Mr. Smith Goes to Washington

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Mr. Smith Goes to Washington
Mr. Smith gaat naar Washington[1]
Jefferson Smith spreekt de onoplettende senatoren toe.
Jefferson Smith spreekt de onoplettende senatoren toe.
(Filmposter op en.wikipedia.org)
Tagline "Entertainment As Powerful As the Strength of the People! As Great As the Genius of Capra!"
Regie Frank Capra
Producent Frank Capra
Scenario Sidney Buchman
Voice-over Colin James Mackey
Hoofdrollen James Stewart
Jean Arthur
Claude Rains
Edward Arnold
Muziek Dimitri Tiomkin
Montage Gene Havlick
Al Clark
Cinematografie Joseph Walker, A.S.C.
Distributie Columbia Pictures
Première 17 oktober 1939
Genre Komedie
Speelduur 129 minuten
Taal Engels
Land Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten
Budget $1.5 miljoen[2]
Opnamelocatie Washington D.C.: o.a. Capitool, Union Station
Hollywood: Columbia-studio's
Opbrengst $9 miljoen[2]
(en) IMDb-profiel
MovieMeter-profiel
Portaal  Portaalicoon   Film

Mr. Smith Goes to Washington is een Amerikaanse tragikomedie van Frank Capra uit 1939. James Stewart speelt de hoofdrol van Jefferson Smith, een jeugdige padvindersleider die de werkelijke wereld achter de Amerikaanse politiek aan de lijve ondervindt als hij wordt aangesteld als senator.

De film werd geschreven door Sidney Buchman, die het plot baseerde op een ongepubliceerd verhaal van Lewis R. Foster, met de titel The Gentleman from Montana. Al bij zijn première veroorzaakte de film veel opschudding en werd onder ander afgeschilderd als anti-Amerikaans en pro-communistisch. Desondanks werd Mr. Smith Goes to Washington een groot succes en betekende het de doorbraak voor James Stewart. De cast bevatte een groot aantal beroemde acteurs mee, zoals Claude Rains, Jean Arthur en Edward Arnold. Mr. Smith Goes to Washington werd genomineerd voor 11 Academy Awards en won een Oscar voor Beste Verhaal.

Verhaal[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.
Jefferson Smith (James Stewart) wordt door Gouverneur Hubert Hopper (Guy Kibbee) gepresenteerd als nieuwe senator en wordt enthousiast ontvangen door de corrupte Jim Taylor (Edward Arnold) en zijn rechterhand Chick McGann (Eugene Pallette).

Het verhaal start in een niet nader genoemde staat in het westen van de Verenigde Staten. De staat werd aanvankelijk vertegenwoordigd door twee senators, namelijk Sam Foley en Joseph Paine (Claude Rains). Wanneer Foley komt te overlijden moet de gouverneur van de staat, Hubert "Happy" Hopper (Guy Kibbee) een vervanger kiezen. De corrupte Jim Taylor (Edward Arnold), die een grote invloed op Hopper en Paine heeft, draagt zijn stroman Horace Miller voor als vervanger, terwijl het volk de hervormer Henry Hill prefereert. Terwijl Hopper niet kan besluiten welke van de twee hij zou moeten kiezen, stellen zijn kinderen hem nog voor een derde keuze, namelijk de verlegen Jefferson Smith (James Stewart), het hoofd van hun padvindersclub. Uiteindelijk kiest Hopper voor Smith, omdat deze populair is bij het volk en tegelijk door zijn schijnbare naïviteit een geschikte stroman lijkt.[3]

Naar Washington[bewerken]

Wanneer Jefferson Smith samen met senator Joseph Paine in de trein naar Washington D.C. zitten, vertelt hij Paine over zijn vader, die voordat hij overleed goed bevriend was met Paine. Smith had door de verhalen van zijn vader een grote bewondering voor Paine, maar weet niet hoe corrupt hij is geworden. Wanneer de twee in Union Station door een grote delegatie worden ontvangen, ontmoet Smith Susan Paine (Astrid Allwyn), de dochter van de senator, en wordt op slag verliefd op haar.[3]

Links: Jefferson Smith wordt enthousiast verwelkomd door Susan Paine (Astrid Allwyn) en haar vriendinnen op het Union Station in Washington.
Rechts: Jefferson Smith en Clarissa Saunders (Jean Arthur) in de taxi, door de achterruit is het Capitool te zien.

Jefferson Smith krijgt een eigen kantoor en een secretaresse, Clarissa Saunders (Jean Arthur), die de opdracht van Jospeh Paine krijgt om Smith in de gaten te houden. Maar al snel ontdekt de pers hoe naïef Smith is en maken hem belachelijk in de kranten van Washington. Om Smith af te leiden stelt Paine hem voor om een wet te ontwerpen. Enthousiast gaat Smith met Saunders aan de slag en vertelt haar zijn plannen om een padvinderskamp te laten bouwen op een stuk grond langs Willet Creek. Dit project wil hij financieren door een lening van de staat die terugbetaald zal worden door vrijwillige bijdragen van de padvinders zelf.[3]

Het wetsvoorstel[bewerken]

Wanneer Joseph Smith stotterend het wetsvoorstel in de Senaat voordraagt, wordt zijn voorstel meteen enthousiast ontvangen en al snel stromen de donaties binnen. Wat Smith echter niet weet, is dat de grond die hij op het oog had al in het geheim was opgekocht door Jim Taylor, die middels een ander wetsvoorstel hier de Willet Creek Dam wil laten bouwen. Deze reist naar Washington om Joseph Paine te instrueren in zijn plannen om Smith buiten spel te zetten. In een volgende zitting van de Senaat beschuldigt Paine Smith ervan dat zijn wetsvoorstel frauduleus is, aangezien het land langs Willet Creek al in zijn bezit is, en eist zijn aftreding. Smith is zo geschokt dat hij niet weet hoe te reageren en verlaat het gebouw.[3]

Clarissa Saunders vertelt Jefferson Smith over de Willet Creek Dam.

Clarissa Saunders was eerst niet ingenomen met haar verlegen werkgever, maar kreeg later steeds meer bewondering voor hem. Zij besluit hem te helpen en ligt hem in over de geheime plannen van de bouw van de Willet Creek Dam. Ze stelt hem voor om door middel van een filibuster het wetsvoorstel van de bouw van de Willet Creek Dam uit te stellen, zodat hij de tijd heeft om zijn onschuld te bewijzen.[3]

Smith's toespraak[bewerken]

Smith praat non-stop 24 uur lang, waarbij hij spreekt over de Amerikaanse idealen van vrijheid en de geheime plannen van Joseph Paine en Jim Taylor openbaart. Ondertussen slaagt Taylor er echter in om de pers in Jefferson Smiths' thuisstaat te beïnvloeden en Smith zwart te maken, zodat hij niet herkozen zal worden. De senators beginnen echter aandacht te krijgen voor de boodschap van Smith. Maar Joseph Paine laat daarop in bakken en manden de brieven binnen brengen van verontwaardigde burgers uit Smith's thuisstaat, die geloof hechtten aan de leugens van de pers. Jefferson Smith leest uitgeput een aantal van de brieven en raakt eerst ontmoedigd, maar dankzij de glimlach van de voorzitter van de Senaat (Harry Carey) besluit hij niet op te geven. Nadat hij dit zijn luisteraars liet weten, bezwijkt hij van vermoeidheid. Joseph Paine wordt daarop zo overmand door schuldgevoelens, dat hij de zitting verlaat en tracht zelfmoord te plegen. Hij wordt echter tegengehouden door zijn collega's. Paine rent de senaatskamer weer binnen en schreeuwt dat hijzelf uit de Senaat gegooid moet worden in plaats van Smith en onthuld vervolgens de plannen betreft de Willet Creek Dam.[3]

Alternatief einde[bewerken]

De verwijderde scène van Jefferson Smiths terugkeer in zijn woonplaats is verwerkt in de filmtrailer.

Het einde van de film was aanvankelijk veel langer. Na zijn laatste toespraak keert Jefferson Smith terug naar zijn thuisstad in gezelschap van Clarissa Saunders, waar ze worden ontvangen met een grote parade. Jim Taylor wordt ontmaskerd, waarna Smith met zijn motorfiets op bezoek gaat bij Joseph Paine en hem vergeeft. Later brengt hij nog een bezoek aan zijn moeder. Gedeeltes van deze scènes zijn te zien in de originele filmtrailer.

Script en scenario[bewerken]

Columbia Pictures kocht van de schrijver Lewis R. Foster zijn ongepubliceerde verhaal The Gentleman from Montana[n 1] om te verfilmen, waarbij ze aan Ralph Bellamy dachten als hoofdrolspeler.[4] De film trok de aandacht van de regisseur Rouben Mamoulian, maar uiteindelijk werd Frank Capra gekozen om het verhaal te verfilmen. Columbia Pictures was in vergelijking tot andere studio's slechts een kleine onderneming en Capra was hun enige beroemde contractant.[5]

Wat Frank Capra in het verhaal van Foster aansprak, was het eerbetoon aan de vrijheid en de democratie, iets wat in de Verenigde Staten op dat moment erg actueel was nu de Tweede Wereldoorlog op handen was. Het script liet duidelijk zien hoe betrekkelijk vrijheid kan zijn. Ook wilde Capra middels de film de media aan de kaak stellen, door te tonen op welke manier deze macht kon uitoefenen op de publieke opinie.[5] Frank Capra wilde geen enkele politieke voorkeur door laten schemeren in de film en vermeed daarom elke referentie naar de Republikeinse of de Democratische Partij, die beiden waren vertegenwoordigt in de Senaat.

Het filmscript

In eerste instantie wilde Frank Capra het script door scenarist Sidney Buchman uit laten werken als een vervolg van zijn succesvolle Mr. Deeds Goes to Town, onder de titel Mr. Deeds Goes to Washington. Hij wilde Gary Cooper opnieuw de rol van Longfellow Deeds laten spelen,[n 2] alweer met Jean Arthur als tegenspeelster. Cooper was op dat moment echter niet beschikbaar en Capra's keuze viel daarop op James Stewart. Stewart had eerder de hoofdrol in zijn film You Can't Take It with You gespeeld en MGM was bereid om hem voor een tweede keer aan Columbia uit te lenen. Nu de film zonder Gary Cooper niet langer als een vervolg van Mr. Deeds Goes to Town kon worden beschouwd, veranderde Capra de titel in Mr. Smith Goes to Washington.

Censuur[bewerken]

Waarschijnlijk hadden zowel MGM als Paramount Pictures ook interesse in Foster's verhaal, aangezien beide filmmaatschappijen het hadden laten censureren aan de hand van de Hays Code. Joseph Breen, het hoofd van het censureringskantoor, waarschuwde Columbia voordat ze de film in productie namen, omdat het script "een weinig vleiend beeld van onze manier van regeren geeft". Hij was bang dat mensen in Amerika en het buitenland zouden denken dat de film een verkapte aanval op de democratie is. Daarom moest de film benadrukken dat "de Senaat is samengesteld uit een groep van geschikte, oprechte burgers, die zich reeds lang en onvermoeid inzetten voor de belangen van het volk". Tot slot gaf Breen de raad:

Aanhalingsteken openen

[W]e would urge most earnestly that you take serious counsel before embarking on the production of any motion picture based on this story. It looks to us like one that might well be loaded with dynamite, both for the motion picture industry, and for the country at large.

(Wij willen eerlijk benadrukken dat jullie goed in beraad moeten gaan voordat jullie beginnen met de productie van enige film gebaseerd op dit verhaal. Het lijkt ons een verhaal dat vol explosieven zit, zowel voor de filmindustrie als voor het gehele land.)
— Joseph Breen
Aanhalingsteken sluiten

Nadat het scenario was geschreven en bij het censureringskantoor werd ingediend, was Josep Breen echter enthousiast:

Aanhalingsteken openen

It is a grand yarn that will do a great deal of good for all those who see it and, in my judgment, it is particularly fortunate that this kind of story is to be made at this time. Out of all Senator Jeff's difficulties there has been evolved the importance of a democracy and there is splendidly emphasized the rich and glorious heritage which is ours and which comes when you have a government 'of the people, by the people, and for the people'.

(Het is een groots verhaal dat veel goeds zal doen voor alle mensen die het zien en, naar mijn mening, is het bijzonder fortuinlijk dat dit soort verhalen worden gemaakt op dit moment. Door alle moeilijkheden van Senator Jeff wordt het belang van een democratie getoond en er wordt ons rijke en glorieuze efgoed prachtig benadrukt, die een gevolg is van een regering 'van het volk, door het volk en voor het volk'.)
— Joseph Breen
Aanhalingsteken sluiten

Filmlocaties[bewerken]

Mr. Smith Goes to Washington ging op 3 april 1939 in productie en was op 7 juli van dat jaar gereed. Sommige scènes werden in Washington geschoten, zoals het Union Station, het Lincoln Memorial en een aantal locaties in en rond het Capitool.[6] Het Senaat gaf echter geen toestemming aan Capra om in de Kamer van de Senaat te filmen.[7] Dit was een tegenslag, aangezien een groot deel van de film zich hier afspeelt. Nu moest Capra deze ruimte in zijn geheel na laten bouwen.

Het overgrote deel van de film werd in de Sunset Gower Studios in Hollywood gefilmd, waar een enorme set werd gemaakt. Na een inspectietrip naar Washington van Capra en zijn crew werden garderobes, kantoorruimtes en andere vertrekken uit het Capitool tot in het kleinste detail nagemaakt, alsook het interieur van de National Press Club.[8] In de reproductie van de Kamer van het Senaat werd de meeste moeite gestoken. De pasgebouwde stage 8 en 9 van Columbia Pictures werden samengevoegd en de set werd nagenoeg op schaal nagebouwd, wat het de grootste set van Columbia op dat moment maakte. James D. Preston, die voorheen werkzaam was in het Capitool, kreeg van Capra de functie van technisch directeur voor deze set.[7] Ook werd hij geraadpleegd omtrent de protocollen van de zittingen. Voor de buitenscènes werd onder andere gebruik gemaakt van de New York Street set van Warner Bros.

Cast[bewerken]

James Stewart als Jefferson Smith

Voor de rol van Jefferson Smith zocht Frank Capra iemand die in de film kon schitteren als een soort moderne Abraham Lincoln.[n 3][5] Hij moest een patriottistische en verlegen padvindersleider spelen, die echter wel besluitvaardig zou optreden wanneer hij dat nodig achtte. James Stewart speelde een jaar eerder in Capra's film You Can't Take It with You en had volgens hem alle kwaliteiten om deze rol te spelen.[9] Door zijn stotterprobleem had Stewart een typische verlegen manier van spreken.[10] Over zijn keuze zie Frank Capra later:

Aanhalingsteken openen

I knew he would make a hell of a Mr. Smith ... He looked like the country kid, the idealist. It was very close to him.

(Ik wist dat hij een dijk van een Mr. Smith zou zijn ... Hij leek op een jongen van het land, de idealist. Het was op zijn lijf geschreven.)
— Frank Capra
Aanhalingsteken sluiten
Jean Arthur als Clarissa Saunders

Jean Arthur was één van Capra's favorieten. Hij had haar 'ontdekt' en zorgde voor haar doorbraak met zijn film Mr. Deeds Goes to Town (1936).[11] Frank Capra jr., een zoon van Frank Capra die ook regisseur was, noemde haar een "typische Capra-vrouw"; ze speelde in Mr. Smith Goes to Washington eerst een harde vrouw die ogenschijnlijk met de minste moeite teleurstellingen verwerkt, maar later ontdooid en de held aanspoord als hij de moed op wil geven. Zij was in de film ook degene die Jefferson Smith het idee gaf voor de filibuster.[5]

Voor de rol van de geslepen senator Joseph Paine zocht Capra een acteur die een eerbare vaderfiguur kon spelen, maar tegelijkertijd ook een geslepen politicus. Capra vertelde later dat hij tevergeefs een groot aantal lijsten met acteur doorbladerde die castingbureau's hem hadden toegezonden, zonder een geschikte acteur te vinden. Na verloop van tijd schoot een van Capra's medewerkers de naam van een geschikte kandidaat te binnen: "I just thought of an actor that'd lóók like a senator: Claude Rains." Capra had nooit eerder met Rains gewerkt, maar reageerde enthousiast:

Aanhalingsteken openen Not only could that distinguished British actor add grace and luster to any nation's Upper House; he had the artistry, power and depth to play the soul-tortured idealist whose feet had turned to clay.[12]
(Deze voorname Britse acteur kan niet alleen gratie en glas toevoegen aan ongeacht welk Hoger Huis; hij had ook het talent, de kracht en de diepte om de rol van de getergde idealist te spelen die de grond onder zijn voeten voelde verdwijnen.)
— Frank Capra
Aanhalingsteken sluiten

Claude Rains werd voor zijn rol van Jospeh Paine genomineerd voor een Oscar voor Beste Mannelijke Bijrol, zijn eerste nominatie.[13]

H. V. Kaltenborn doet verslag van Smith's filibuster voor het CBS.

Frank Capra had een groot oog voor detail en gaf zorgvuldig zijn instructies aan de acteurs, inclusief de figuranten. Deze gaf hij stuk voor stuk een eigen doel in de film. Hij vertelde bijvoorbeeld de ene figurant dat hij onderweg naar de dokter was, de andere werd zogenaamd voor boodschappen op pad gestuurd. In de film hadden alle figuranten daardoor hun eigen gedrag en looptempo, wat voor een extra authentiek beeld zorgde.[5]

Capra's oog voor detail wordt ook geïllustreerd door de scène met de radiocommentator die verslag doet van Smiths filibuster in het Capitool. In plaats van een beroepsacteur liet Capra deze rol vertolken door H. V. Kaltenborn van CBS, een van de meest bekende radiocommentatoren van de Verenigde Staten op dat moment. Door het vertrouwde, karakteristieke stemgeluid van Kaltenborn werd het radioverslag extra realistisch voor het Amerikaans publiek, dat zo het gevoel kreeg dat het om een echte nieuwsuitzending ging.

Ontvangst[bewerken]

De DAR Constitution Hall, waar de film op 17 oktober 1939 in première ging

Mr. Smith Goes to Washington ging op 17 oktober 1939 in première in de DAR Constitution Hall in Washington D.C. Deze première werd door de National Press Club gesponsord en er waren 4.000 gasten uitgenodigd, waaronder 45 senatoren.[14][7] De film ontlokte hevige kritiek van de pers en de politici van het Amerikaans Congres. Door de vertoonde corruptie in de Amerikaanse regering bestempelden zij de film als anti-Amerikaans en pro-communistisch.[15] Frank Capra beweerde later dat sommige senatoren de zaal verlieten. Of dit werkelijk gebeurde is niet met zekerheid te zeggen, maar volgens de pers veroorzaakten enkele senatoren in ieder geval veel commotie tijdens de voorstelling.[16] Senator Alben W. Barkley, de Leider van de Meerderheid in de Senaat, noemde de film "silly and stupid", die de Senaat afschilderde als een bende schurken.[17]

Pete Harrison, uitgever van het filmblad Harrison's Reports, verhaalde dat sommige senators als reactie op Capra's film een wetsvoorstel wilden doordrukken waarin werd bepaald dat bioscoopeigenaren de vertoning van dit soort films mochten weigeren. Het wetsvoorstel werd niet aangenomen, maar de senatoren bleven naar verluidt proberen om door middel van allerlei wetsvoorstellen Columbia dwars te liggen. De filmmaatschappij hanteerde daarom een nieuw beleid in hun eerstvolgende producties, waarin patriottisme en bejubeling van de democratie centraal stonden.[18]

In Europa[bewerken]

Joseph P. Kennedy, de Amerikaanse ambassadeur in Groot-Brittannië, schreef aan Frank Capra en Columbia-directeur Harry Cohn dat hij vreesde dat Mr. Smith Goes to Washington het prestige van Amerika in de ogen van Europa zou schaden en vroeg hun om de film derhalve niet in Europa uit te brengen.[19] De film werd verboden in Nazi-Duitsland, Fascistisch Italië, Spanje en de Sovjet-Unie. Bovendien werd de film volgens Capra in sommige landen in Europa zodanig nagesynchroniseerd dat de zogenaamde anti-Amerikaanse boodschap werd verhuld. Toen een verbod op alle Amerikaanse films in het door Duitsland bezette Frankrijk werd aangekondigd in 1942, kozen een aantal bioscopen ervoor om juist Mr. Smith Goes to Washington te laten zien als laatste film voordat het verbod van kracht ging. Een bioscoopeigenaar in Parijs liet de film zelfs 30 dagen aan een stuk vertonen.[20]

De film werd door de Centrale Commissie voor de Filmkeuring van Nederland op 15 maart 1940 ongeschikt beoordeeld voor kijkers jonger dan 18 jaar. De film was ongeschikt voor jongere kijkers door de vertoning van "corruptie, misdadigheid en bedrog in democratisch Amerika".[21]

Positieve kritieken[bewerken]

Veel filmcritici met een neutralere blik waren lovend over de film en namen de boodschap in de film serieus. Mr. Smith Goes to Washington wordt genoemd als een van de meest typische klokkenluiders in de Amerikaanse filmgeschiedenis.[22] Frank S. Nugent van de New York Times schreef bijvoorbeeld:

Aanhalingsteken openen

[Capra] is operating, of course, under the protection of that unwritten clause in the Bill of Rights entitling every voting citizen to at least one free swing at the Senate. Mr. Capra’s swing is from the floor and in the best of humor; if it fails to rock the august body to its heels — from laughter as much as from injured dignity — it won’t be his fault but the Senate’s, and we should really begin to worry about the upper house.[23]

(Capra opereert uiteraard onder de bescherming van die ongeschreven regel in de grondwet dat elke stemmende burger ongestraft tenminste één vrije slag richting de Senaat mag maken. Meneer Capra's slag is uitstekend en van de beste humor; als het niet slaagt om het publiek van zijn sokken te blazen, zowel van het lachen als door gekrenkte waardigheid, is het niet zijn schuld maar die van de Senaat, en moeten we echt beginnen om ons zorgen te maken over het Hogerhuis.)
— Frank S. Nugent
Aanhalingsteken sluiten

Prijzen en waarderingen[bewerken]

Mr. Smith Goes to Washington werd door de New York Times en Film Daily genoemd als een van de beste films van 1939. James Stewart won in 1939 bovendien de New York Film Critics Circle Award voor zijn acteerprestaties. In 1989 voegde de Library of Congress de film toe op de Amerikaanse National Film Registry, een register waar alleen films in worden opgenomen die ""cultureel, historisch of esthetisch opvallend" zijn.[24] Verder werd de film genomineerd voor 11 Academy Awards en kreeg een Oscar voor Beste Verhaal.[25]

Oscar Genomineerde Resultaat Winnaar
Oscar voor Beste Film Columbia Pictures (Frank Capra) genomineerd David O. Selznick - Gone with the Wind
Oscar voor Beste Regisseur Frank Capra genomineerd Victor Fleming - Gone with the Wind
Oscar voor Beste Acteur James Stewart genomineerd Robert Donat - Goodbye, Mr. Chips
Oscar voor Beste Script Sidney Buchman genomineerd Sidney Howard - Gone with the Wind
Oscar voor Beste Verhaal Lewis R. Foster gewonnen Lewis R. Foster
Oscar voor Beste Mannelijke Bijrol Harry Carey genomineerd Thomas Mitchell - Stagecoach
Oscar voor Beste Mannelijke Bijrol Claude Rains genomineerd Thomas Mitchell - Stagecoach
Oscar voor Beste Artdirector Lionel Banks genomineerd Lyle R. Wheeler - Gone with the Wind
Oscar voor Beste Montage Gene Havlick en Al Clark genomineerd Hal C. Kern en James E. Newcom - Gone with the Wind
Oscar voor Beste Originele muziek Dimitri Tiomkin genomineerd Herbert Stothart - The Wizard of Oz
Oscar voor Beste Geluid John P. Livadary genomineerd Bernard B. Brown - When Tomorrow Comes
Prijzen van het American Film Institute

De film als keerpunt[bewerken]

Frank Capra tijdens de opnames van Mr. Smith Goes to Washington

Mr. Smith Goes to Washington wordt vaak Frank Capra's beste film genoemd, maar het is tegelijk een keerpunt in de toon van zijn films. De film zit vol met karakters die zich laten beïnvloeden door de politieke machine van James Taylor en de pers, en zelfs kinderen keerden zich uiteindelijk tegen senator Jefferson Smith. Terwijl Capra met zijn eerdere films als It Happened One Night (1934) en You Can't Take It with You (1938) een optimistische kijk ten beste gaf van het Amerikaanse volk, zette hij met zijn latere films als Meet John Doe (1941) en Arsenic and Old Lace (1944) zijn nieuwe pessimistische trend voort. Deze films zaten vaak vol met macabere, slechte karakters.[26]

Toch laat Frank Capra in Mr. Smith Goes to Washington door bijvoorbeeld de filibuster van Jefferson Smith en de aanmoedigende blik van de Voorzitter van de Senaat zien welke positieve invloed een individu op zijn omgeving kan hebben. Capra gebruikte dit thema ook in latere films, zoals in It's a Wonderful Life (1946). Ook stond Capra erop dat de scène van Joseph Paine's poging tot zelfmoord in de film werd verwerkt, ondanks de protesten van scenarioschrijver Sidney Buchman, die het te gewaagd vond. Maar Frank Capra wilde met deze scène juist de goede inborst van de politicus laten zien.[12]

Trivia[bewerken]

  • De organisatie van Boy Scouts of America weigerde dat hun naam in de film werd gebruikt. Frank Capra verzon daarom de naam Boy Rangers.
  • Voor de filibuster-scène maakte James Stewart zijn stem hees met zuiveringszout of, zoals Frank Capra en Stewart later in interview beweerden, met een klein beetje kwikdichloride.
  • De linkerzijde van Jean Arthur zou haar beste kant zijn, de sets werden daarom zodanig gebouwd dat zij altijd de ruimte binnenkwam met haar linkerzijde naar de camera.
  • Beulah Bondi speelde ook James Stewarts moeder in de films Vivacious Lady (1938), It's a Wonderful Life (1946), Of Human Hearts (1946) en in de televisieserie The Jimmy Stewart Show in 1971.

Remakes en referenties naar de film[bewerken]

Sandra Warner en Fess Parker in de televisieserie Mr. Smith Goes to Washington van 1962.

Noten

  1. Ook The Gentleman from Wyoming genoemd; in de film werd de thuisstaat van Joseph Paine en Jefferson Smith echter niet genoemd.
  2. Lewis Foster beweerde later dat hij het verhaal speciaal voor Gary Cooper schreef.
  3. Een terugkerend thema in Capra's latere films

Bronnen en verwijzingen

  1. Cinema Context Nederlandse titel
  2. a b (en) The Numbers: Mr. Smith Goes to Washington
  3. a b c d e f (en) Volledig script van Mr. Smith Goes to Washington
  4. (en) Deirdre McNamer in The New York Times: They Came From Montana (7 januari 2007)
  5. a b c d e Interview met Frank Capra jr. in 1999, EVE/Screen Gems Studios, Wilmington
  6. Rosales, p. 102, 117, 124
    (en) IMDb: Filming locations
  7. a b c (en) Patrick Kiger in Boundary Stones: How Frank Capra Aroused Washington's Ire (1 april 2014)
  8. Sennett, p. 175
  9. (en) Icoontje film James Stewart in de Internet Movie Database
  10. (en) Disabled World: Famous People - Speech Differences and Stutter
  11. (en) Icoontje film Jean Arthur in de Internet Movie Database
  12. a b David J. Skal,Jessica Rains Claude Rains: An Actor's Voice (University Press of Kentucky, 2009)
  13. (en) Icoontje film Claude Rains in de Internet Movie Database
  14. Capra, p. 254–266
  15. Capra, p. 254–266
  16. McBride, p. 419–420
  17. (en) Matt Levine in Joyless Creatures: Mr. Smith Goes to Washington (29 april 2014)
  18. Capra, p. 289
  19. (en) M. Todd Bennett, One World, Big Screen: Hollywood, the Allies, and World War II (UNC Press Books, 2012)
  20. (en) ReelClassics.com: Mr. Smith Goes to Washington (1939)
  21. (nl) Cinema Context: Mr. Smith goes to Washington (1939 USA), Dossier H0414
  22. (en) Peter J. Lagomarsino, Confessions in a Crown Vic: A Commentary on the American Dream (Xlibris Corporation, 2012)
  23. (en) Frank S. Nugent in The New York Times (2 november 2014): Babes in Arms (1939)
  24. (en) Website van het National Film Registry
  25. (en) Oscars.org: The 12th Academy Awards (1940) Nominees and Winners
    (en) Frank Nugent in The New York Times, Mr. Smith Goes to Washington (1939) (20 oktober 1939)
  26. (en) Bruce Eder in AllMovie.com: Mr. Smith Goes to Washington
  27. (en) Icoontje film Billy Jack Goes to Washington in de Internet Movie Database
  28. (en) Icoontje film The Distinguished Gentleman in de Internet Movie Database
  29. (en) Icoontje film Legally Blonde 2: Red, White & Blonde in de Internet Movie Database

Externe link