Meristeem

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Dwarsdoorsnede van een stengel van Aristolochia macrophylla met fasciculair en interfasciculair cambium. (Bij de grote afbeelding is het mogelijk om er met de muis overheen te gaan waarbij dan de namen van de verschillende cellen getoond worden.

Meristeem is de groep van stamcellen, waarmee planten kunnen aangroeien. Er wordt onderscheid gemaakt tussen primair en secundair meristeem. Meristeem is afkomstig van het Griekse woord merizein (μερίζειν), wat delen betekent, waarmee de essentiële functie wordt aangegeven.

Daar waar aanvankelijk, na de bevruchting van de eicel, alle cellen meristematisch zijn, komt het al vlug tot differentiatie. In dat stadium zijn de nieuw gevormde cellen niet meer in staat zichzelf nog te vermenigvuldigen. Om tot een volgroeid orgaan te komen, moeten er dus stamcellen aanwezig zijn, die de gewenste celvorm voortbrengen.

lengtedoorsnede: geheel rechts xyleem en midden en links van het midden floeem. Tussen het xyleem en het floeem zit het cambium bestaande uit één cellaag van brede cellen.

In de plantenwereld bevinden de primaire meristeemcellen zich aan de groeitoppen van stengel en wortel. Zij zorgen voor de groei van de plant, meer bepaald van de stengels en bladeren, en van de bloemen en de wortels. De secundaire meristeemcellen bij planten bevinden zich in de cambiumlaag, en dit zowel bij kruidachtige als bij houtachtige planten. Alleen zal bij kruidachtige planten de aangroeicapaciteit in de tijd beperkter zijn: de meeste kruidachtige planten hebben maar een beperkte levenscyclus, waardoor houtvorming niet of nauwelijks nuttig is.