Hans en Grietje

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hans en Grietje en de heks, afgebeeld door Arthur Rackham in The Fairy Tales of the Brothers Grimm van Mevr. Edgar Lucas uit 1909
Hans en Grietje eten van het peperkoekhuisje van de heks
Hans en Grietje
Grietje duwt de heks in de oven
Huisje in de Efteling
Hans en Grietje zoeken de weg in het schijnsel van de volle maan

Hans en Grietje is een sprookje, onder meer opgetekend door de gebroeders Grimm in Kinder- und Hausmärchen onder nummer KHM15. De oorspronkelijke naam is Hänsel und Gretel.

Het verhaal[bewerken]

Hans en Grietje wonen met hun vader en stiefmoeder aan de rand van het bos, vader is houthakker en het gezin is erg arm. Het echtpaar besluit de kinderen in het bos achter te laten, omdat ze geen eten meer voor hen hebben. De kinderen zijn echter wakker door de honger en horen het plan, waarna Hans 's nachts kiezelstenen zoekt en in zijn jaszak verstopt. Hans blijft steeds staan en zegt dat hij naar zijn witte kat op het dak kijkt, wanneer vader hem vraagt waarom hij zo treuzelt. Stiefmoeder zegt dat het de ochtendzon is die op de schoorsteen schijnt. Hans laat de volgende dag een spoor van kiezelstenen achter en als ze alleen worden achtergelaten in het bos, kunnen ze de weg naar het huis terugvinden in het schijnsel van de volle maan. Als ze aankloppen, reageert hun stiefmoeder boos omdat ze zo lang in het bos zijn achtergebleven, maar vader is erg blij ze terug te zien.

Na een tijdje is de nood weer erg hoog en opnieuw horen de kinderen hoe stiefmoeder hun vader overhaalt de kinderen opnieuw in het bos achter te laten. Hans wil opnieuw kiezelstenen zoeken, maar de stiefmoeder heeft de deur van het huisje op slot gedaan. Hans blijft de volgende ochtend opnieuw vaak staan en zegt dat hij naar zijn duifje kijkt, waarna de stiefmoeder opnieuw zegt dat dit slechts het zonlicht op de schoorsteen is. Hans laat kruimeltjes van het brood vallen en Grietje deelt haar brood met hem als ze alleen zijn in het bos. Als ze het spoor van broodkruimels willen zoeken, blijkt dit door de vogels te zijn opgegeten. De derde ochtend na het vertrek uit het ouderlijk huis komen ze bij een sneeuwwit vogeltje, dat ze volgen naar een huisje dat gemaakt is van brood, met een dak van koek en ramen van witte suiker.

De kinderen eten van het huisje en horen dan een stem en een oude vrouw verschijnt in de deuropening. De oude vrouw neemt beide kinderen mee in haar huis en geeft ze melk en pannenkoeken. De kinderen gaan tevreden naar bed, maar de oude vrouw is eigenlijk een heks die het huis heeft gebouwd om kinderen te lokken. De heks wil Hans vetmesten en opeten en zet Grietje in als haar slaaf, zij krijgt enkel kreeftenschalen te eten. De heks heeft rode ogen en een slecht zicht en voelt elke dag aan de vingers van Hans om te voelen of hij al vet genoeg is. Hans steekt echter altijd een botje naar buiten en de heks is verbaasd dat hij zo mager blijft.

Na een tijdje besluit de heks Hans niet langer af te wachten en ze laat Grietje water halen om hem te koken. De bakoven is al gestookt en de heks is van plan om Grietje hierin te duwen. Grietje doet alsof ze dom is en laat de heks voordoen hoe ze het brood erin moet doen, waarna ze de heks zelf een duw geeft. Grietje bevrijdt Hans en ze gaan het huis binnen, waar ze kisten vol parels en edelstenen vinden. Deze stenen stopt Hans ook in zijn zak en Grietje laadt haar schortje vol. Ze willen uit het heksenbos en vinden een groot water, maar er is geen boot. Grietje vraagt een witte eend of ze hen naar de overkant wil brengen en dit gebeurt. Na een tijdje gelopen te hebben, zien ze het huisje van vader. Hij is erg triest geweest sinds de kinderen zijn verdwenen en de stiefmoeder is gestorven. Ze zijn erg gelukkig om weer samen te zijn en hoeven niet langer in armoede te leven.

Achtergronden bij het verhaal[bewerken]

  • Het sprookje is onder meer opgetekend in Hessen.
  • Het verhaal wordt (met varianten) in veel landen verteld, soms zit er een wolf in het huisje in plaats van de heks.
  • Het begin en het einde van het verhaal lijken veel op dat van Klein Duimpje van Perrault.
  • Door bewerking van Wilhelm Grimm heeft het sprookje een sterke structuur gekregen, het verhaal eindigt op de plaats waar het begint. Er zijn twee soorten vuur, twee huisjes, twee boze vrouwen en twee witte vogels. Hans vindt twee soorten stenen, twee keer gaan de kinderen op weg (de eerste keer redt Hans de situatie en de tweede keer is dit Grietje).
  • Het bos in het sprookje staat voor het leven, waarin men de weg moet zoeken.
  • De heks staat symbool voor het feit dat je iemand die je tegenkomt, bijvoorbeeld op straat, niet zomaar moet vertrouwen als hij of zij mooie praatjes heeft. Iemand kan onschuldig lijken maar dat in werkelijkheid niet zijn. Dit kan vreselijke gevolgen hebben, zoals in dit sprookje wordt verteld met het op willen eten van Hans en Grietje.
  • Het snoephuisje toont enige gelijkenis met het paard van Troje: een onschuldig aandoend voorwerp met een onverwacht gevaarlijke inhoud (in dit geval de heks).
  • Broer en zus staan in sommige psychoanalytische interpretaties voor het mannelijke (handelende, verstandige) en vrouwelijke (gevoelsmatige, intuïtieve) in de mens, de anima en animus (ziel en geest). Denk ook aan het sprookje Broertje en zusje (KHM11).
  • In 1963 publiceerde Hans Traxler onder het pseudoniem Georg Ossegg het boek Die Wahrheit über Hänsel und Gretel, waarin hij zijn zogenaamde zoektocht naar de waarheid achter het sprookje en zijn ontdekkingen (een moord op een vermeende heks in 1647) beschreef.
  • Het dier als helper komt in heel veel sprookjes voor:

Opera[bewerken]

De Duitse componist Engelbert Humperdinck verwerkte het sprookjesgegeven in zijn zeer succesvolle opera Hänsel und Gretel.

Assepoester · Berenpels · Bontepels · Broertje en zusje · Bruidskeuze · De anjer · De arme en de rijke · De arme jongen in het graf · De arme molenaarsknecht en het katje · De bijenkoningin · De boden van de dood · De boer en de duivel · De Bremer stadsmuzikanten · De broodkruimels op de tafel · De bruiloft van vrouw Vos · De dood als peet · De dood van het hennetje · De dorsvlegel uit de hemel · De drie broers · De drie gelukskinderen · De drie handwerksgezellen · De drie heelmeesters · De drie luiaards · De drie mannetjes in het bos · De drie slangenbladeren · De drie spinsters · De drie talen · De drie veren · De drie vogeltjes · De drie zwarte prinsessen · De duivel en zijn grootmoeder · De duivel met de drie gouden haren · De duur van het leven · De ganzenhoedster · De ganzenhoedster aan de bron · De gauwdief en zijn meester · De geest in de fles · De geschenken van het kleine volkje · De gestolen duit · De glazen doodskist · De goede ruil · De gouden gans · De gouden sleutel · De gouden vogel · De goudkinderen · De Grafheuvel · De groente-ezel · De haas en de egel · De hanenbalk · De hazelaar · De heldere zon brengt het aan het licht · De hemelse bruiloft · De hoefnagel · De hond en de mus · De huishouding · De ijzeren kachel · De jonge reus · De jood in de doornstruik · De kabouters · De kikkerkoning · De kleermaker in de hemel · De koning van de gouden berg · De koningszoon die nergens bang voor was · De korenaar · De kristallen bol · De laarzen van buffelleer · De luie spinster · De maan · De meesterdief · De mus en zijn vier kinderen · De ondankbare zoon · De oude bedelares · De oude grootvader en zijn kleinzoon · De oude Hildebrand · De oude Rinkrank · De oude Sultan · De oude vrouw in het bos · De peetoom · De raaf · De raap · De ransel, het hoedje en het hoorntje · De rattenvanger van Hamelen · De reus en de kleermaker · De roerdomp en de hop · De roetzwarte broer van de duivel · De roversbruidegom · De schol · De schrandere knecht · De sterrendaalders · De stukgedanste schoentjes · De trommelslager · De trouwe Johannes · De twaalf broeders · De twaalf jagers · De twaalf luie knechten · De twee gebroeders · De twee koningskinderen · De twee reisgezellen · De uil · De verstandige boerendochter · De verstandige lieden · De vier kunstvaardige broers · De volleerde jager · De vos en de ganzen · De vos en de kat · De vos en de moeder van zijn petekind · De vos en het paard · De ware bruid · De waternimf · De waternimf in de vijver · De witte slang · De witte en de zwarte bruid · De wolf en de mens · De wolf en de vos · De wolf en de zeven geitjes · De wonderlijke speelman · De zes dienaren · De zes zwanen · De zeven Zwaben · De zeven raven · De zingende springende leeuwerik · De zoete pap · Dokter Weetal · Doornroosje · Duimendik · Duimpje de wereld in · Eenoogje, tweeoogje en drieoogje · Eva's ongelijke kinderen · Frieder en Katherliesje · Gelukkige Hans · Hans en Grietje · Hans viert bruiloft · Hans-mijn-egel · Hazekebruid · Het aardmanneke · Het blauwe licht · Het boerke · Het boerke in de hemel · Het boshuis · Het dappere snijdertje · Het doodshemdje · Het eigenzinnige kind · Het ezeltje · Het gedierte van de Heer en de Duivel · Het gespuis · Het herdersjongetje · Het huishouden van kat en muis · Het kind van Maria · Het lammetje en het visje · Het leugensprookje uit Ditmar · Het mannetje dat jong gegloeid werd · Het meisje zonder handen · Het meiske van Brakel · Het mooie Katrinelletje en Pief Paf Poltrie · Het raadsel · Het snuggere snijdertje · Het sprookje van Luilekkerland · Het water des levens · Het winterkoninkje · Het winterkoninkje en de beer · Het zingende botje · IJzeren Hans · Jonkvrouw Maleen · Jorinde en Joringel · Klitten · Klosje, schietspoel en naald · Knappe Elsje · Knoest en zijn drie zonen · Koning Lijsterbaard · Lief en leed samen delen · Luie Hein · Luisje en Vlootje · Magere Liesje · Meester Priem · Meneer Korbes · Met z'n zessen de hele wereld rond · Op reis gaan · Raadselsprookje · Raponsje · Repelsteeltje · Roodkapje · Simeliberg · Slangensprookje · Slimme Grietje · Slimme Hans · Sneeuwwitje · Sneeuwwitje en Rozerood · Speelhans · Sprookje van iemand die erop uittrok om te leren griezelen · Sterke Hans · Strohalm, kooltje vuur en boontje · Tafeltje dek je, ezeltje strek je en knuppel uit de zak · Trouwe Ferdinand en Ontrouwe Ferdinand · Van de visser en zijn vrouw · Van de wachtelboom · Van het muisje, het vogeltje en de braadworst · Vleerkens vogel · Vogel Grijp · Vondevogel · Vrijer Roland · Vrolijke Frans · Vrouw Holle · Vrouw Trui