Celdifferentiatie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Celdifferentiatie is het proces waarbij een weinig gespecialiseerde cel verandert in een meer gespecialiseerde cel. Differentiatie komt voor tijdens de ontwikkeling van meercellig organismen. Zo wordt uit één bevruchte eicel verschillende weefsels en celtypes gevormd waarbij alle gedifferentieerde cellen hun specifieke functionaliteit verkrijgen.

Het differentiatieproces veroorzaakt grote veranderingen in de vorm, de grootte, de membraanpotentiaal, de activiteit en de reacties van de cel. Deze veranderingen komen tot uiting als een gevolg van gecontroleerde veranderingen in de gen-expressie van de cel. Dit wil zeggen dat hoewel alle cellen van een organisme hetzelfde DNA hebben, ze toch diverse fysische eigenschappen kunnen hebben door verschillen in expressie(activiteit) van individuele genen.

Ook bij volwassenen dieren komt differentiatie voor. Stamcellen delen en differentieren zich tot dochtercellen die instaan voor de normale celvernieuwing en het herstel van weefselschade.

Een pluripotente cel is een cel met de mogelijkheid te veranderen (differentiëren) in alle celtypes van het volwassen organisme. Bij dieren en mens zijn dat de embryonale stamcellen. Wanneer de cel kan differentiëren in alle celtypes, placentaweefsel inbegrepen, noemt men die totipotent. Bij zoogdieren zijn enkel de zygote en de daaropvolgende blastomeren totipotent.

Celdifferentiatie bij planten[bewerken]

Planten zijn vaak hun hele leven in staat tot het vormen van nieuwe organen, daartoe in staat gesteld door de cellen van de verschillende meristemen. Bij planten ontwikkelen veel meristemen zich gewoonlijk niet. Deze bevinden zich bijvoorbeeld in de slapende knoppen. Daarbij komt dat planten ook actief organen kunnen afstoten, bijvoorbeeld bladverliezende bomen verliezen elk najaar hun bladeren.

Door mitose, celdeling en plasmagroei ontstaan er nieuwe cellen buiten het meristeem. Deze cel zal celstrekking ondergaan. Dit gebeurt door extra opname van water in de vacuolen. Deze vacuolen zullen vervolgens samensmelten tot één grote centrale vacuole. Een cel kan door celstrekking 10 tot 15 keer zo lang worden. Tijdens de celstrekking wordt de celwand dikker en steviger. De cellen en de celwanden kunnen daarbij in vorm gaan verschillen. Dit heet celdifferentiatie. Deze celdifferentiatie hangt samen met de functie die de cel gaat vervullen. De meeste cellen zullen een speciale functie krijgen en dat heet celspecialisatie.

Zie ook[bewerken]

Ontwikkelingsfysiologie