Geul (rivier)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De bron van de Geul bij de Cycloopstenen in de buurt van de plaats Lichtenbusch.
De Geul nabij Strabeek
De monding bij Voulwames. De Geul stroomt in de Maas
De Geul nabij Valkenburg.
Watermolen Wijlre

De Geul (Limburgs Gäöl, Duits: Göhl, Frans: Gueule, oude benamingen: Gullo (922), Guel en Goel (15e eeuw) en Gule) is een rivier die ontspringt in de gemeente Raeren in België bij de Cycloopstenen aan de Duitse grens, nabij de plaats Lichtenbusch. Ze verlaat België bij Sippenaeken en komt bij Cottessen Nederland binnen. Bij het gehucht Voulwames boven Itteren mondt ze uit in de Maas. De gemiddelde afvoer van de Geul bedraagt ongeveer 4 m3/s [1]

Algemeen[bewerken]

De Geul is 58 kilometer lang en het totale verval bedraagt ongeveer 250 meter. Vroegere kanalisaties worden weer opgeheven, zodat de rivier weer in haar oude loop komt te liggen. De rivier meandert zo weer als vanouds door het Zuid-Limburgse landschap. De bekendste zijrivieren in België en Nederland zijn beneden vermeld onder 'zijbeken'.

Langs het Belgische deel van de Geul liggen de dorpen Eynatten, Hauset, Hergenrath, Kelmis, Moresnet, Blieberg en Sippenaeken. In Nederland stroomt de Geul langs Epen, Mechelen, Partij (bij Wittem), Wijlre, Schin op Geul, Valkenburg, Broekhem, Strabeek, Houthem, Geulhem, Meerssen, Rothem en Bunde.

Het Geuldal ten zuiden van Gulpen (bovenstrooms) heeft aan de oostzijde hellingen naar het Plateau van Vijlen en aan de westzijde naar het Plateau van Crapoel. Het Geuldal benedenstrooms heeft aan de zuidzijde de hellingen naar het Plateau van Margraten, aan de noordzijde naar het Centraal Plateau en aan de oostzijde naar het Plateau van Ubachsberg.

Het Droogdal van Colmont maakt bij Etenaken een insnijding naar het Geuldal in het Plateau van Ubachsberg. Tussen Valkenburg aan de Geul en Eijsden-Margraten snijdt een ander droogdal, het Gerendal, in het Plateau van Margraten.

Waterhuishoudelijke betekenis[bewerken]

In de benedenloop van de Geul, nabij Meerssen, is een overloopgebied ingericht, waardoor bij hoogwater niet al het water in een keer de Maas instroomt. Hierdoor gaat de waterkwaliteit vooruit omdat er dan meer vervuild sediment kan bezinken.

Ecologische betekenis[bewerken]

De Geul herbergt een voor Nederland unieke flora en fauna. In dit snelstromende water komen de elrits, gestippelde alver en de beekforel voor. Aan de bovenloop vindt men het zinkviooltje. In de heuvels bij Valkenburg leeft een kleine populatie van de geelbuikvuurpad. In veel bomen langs de Geul komt de maretak voor.

Door historische winning van lood- en zinkerts stroomopwaarts in Blieberg en Kelmis worden de richtwaarden van zink, lood alsook van cadmium overschreden. Hier kan niets aan gedaan worden op korte termijn.

Door lozingen van ongezuiverd afvalwater van enkele Belgische gemeentes, losstaande huizen en boerderijen en tevens van de camping net over de Belgische grens is de Geul soms ernstig vervuild met e-colibacteriën, nitraat en fosfaat. Waterschap Roer en Overmaas verbiedt het zwemmen in de Geul evenals in de Gulp en geeft dit met borden aan.[2]

Ontwikkelingen[bewerken]

Begin jaren 30 van de 20e eeuw waren er plannen om het Boven-Geuldal te gaan gebruiken als spaarbekken voor het opwekken van elektriciteit. In 1932 werd de Contact Commissie inzake Natuurbescherming (CC) opgericht om deze ontwikkeling te stoppen vanwege het kenmerkende heuvellandschap en de uitzonderlijke flora. De CC kreeg hierbij hulp van tientallen andere natuurbeschermingsorganisaties en van de KNAC en de ANWB. De acties van het CC zorgden er uiteindelijk voor dat deze ontwikkeling werd afgeblazen.

De Geul was een gereguleerd water geworden. Hierdoor zijn een aantal kenmerken van een natuurlijke stroom verdwenen. Met Europese subsidie wordt de natuurlijke staat van de Geul hersteld. De Geul mag weer zijn eigen weg vinden, waardoor stroomversnellingen, grindoevers en afkalvende oevers terugkeren. Mogelijk zullen vissen als de barbeel en eventueel de vlagzalm hierdoor hun weg naar de Geul terugvinden.

In het "Ingendael", een natuurgebied in de gemeente Valkenburg aan de Geul, zijn Gallowayrunderen en konikpaarden uitgezet. Er is sprake van natuurontwikkeling in het dal en op de hellingen.

Viswater[bewerken]

In de Geul en in al haar zijriviertjes geldt een visverbod van 1 oktober tot en met 31 maart.

Zijbeken van de Geul[bewerken]

Op Belgisch gebied[bewerken]

Op Duits gebied[bewerken]

Op Nederlands gebied[3][bewerken]

  • Cottesserbeek (rechts), monding ten zuidoosten van Epen (o.a. gevoed door Kothauserbeek en Alleinbron)
  • Elzeveldlossing (links), monding ten zuidoosten van Epen
  • Berversbergbeek (rechts), monding ten zuidoosten van Epen (o.a. gevoed door Velraadsbeek)
  • Belleterbeek (rechts), monding ten zuidoosten van Epen
  • Tergraatbeek (links), monding ten zuidoosten van Epen
  • Lousbergbeek (rechts), monding ten zuidoosten van Epen
  • Lingbergbeek (rechts), monding ten zuidoosten van Epen
  • Klopdriesscherbeek (rechts), monding ten zuidoosten van Epen
    Molentak Volmolen
  • Terzieterbeek of Sijlerbeek (links), monding bij Epen (o.a. gevoed door Helbergbeek, Bredebron en Fröschebron)
    Molentak Epermolen
  • Camerigerbeek (rechts), monding bij Epen
  • Mässel (rechts), monding bij Epen
  • Bommerigerbeek (rechts), monding ten noordoosten van Epen bij Motte Epen
  • Paulusbron (links), monding ten noordoosten van Epen
  • Klitserbeek (rechts), monding tussen Epen en Mechelen bij kasteel Hurpesch
  • Nutbron (links), ten zuiden van Mechelen
    Hurpescher Overlaat en Molentak Bovenste Molen
  • Schaeberggrub (rechts), ten zuiden van Mechelen
  • Theunisbron (rechts), ten zuiden van Mechelen
  • Landeus (links), ten zuiden van Mechelen
  • Spetsensweidebeek (rechts), ten zuiden van Mechelen
  • Mechelder- of Lombergbeek (rechts), monding bij Mechelen (o.a. gevoed door Bermetijnbron, Eikerbeek, Hermensbeek)
  • Schrieverslossing (rechts), ten noordwesten van Mechelen
  • Selzerbeek (of Sinselbeek) (rechts), monding bij Partij (gevoed door verschillende beken)
    Molentak Wittemermolen
  • Eyserbeek (rechts), monding bij Gracht Burggraaf (Gulpen) (gevoed door verschillende beken)
  • Gulp (links), monding bij Gracht Burggraaf (Gulpen) (gevoed door verschillende beken)
    Afslagtak Molen van Otten
  • Gronselenput (links), monding ten noorden van Stokhem, een bron die direct naast de Geul ontspringt.
  • Scheumerbeek (rechts), monding tussen Schoonbron en Schin op Geul
    Molentak Schaloensmolen
  • Sint-Jansbron (rechts), ten oosten van Valkenburg
  • Schaesbergbeek (rechts), in Valkenburg
    Molentak Oude Molen en Franse Molen (de twee Geultakken liggen rond het Geuleiland met daarop het Theodoor Dorrenplein)
  • Hekerbeek (rechts), in Valkenburg (o.a. gevoed door Losbrouckbeek)
  • Kattebeek (rechts), in Valkenburg (o.a. gevoed door Dorbeek)
    Molentak Kruitmolen
  • Strabeek (rechts), bij Strabeek (o.a. gevoed door Berkenhofbeek)
    Molentak Geulhemmermolen
  • Stassenbeek (rechts), bij Geulhem
    Geulke, afslagtak Geulke, Groene Overlaat
  • Minderbeek (rechts), monding ten oosten Meerssen
    Afslagtak geul
    Klein Geul
  • Watervalderbeek (rechts) bij Meerssen

Watermolens aan de Geul[bewerken]

Op Belgisch gebied[bewerken]

Op Nederlands gebied[bewerken]

Groeves in het Geuldal[bewerken]

In de dalwanden en hellingen van het Geuldal zijn er door de eeuwen heen verschillende groeves en gangen uitgegraven, hoofdzakelijk voor de winning van mergel. Stroomafwaarts gezien zijn dat onder andere:

Fotogalerij[bewerken]