De stukgedanste schoentjes

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De stukgedanste schoentjes is een bekend sprookje, opgetekend door de gebroeders Grimm in Kinder- und Hausmärchen onder nummer KHM133. De oorspronkelijke naam is Die zertanzten Schuhe.

Het verhaal[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Een koning doet altijd de deur op slot van de slaapkamer van zijn twaalf dochters, maar 's ochtends zijn de schoentjes altijd stukgedanst. Degene die het geheim kan ontsluieren, mag trouwen met een van hen en wordt na de dood van de koning zelf koning. Een koningszoon doet een poging, maar valt in slaap en ook de tweede nacht kan hij niet wakker blijven. Ook op de derde nacht kan hij niet wakker blijven en hij wordt ter dood gebracht. Velen volgen, maar niemand kan het raadsel oplossen. Een arme soldaat, die gewond is geraakt, zoekt de weg naar de stad en komt een oude vrouw tegen. Hij zegt dat hij wel wil weten waar de koningsdochters hun schoentjes stukdansen en ze vertelt hem dan dat hij geen wijn moet drinken en moet doen alsof hij slaapt. Ze geeft hem een mantel waarmee hij onzichtbaar kan worden en wordt vriendelijk ontvangen door de koning.

's Avonds krijgt hij koninklijke kleding aan en gaat naar bed, de oudste dochter geeft hem een beker wijn. Hij heeft een spons onder zijn kin gebonden en de wijn loopt daarin, hij hoort de koningsdochters lachen en zij doen prachtige kleding aan. De jongste dochter heeft een vreemd voorgevoel en de sneeuwgans wordt niet serieus genomen door haar vrolijke zusters. Ze zien dat de soldaat zijn ogen dicht heeft en de oudste klopt op haar bed, waarna het door de grond zakt. De meisjes gaan door de opening en de soldaat doet zijn mantel om en gaat hen achterna. Hij trapt op de jurk van de jongste dochter, maar ze wordt niet serieus genomen door haar zusters. Beneden is een prachtige laan met zilveren bomen en de soldaat neemt een tak mee als bewijs. De jongste hoort de knal, maar de zusters zeggen dat dit vreugdeschoten zijn omdat ze hun prinsen bijna verlost hebben.

Ze komen in een laan met gouden bomen en daarna in één met bomen van diamant. De soldaat breekt weer takken af, maar de oudste zussen nemen hun jongste zus nog altijd niet serieus. Ze komen bij een groot water met twaalf schepen, in elk schip zit een prins. De koningsdochters worden meegenomen en de prins die de jongste dochter vervoert, vertelt dat zijn bootje veel zwaarder vaart. Ze komen bij een kasteel en de prinsen dansen met de prinsessen. De soldaat danst onzichtbaar mee en drinkt de wijn van de meisjes. De jongste vindt het griezelig, maar de oudste laten haar zwijgen.

Als het drie uur is, zijn de schoentjes stukgedanst en de prinsen brengen de meisjes over het water. De soldaat gaat snel in zijn bed liggen en begint te snurken. De meisjes gaan in bed liggen en de soldaat besluit nog niks te zeggen, omdat hij weer naar de wonderbaarlijke wereld wil. Ook de derde nacht herhaalt alles zich en hij neemt een beker als bewijsstuk mee. Hij gaat naar de koning en neemt de drie takken en de beker mee. Hij vertelt dat de prinsessen met twaalf prinsen dansen in een onderaards kasteel. Hij laat de bewijsstukken zien en de koning laat zijn dochters halen. Ze ontkennen niet en de soldaat kiest de oudste dochter als bruid. De bruiloft wordt gevierd en de prinsen worden weer betoverd voor het aantal dagen als de nachten die ze met de prinsessen hebben gedanst.

Achtergronden bij het verhaal[bewerken]

Assepoester · Berenpels · Bontepels · Broertje en zusje · Bruidskeuze · De anjer · De arme en de rijke · De arme jongen in het graf · De arme molenaarsknecht en het katje · De bijenkoningin · De boden van de dood · De boer en de duivel · De Bremer stadsmuzikanten · De broodkruimels op de tafel · De bruiloft van vrouw Vos · De dood als peet · De dood van het hennetje · De dorsvlegel uit de hemel · De drie broers · De drie gelukskinderen · De drie handwerksgezellen · De drie heelmeesters · De drie luiaards · De drie mannetjes in het bos · De drie slangenbladeren · De drie spinsters · De drie talen · De drie veren · De drie vogeltjes · De drie zwarte prinsessen · De duivel en zijn grootmoeder · De duivel met de drie gouden haren · De duur van het leven · De ganzenhoedster · De ganzenhoedster aan de bron · De gauwdief en zijn meester · De geest in de fles · De geschenken van het kleine volkje · De gestolen duit · De glazen doodskist · De goede ruil · De gouden gans · De gouden sleutel · De gouden vogel · De goudkinderen · De Grafheuvel · De groente-ezel · De haas en de egel · De hanenbalk · De hazelaar · De heldere zon brengt het aan het licht · De hemelse bruiloft · De hoefnagel · De hond en de mus · De huishouding · De ijzeren kachel · De jonge reus · De jood in de doornstruik · De kabouters · De kikkerkoning · De kleermaker in de hemel · De koning van de gouden berg · De koningszoon die nergens bang voor was · De korenaar · De kristallen bol · De laarzen van buffelleer · De luie spinster · De maan · De meesterdief · De mus en zijn vier kinderen · De ondankbare zoon · De oude bedelares · De oude grootvader en zijn kleinzoon · De oude Hildebrand · De oude Rinkrank · De oude Sultan · De oude vrouw in het bos · De peetoom · De raaf · De raap · De ransel, het hoedje en het hoorntje · De rattenvanger van Hamelen · De reus en de kleermaker · De roerdomp en de hop · De roetzwarte broer van de duivel · De roversbruidegom · De schol · De schrandere knecht · De sterrendaalders · De stukgedanste schoentjes · De trommelslager · De trouwe Johannes · De twaalf broeders · De twaalf jagers · De twaalf luie knechten · De twee gebroeders · De twee koningskinderen · De twee reisgezellen · De uil · De verstandige boerendochter · De verstandige lieden · De vier kunstvaardige broers · De volleerde jager · De vos en de ganzen · De vos en de kat · De vos en de moeder van zijn petekind · De vos en het paard · De ware bruid · De waternimf · De waternimf in de vijver · De witte slang · De witte en de zwarte bruid · De wolf en de mens · De wolf en de vos · De wolf en de zeven geitjes · De wonderlijke speelman · De zes dienaren · De zes zwanen · De zeven Zwaben · De zeven raven · De zingende springende leeuwerik · De zoete pap · Dokter Weetal · Doornroosje · Duimendik · Duimpje de wereld in · Eenoogje, tweeoogje en drieoogje · Eva's ongelijke kinderen · Frieder en Katherliesje · Gelukkige Hans · Hans en Grietje · Hans viert bruiloft · Hans-mijn-egel · Hazekebruid · Het aardmanneke · Het blauwe licht · Het boerke · Het boerke in de hemel · Het boshuis · Het dappere snijdertje · Het doodshemdje · Het eigenzinnige kind · Het ezeltje · Het gedierte van de Heer en de Duivel · Het gespuis · Het herdersjongetje · Het huishouden van kat en muis · Het kind van Maria · Het lammetje en het visje · Het leugensprookje uit Ditmar · Het mannetje dat jong gegloeid werd · Het meisje zonder handen · Het meiske van Brakel · Het mooie Katrinelletje en Pief Paf Poltrie · Het raadsel · Het snuggere snijdertje · Het sprookje van Luilekkerland · Het water des levens · Het winterkoninkje · Het winterkoninkje en de beer · Het zingende botje · IJzeren Hans · Jonkvrouw Maleen · Jorinde en Joringel · Klitten · Klosje, schietspoel en naald · Knappe Elsje · Knoest en zijn drie zonen · Koning Lijsterbaard · Lief en leed samen delen · Luie Hein · Luisje en Vlootje · Magere Liesje · Meester Priem · Meneer Korbes · Met z'n zessen de hele wereld rond · Op reis gaan · Raadselsprookje · Raponsje · Repelsteeltje · Roodkapje · Simeliberg · Slangensprookje · Slimme Grietje · Slimme Hans · Sneeuwwitje · Sneeuwwitje en Rozerood · Speelhans · Sprookje van iemand die erop uittrok om te leren griezelen · Sterke Hans · Strohalm, kooltje vuur en boontje · Tafeltje dek je, ezeltje strek je en knuppel uit de zak · Trouwe Ferdinand en Ontrouwe Ferdinand · Van de visser en zijn vrouw · Van de wachtelboom · Van het muisje, het vogeltje en de braadworst · Vleerkens vogel · Vogel Grijp · Vondevogel · Vrijer Roland · Vrolijke Frans · Vrouw Holle · Vrouw Trui