Nederlands Openluchtmuseum

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nederlands Openluchtmuseum
Entree van het Nederlands Openluchtmuseum
Entree van het Nederlands Openluchtmuseum
Opgericht april 1912
Locatie Hoeferlaan 4, 6816 SG [1] Arnhem, Nederland
Type Openluchtmuseum
Personen
Directeur Willen Bijleveld
Medewerkers 230 (2008)[2]
Aantal bezoekers 524.000 (2008)[3]
Website http://www.openluchtmuseum.nl/
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur
Veluwse papiermolen uit 1654
Herenboerderij uit het Groningse Beerta
Zaanse buurt
Kasteelboerderij uit Oud-Beijerland.
Woonboerderij uit Hoogmade.

Het Nederlands Openluchtmuseum is een openluchtmuseum in Arnhem en was tot 1991 een rijksmuseum. De gebouwen en voorwerpen bleven echter in eigendom van het Rijk.[4] Het museum geeft een beeld van het leven in Nederland gedurende de laatste eeuwen. Wonen en werken van de Nederlanders worden aan de hand van veelal verplaatste originele gebouwen zoals diverse soorten boerderijen, een aantal molens, een Zeeuwse kerk en een stoomzuivelfabriek in beeld gebracht, een aantal gebouwen wordt "bewoond" door museummedewerkers die als originele bewoners de bezoekers ontvangen.

Ook tal van gebruiksvoorwerpen, oude ambachten en klederdrachten zijn tentoongesteld. Tevens geven ambachtslieden demonstraties van hun kunnen aan het museumpubliek. Bijna dagelijks zijn onder andere een molenaar, een smid, een stoelenmatter, een drukker en een papierschepper aan het werk. Tijdens weekenden worden veelal bijzondere activiteiten georganiseerd, zoals: draaiorgeldag, oogsten van rogge, dorsen van graan, ploegen met paarden en een ouderwetse kinderkermis.

Het museum werkt aan de presentatie van de Canon van Nederland. Stap voor stap verbinden ze de geschiedenis van ons dagelijks leven met de grote gebeurtenissen uit het verleden. In 2016 is het gereed, maar al dit seizoen ziet u drie nieuwe aanwinsten. De Noorse watersnoodwoning, de Jaknikker en de belevingstentoonstelling 'Kinderarbeid, niet in mijn tijd'.

Het Nederlands Openluchtmuseum is lid van de Nederlandse Vereniging van Botanische Tuinen.

Geschiedenis[bewerken]

Het openluchtmuseum kwam tot stand mede dankzij Frederic Adolph Hoefer, die in april 1912 het plan opperde om een openluchtmuseum te bouwen, in navolging van soortgelijke musea die hij in Scandinavië had bezocht. Door industrialisatie en verstedelijking verdwenen de regionale verschillen en dreigden tradities en ambachten verloren te gaan. Door historisch belangrijke gebouwen naar een museumterrein te verplaatsen, waar mensen met kennis van zaken aan bezoekers tonen hoe men vroeger leefde en werkte, kan het verleden levend worden gehouden. De "Vereniging voor Volkskunde Het Nederlands Openluchtmuseum" werd nog dezelfde maand opgericht, en deze opende op 13 juli 1918 haar deuren, met zes gebouwen die men van elders had overgebracht. Een van deze eerste huisjes is het loshuis uit Beuningen dat al in de 17e eeuw is gebouwd. Het park heeft een oppervlakte van 44 hectare.

In 1987 leek het er even op dat het Openluchtmuseum zijn deuren moest sluiten, als gevolg van sterk teruglopende bezoekersaantallen. Na een demonstratie door het publiek en een flinke reorganisatie, waarbij naast het leven op het platteland ook de industriële ontwikkeling aandacht kreeg, kon het museum zijn bestaansrecht toch behouden.

In 1996 werd op het terrein van het museum een tramlijn aangelegd. Dankzij deze ringlijn kunnen ook bezoekers die minder goed ter been zijn gemakkelijker de verder van de hoofdingang gelegen delen van het museum bezoeken. Een replica van een zesde van de in 1944 verwoeste Arnhemse tramremise werd gebouwd. Ook een Arnhemse tram uit 1929 werd gereconstrueerd. Deze kwam in 1998 in gebruik. De dienst wordt voorts uitgevoerd met materieel afkomstig van de Rotterdamse en Haagse tram. De enige Amsterdamse tram is de railreiniger Rr3.

Bij de museumingang staat het eivormig gebouw met de bekroonde attractie het Hollandrama. Het laat zien een wonderbaarlijke reis, kriskras door het karakteristieke "Holland" van vroeger en nu, in zes panoramische vertellingen.

In mei 2005 won het Nederlands Openluchtmuseum de Europese prijs voor het Museum van het Jaar 2005. De prijs werd in Brussel uitgereikt door koningin Fabiola. Het is een "excellent voorbeeld voor andere klassieke musea die nieuwe wegen willen inslaan", aldus de jury. In 2009 kreeg het museum de Bank Giro Loterij Prijs uitgereikt. Gedurende het seizoen 2012 werd het eeuwfeest van het museum gevierd.

Recente aanwinsten[bewerken]

In het seizoen 2014 presenteert het Openluchtmuseum drie nieuwe aanwinsten: Een Noorse watersnoodwoning, een jaknikker en familieproject ‘Kinderarbeid, niet in mijn tijd’.

Noorse Watersnoodwoning[bewerken]

In de nacht van 31 januari op 1 februari 1953 voltrekt zich een nationale ramp. De zeedijken breken door een noodlottig samenspel van storm en springvloed. Grote delen van Zuidwest Nederland stromen onder water. De Ramp leidde in Zuidwest Nederland tot de dood van meer dan 1800 mensen en enorme schade. Ongeveer 5000 huizen raakten onherstelbaar beschadigd en veel gezinnen werden dakloos. Nederland kreeg via het Nederlandse Rode Kruis meer dan 900 bouwpakketten van (prefab-) huizen uit het buitenland. Noorwegen schonk er alleen al 326. Ook het gezin Luijbregts uit Raamsdonksveer betrok in juni 1954 zo’n Noorse woning, gebouwd op de plek van hun oude huis aan het Sandoel. In het huis wordt het verhaal verteld van de eerste bewoonster , toen 5 jaar. Over het verlies het trauma en het nieuwe leven in een huis dat als een geschenk uit de hemel kwam. De Watersnoodwoning is op 15 april 2014 officieel geopend door de ambassadeur van Noorwegen, mevrouw Anniken Ramberg Krutnes. De hulpactie voor Nederland brengt ook in Noorwegen nog steeds veel herinneringen boven.

Jaknikker[bewerken]

Op 13 mei 2014 is de laatste werkende jaknikker van Nederland in het Openluchtmuseum weer in beweging gezet. In het Arnhemse museumpark pompt hij geen olie meer op, maar vormt een indrukwekkend symbool voor winning van energie uit Nederlandse bodem. De jaknikker is afkomstig van NAM oliewinplaats Berkel-4 (Rotterdam), waar hij van 1983 tot augustus 2013 olie oppompte. In totaal werden er zo’n 26 miljoen vaten olie gewonnen uit het ‘Rijswijkveld’. Met en bij deze karakteristieke machine wordt het verhaal gepresenteerd over de winning van fossiele brandstoffen uit Nederlandse bodem (kolen, olie en gas) en over ‘warm wonen’ dat na de Tweede Wereldoorlog voor alle Nederlanders bereikbaar werd. Ook is er aandacht voor de (milieu)effecten van de winning en verbranding van fossiele brandstoffen, zoals CO2-uitstoot, bodemdaling, aardbevingen etc.

Kinderarbeid, niet in mijn tijd![bewerken]

Het derde canonvenster dat zichtbaar wordt in het Openluchtmuseum is "Verzet tegen de kinderarbeid". Een interactief familiespel op de zolder van zuivelfabriek Freia slaat een brug tussen kinderarbeid ‘Toen en Hier’, naar ‘Daar en Nu’. Kinderen kruipen in levensgrote ketels en spelen een spel met hun ouders die buiten staan. Het spel maakt de spelers bewust dat kinderarbeid weliswaar in Nederland niet meer voorkomt, maar in andere landen wel. "Kinderarbeid, niet in mijn tijd" is van start gegaan op 12 juni, de Internationale dag tegen de kinderarbeid.

Eerdere aanwinsten[bewerken]

Historische goederenloods van Van Gend & Loos[bewerken]

Eerdere recente aanwinsten zijn onder meer een historische goederenloods van Van Gend & Loos, afkomstig van het Tielse stationsemplacement. De verplaatsing in 54 afzonderlijke stukken kostte ongeveer een miljoen euro en is in maart 2007 voltooid. Naast de loods staan sinds juli 2007 opgesteld: locomotor NS 285 en een gesloten goederenwagen van type Gs, gebouwd in 1956 door Werkspoor.

Vakantiehuisje van Gerrit Rietveld[bewerken]

In 2007 werd ook een door Gerrit Rietveld ontworpen vakantiehuisje in het museum geplaatst.

Pottenbakkersgang uit de Amsterdamse Jordaan[bewerken]

Enkele huizen uit de Amsterdamse wijk de Jordaan. Het betreft de laatste nog overgebleven inpandige krotwoningen afkomstig uit de Pottenbakkersgang bij de Westerstraat. Tot 2002 werden deze nog bewoond. In het complex zijn ondergebracht een Jordaancafé, een postagentschap en een Turkenpension. Het project is gefinancierd door de Bankgiroloterij. Het frame van het gebouw bestaat uit een betonnen constructie. De gevel is wel opgebouwd uit de oorspronkelijke bakstenen. Een curieus feit aan de herconstructie is dat de huizen in een andere volgorde dan de oorspronkelijke aan weerszijden van de steeg staan. Hiermee is tevens het eerste stedelijke bouwwerk in het museum verrezen, naast de vele reeds aanwezige agrarische en dorpse objecten. De opening door Koningin Beatrix vond plaats op 3 april 2012. Met deze aanwinst startte het museum de viering van het 100-jarig bestaan. De straat was een geschenk van de gemeente Amsterdam.[5] Het "Turkenpension" is aangevuld met een Chinees restaurant, een Italiaanse ijssalon en een barak voor Molukse repatrianten, waarmee de "nieuwe Nederlanders" ook hun plekje hebben gekregen.

Jaarthema's[bewerken]

Nederland is een dynamisch land, met inwoners die komen en vertrekken. Dat is al eeuwenlang aan de orde van de dag en laat zichtbaar of haast ongemerkt sporen na in onze samenleving. Het Openluchtmuseum besteedt aandacht aan het thema migratie met jaarthema's als:

  • 2009: 'Vaarwel Vaderland' over Emigratie
  • 2010: 'Verhalen van Immigranten. Nieuwe Buren door de jaren heen' over Immigratie
  • 2011: 'Hollandse Nieuwe. Effecten van migratie'
  • 2012: 'Feest! Het Nederlands Openluchtmuseum bestaat 100 jaar'
  • 2013: 'Beleef het weer!'
  • 2014: 'Museum vol verhalen'

Zie ook[bewerken]

Bezienswaardigheden[bewerken]

Hieronder staan foto's van enkele bezienswaardigheden in het museum:

Externe links[bewerken]

Bronnen