noord-Amerika en na het overlijden van ds. M. van Beek werden gedurende enige tijd werden de meer dan vijftig Nederlandse gemeenten slechts door één predikant (ds. F. Mallan) gediend. In 2008 en 2009 keerden de meeste buitenverbandgemeenten geheel of gedeeltelijk terug naar de Gereformeerde Gemeenten in Nederland.[2]

Geografische ligging[bewerken]

De Gereformeerde Gemeenten in Nederland vormen sinds hun ontstaan overwegend een Gelders kerkverband, meer dan de helft van de leden woont in deze provincie. Toch is er niet een trek naar de Veluwe waar te nemen. Het Veluwse aandeel in het totale ledenbestand bleef sinds 1954 constant op ongeveer een derde. Het groeigebied ligt meer in de Betuwe. In 1954 woonden hier 400 leden en doopleden. Dit aantal steeg in de jaren daarna door overkomst van de gemeenten Opheusden en Ochten, alsmede leden uit Geldermalsen en Waardenburg. Het Betuwse aandeel was in 1975 gegroeid tot ruim 15 en in lag in 2012 ruim boven de 20 procent.

Specifieke kenmerken van het kerkverband[bewerken]

De aanleiding voor de Gereformeerde Gemeenten in Nederland om de Gereformeerde Gemeenten te verlaten, vormde de schorsing van dr. C. Steenblok als docent van de theologische School in Rotterdam wegens eenzijdigheid in de discussie rondom ‘het aanbod van genade’ en de ‘algemene genade’. In de Gereformeerde Gemeente gold vanouds de opvatting dat het aanbod van genade gericht moet worden aan alle hoorders van het evangelie. De predikanten in de Gereformeerde Gemeenten in Nederland daarentegen beweerden dat men dit niet zo mocht zeggen. Het aanbod van genade mag alleen uitgaan tot degenen die zichzelf hebben leren kennen als zondaar voor God en daarom een Zaligmaker of genade nodig hebben. De reserve ten opzichte van de stelling zoals die geldt binnen de Gereformeerde Gemeenten, komt vooral voort uit vrees voor 'oppervlakkigheid rondom de toe-eigening van het heil'. De polarisatie tussen de Gereformeerde Gemeenten en de Gereformeerde Gemeenten in Nederland is de laatste jaren veel minder. Tussen beide genootschappen hebben samensprekingen plaatsgevonden, maar omdat nog wel sprake is van een duidelijk eigen profiel ligt eenwording op korte termijn nog niet voor de hand.

Het afwijzen van vaccinatie en verzekeringen komt in de Gereformeerde Gemeenten in Nederland relatief vaker voor dan in de andere orthodox gereformeerde kerkgenootschappen. Evenals de gewoonte dat een bruidsjurk van trouwende leden een gedekte (niet-witte) kleur moet hebben en de bruid geen sluier mag dragen[3]. Ook de typische wat zangerige of klagende preektoon komt/kwam in de Gereformeerde Gemeenten in Nederland (evenals de Oud Gereformeerde Gemeenten in Nederland) nogal eens voor. Binnen het kerkelijke leven is/was altijd enige gereserveerdheid voor verenigingsleven, jeugdwerk en zangkoren. Aan kerkelijke zending doet men wel. Men steunt voornamelijk de Mbuma zending uitgaande van de Free Presbyterian Church of Schotland.

Evenals andere orthodox gereformeerde kerkgenootschappen neemt het kerkverband de Bijbel aan als absolute bron van waarheid en als de norm voor leer en leven, evenals de belijdenisgeschriften (de Drie Formulieren van Enigheid). Op grond daarvan worden maatschappelijk-ethische kwesties als abortus, euthanasie en homoseksualiteit (praxis) beoordeeld en afgewezen.

Evenals de synodale Gereformeerde Gemeenten behield het kerkverband van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland een traditioneel gereformeerd karakter. Liturgisch wordt in de eredienst vastgehouden aan de Statenvertaling van de Bijbel en de psalmenberijming van 1773. Overal worden de psalmen niet-ritmisch gezongen. Ten opzichte van andere kerkverbanden ligt het tempo van de gemeentezang vrij laag.

Liturgisch wordt in de eredienst vastgehouden aan de Statenvertaling van de Bijbel en de psalmenberijming van 1773. Er zijn enkele gemeenten (in de provincie Zeeland) waar de Psalmen van Datheen gezongen worden. Overal worden de psalmen niet-ritmisch gezongen.

Huidige theologische positie en samenwerking[bewerken]

Kerkelijke eenheid en samenwerking

Naar aanleiding van het onderzoek naar de scheuring van 1953 door dr. M. Golverdingen komt kerkelijke eenheid met de synodale Gereformeerde Gemeenten regelmatig ter sprake. Aan beide zijde is ingenomenheid getoond met dit onderzoek. Het gesprek tussen beide kerkverbanden loopt nog steeds en is over het algemeen 'broederlijk' van aard. Behalve deze ontwikkelingen ontmoet men elkaar ondertussen op allerlei vlakken en is er veel onderlinge samenwerking rondom de Staatkundig Gereformeerde Partij, de Gereformeerde Bijbelstichting, het Reformatorisch Dagblad en het reformatorische onderwijssysteem.

Samenwerking op gebied van maatschappelijk-ethische thema's

Hoewel de Gereformeerde Gemeenten in Nederland samenwerking vooral beperken tot het behoudende deel van de bevindelijk-gereformeerden, hebben enkele predikanten de Nashvilleverklaring ondertekend, die ook ondersteund wordt door voorgangers en prominente leken uit de reformatorische en evangelische gezindte. De Nashvilleverklaring verdedigt Bijbelse waarden ten aanzien van seksualiteit, benadrukt het belang van huwelijkstrouw en wijst homoseksuele relaties af, evenals polygamie, overspel en de ideologie achter genderneutraliteit. [4]

Schepping en/of evolutie

Binnen het kerkverband wordt afstand genomen van nieuwe theologische opvattingen inzake het debat 'schepping en/of evolutie'. De theorie 'theïstische evolutie', waarvoor prof. dr. G. van den Brink in zijn boek De aarde bracht voort heeft gepleit, wijst men resoluut van de hand. Deze theorie houdt onder meer in 'dat de aarde niet in zes dagen geschapen kan zijn, dat de mens van dieren afstamt, en dat Adam niet onmiddellijk door God uit het stof der aarde geschapen werd'. Verder omvat de theorie, 'dat Adam niet de eerste mens kan zijn geweest, maar een door God uitgekozen verbondshoofd te midden van velen; dat lijden en dood al bestonden voor de val; en dat we het klassieke idee van de zondeval moeten vervangen door een geleidelijk proces'. Dhr. L. van der Tang, een huidige prominente opinieleider binnen het kerkverband wijst op ten minste drie oorzaken waarom volgens hem velen binnen de orthodox-gereformeerde gezindte deze denkbeelden willen omarmen. De wetenschap als afgod: vanwege het feit dat God in veel levens op een afstand is komen te staan, verwereldlijking: door het accepteren van de evolutietheorie kunnen orthodox-christenen weer meedoen in de moderne samenleving, en het postmoderne denken waarin velen op het gevoel met de mening van de meerderheid meevaren. Van der Tang ziet ook een afnemend geestelijk leven, waardoor er minder persoonlijke doorleving is van de geloofsleer waar het bij oorsprongsvragen om draait.[5]

Aantal leden[bewerken]

In 1954 telde het nieuwe verband ruim 8.800 leden, sindsdien - gedurende diverse decennia - was er een gestage groei. In 2016 is het ledenaantal licht gedaald. Per 1 januari 2018 was er echter weer een lichte toename en telden de Nederlandse kerken van het kerkverband 24.339 leden. De grootste gemeenten van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland vindt men te Alblasserdam, Barneveld, Opheusden, Veenendaal, Ederveen, Gouda en De Beek-Uddel. De kerkgebouwen in Barneveld en Opheusden zijn de grootste van Nederland (gemeten naar het aantal zitplaatsen) met respectievelijk 2550 en 2850 zitplaatsen. Vijf gemeenten van het kerkverband bevinden zich in het buitenland, er zijn gemeenten in de Verenigde Staten, Canada en Zuid-Afrika. Deze Noord-Amerikaanse gemeenten tellen (per 1 januari 2018) 2005 leden. De gemeenten in Alblasserdam, Arnemuiden, Barneveld, Elspeet, Urk, Leerdam, Rhenen en Chilliwack(Canada) hebben een predikant. Hieronder worden in een lijst alle Gereformeerde Gemeenten in Nederland vermeld, inclusief ledenaantal per 1 januari 2018:

De ontwikkeling van het ledenaantal van de Nederlandse gemeenten (incl. Pretoria vanaf 2012) door de jaren heen is hieronder weergegeven:

  • 1954 - 8.817
  • 1956 - 11.518
  • 1980 - 19.124[7]
  • 1981 - 16.137[7]
  • 1982 - 16.214
  • 1989 - 17.935[8]
  • 1995 - 19.828
  • 2000 - 20.644
  • 2001 - 20.854[9]
  • 2007 - 21.844
  • 2008 - 21.968
  • 2009 - 22.377
  • 2010 - 23.327
  • 2011 - 23.965[10]
  • 2012 - 24.173[11]
  • 2013 - 24.195
  • 2014 - 24.225
  • 2015 - 24.286
  • 2016 - 24.349
  • 2017 - 24.318
  • 2018 - 24.339

Bekende leden[bewerken]

Externe links[bewerken]