Juventus FC
| Juventus | ||||||||||||||||||||||||||||||
| Naam | Juventus Football Club 1897 SpA |
|||||||||||||||||||||||||||||
| Bijnaam | La Vecchia Signora (De Oude Dame), I Bianconeri (De Wit-Zwarten), Juve |
|||||||||||||||||||||||||||||
| Opgericht | 1897 | |||||||||||||||||||||||||||||
| Stadion | Juventus Stadium, Turijn |
|||||||||||||||||||||||||||||
| Capaciteit | 41,000 | |||||||||||||||||||||||||||||
| Voorzitter | ||||||||||||||||||||||||||||||
| Eigenaar | Vrij verhandelbaar (32,5%) |
|||||||||||||||||||||||||||||
| Trainer | ||||||||||||||||||||||||||||||
| Competitie | Serie A | |||||||||||||||||||||||||||||
|
||||||||||||||||||||||||||||||
| geldig voor 2011/2012 | ||||||||||||||||||||||||||||||
|
||||||||||||||||||||||||||||||
Juventus Football Club is een van de oudste voetbalclubs van Italië. De club speelt haar thuiswedstrijden in het Juventus Stadium in Turijn.
Inhoud |
[bewerken] Geschiedenis
Juventus Football Club is een van de oudste en belangrijkste voetbalclubs van Italië. I bianconeri (de wit-zwarten) komen uit in de Serie A. De club speelt vanaf het seizoen 2011/12 in het nieuwe hypermoderne stadion, dat volledig door Juventus zelf is gefinancierd. Het stadion heet (tijdelijk) Juventus Stadium, maar de club werkt samen met Sportfive voor het verzinnen van een nieuwe naam. De twee zullen samenwerken voor twaalf jaar, waarin Sportfive onder andere de skyboxen en VIP-stoelen zal verzorgen. Juventus werd op 1 november 1897 opgericht als Sport Club Juventus door studenten van het Massimo d'Azeglio Lyceum in Turijn, maar werd in 1899 Football Club Juventus genoemd. Juventus is Latijn voor 'jonge volwassenheid'. De ploeg meldde zich bij het Italiaanse voetbalkampioenschap in 1900 in een outfit bestaande uit een roze shirt en een zwarte broek. De bekende wit-zwartgestreepte shirts van tegenwoordig kwamen pas in 1903, toen een bestelling uit Engeland arriveert met de shirts van Notts County. Het eerste kampioenschap werd binnengehaald in 1905, toen de ploeg een jaar in het Velodromo Umberto I speelde. Het reguliere speelveld van de eerste jaren lag in het park Piazza d´Armi, in 1908 verhuisde men naar een terrein aan de Corso Sebastopoli, in 1922 ging men naar de Corso Marsiglia.
In 1906 kwam het tot een breuk binnen de club na irritaties over het grote aantal buitenlanders. De Zwitserse voorzitter Alfredo Dick richtte daarop samen met enkele van de vooraanstaande buitenlandse spelers FBC Torino op. Daarmee was de Derby Delle Mole (Juventus versus Torino) geboren. Juventus was tot het begin van de Eerste Wereldoorlog bezig met het heropbouwen van een ploeg.
[bewerken] Heerschappij
FIAT-eigenaar Edoardo Agnelli kwam aan het roer van de club in 1923, het begin van een lange verbintenis. In het seizoen 1925/26 behaalde de ploeg het tweede landskampioenschap door in de finale Alba Roma in twee wedstrijden met een totaalscore van 12-1 te verslaan. De doelpunten van icoon Antonio Vojak waren dat seizoen van levensbelang. Nadat in 1929 een landelijke Italiaanse competitie in het leven was geroepen, was Juventus direct alleenheerser in deze Serie A. Van 1931 tot 1935 pakte Juventus onder leiding van trainer Carcano vijf achtereenvolgende titels. Spelers als keeper Giuseppe Combi, Luigi Bertolini, Giovanni Ferrari en de Argentijnen Raimundo Orsi en Luis Monti lagen aan de basis van dit succes. Ondertussen verhuisde de club in 1933 terug naar Stadio Mussolini (later Stadio Comunale), weer aan de Corso Sebastopoli. In het tweede deel van dat decennium was Juventus, inmiddels ook bekend als La Vecchia Signora (De Oude Dame), minder succesvol.
Na de Tweede Wereldoorlog werd Giovanni Agnelli aangesteld als voorzitter, in 1955 opgevolgd door zijn zoon Umberto. Juventus voegde twee nieuwe Scudetto's aan het palmares toe in 1949/50 en 1951/52, de laatste onder de Engelse trainer Jesse Carver. Tijdens het seizoen 1957/58 werden met de Welshman John Charles en de Italiaanse Argentijn Omar Sívori twee van 's werelds beste aanvallers aan de selectie toegevoegd. Ze speelden er samen met boegbeeld Giampiero Boniperti. Het leidde onmiddellijk tot de tiende landstitel, waarvoor aan Juventus de Gouden Ster voor Sportverdienste uitgereikt werd. Sívori was in 1959 de eerste speler van Juventus die de trofee voor de Europees voetballer van het jaar won. In 1960 volgde de eerste 'dubbel' voor Juventus, door na het kampioenschap in de finale van de Coppa Italia Fiorentina te verslaan. Het jaar erna beëindigde Boniperti zijn loopbaan. Hij nam afscheid met de titel van topschutter aller tijden in het shirt van Juventus, met 182 doelpunten in 444 officiële wedstrijden. Later zou hij nog coach en twintig jaar voorzitter zijn.
Pas in het seizoen 1966/67 won Juventus weer eens de Italiaanse competitie, maar in de jaren '70 versterkte Juventus zijn heerschappij in het Italiaanse voetbal. Onder ex-speler Čestmír Vycpálek won Juventus in 1971/72 en in 1972/73 de Serie A opnieuw. In dat laatste seizoen werd gewonnen met spelers als Roberto Bettega, Franco Causio en Giovanni Trapattoni, de man die uiteindelijk zou bijdragen tot het succes in de jaren '80.
[bewerken] Het Trapattoni-tijdperk
Vanaf 1976 regen onder het tienjarige bewind van coach Trapattoni de successen zich aaneen. De bekendste spelers van het team waren Zoff, Bettega, Causio, Scirea, Tardelli en Gentile. Successen waren onder meer zes titels, een UEFA Cup in 1977 en een Europacup II in 1984. Dit betekende direct dat Juventus twintig keer de Scudetto gewonnen had, en er werd een tweede gouden ster toegevoegd aan het shirt. Juventus is tot op heden nog altijd de enige Italiaanse club die dat voor elkaar gekregen heeft. Rond deze periode is de Oude Dame een grootmacht in het voetbal. Sterspeler Paolo Rossi werd Europees voetballer van het jaar in 1982 en was met veel andere Juventusspelers belangrijk bij de Italiaanse overwinning op het WK 1982. De Fransman Michel Platini, tegenwoordig voorzitter van de UEFA, kreeg de prijs voor de Europees voetballer van het jaar maar liefst drie keer op een rij, in 1983, 1984 en 1985.
De enige smet voor de club was lange tijd het uitblijven van de grote Europese triomf. Meermalen werd diep in de door Agnelli altijd aangevulde geldbuidel getast om via dure aankopen de fel begeerde Europacup I binnen te halen. Pas onder de droeve omstandigheden van de wedstrijd tegen Liverpool in het Heizelstadion lukte dit in 1985, en dan nog via een onterechte strafschop van Platini. Alhoewel het een hoogtepunt moest worden voor de club, draaide het uit tot een van de meest trieste dagen uit de rijke geschiedenis van Juventus. Tijdens het Heizeldrama kwamen die dag 39 supporters om het leven, de meesten waren Juventino's. De ramp ontstond omdat Engelse hooligans met geweld mensen terugdrongen, wat als gevolg had dat een deel van de tribune inzakte.
Na het seizoen 1985/86 won Juventus geen Scudetto meer. Oorzaak was onder andere de aankomst van stervoetballer Diego Maradona bij Napoli. Ook de grootheden uit Milaan, Internazionale en AC Milan, pakten hun titels mee.
In 1990 werd na bijna zestig jaar een nieuw stadion betrokken, het speciaal voor het WK 1990 gebouwde Stadio Delle Alpi. Vanwege de externe ligging en de weidse bouw was deze stap geen succes. De toeschouwersaantallen, en daarmee de gezelligheid, namen af en mede door de hoge huur zag Juventus zich gedwongen om in de zomer van 2006 terug te gaan naar het Stadio Communale, dat inmiddels voor de Olympische Winterspelen was verbouwd.
[bewerken] Het Lippi-tijdperk
Aan de start van het seizoen 1994/95 kwam Marcello Lippi aan het roer als coach. Zijn eerste was direct succesvol, Juventus pakte na negen jaren zonder Scudetto opnieuw de titel. De sterspelers van dat moment waren Ciro Ferrara, Roberto Baggio, Gianluca Vialli en youngster Alessandro Del Piero, die een mooie en lange carrière bij Juventus tegemoet ging. Ook het volgende jaar was succesvol. In de finale van de Champions League klopte Juventus Ajax Amsterdam, zij het pas na het nemen van strafschoppen. De stand na de reguliere speeltijd was 1-1 na doelpunten van Fabrizio Ravanelli en Jari Litmanen.
Na het winnen van de Champions League kon Juventus nog enkele sterren zoals Zinédine Zidane, Filippo Inzaghi en Edgar Davids binnenhalen. Juventus won daarna de Serie A in zowel 1996/97 als 1997/98. In Europa was Juventus sterk bezig, maar werd het twee jaar achter elkaar geklopt in de finale. Eerst door Borussia Dortmund in 1997 en daarna door Real Madrid in 1998. Juventus speelde drie finales op een rij in de Champions League, maar won er dus maar één.
In de zomer van 2001 blonk Juventus uit op de transfermarkt door het hoogste bedrag aller tijden te betalen voor een doelman, namelijk voor de Italiaanse international Gianluigi Buffon, die van Parma overkwam. Ook David Trézéguet, Pavel Nedvěd en Lilian Thuram werden binnengehaald en zij leidden Juventus naar twee opeenvolgende titels in 2001/02 en 2002/03. Juventus verloor in 2003 echter opnieuw een Champions League-finale. Dit keer was AC Milan de sterkere. Juventus kwam niet verder dan een 0-0 en verloor na het nemen van strafschoppen. Lippi werd het jaar daarop aangesteld als bondscoach van Italië. Lippi zou in 2006 de wereldbeker winnen met het nationale elftal.
[bewerken] Schandaal
In 2004 werd Fabio Capello aangesteld als hoofdcoach. Hij won met Juventus twee titels maar de club moest die inleveren toen een schandaal, met in de hoofdrol sportief directeur Luciano Moggi, aan het licht kwam. Moggi bleek gedurende een aantal jaren een netwerk van invloedrijke personen te hebben opgebouwd, waardoor hij in staat was vrijwel elke wedstrijd in de Serie A te beïnvloeden. Het bestuur bestaande uit Moggi, Antonio Giraudo en Roberto Bettega, trad onmiddellijk af. Juventus werd teruggezet naar de Serie B. Het was de eerste keer dat Juventus zijn opwachting maakte in de tweede klasse, want het had nooit een sportieve degradatie meegemaakt.
Na het schandaal en de terugzetting naar de Serie B volgde een ware uittocht van sterspelers. Lilian Thuram (Barcelona), Emerson (Real Madrid), Patrick Vieira en Zlatan Ibrahimović (Internazionale) verlieten de club, net zoals de Italiaanse internationals Gianluca Zambrotta (Barcelona) en Fabio Cannavaro (Real Madrid), die een maand eerder de wereldtitel hadden veroverd. Wel bleven enkele sterspelers de club trouw: doelman Gianluigi Buffon, middenvelders Pavel Nedvěd en Mauro Camoranesi en aanvallers David Trezeguet en Alessandro Del Piero kozen voor een verblijf in de tweede klasse. Juventus sloeg terug in stijl en won de Serie B met een straatlengte voorsprong, ondanks 9 strafpunten die de club voor aanvang had gekregen.
[bewerken] Heden
Toen Juventus in het seizoen 2007/08 terug zijn opwachting maakte in de Serie A, deed het dat met een nieuwe trainer. Ex-Chelsea-trainer Claudio Ranieri volgde de opgestapte Didier Deschamps op. Vincenzo Iaquinta, Tiago, Almiron, Criscito, Andrade, Grygera en Salihamidžić waren de voornaamste transfers in de zomer van 2007. In mei 2009 werd Claudio Ranieri ontslagen en opgevolgd door Ciro Ferrara. Onder Ferrara speelde Juventus een slechte eerste seizoenshelft. In januari 2010 werd de coach ontslagen en werd Alberto Zaccheroni aangesteld als interim-trainer. Vanaf het seizoen 2010/11 was Luigi Delneri hoofdcoach van Juventus, maar na de povere resultaten werd hij na één seizoen ontslagen. Zijn opvolger is Antonio Conte, ex-Italiaans international en oud-speler van Juventus.
In het seizoen 2011/2012 is de club vastbesloten weer mee te doen in de top van de Serie A. Na de terugkeer uit de Serie B, eindigde de club in 2011 op een matige zevende plaats. Het nieuwe stadion was speelklaar en Juventus sloeg fors toe op de transfermarkt. De eerste aankoop bestond uit het kwartet spelers die in het seizoen 2010/11 al op huurbasis voor Juventus speelden (Matri, Pepe, Quagliarella en Motta). Daarna volgde een snelle reeks met transfers als Pirlo, Lichtsteiner, Ziegler en Pazienza. Even later werden ook Vidal en Vučinić aangetrokken van respectievelijk Bayer Leverkusen en AS Roma. Daarnaast waren er talenten uit de jeugd die steeds vaker hun opwachting maakten in het eerste elftal en die, vooral in de voorbereiding, een sterke indruk maakten. Spelers als Pasquato, Ruggiero en De Silvestro kregen steeds meer minuten van Conte. Tegen het sluiten van de transfermarkt haalde de club Eljero Elia en Emanuele Giaccherini. Ook huurde het Marcelo Estigarribia. Juventus eindigde als nummer 4 in de top 5 van clubs die het meeste uitgaven in de transferperiode; de club investeerde in totaal €85 miljoen aan spelersaankopen.
Juventus speelde haar eerste officiële wedstrijd in het nieuwe stadion op zondag 11 september 2011, tegen Parma. Stephan Lichsteiner scoorde het eerste officiële doelpunt in de wedstrijd die in een 4-1 overwinning eindigde. Drie dagen daarvoor werd een grootse openingsceremonie georganiseerd.
[bewerken] Trivia
- De bijnaam La Vecchia Signora (De Oude Dame) is in twee delen ontstaan. 'Signora' is de koosnaam van de eigen supporters, die in de jaren twintig in zwang is gekomen. 'Oud' is eraan toegevoegd door tegenstanders in de jaren dertig, toen Juventus met een steeds ouder wordende ploeg kampioen bleef, en is dus een beschimping van de naam Juventus, 'Jeugd'.
- Tegenstanders van Juventus hebben het vaak over Gobbi, de gebochelden. Een bijnaam die het team dankt aan een wedstrijd die het in de jaren vijftig van de vorige eeuw speelde. De kwaliteitsarme (vormloze) shirts bolden zodanig op, dat de spelers op gebochelde mannetjes leken. Een andere populaire benaming voor de club is La Fidanzata d'Italia (Verloofde van Italië).
- De twee sterren op het shirt van Juventus staan symbool voor twintig Scudetto's (twintig keer winnaar Serie A)
- In totaal won Juventus 29 keer de Serie A, waarvan er twee werden afgenomen wegens wedstrijdmanipulatie.
- Juventus was de eerste ploeg die alle voornaamste Europese bekers gewonnen heeft (Europacup I, Europacup II en UEFA Cup).
- Juventus is de succesvolste club in Italië, met 27 titels. Milan heeft er 18, evenveel als stadsgenoot Inter.
- De Nederlander Edwin van der Sar was de eerste niet-Italiaanse doelman van Juve.
- Clubicoon Alessandro Del Piero heeft zowel de meeste wedstrijden gespeeld, als het meeste doelpunten gescoord voor Juventus.
- Dino Zoff speelde 1.143 minuten voor Juventus zonder een goal tegen te krijgen. Dat was toen een wereldrecord.
- De clubkleuren van Notts County, zwart en wit, zijn de inspiratie geweest voor die van Juventus.[1]
[bewerken] Erelijst
Italiaans kampioen (27x)
- 1905, 1926, 1931, 1932, 1933, 1934, 1935, 1950, 1952, 1958, 1960, 1961, 1967, 1972, 1973, 1975, 1977, 1978, 1981, 1982, 1984, 1986, 1995, 1997, 1998, 2002, 2003, (2005)*, (2006)*
Serie B (1x)
- 2007
Italiaanse beker (9x)
- 1938, 1942, 1959, 1960, 1965, 1979, 1983, 1990, 1995
Italiaanse Supercup (4x)
- 1995, 1997, 2002, 2003
Europacup I / Champions League (2x)
- 1985, 1996
Europacup II (1x)
- 1984
UEFA-Cup (3x)
- 1977, 1990, 1993
UEFA Super Cup (2x)
- 1984, 1996
UEFA Intertoto Cup (1x)
- 1999
Wereldbeker (2x)
- 1985, 1996
* = titel ontnomen vanwege het Italiaans omkoopschandaal
[bewerken] A-Selectie 2011/2012
| Rugnr. | Naam | Positie | Nationaliteit |
|---|---|---|---|
| 1 | Gianluigi Buffon | Doelman | |
| 13 | Alex Manninger | Doelman | |
| 30 | Marco Storari | Doelman | |
| 2 | Marco Motta | Verdediger | |
| 3 | Giorgio Chiellini | Verdediger | |
| 15 | Andrea Barzagli | Verdediger | |
| 26 | Stephan Lichtsteiner | Verdediger | |
| 6 | Fabio Grosso | Verdediger | |
| 19 | Leonardo Bonucci | Verdediger | |
| 11 | Paolo De Ceglie | Verdediger | |
| 33 | Frederik Sørensen | Verdediger | |
| 21 | Andrea Pirlo | Middenvelder | |
| 7 | Simone Pepe | Middenvelder | |
| 8 | Claudio Marchisio | Middenvelder | |
| 27 | Milos Krasic | Middenvelder | |
| 34 | Luca Marrone | Middenvelder | |
| 5 | Michele Pazienza | Middenvelder | |
| 24 | Emanuele Giaccherini | Middenvelder | |
| 28 | Marcelo Estigarribia | Middenvelder | |
| 22 | Arturo Vidal | Middenvelder | |
| 17 | Eljero Elia | Middenvelder | |
| 9 | Vincenzo Iaquinta | Aanvaller | |
| 10 | Alessandro Del Piero |
Aanvaller | |
| 18 | Fabio Quagliarella | Aanvaller | |
| 20 | Luca Toni | Aanvaller | |
| 32 | Alessandro Matri | Aanvaller | |
| 14 | Mirko Vučinić | Aanvaller | |
| 38 | Amauri | Aanvaller |
[bewerken] Transfers
| Naam | Nationaliteit | Van/naar | Type | Bedrag |
|---|---|---|---|---|
| Inkomend | ||||
| Andrea Pirlo | AC Milan | gekocht | Transfervrij | |
| Reto Ziegler | UC Sampdoria | gekocht | Transfervrij | |
| Michele Pazienza | SSC Napoli | gekocht | Transfervrij | |
| Fabio Quagliarella | SSC Napoli | gekocht | €10.500.000 | |
| Simone Pepe | Udinese Calcio | gekocht | €7.500.000 | |
| Alessandro Matri | Cagliari Calcio | gekocht | €15.500.000 | |
| Marco Motta | Udinese Calcio | gekocht | €3.750.000 | |
| Arturo Vidal | Bayer 04 Leverkusen | gekocht | €12.500.000 | |
| Mirko Vučinić | AS Roma | gekocht | €15.000.000 | |
| Emanuele Giaccherini | AC Cesena | gekocht | €3.000.000 | |
| Marcelo Estigarribia | Le Mans UC | gehuurd | ||
| Eljero Elia | Hamburger SV | gekocht | €11.500.000 | |
| Uitgaand | ||||
| Mohamed Sissoko | Paris Saint-Germain | verkocht | €8.000.000 | |
| Alberto Aquilani | Liverpool FC | einde huur | ||
| Tiago | Atlético Madrid | verkocht | ||
[bewerken] Bekende spelers
[bewerken] Juventus in Europa
- Q = voorronde
- R= ronde
- Groep = groepsfase
- 1/8 = achtste finale / 1/4 = kwartfinale / 1/2 = halve finale
- F = finale
- PUC = punten UEFA coëfficiënten
| Seizoen | Competitie | Ronde | Land | Club | Score | PUC |
|---|---|---|---|---|---|---|
| 1929 | Mitropacup | 1/4 | SK Slavia Praag | 1-0, 0-3 | 0.0 | |
| 1931 | Mitropacup | 1/4 | AC Sparta Praag | 2-1, 0-1, 2-3 | 0.0 | |
| 1932 | Mitropacup | 1/4 | Ferencvárosi TC | 4-0, 3-3 | 0.0 | |
| 1/2 | SK Slavia Praag | 0-4[2] | ||||
| 1933 | Mitropacup | 1/4 | Újpest FC | 4-2, 6-2 | 0.0 | |
| 1/2 | FK Austria Wien | 0-3, 1-1 | ||||
| 1934 | Mitropacup | 1/8 | Teplitzer FK | 4-2, 1-0 | 0.0 | |
| 1/4 | Újpest FC | 3-1, 1-1 | ||||
| 1/2 | SK Admira Wien | 1-3, 2-1 | ||||
| 1935 | Mitropacup | 1/8 | SK Viktoria Pilsen | 3-3, 5-1 | 0.0 | |
| 1/4 | Hungária FC MTK Boedapest | 3-1, 1-1 | ||||
| 1/2 | Sparta Praag | 0-2, 3-1, 1-5 | ||||
| 1938 | Mitropacup | 1/8 | Hungária FC MTK Boedapest | 3-3, 6-1 | 0.0 | |
| 1/4 | SK Kladno | 4-2, 2-1 | ||||
| 1/2 | Ferencvárosi TC | 3-2, 0-2 | ||||
| 1958/59 | Europacup I | Q | Wiener Sport-Club | 3-1, 0-7 | 2.0 | |
| 1960/61 | Europacup I | Q | CDNA Sofia | 2-0, 1-4 | 2.0 | |
| 1961/62 | Europacup I | Q | Panathinaikos FC | 1-1, 2-1 | 10.0 | |
| 1/8 | Partizan Belgrado | 2-1, 5-0 | ||||
| 1/4 | Real Madrid CF | 0-1, 1-0, 1-3 | ||||
| 1962 | Mitropacup | Groep | NK Dinamo Zagreb | 4-1, 1-2 | 0.0 | |
| Groep | Spartak Hradec Králové | 3-2, 0-2 | ||||
| Groep | Ferencvárosi TC | 1-0, 1-1 | ||||
| 1963/64 | Jaarbeursstedenbeker | 1R | OFK Belgrado | 2-1, 1-2, 1-0 | 8.0 | |
| 1/8 | Atlético Madrid | 1-0, 2-1 | ||||
| 1/4 | Real Zaragoza | 2-3, 0-0 | ||||
| 1964/65 | Jaarbeursstedenbeker | 1R | Royale Union Saint-Gilloise | 1-0, 1-0 | 13.0 | |
| 2R | Stade Français | 0-0, 1-0 | ||||
| 1/8 | Lokomotiv Plovdiv | 1-1, 1-1, 2-1 | ||||
| 1/4 | ||||||
| 1/2 | Atlético Madrid | 1-3, 3-1, 3-1 | ||||
| F | Ferencvárosi TC | 0-1 | ||||
| 1965/66 | Europacup II | 1R | Liverpool FC | 1-0, 0-2 | 2.0 | |
| 1966/67 | Jaarbeursstedenbeker | 1R | Aris Saloniki | 2-0, 5-0 | 12.0 | |
| 2R | Vitória Setúbal | 3-1, 2-0 | ||||
| 1/8 | Dundee United | 3-0, 0-1 | ||||
| 1/4 | NK Dinamo Zagreb | 2-2, 0-3 | ||||
| 1967/68 | Europacup I | 1R | Olympiakos Piraeus | 0-0, 2-0 | 10.0 | |
| 1/8 | Rapid Boekarest | 1-0, 0-0 | ||||
| 1/4 | Eintracht Braunschweig | 2-3, 1-0, 1-0 | ||||
| 1/2 | SL Benfica | 0-2, 0-1 | ||||
| 1968/69 | Jaarbeursstedenbeker | 1R | Lausanne Sports | 2-0, 2-0 | 5.0 | |
| 2R | Eintracht Frankfurt | 0-0, 0-1 | ||||
| 1969/70 | Jaarbeursstedenbeker | 1R | Lokomotiv Plovdiv | 3-1, 2-1 | 5.0 | |
| 2R | Hertha BSC | 1-3, 0-0 | ||||
| 1970/71 | Jaarbeursstedenbeker | 1R | US Rumelange | 7-0, 4-0 | 23.0 | |
| 2R | FC Barcelona | 2-1, 2-1 | ||||
| 1/8 | Pécsi Dósza | 1-0, 2-0 | ||||
| 1/4 | FC Twente | 2-0, 2-2 | ||||
| 1/2 | 1. FC Köln | 1-1, 2-0 | ||||
| F | Leeds United A.F.C. | 2-2, 1-1 | ||||
| 1971/72 | UEFA Cup | 1R | Marsa FC | 6-0, 5-0 | 13.0 | |
| 2R | Aberdeen FC | 2-0, 1-1 | ||||
| 1/8 | Rapid Wien | 1-0, 4-1 | ||||
| 1/4 | Wolverhampton Wanderers FC | 1-1, 1-2 | ||||
| 1972/73 | Europacup I | 1R | Olympique de Marseille | 0-1, 3-0 | 14.0 | |
| 1/8 | 1. FC Magdeburg | 1-0, 1-0 | ||||
| 1/4 | Újpest Dósza | 0-0, 2-2 | ||||
| 1/2 | Derby County FC | 3-1, 0-0 | ||||
| F | Ajax | 0-1 | ||||
| 1973/74 | Europacup I | 1R | Dynamo Dresden | 0-2, 3-2 | 2.0 | |
| 1974/75 | UEFA Cup | 1R | FC Vorwärts Frankfurt | 1-2, 3-0 | 13.0 | |
| 2R | Hibernian FC | 4-2, 4-0 | ||||
| 1/8 | Ajax | 1-0, 1-2 | ||||
| 1/4 | Hamburger SV | 2-0, 0-0 | ||||
| 1/2 | FC Twente | 1-3, 0-1 | ||||
| 1975/76 | Europacup I | 1R | CSKA Sofia | 1-2, 2-0 | 3.0 | |
| 1/8 | Borussia Mönchengladbach | 0-2, 2-2 | ||||
| 1976/77 | UEFA Cup | 1R | Manchester City FC | 0-1, 2-0 | 19.0 | |
| 2R | Manchester United FC | 0-1, 3-0 | ||||
| 1/8 | Sjachtjor Donetsk | 3-0, 0-1 | ||||
| 1/4 | 1. FC Magdeburg | 3-1, 1-0 | ||||
| 1/2 | AEK Athene | 4-1, 1-0 | ||||
| F | Athletic Bilbao | 1-0, 1-2 | ||||
| 1977/78 | Europacup I | 1R | Omonia Nicosia | 3-0, 2-0 | 14.0 | |
| 1/8 | Glentoran FC | 1-0, 5-0 | ||||
| 1/4 | Ajax | 1-1, 1-1 (3-0 n.p.) | ||||
| 1/2 | Club Brugge | 1-0, 0-2 | ||||
| 1978/79 | Europacup I | 1R | Rangers FC | 1-0, 0-2 | 2.0 | |
| 1979/80 | Europacup II | 1R | Raba ETO Győr | 2-0, 1-2 | 10.0 | |
| 1/8 | Beroe Stara Zagora | 0-1, 3-0 | ||||
| 1/4 | NK Rijeka | 0-0, 2-0 | ||||
| 1/2 | Arsenal FC | 1-1, 0-1 | ||||
| 1980/81 | UEFA Cup | 1R | Panathinaikos FC | 4-0, 2-4 | 4.0 | |
| 2R | Widzew Łódź | 1-3, 3-1 (1-4 n.p.) | ||||
| 1981/82 | Europacup I | 1R | Celtic FC | 0-1, 2-0 | 3.0 | |
| 1/8 | RSC Anderlecht | 1-3, 1-1 | ||||
| 1982/83 | Europacup I | 1R | Hvidovre IF | 4-1, 3-3 | 16.0 | |
| 1/8 | Standard Luik | 1-1, 2-0 | ||||
| 1/4 | Aston Villa FC | 2-1, 3-1 | ||||
| 1/2 | Widzew Łódź | 2-0, 2-2 | ||||
| F | Hamburger SV | 0-1 | ||||
| 1983/84 | Europacup II | 1R | Lechia Gdańsk | 7-0, 3-2 | 18.0 | |
| 1/8 | Paris Saint-Germain FC | 2-2, 0-0 | ||||
| 1/4 | Haka Valkeakoski | 1-0, 1-0 | ||||
| 1/2 | Manchester United FC | 1-1, 2-1 | ||||
| F | FC Porto | 2-1 | ||||
| 1984/85 | Europacup I | 1R | Ilves Tampere | 4-0, 2-1 | 17.0 | |
| 1/8 | Grasshopper-Club Zürich | 2-0, 4-2 | ||||
| 1/4 | Sparta Praag | 3-0, 0-1 | ||||
| 1/2 | Girondins de Bordeaux | 3-0, 0-2 | ||||
| F | Liverpool FC | 1-0 | ||||
| 1985/86 | Europacup I | 1R | Jeunesse Esch | 5-0, 4-1 | 9.0 | |
| 1/8 | Hellas Verona | 0-0, 2-0 | ||||
| 1/4 | FC Barcelona | 0-1, 1-1 | ||||
| 1986/87 | Europacup I | 1R | Valur Reykjavík | 7-0, 4-0 | 6.0 | |
| 1/8 | Real Madrid CF | 0-1, 1-0 (1-3 n.p.) | ||||
| 1987/88 | UEFA Cup | 1R | Valletta FC | 4-0, 3-0 | 6.0 | |
| 2R | Panathinaikos FC | 2-3, 1-0 | ||||
| 1988/89 | UEFA Cup | 1R | Otelul Galati | 0-1, 5-0 | 11.0 | |
| 2R | Athletic Bilbao | 5-1, 2-3 | ||||
| 1/8 | Club Luik | 1-0, 1-0 | ||||
| 1/4 | SSC Napoli | 2-0, 0-3 | ||||
| 1989/90 | UEFA Cup | 1R | Górnik Zabrze | 1-0, 4-2 | 23.0 | |
| 2R | Paris Saint-Germain FC | 1-0, 2-1 | ||||
| 1/8 | FC Karl-Marx-Stadt | 2-1, 1-0 | ||||
| 1/4 | Hamburger SV | 2-0, 1-2 | ||||
| 1/2 | 1. FC Köln | 3-2, 0-0 | ||||
| F | ACF Fiorentina | 3-1, 0-0 | ||||
| 1990/91 | Europacup II | 1R | FC Sliven | 2-0, 6-1 | 16.0 | |
| 1/8 | Austria Wien | 4-0, 4-0 | ||||
| 1/4 | Club Luik | 3-1, 3-0 | ||||
| 1/2 | FC Barcelona | 1-3, 1-0 | ||||
| 1992/93 | UEFA Cup | 1R | Anorthosis Famagusta | 6-1, 4-0 | 24.0 | |
| 2R | Panathinaikos FC | 1-0, 0-0 | ||||
| 1/8 | Sigma Olomouc | 2-1, 5-0 | ||||
| 1/4 | SL Benfica | 1-2, 3-0 | ||||
| 1/2 | Paris Saint-Germain FC | 2-1, 1-0 | ||||
| F | Borussia Dortmund | 3-1, 3-0 | ||||
| 1993/94 | UEFA Cup | 1R | Lokomotiv Moskou | 3-0, 1-0 | 10.0 | |
| 2R | Kongsvinger IL | 1-1, 2-0 | ||||
| 1/8 | CD Tenerife | 3-0, 1-2 | ||||
| 1/4 | Cagliari Calcio | 0-1, 1-2 | ||||
| 1994/95 | UEFA Cup | 1R | CSKA Sofia | 3-0, 5-1 | 22.0 | |
| 2R | Marítimo Funchal | 1-0, 2-1 | ||||
| 1/8 | FC Admira/Wacker Wien | 3-1, 2-1 | ||||
| 1/4 | Eintracht Frankfurt | 1-1, 3-0 | ||||
| 1/2 | Borussia Dortmund | 2-2, 2-1 | ||||
| F | AC Parma | 0-1, 1-1 | ||||
| 1995/96 | Champions League | Groep | Borussia Dortmund | 3-1, 1-2 | 18.0 | |
| Groep | Steaua Boekarest | 3-0, 0-0 | ||||
| Groep | Rangers FC | 4-1, 4-0 | ||||
| 1/4 | Real Madrid CF | 0-1, 2-0 | ||||
| 1/2 | FC Nantes | 2-0, 2-3 | ||||
| F | Ajax | 1-1 (4-2 n.p.) | ||||
| 1996/97 | Champions League | Groep | Manchester United FC | 1-0, 1-0 | 22.0 | |
| Groep | Fenerbahçe SK | 1-0, 2-0 | ||||
| Groep | Rapid Wien | 1-1, 5-0 | ||||
| 1/4 | Rosenborg BK | 1-1, 2-0 | ||||
| 1/2 | Ajax | 2-1, 4-1 | ||||
| F | Borussia Dortmund | 1-3 | ||||
| 1997/98 | Champions League | Groep | Feyenoord | 5-1, 0-2 | 17.0 | |
| Groep | Manchester United FC | 2-3, 1-0 | ||||
| Groep | FC Košice | 1-0, 3-2 | ||||
| 1/4 | FC Dynamo Kiev | 1-1, 4-1 | ||||
| 1/2 | AS Monaco | 4-1, 2-3 | ||||
| F | Real Madrid CF | 0-1 | ||||
| 1998/99 | Champions League | Groep | Galatasaray SK | 2-2, 1-1 | 14.0 | |
| Groep | Rosenborg BK | 1-1, 2-0 | ||||
| Groep | Athletic Bilbao | 0-0, 1-1 | ||||
| 1/4 | Olympiakos Piraeus | 2-1, 1-1 | ||||
| 1/2 | Manchester United FC | 1-1, 2-3 | ||||
| 1999 | Intertoto Cup | 3R | Ceahlaul Piatra Neamt | 0-0, 1-1 | 0.0 | |
| 1/2 | Rostelmash Rostov | 5-1, 4-0 | ||||
| F | Stade Rennais | 2-0, 2-2 | ||||
| 1999/00 | UEFA Cup | 1R | Omonia Nicosia | 5-2, 5-0 | 11.0 | |
| 2R | Levski Sofia | 3-1, 1-1 | ||||
| 3R | Olympiakos Piraeus | 3-1, 1-2 | ||||
| 1/8 | Celta de Vigo | 1-0, 0-4 | ||||
| 2000/01 | Champions League | Groep 1 | Hamburger SV | 4-4, 1-3 | 6.0 | |
| Groep 1 | Panathinaikos FC | 2-1, 1-3 | ||||
| Groep 1 | Deportivo de La Coruña | 0-0, 1-1 | ||||
| 2001/02 | Champions League | Groep 1 | Celtic FC | 3-2, 3-4 | 14.0 | |
| Groep 1 | Rosenborg BK | 1-1, 1-0 | ||||
| Groep 1 | FC Porto | 0-0, 3-1 | ||||
| Groep 2 | Bayer 04 Leverkusen | 4-0, 1-3 | ||||
| Groep 2 | Arsenal FC | 1-3, 1-0 | ||||
| Groep 2 | Deportivo de La Coruña | 0-0, 0-2 | ||||
| 2002/03 | Champions League | Groep 1 | Feyenoord | 1-1, 2-0 | 24.0 | |
| Groep 1 | FC Dynamo Kiev | 5-0, 2-1 | ||||
| Groep 1 | Newcastle United FC | 2-0, 0-1 | ||||
| Groep 2 | Deportivo de La Coruña | 2-2, 3-2 | ||||
| Groep 2 | FC Basel | 4-0, 1-2 | ||||
| Groep 2 | Manchester United FC | 1-2, 0-3 | ||||
| 1/4 | FC Barcelona | 1-1, 2-1 | ||||
| 1/2 | Real Madrid CF | 1-2, 3-1 | ||||
| F | AC Milan | 0-0, (2-3 n.p.) | ||||
| 2003/04 | Champions League | Groep | Galatasaray SK | 2-1, 0-2 | 10.0 | |
| Groep | Olympiakos Piraeus | 2-1, 7-0 | ||||
| Groep | Real Sociedad | 4-2, 0-0 | ||||
| 1/8 | Deportivo de La Coruña | 0-1, 0-1 | ||||
| 2004/05 | Champions League | 3Q | Djurgårdens IF | 2-2, 4-1 | 20.5 | |
| Groep | Ajax | 1-0, 1-0 | ||||
| Groep | Maccabi Tel Aviv FC | 1-0, 1-1 | ||||
| Groep | FC Bayern München | 1-0, 1-0 | ||||
| 1/8 | Real Madrid CF | 0-1, 2-0 | ||||
| 1/4 | Liverpool FC | 1-2, 0-0 | ||||
| 2005/06 | Champions League | Groep | Club Brugge | 2-1, 1-0 | 18.0 | |
| Groep | Rapid Wien | 3-0, 3-1 | ||||
| Groep | FC Bayern München | 1-2, 2-1 | ||||
| 1/8 | SV Werder Bremen | 2-3, 2-1 | ||||
| 1/4 | Arsenal FC | 0-2, 0-0 | ||||
| 2008/09 | Champions League | 3Q | FC Artmedia Petržalka | 4-0, 1-1 | 15.5 | |
| Groep | Real Madrid CF | 2-1, 2-0 | ||||
| Groep | FK Zenit Sint-Petersburg | 1-0, 0-0 | ||||
| Groep | FC BATE Barysaw | 2-2, 0-0 | ||||
| 1/8 | Chelsea FC | 0-1, 2-2 | ||||
| 2009/10 | Champions League | Groep | Girondins de Bordeaux | 1-1, 0-2 | 15.0 | |
| Groep | FC Bayern München | 0-0, 1-4 | ||||
| Groep | Maccabi Haifa FC | 1-0, 1-0 | ||||
| 2009/10 | Europa League | 2R | Ajax | 2-1, 0-0 | ||
| 3R | Fulham | 3-1, 1-4 | ||||
| 2010/11 | Europa League | 3Q | Shamrock Rovers | 2-0, 1-0 | 10.0 | |
| 4Q | Sturm Graz | 2-1, 1-0 | ||||
| Groep | Manchester City | 1-1, 1-1 | ||||
| Groep | Red Bull Salzburg | 1-1, 0-0 | ||||
| Groep | Lech Poznan | 3-3, 1-1 |
Totaal aantal punten voor UEFA Coëfficiënten: 582.0
[bewerken] Presidenten
- Eugenio Canfari (1897)
- Enrico Canfari (1898-1901)
- Carlo Favale (1901-1902)
- Giacomo Parvopassu (1903-1904)
- Alfred Dick (1905-1906)
- Carlo Vittorio Varetti (1907-1910)
- Attilio Ubertalli (1910-1912)
- Giuseppe Hess (1912-1915)
- Gioacchino Armano/Fernando Nizza/Sandro Zambelli (Oorlogsbestuur) (1915-1919)
- Corrado Corradini (1919-1920)
- Gino Olivetti (1920-1924)
- Edoardo Agnelli (1924-1935)
- Enrico Craveri/Giovanni Mazzonis (1935-1936)
- Emilio de la Forest de Divonne (1936-1941)
- Piero Dusio (1941-1947)
- Gianni Agnelli (1947-1954)
- Umberto Agnelli (1954-1962)
- Vittore Catella (1962-1971)
- Giampiero Boniperti (1972-1990)
- Vittorio Caissotti di Chiusano (1990-2003)
- Franzo Grande Stevens (2003-2006)
- Giovanni Cobolli Gigli (2006-2009)
- Jean-Claude Blanc (2009-2010)
- Andrea Agnelli (2010-heden)
[bewerken] Externe link
Bronnen, noten en/of referenties:
- ↑ Artikel "Black & White", Notts County F.C. official website, 21 mei 2007. Gedeelten van de officiële geschiedenis van Notts County en een artikel gereproduceerd door de Daily Mail.
- ↑ Nadat er rellen ontstonden tijdens de halve finale werd de wedstrijd stopgezet en werden beide clubs gediskwalificeerd
| Voetbal in Italië |
|---|
|
Serie A · Serie B · Lega Pro Prima Divisione · Lega Pro Seconda Divisione · Serie D · Coppa Italia · Supercoppa Italiana |
| Serie A – Seizoen 2011/12 |
|---|
|
Atalanta · Bologna · Cagliari · Catania · Cesena · Chievo Verona · Fiorentina · Genoa · Internazionale · Juventus · Lazio · Lecce · AC Milan · Napoli · Novara · Palermo · Parma · AS Roma · Siena · Udinese |
| Zie de categorie Juventus van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |