Beerdiertjes

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Beerdiertjes
Hypsibius dujardini
Hypsibius dujardini
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Onderrijk: Eumetazoa (Orgaandieren)
Superstam: Ecdysozoa
Stam
Tardigrada
Spallanzani, 1777
Afbeeldingen Beerdiertjes op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Beerdiertjes op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Beerdiertjes, mosbeertjes of waterberen (Tardigrada) zijn een stam (phylum) van de dieren.

Kenmerken[bewerken]

De grootte varieert van minder dan 0,1 tot circa 1,5 mm. Ze hebben vijf segmenten met vier paar poten. Hoewel ze erg klein zijn, hebben de diertjes onder andere ogen, een mond, poten en spijsvertering.[1]

Verspreiding en leefgebied[bewerken]

Het zijn kleine, gesegmenteerde diertjes die leven in een vochtige omgeving. Ze komen overal op de wereld voor in zout of zoet water, maar ook in vochtige omgevingen op het land, bijvoorbeeld in mossen. Ze zijn te vinden op grote hoogte in de Himalaya (boven de 6.000 m), maar ook in de diepzee (beneden 4.000 m) en van de polen tot aan de evenaar.

Classificatie[bewerken]

De stam van beerdiertjes omvat de klassen Heterotardigrada, Mesotardigrada en Eutardigrada. Naar verluidt is de klasse Mesotardigrada in 1937 ontdekt in een hete bron bij Nagasaki in Japan, maar is de soort na een aardbeving uitgestorven.

Overlevingsstrategieën[bewerken]

Een opmerkelijke eigenschap van beerdiertjes is cryptobiose (schijndood): ze kunnen onder omstandigheden van langdurige droogte, koude (bijna -270 graden) of warmte (ruim +120 graden) overleven. Beerdiertjes die op mossen leven zijn eraan gewend dat het mos soms volledig uitdroogt en kunnen overleven door te verschrompelen tot een soort zak-achtige vorm, waarbij de poten schijnbaar verdwenen zijn. Wanneer de beerdiertjes terug in contact komen met water, zijn ze enkele uren later weer actief en zijn de poten weer zichtbaar. Ze planten zich voort via eieren. Bij sommige soorten komen geen mannetjes voor en zijn de vrouwtjes parthenogenetisch.[1]

Experiment[bewerken]

In september 2007 is bij een ruimte-experiment een aantal beerdiertjes de ruimte in geschoten in een soort kooitje. Daar bleken ze de koude, de kosmische straling en het bijna-vacuüm tien dagen lang te kunnen overleven. Alleen de uv-straling (daar duizendmaal sterker dan op aarde) bleek cellen en het daarin aanwezige DNA bij veel diertjes te hebben beschadigd. Een aantal van hen overleefde echter.[2][3][4][5]

Hypothetisch kan een beerdiertje aan panspermie doen wanneer het bijvoorbeeld door de ruimte reist in een ijskomeet. In de komeet zou het diertje beter beschermd zijn tegen de uv-straling. Wanneer de komeet botst met een andere planeet en de ijskomeet smelt of splitst, zou het beerdiertje daar terug tot leven kunnen komen.[1]

Taxonomie[bewerken]

De stam van Tardigrada is als volgt onderverdeeld:

Externe links[bewerken]