Formule 1 in 1990

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
41e Formule 1-seizoen (1990)
Volgende: 1991
Vorige: 1989
Ayrton Senna werd voor de tweede maal wereldkampioen
Algemene informatie
Races 16
Coureurs 40
Constructeurs 10
Verdedigend
kampioen
Vlag van Frankrijk Alain Prost (coureurs)
Vlag van het Verenigd Koninkrijk McLaren (constructeurs)
Eindstand coureurs
1e plaats Vlag van Brazilië Ayrton Senna 78
(2e titel)
2e plaats Vlag van Frankrijk Alain Prost 73
3e plaats Vlag van Brazilië Nelson Piquet sr. 44
Eindstand constructeurs
1e plaats Vlag van het Verenigd Koninkrijk McLaren 121
(6e titel)
2e plaats Vlag van Italië Ferrari 71
3e plaats Vlag van het Verenigd Koninkrijk Benetton 59
Portaal  Portaalicoon   Autosport

Het Formule 1-seizoen 1990 was het 41ste FIA Formula One World Championship seizoen. Het begon op 11 maart en eindigde op 4 november na zestien races.

Kalender[bewerken | brontekst bewerken]

Ronde Grand Prix Circuit Plaats Datum
1 GP van de Verenigde Staten Vlag van de Verenigde Staten Stratencircuit Phoenix Phoenix (Arizona) 11 maart
2 GP van Brazilië Vlag van Brazilië Autódromo José Carlos Pace São Paulo 25 maart
3 GP van San Marino Vlag van Italië Autodromo Enzo e Dino Ferrari Imola 13 mei
4 GP van Monaco Vlag van Monaco Circuit de Monaco Monte Carlo 27 mei
5 GP van Canada Vlag van Canada Circuit Gilles Villeneuve Montreal (Quebec) 10 juni
6 GP van Mexico Vlag van Mexico Autódromo Hermanos Rodríguez Mexico-Stad 24 juni
7 GP van Frankrijk Vlag van Frankrijk Circuit Paul Ricard Le Castellet 8 juli
8 GP van Groot-Brittannië Vlag van het Verenigd Koninkrijk Silverstone Circuit Silverstone 15 juli
9 GP van Duitsland Vlag van Duitsland Hockenheimring Hockenheim 29 juli
10 GP van Hongarije Vlag van Hongarije Hungaroring Mogyoród 12 augustus
11 GP van België Vlag van België Circuit de Spa-Francorchamps Stavelot 26 augustus
12 GP van Italië Vlag van Italië Autodromo Nazionale Monza Monza 9 september
13 GP van Portugal Vlag van Portugal Autódromo do Estoril Estoril 23 september
14 GP van Spanje Vlag van Spanje Circuito Permanente de Jerez Jerez de la Frontera 30 september
15 GP van Japan Vlag van Japan Circuit Suzuka Suzuka 21 oktober
16 GP van Australië Vlag van Australië Stratencircuit van Adelaide Adelaide 4 november


Resultaten en klassement[bewerken | brontekst bewerken]

Grands Prix[bewerken | brontekst bewerken]

Ronde Grand Prix Poleposition Snelste ronde Winnende coureur Winnende constructeur Banden Verslag
1 Vlag van de Verenigde Staten GP van de Verenigde Staten Vlag van Oostenrijk Gerhard Berger Vlag van Oostenrijk Gerhard Berger Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van het Verenigd Koninkrijk McLaren-Honda G Verslag
2 Vlag van Brazilië GP van Brazilië Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van Oostenrijk Gerhard Berger Vlag van Frankrijk Alain Prost Vlag van Italië Ferrari G Verslag
3 Vlag van San Marino GP van San Marino Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van Italië Alessandro Nannini Vlag van Italië Ricardo Patrese Vlag van het Verenigd Koninkrijk Williams-Renault G Verslag
4 Vlag van Monaco GP van Monaco Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van het Verenigd Koninkrijk McLaren-Honda G Verslag
5 Vlag van Canada GP van Canada Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van Oostenrijk Gerhard Berger Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van het Verenigd Koninkrijk McLaren-Honda G Verslag
6 Vlag van Mexico GP van Mexico Vlag van Oostenrijk Gerhard Berger Vlag van Frankrijk Alain Prost Vlag van Frankrijk Alain Prost Vlag van Italië Ferrari G Verslag
7 Vlag van Frankrijk GP van Frankrijk Vlag van het Verenigd Koninkrijk Nigel Mansell Vlag van het Verenigd Koninkrijk Nigel Mansell Vlag van Frankrijk Alain Prost Vlag van Italië Ferrari G Verslag
8 Vlag van het Verenigd Koninkrijk GP van Groot-Brittannië Vlag van het Verenigd Koninkrijk Nigel Mansell Vlag van het Verenigd Koninkrijk Nigel Mansell Vlag van Frankrijk Alain Prost Vlag van Italië Ferrari G Verslag
9 Vlag van Duitsland GP van Duitsland Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van België Thierry Boutsen Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van het Verenigd Koninkrijk McLaren-Honda G Verslag
10 Vlag van Hongarije GP van Hongarije Vlag van België Thierry Boutsen Vlag van Italië Ricardo Patrese Vlag van België Thierry Boutsen Vlag van het Verenigd Koninkrijk Williams-Renault G Verslag
11 Vlag van België GP van België Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van Frankrijk Alain Prost Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van het Verenigd Koninkrijk McLaren-Honda G Verslag
12 Vlag van Italië GP van Italië Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van het Verenigd Koninkrijk McLaren-Honda G Verslag
13 Vlag van Portugal GP van Portugal Vlag van het Verenigd Koninkrijk Nigel Mansell Vlag van Italië Ricardo Patrese Vlag van het Verenigd Koninkrijk Nigel Mansell Vlag van Italië Ferrari G Verslag
14 Vlag van Spanje GP van Spanje Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van Italië Ricardo Patrese Vlag van Frankrijk Alain Prost Vlag van Italië Ferrari G Verslag
15 Vlag van Japan GP van Japan Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van Italië Ricardo Patrese Vlag van Brazilië Nelson Piquet Vlag van het Verenigd Koninkrijk Benetton-Ford G Verslag
16 Vlag van Australië GP van Australië Vlag van Brazilië Ayrton Senna Vlag van het Verenigd Koninkrijk Nigel Mansell Vlag van Brazilië Nelson Piquet Vlag van het Verenigd Koninkrijk Benetton-Ford G Verslag

Puntentelling[bewerken | brontekst bewerken]

De eerste zes geklasseerden kregen punten, te weten:

Plaats 1 2 3 4 5 6
Punten 9 6 4 3 2 1

Klassement bij de coureurs[bewerken | brontekst bewerken]

De elf beste resultaten van alle wedstrijden tellen mee voor de eindstand.
(legenda: "--" = niet deelgenomen , "nf" uitgevallen gedurende de race, "ns" niet gestart, "dq" gediskwalificeerd, "nq" niet gekwalificeerd, "pq" niet geprekwalificeerd)

pos. naam land team VST BRA SMA MON CAN MEX FRA GBR DUI HON BEL ITA POR SPA JAP AUS tot.
1 Ayrton Senna BRA McLaren 1 3 nf 1 1 20 3 3 1 2 1 1 2 nf nf nf 78
2 Alain Prost FRA Ferrari nf 1 4 nf 5 1 1 1 4 nf 2 2 3 1 nf 3 73
3 Nelson Piquet sr. BRA Benetton 4 6 5 dq 2 6 4 5 nf 3 5 7 5 nf 1 1 44
4 Gerhard Berger AUT McLaren nf 2 2 3 4 3 5 14 3 16 3 3 4 nf nf 4 43
5 Nigel Mansell GBR Ferrari nf 4 nf nf 3 2 18 nf nf 17 nf 4 1 2 nf 2 37
6 Thierry Boutsen BEL Williams 3 5 nf 4 nf 5 nf 2 6 1 nf nf nf 4 5 5 34
7 Riccardo Patrese ITA Williams 9 13 1 nf nf 9 6 nf 5 4 nf 5 7 5 4 6 23
8 Alessandro Nannini ITA Benetton 11 10 3 nf nf 4 16 nf 2 nf 4 8 6 3 -- -- 21
9 Jean Alesi FRA Tyrrell 2 7 6 2 nf 7 nf 8 11 nf 8 nf 8 nf ns 8 13
10 Aguri Suzuki JAP Lola nf nf nf nf 12 nf 7 6 nf nf nf nf 14 6 3 nf 6
- Ivan Capelli ITA Leyton House nf nq nf nf 10 nq 2 nf 7 nf 7 7 nf nf nf nf 6
- Roberto Moreno BRA EuroBrun/Benetton* 13 pq nf nq nq nq pq pq pq pq pq pq pq pq 2 7 6
13 Eric Bernard FRA Lola 8 nf 13 6 9 nf 8 4 nf 6 9 nf nf nf nf nf 5
14 Satoru Nakajima JAP Tyrrell 6 8 nf nf 11 nf nf nf nf nf nf 6 ns nf 6 nf 3
- Derek Warwick GBR Lotus nf nf 7 nf 6 10 11 nf 8 5 11 nf nf nf nf nf 3
16 Stefano Modena ITA Brabham 5 nf nf nf 7 11 13 9 nf nf 17 nf nf nf nf 12 2
- Alex Caffi ITA Footwork -- nf nq 5 8 nq nf 7 9 9 10 9 13 -- 9 nq 2
18 Mauricio Gugelmin BRA Leyton House 14 nq nf nq nq nq nf nf nf 8 6 nf 12 8 nf nf 1
Nicola Larini ITA Ligier nf 11 10 nf nf 16 14 10 10 11 14 11 10 7 7 10 0
Martin Donnelly GBR Lotus ns nf 8 nf nf 8 12 nf nf 7 12 nf nf ns -- -- 0
Pierluigi Martini ITA Minardi 7 9 ns nf nf 12 nf nf nf nf 15 nf 11 nf 8 9 0
Gregor Foitek SUI Brab./Onyx/Mon.* nf nf nf 7 nf 15 nq nq nf nq -- -- -- -- -- -- 0
Philippe Alliot FRA Ligier dq 12 9 nf nf 18 9 13 dq 14 nq 13 nf nf 10 11 0
Michele Alboreto ITA Footwork 10 nf nq nq nf 17 10 nf nf 12 13 12 9 10 nf nq 0
Yannick Dalmas FRA AGS pq nf -- pq pq pq 17 pq nq nq nq nf nf 9 nq nq 0
Emanuele Pirro ITA Dallara -- -- nf nf nf nf nf 11 nf 10 nf nf 15 nf nf nf 0
Andrea de Cesaris ITA Dallara nf nf nf nf nf 13 dq nf nq nf nf 10 nf nf nf nf 0
Paolo Barilla ITA Minardi nf nf 11 nf nq 14 nq 12 nq 15 nf nq nq nq -- -- 0
JJ Lehto FIN Onyx/Monteverdi nq nq 12 nf nf nf nq nq nf nq -- -- -- -- -- -- 0
Bernd Schneider GER Footwork 12 -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- nq -- -- 0
Olivier Grouillard FRA Osella nf nf nf nq 13 19 nq nq nq pq 16 nf nq nf nq 13 0
Gabriele Tarquini ITA AGS pq pq pq pq pq pq nq nf pq 13 nq nq nq nf nq nf 0
Gianni Morbidelli ITA Dallara/Minardi* nq 14 -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- nf nf 0
David Brabham AUS Brabham -- -- nq nf nq nf 15 nq nf nq nf nq nf nq nf nf 0
Johnny Herbert GBR Lotus -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- nf nf 0
Bertrand Gachot BEL Coloni pq pq pq pq pq pq pq pq pq pq nq nq nq nq nq nq 0
Stefan Johansson SWE Onyx nq nq -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- 0
Claudio Langes ITA EuroBrun pq pq pq pq pq pq pq pq pq pq pq pq pq pq -- -- 0
Bruno Giacomelli ITA Life -- -- pq pq pq pq pq pq pq pq pq pq pq pq -- -- 0
Gary Brabham AUS Life pq pq -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- 0
  • Na Alessandro Nannini's helikopterongeluk verving Roberto Moreno hem vanaf de Grand Prix van Japan bij Benetton.
  • Gary Brabham vertrok na 2 races bij Life en werd vervangen door Bruno Giacomelli.
  • Gregor Foitek vertrok na de tweede Grand Prix bij Brabham (zijn vervanger was David Brabham) en ging toen rijden voor Onyx in plaats van Stefan Johansson.
  • Johnny Herbert verving Martin Donnelly de laatste 2 races van het seizoen na diens zware crash in Spanje.
  • Gianni Morbidelli reed de eerste 2 races van het seizoen voor Dallara (voor Emmanuele Pirro), de laatste 2 voor Minardi (in plaats van Paolo Barilla).
  • Bernd Schneider reed in Alex Caffi's plaats voor Footwork in de Verenigde Staten en Spanje.
  • Voor de GP van Duitsland veranderde Onyx van naam naar Monteverdi, in Hongarije deed dit team voor het laatst mee.
  • In Spanje namen EuroBrun en Life voor het laatst deel aan het seizoen.

Klassement bij de constructeurs[bewerken | brontekst bewerken]

(legenda: "--" = geen punten behaald)

pos. team + motor VST BRA SMA MON CAN MEX FRA GBR DUI HON BEL ITA POR SPA JAP AUS Tot.
1 McLaren-Honda 9 10 6 13 12 4 6 4 13 6 13 13 9 -- -- 3 121
2 Ferrari -- 12 3 -- 6 15 9 9 3 -- 6 9 9 15 -- 10 110
3 Benetton-Ford 3 1 6 -- 6 3 3 2 6 4 5 -- 3 4 15 9 71
4 Williams-Renault 4 2 9 3 -- 2 1 6 3 12 -- 2 -- 5 5 3 57
5 Tyrrell-Ford 7 -- 1 6 -- -- -- -- -- -- -- 1 -- -- 1 -- 16
6 Lola-Lamborghini -- -- -- 1 -- -- -- 4 -- 1 -- -- -- 1 4 -- 11
7 Leyton House-Judd -- -- -- -- -- -- 6 -- -- -- 1 -- -- -- -- -- 7
8 Lotus-Lamborghini -- -- -- -- 1 -- -- -- -- 2 -- -- -- -- -- -- 3
9 Brabham-Judd 2 -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- 2
10 Footwork-Ford -- -- -- 2 -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- 2

De overige teams (AGS, Dallara, Coloni, EuroBrun, Life, Ligier, Minardi, Onyx/Monteverdi en Osella) behaalden geen punten in het wereldkampioenschap.

Zie de categorie 1990 in Formula One van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.