Vlaams Parlement

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vlaams Parlement
Wetgevend orgaan van het Vlaanderen Vlaams Gewest en de Vlaamse Gemeenschap
Vlaams Parlementsgebouw
Vlaams Parlementsgebouw
Algemene informatie
Opgericht in 1995
Aantal leden 124 (waarvan 6 uit Brussel)
Voorzitter Jan Peumans (N-VA)
Portaal  Portaalicoon   Politiek

Het Vlaams Parlement is de parlementaire vergadering van de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaams Gewest, en zetelt in het Vlaams Parlementsgebouw in Brussel.

Het Vlaams Parlement telt 124 leden die allen samen de Vlaamse Gemeenschap vormen. 118 leden daarvan zijn verkozen in het Vlaams Gewest, de andere 6 leden zijn afkomstig uit het kiesgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Deze 6 leden mogen uitsluitend stemmen over zaken betreffende de gemeenschapsmateries, aangezien het Vlaams Parlement geen gewestbevoegdheden kan uitoefenen in Brussel.

Deze volksvertegenwoordiging is opgericht, onmiddellijk na de consensusbeslissing van de Vlaamse politieke partijen om de instellingen voor gewest en gemeenschap volledig samen te voegen.

Sinds 1995 worden er voor het Vlaams Parlement eigen verkiezingen gehouden. Daarvóór namen de Vlamingen uit het federale parlement zitting in het Vlaams Parlement.

Vóór 2 april 1996 heette het de Vlaamse Raad en vóór 1980 de Cultuurraad voor de Nederlandse Cultuurgemeenschap of kortweg de Nederlandse Cultuurraad.

Verkiezing en duur van het Vlaams Parlement[bewerken]

Bij de oprichting van de Vlaamse Gemeenschap en het Vlaams Gewest was de duur van de legislatuur gekoppeld aan de Federale legislatuur, dit was dus maximaal 4 jaar. Telkens de federale kamer ontbonden werd moest ook de Vlaamse raad/parlement ontbonden worden en werden er verkiezingen uitgeschreven. Dit bleek zeer verstorend voor het wetgevend en uitvoerend werk van het regionaal niveau.

In 1993 met het Sint-Michielsakkoord verdween deze praktijk en kreeg het Vlaams Parlement een legislatuurparlement. Dit wil zeggen dat er geen ontbinding kan gebeuren in de termijn van 5 jaar. Als de regering valt dan moet een nieuwe regering gevormd worden met de dan huidige samenstelling van het parlement. Er kan dus ook maar enkel een constructieve motie van wantrouwen worden ingediend tegen een minister of de regering. Deze motie is dus enkel ontvankelijk als er een vervanger wordt aangesteld voor een minister die in ongenade van het parlement valt.

De verkiezing valt grondwettelijk samen met die van het Europees Parlement en vindt dus om de 5 jaar plaats. Als gevolg van het Vlinderakkoord zullen ook de federale verkiezingen telkens op dezelfde datum plaatsvinden. Door het Vlinderakkoord laat de Grondwet (art. 118) ook toe een bijzondere wet in te voeren die de Gemeenschaps- en Gewestparlementen de mogelijkheid geeft zelf de datum van verkiezing van hun parlement te bepalen; dit werd echter (nog) niet ingevoerd.

Bevoegdheden[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie ook: Bijzondere wet tot hervorming der instellingen

Het parlement is de eigen vergadering van de volksvertegenwoordigers van de Vlamingen. Het legt de spelregels voor het openbaar bestuur in Vlaanderen vast in decreten (binnen de beperkingen van de Vlaamse wetgeving én van de Belgische grondwet). Het keurt elk jaar de begroting goed en controleert de werking van de regering. In praktijk domineert de Vlaamse Regering evenwel het Vlaamse bestuur. De wetgevende macht in Vlaanderen berust (wat de Vlaamse gewest- en gemeenschapsbevoegdheden betreft) bij het parlement, de uitvoerende macht bij de Vlaamse Regering en de rechterlijke macht bij de Belgische hoven en rechtbanken. De Vlaamse Raad rekende het in 1995 tot zijn bevoegdheid om, zonder medewerking van de Belgische regering en de Belgische koning, een ridderorde, de Orde van de Vlaamse Leeuw in te stellen. De Vlaamse Raad heeft zich daarmee tot een fons honorum naast de Belgische koning gemaakt.

Vlaanderen is bevoegd voor het verrichten van uiteenlopende taken op het gebied van openbare dienstverlening, hetzij gemeenschapsaangelegenheden, hetzij gewestaangelegenheden:

Gemeenschapsaangelegenheden[bewerken]

  • Taalgebruik, waaronder toezicht op het taalgebruik in bestuurszaken, onderwijs en arbeidsbetrekkingen binnen de Vlaamse instellingen (maar niet de Belgische instellingen in Vlaams noch Brussels Gewest).
  • Cultuur, waaronder kunsten, bescherming van het cultureel erfgoed, musea, bibliotheken, media, sport en openluchtrecreatie, en toerisme, maar telkens met de quasi volledige economische aspecten.
  • Onderwijs: alle aspecten van het onderwijs, behalve de volledige financiering, de pensioenregeling in het onderwijs, begin en het einde van de leerplicht en de minimale voorwaarden voor het uitreiken van diploma's.
  • Delen van de gezondheidszorg, waaronder ondersteuning en kwaliteitsbewaking van de ziekenhuizen, preventieve gezondheidszorg, thuiszorg, rustoorden en geestelijke gezondheidszorg (maar niet de volledige financiering, programmatie, ...).
  • Bijstand aan personen, waaronder jeugdbescherming, jeugdbeleid, gezinsbeleid en kinderopvang, bejaarden- en gehandicaptenbeleid, het gelijkekansenbeleid en de integratie van migranten.

Gewestaangelegenheden[bewerken]

  • Ruimtelijke ordening: ruimtelijke plannen, bouwvergunningen, aanleg van industriezones, stadsvernieuwing, bescherming van monumenten en landschappen
  • Leefmilieu: bescherming van het leefmilieu, afvalstoffenbeleid, toezicht op de gevaarlijke, ongezonde en hinderlijke bedrijven
  • Waterbeleid: productie en distributie van drinkwater, zuivering van afvalwater, riolering.
  • Landinrichting en natuurbehoud: waaronder ruilverkaveling, natuurbescherming, parken en bossen, jacht en visvangst.
  • Landbouw en zeevisserij: ondersteuning van de land- en tuinbouwbedrijven, promotie van land- en tuinbouwproducten.
  • Huisvesting: sociale woningbouw en huisvestingspremies.
  • Economie: economisch overheidsinitiatief, steun aan bedrijven en buitenlandse handel.
  • Energiebeleid: distributie van elektriciteit en aardgas, bevordering van rationeel energiegebruik.
  • De lokale besturen, namelijk de gemeenten, provincies, stadsdistricten en intercommunales, waaronder de toewijzing van door de Belgische overheid ter beschikking gestelde financiële middelen aan de 308 Vlaamse steden en gemeenten en de vijf Vlaamse provincies, en het administratief toezicht op de lokale besturen.
  • Tewerkstelling: arbeidsbemiddeling en speciale werkgelegenheidsprogramma's.
  • Openbare werken en vervoer, waaronder de aanleg en onderhoud van wegen, zeehavens, bevaarbare waterlopen en de regionale luchthavens van Antwerpen en Oostende, stads- en streekvervoer.
  • Internationale aangelegenheden: voor alles waarvoor Vlaanderen bevoegd is (voor alle opgesomde aangelegenheden), kan het internationale verdragen sluiten.

Bepaalde Vlaamse overheidstaken zijn toegewezen aan gespecialiseerde instellingen zoals de Vlaamse Radio en Televisie (VRT), de Vlaamse Vervoermaatschappij De Lijn, Kind en Gezin, de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij (OVAM) en de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding (VDAB). Het Vlaams Parlement oefent het toezicht op de werking van al deze instellingen uit.

Parallelle bevoegdheden[bewerken]

Voor sommige bevoegdheden zijn zowel de federale overheid als de gemeenschappen en gewesten bevoegd, elk voor wat betreft hun aangelegenheden. Dit zijn de "parallelle" bevoegdheden, namelijk:

Relatie met andere overheden[bewerken]

Europese regelgeving[bewerken]

De Europese wetgeving kreeg sinds de jaren 90 een steeds groeiende invloed op de lidstaten en hun deelstaten. Sommigen schatten dat een derde van de globale wetgeving Europees is, of beperkt wordt door Europese richtlijnen. Een bijkomende beperking vloeit voort uit het feit dat Vlaanderen niet rechtstreeks zijn belangen kan behartigen op de Europese fora. Het moet daartoe rekenen op de federale regering.

Federale bevoegdheden[bewerken]

De Vlaamse overheid beschikt niet over alle bevoegdheden en middelen. Enkele worden federaal georganiseerd:

  • De financiering van het Vlaamse Gewest bestaat voor zowat 75 % uit donaties van de Belgische schatkist; voor de Vlaamse Gemeenschap is dat bijna integraal; in de verdeling daarvan is solidariteit tussen de deelgebieden voorzien; die omvat echter ook een niet-omkeerbare component.
  • Sociale zekerheid (pensioenen, ziekteverzekering, invaliditeit, openbare bijstand, armoedebestrijding, arbeidsongevallenverzekering ...). De Gemeenschappen hebben echter beperkte bevoegdheden inzake sociale zekerheid door middel van de "bijstand aan personen".
  • Het toezicht op het taalgebruik is beperkt tot de eigen Vlaamse instellingen; de werking van alle Belgische instellingen valt hier volledig buiten.
  • Economie, energiebeleid, spoorwegen, de nationale luchthaven en luchttransport.

Vlaanderen beschikt evenmin over een eigen rechterlijke macht, noch over eigen politiediensten. Vlaanderen kent ook géén eigen (sub)nationaliteit. Het kan daardoor bijvoorbeeld niet zelf bepalen wie verblijfsrecht krijgt tot Vlaanderen, noch wie stemrecht voor Vlaamse verkiezingen geniet.

Financieel is het gewicht van het Vlaams Parlement en de Vlaamse Regering dus gering: zij controleren slechts procenten van de globale belastingdruk op de Vlaamse burgers en bedrijven. De gemeenten (en provincies) wegen eveneens voor wat procenten.

Commissies[bewerken]

Zoals in andere parlementen gebeurt het voorbereidende werk in commissies.

Hieronder volgt een lijst van de commissies in de legislatuur 2009-2014:

  • Commissie voor Algemeen Beleid, Financiën en Begroting (sinds 1999)
  • Commissie voor Bestuurszaken, Binnenlands Bestuur, Decreetsevaluatie, Inburgering en Toerisme (sinds 2009)
  • Commissie voor Brussel en de Vlaamse Rand (sinds 1999)
  • Commissie voor Buitenlands Beleid, Europese Aangelegenheden en Internationale Samenwerking (sinds 2009)
  • Commissie voor Cultuur, Jeugd, Sport en Media (sinds 2004)
  • Commissie voor Economie, Economisch Overheidsinstrumentarium, Innovatie, Wetenschapsbeleid, Werk en Sociale Economie (sinds 2009)
  • Commissie voor Landbouw, Visserij en Plattelandsbeleid (sinds 2009)
  • Commissie voor Leefmilieu, Natuur, Ruimtelijke Ordening en Onroerend Erfgoed (sinds 2009)
  • Commissie voor Mobiliteit en Openbare Werken (sinds 2009)
  • Commissie Versnelling Maatschappelijk Belangrijke Investeringsprojecten (sinds 2010)
  • Commissie voor Onderwijs en Gelijke Kansen (sinds 2009)
  • Commissie voor Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en Armoedebeleid (sinds 2009)
  • Commissie voor Woonbeleid, Stedelijk Beleid en Energie (sinds 2009)
  • Commissie voor Reglement en Samenwerking (sinds 1995)
  • Deontologische Commissie (sinds 1997)
  • Controlecommissie voor Regeringsmededelingen (sinds 2004)
  • Vlaamse Controlecommissie voor de Verkiezingsuitgaven (sinds 2004)
  • Vlaamse Opvolgingscommissie voor de Vermogens- en Mandatenaangifte (sinds 2005)
  • Commissie voor de Vervolgingen (sinds 1995)

Interparlementaire commissies en raden:

  • Interparlementaire Commissie van de Nederlandse Taalunie (sinds 1983), bestaande uit 22 volksvertegenwoordigers: 11 Nederlandse en 11 Vlaamse, aangewezen door respectievelijk de Nederlandse Eerste en Tweede Kamer en het Vlaams Parlement
  • Raadgevende Interparlementaire Beneluxraad (sinds 1995), waarvan 5 leden uit het Vlaams Parlement worden aangewezen

Voorzitters[bewerken]

Hieronder volgt een lijst van voorzitters van het Vlaams Parlement. Van 1971 tot 1980 heette dit nog de Cultuurraad voor de Nederlandse Cultuurgemeenschap en van 1980 tot 1996 de Vlaamse Raad.

Volgorde Naam Ambtsperiode Partij
1 Robert Vandekerckhove 7 december 1971 - 9 mei 1974 CVP
2 Jan Bascour 9 mei 1974 - 14 juni 1977 PVV
3 Maurits Coppieters 14 juni 1977 - 24 april 1979 VU
4 Henri Boel 24 april 1979 - 22 december 1981 SP
5 Jean Pede 22 december 1981 - 3 december 1985 PVV
6 Frans Grootjans 3 december 1985 - 13 december 1987 PVV
7 Jean Pede 2 februari 1988 - 18 oktober 1988 PVV
8 Louis Vanvelthoven 18 oktober 1988 - 13 januari 1994 SP
9 Eddy Baldewijns 13 januari 1994 - 13 juni 1995 SP
10 Norbert De Batselier 13 juni 1995 - 12 juli 2006 SP
11 Marleen Vanderpoorten 12 juli 2006 - 7 juni 2009 VLD
12 Jan Peumans 13 juli 2009 - heden N-VA

Tijdlijn[bewerken]

Zetelverdeling[bewerken]

De zetelverdeling gebeurt per provincie, er zijn 124 zetels te verdelen in functie van het bevolkingsaantal. (118 uit het Vlaamse gewest en 6 uit het Brusselse gewest)

Partij 1995-1999 1999-2004 2004-2009 2009-2014 2014-2019
Volksunie/VU-ID/N-VA 9 12 5 17 43
CVP/CD&V 37 30 29 31 27
VLD/Open vld 27 27 25 22 19
SP/sp.a 26 20 22 19 18
Agalev/Groen!/Groen 7 12 7 7 10
Vlaams Blok/Vlaams Belang 17 22 29 19 6
Union des Francophones 1 1 1 1 1
LDD - - 4 7 -
Spirit/Vl.Pro - - 2 - -
overige/onafhankelijk - - - 1 -

2014-2019[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Vlaams Parlement (samenstelling 2014-2019) voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

 Inaugurale zetelverdeling van het Vlaams Parlement in 2014.

2009-2014[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Vlaams Parlement (samenstelling 2009-2014) voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

 Inaugurale zetelverdeling van het Vlaams Parlement in 2009.

2004-2009[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Vlaams Parlement (samenstelling 2004-2009) voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

 Inaugurale zetelverdeling van het Vlaams Parlement in 2004.

1999-2004[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Vlaams Parlement (samenstelling 1999-2004) voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

 Inaugurale zetelverdeling van het Vlaams Parlement in 1999.

1995-1999[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Vlaams Parlement (samenstelling 1995-1999) voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

 Inaugurale zetelverdeling van het Vlaams Parlement in 1995.

Eedaflegging[bewerken]

Elk lid van het Vlaams Parlement legt de volgende eed af: Ik zweer de Grondwet na te leven.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]