Keizer Ferdinand I (1503-1564)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Ferdinand I
Portret van Ferdinand I door Hans Bocksberger de Oudere.
Portret van Ferdinand I door Hans Bocksberger de Oudere.
Rooms-Duits koning en keizer
Regeerperiode 1556 - 1564
Voorganger Karel V
Opvolger Maximiliaan II
Regerend aartshertog van Oostenrijk
Regeerperiode 1522 - 1564
Voorganger Karel V
Opvolger Maximiliaan II (Neder-Oostenrijk)
Karel II (Binnen-Oostenrijk)
Ferdinand II (Opper-Oostenrijk)
Koning van Bohemen
Regeerperiode 1526 - 1564
Voorganger Lodewijk II
Opvolger Maximiliaan II
Koning van Hongarije
Regeerperiode 1526 - 1564
Tegenkoning Johan Zápolya (1526 - 1540)
Voorganger Lodewijk II
Opvolger Maximiliaan II
Hertog van Württemberg
Regeerperiode 1522 - 1534
Voorganger Karel V
Opvolger Ulrich
Huis Habsburg
Vader Filips de Schone
Moeder Johanna de Waanzinnige
Geboren 10 maart 1503
Alcalá de Henares, Castilië
Gestorven 25 juli 1564
Wenen, Oostenrijk
Begraven Sint-Vituskathedraal, Praag
Echtgenote Anna van Bohemen
Religie Rooms-katholiek
Wapenschild
Groot wapen als Heilig Rooms keizer

Ferdinand I (Alcalá de Henares, 10 maart 1503 - Wenen, 25 juli 1564) was keizer van het Heilige Roomse Rijk, koning van Bohemen en Hongarije. Hij was de jongere broer van keizer Karel V.

Biografie[bewerken]

In tegenstelling tot zijn oudere broer Karel en zijn oudere zusters Eleonora en Isabella werd Ferdinand opgevoed in Spanje. Hij was de zoon van Filips I van Castilië en Johanna van Castilië en ontving bij zijn geboorte de titels aartshertog van Oostenrijk en infante van Castilië, León, Aragon en Navarra. Hij was genoemd naar zijn grootvader van moeders kant, Ferdinand II, die ook op 10 maart was geboren. Aanvankelijk was Ferdinand voorbestemd om zijn grootvader op te volgen. Bij de aanstelling van Karel V als koning van Castilië en Aragon en als keizer van het Heilige Roomse Rijk liet hij het bestuur van Oostenrijk en Slovenië over aan zijn broer Ferdinand. Door zijn keuze als koning van Duitsland in 1531 werd voor Ferdinand een aanzet gegeven tot opvolging van Karel V bij zijn abdicatie en nam hij officieel de taken van de keizer waar in zijn afwezigheid.

Nadat sultan Süleyman I Ferdinands zwager Lodewijk II van Hongarije, koning van Bohemen en Hongarije, had verslagen bij de Slag bij Mohács op 29 augustus 1526 –waarbij Lodewijk was omgekomen- werd Ferdinand gekozen tot koning van Bohemen. De opvolging in Hongarije leidde tot een verhitte strijd tussen Ferdinand en János Szapolyai, woiwode van Transsylvanië, ieder gesteund door verschillende facties binnen de Hongaarse adel. Ferdinand werd daarbij ook gesteund door Karel V, terwijl János erin slaagde om de steun van Süleyman te verkrijgen.

Bij het Beleg van Wenen (1529) konden de legers van Ferdinand met succes de aanval van de Ottomanen, onder leiding van Süleyman, weerstaan. Er zouden nog meerdere belegeringen volgen, maar in 1533 werd een vredesverdrag met de Ottomanen gesloten, waardoor ook het koninkrijk Hongarije ter sprake kwam. Bepaald werd dat het westelijk deel onder gezag kwam van Ferdinand en het oostelijk deel onder János’ gezag. Met het Verdrag van Nagyvárad (1538) probeerde Ferdinand erin Hongarije tot een erfelijk gebiedsdeel te maken.

Als heerser over Oostenrijk, Bohemen en Hongarije introduceerde hij het centrale gezag onder leiding van een absolute monarch. Hij publiceerde een grondwet voor zijn erfelijke landen en stelde regeringsorganen aan naar Oostenrijks voorbeeld in Pressburg, Praag en in Breslau. Weerstand tegen deze centralisatie leidde er in 1559 toe, dat hij de onafhankelijkheid van deze organen moest erkennen. In 1547 weigerde Bohemen zijn legers beschikbaar te stellen voor een strijd tegen de Duitse protestanten. Met de hulp van Spaanse troepen slaagde Ferdinand erin de opstand hiertegen neer te slaan, waarna de privileges van de Boheemse steden danig werden ingeperkt.

In 1556 werd Ferdinand keizer van het Heilige Roomse Rijk - hetgeen overigens pas in 1558 officieel bevestigd werd. Al in 1531 was bepaald dat de erfopvolging in zijn familie zou blijven en dat Filips II, de toen vierjarige zoon van Karel V, uitgesloten werd voor eventuele opvolging.

Ferdinand stierf in Wenen en werd begraven in de Sint-Vituskathedraal te Praag. Hij werd als keizer van het Heilige Roomse Rijk opgevolgd door zijn zoon Maximiliaan II.

Godsdienstkwestie[bewerken]

Ferdinand was een overtuigd katholiek en aanvankelijk een groot tegenstander van de protestantse bewegingen. Al snel besefte hij, dat hij in de strijd tegen Ottomanen afhankelijk was van de steun van de protestantse adel, waardoor hij meer tolerantie betuigde.

Één beweging werd echter wel fel bestreden, de anabaptisten. Via diverse mandaten trad hij hard op tegen deze stroming. Zo liet hij vooraanstaande figuren oppakken en op de brandstapel zetten. In 1529 werd een mandaat afgekondigd, waarin bepaald werd, dat alle ketters (lees: anabaptisten) de dood moesten vinden door verbranding. Door dit mandaat kreeg de vervolging een legitiem karakter. De gebeurtenissen in Münster (1534-1535) bevestigden Ferdinands afkeer van deze beweging. Door zijn optreden nam de invloed van de anabaptisten in Ferdinands rijk af.

Hij was in zijn laatste levensjaren een overtuigd aanhanger van de Contrareformatie, en stond dan ook open voor hervormingen binnen de kerk. Tijdens de Rijksdag van Augsburg in 1555 die hij voorzat namens Karel V kwamen de Duitse keurvorsten tot een vergelijk en leken de problemen rondom de godsdienstpolitiek opgelost. Een van de motto’s tijdens deze bijeenkomst was cuius regio eius religio, wat betekende, dat de vorst van een gebied het geloof binnen zijn gebied kon bepalen. Op basis hiervan trachtte Ferdinand met behulp van de Jezuïeten het katholieke geloof binnen zijn landen te herintroduceren, waarin hij nauwelijks slaagde. Een succesje was het herstel van het aartsbisdom Praag, dat door de protestanten was opgeheven.

Samenwerking met Karel V[bewerken]

Als plaatsvervanger van Karel V volgde hij aanvankelijk het beleid van zijn broer. Door de weigering van Karel om hem opnieuw te benoemen als hertog van Württemberg en Karels pogingen om de opvolging van Filips II voor de keizerlijke kroon te regelen bekoelde de verstandhouding tussen de twee broers.

Ook stond hij toleranter ten opzichte van de protestanten in vergelijking tot Karel V, puur gebaseerd op politieke overwegingen. Echter toen zijn zuster Isabella, die getrouwd was met de Deense koning Christiaan II, overging naar het de leer van Luther beschouwde hij haar als een persona non grata.

Huwelijk[bewerken]

Anna van Bohemen

Op 25 mei 1521 trouwde Ferdinand te Linz met Anna van Bohemen en Hongarije, dochter van Wladislaus II van Hongarije, koning van Bohemen en Hongarije. Dit huwelijk was voortgekomen uit een Verdrag tussen Ferdinands grootvader Maximiliaan I en Wladislaus. Uit dit huwelijk werden 15 kinderen geboren.

Anna van Bohemen stierf in 1547 in het kraambed van haar dochter Johanna. Keizer Ferdinand hertrouwde niet.

Voorouders[bewerken]

De voorouders van Keizer Ferdinand I
'
Keizer Ferdinand I (1503-1564)
Vader:
Filips I van Castilië (1478-1506)
Grootvader:
Keizer Maximiliaan I (1459-1519)
Overgrootvader:
Keizer Frederik III (1415-1493)
Overgrootmoeder:
Eleonora Helena van Portugal (1436-1467)
Grootmoeder:
Maria van Bourgondië (1457-1482)
Overgrootvader:
Karel de Stoute (1433-1477)
Overgrootmoeder:
Isabella van Bourbon (1436-1465)
Moeder:
Johanna van Castilië (1479-1555)
Grootvader:
Ferdinand II van Aragon (1452-1516)
Overgrootvader:
Johan II van Aragón (1397-1479)
Overgrootmoeder:
Johanna Enríquez (1425-1468)
Grootmoeder:
Isabella I van Castilië (1451-1504)
Overgrootvader:
Johan II van Castilië (1405-1454)
Overgrootmoeder:
Isabella van Portugal (1428-1496)

Externe links[bewerken]

Karolingen (800–911): Karel de Grote · Lodewijk I de Vrome · Lotharius I · Lodewijk II · Lodewijk III de Duitser · Karel II de Kale · Lotharius II · Karloman van Beieren1 · Lodewijk III de Jonge1 · Karel III de Dikke · Arnulf van Karinthië · Lodewijk IV het Kind
Italiaanse keizers (891–928): Guido van Spoleto · Lambert van Spoleto · Lodewijk de Blinde · Berengarius van Friuli
Ottonen (911–1024): Koenraad I van Franken2 · Hendrik I de Vogelaar · Otto I de Grote · Otto II · Otto III · Hendrik II de Heilige
Saliërs (1024–1125): Koenraad II · Hendrik III · Hendrik IV · Rudolf van Rheinfelden · Herman van Salm · Koenraad (III)1 · Hendrik V
Hohenstaufen (1125–1254): Lotharius III2 · Koenraad III · Hendrik (VI) Berengarius1 · Frederik I Barbarossa · Hendrik VI · Filips van Zwaben · Otto IV2 · Frederik II · Hendrik VII1 · Koenraad IV · Hendrik Raspe
Interregnum (1254–1273): Willem van Holland · Richard van Cornwall · Alfons van Castilië
Versch. dynastieën (1273–1437): Rudolf I · Adolf van Nassau · Albrecht I · Hendrik VII · Lodewijk V de Beier · Frederik de Schone1 · Karel IV · Gunther van Schwarzburg · Wenceslaus · Ruprecht van de Palts · Jobst van Moravië · Sigismund
Habsburgers (1437–1806): Albrecht II · Frederik III · Maximiliaan I · Karel V · Ferdinand I · Maximiliaan II · Rudolf II · Matthias · Ferdinand II · Ferdinand III · Ferdinand IV1 · Leopold I · Jozef I · Karel VI · Karel VII Albrecht2 · Frans I Stefan · Jozef II · Leopold II · Frans II

Vetgedrukt: keizer · Cursief: tegenkoning · 1 medekoning (in een deelrijk)· 2 afkomstig uit een andere dynastie