Protagonist

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Protagonist (van het Grieks protagonistes (πρωταγωνιστής); hij die de eerste rol speelt/hoofdacteur)[1] is de aanduiding voor het personage waar het verhaal van een film, toneelstuk of boek om draait. In een klassieke vertelling gaat het meestal om één personage of een koppel, maar in andere media kunnen dit meerdere personages zijn. De term wordt ook vaak gebruikt als synoniem voor de held van het verhaal.

In overdrachtelijke zin heeft protagonist ook de betekenis van voorvechter, wegbereider, pionier.

Achtergrond[bewerken]

De protagonist is duidelijk het belangrijkste en daarom meest uitgewerkte personage in het verhaal.

Meestal leidt hij of zij in het begin een rustig leventje tot er iets gebeurt. Dit is vaak een ontwikkeling met dramatische gevolgen. In de introductie van het personage - tijdens de setup van het verhaal - wordt duidelijk gemaakt wie hij is, wat hij doet en wat hem beweegt. Zodra het publiek weet waarover het gaat, geeft de protagonist aan wat hij wil veranderen: het dramatisch doel is nu vastgesteld. De eigenlijke plot komt nu op gang en wordt in de narratologie de startplotscène genoemd. De Amerikaanse scenarioschrijver Syd Field introduceerde de term plotpoint om een narratieve wending in het verhaal aan te geven. De eerste, gewoonlijk aan het eind van act 1, wordt plotpoint 1 genoemd. De protagonist heeft nu een doel en gaat op weg om dat doel te bereiken.

In de verdere dramatische ontwikkeling van het verhaal moet de protagonist nu keuzes maken die tot een positieve of negatieve ontwikkeling kunnen leiden. Daarvoor zal hij typisch allerlei obstakels moeten overwinnen. Halverwege act 2 is er vaak een keerpunt in het verhaal, dat midpunt wordt genoemd omdat het halverwege het verhaal plaatsvindt. Er gebeurt dan iets dat het verhaal een beslissende wending geeft en waardoor de protagonist gedwongen zal zijn om een keuze te maken waarop hij of zijn niet kan terugkomen. Aan het einde van het verhaal is het personage veranderd door alles wat hij/zij heeft meegemaakt.

Kenmerken[bewerken]

  • personage waar in feite alles om draait;
  • wordt getoond met normale angsten (psychologisch doorzicht);
  • status quo wordt verstoord;
  • wil het evenwicht herstellen;
  • moet een opdracht vervullen;
  • zijn belangen staan op het spel;
  • de scènes worden vanuit zijn standpunt gezien;
  • actief of reactief;
  • beslissende keuzes maken;
  • zijn acties leiden naar een climax;
  • evolueert en verandert (innerlijk en/of uiterlijk).

Relaties tot andere personages[bewerken]

De tegenhanger van de protagonist is de antagonist; dit is de tegenpool van de protagonist. Hij wil meestal het tegenovergestelde en doet zijn best het zo moeilijk mogelijk te maken voor de protagonist. De twee dramatis personae zijn even belangrijk in het verhaal.

Andere personages zijn de deuteragonist (het tweede personage) en de tritagonist (het derde personage); ook wel pivotal genoemd. Deze sturen de protagonist een nieuwe richting uit; ze laten hem als het ware 'pivoteren', dus tollen.

Valse protagonist[bewerken]

Norman Bates in Psycho

De valse protagonist is een literaire techniek, een red herring, waarbij het publiek of de lezer van een verhaal op het verkeerde been wordt gezet. Hierbij wordt al vroeg een personage geïntroduceerd dat alle kenmerken van de protagonist heeft en waarvan de lezer dus automatisch aanneemt dat dit de protagonist moet zijn, maar die later toch niet de protagonist blijkt te zijn. Dit element wordt vaak gebruikt om het verhaal een onverwachte wending te geven.

Een voorbeeld is de film Psycho. Hierin lijkt het personage Marion Crane de protagonist te zijn, daar men haar in het begin van de film de hele tijd volgt. Maar dan wordt ze onverwacht vermoord en blijkt ze dus toch niet het hoofdpersonage te zijn. Door haar tot een valse protagonist te maken hoopte regisseur Alfred Hitchcock haar dood extra schokkend te maken, en de moordenaar (Norman Bates) extra angstaanjagend.

Bronnen, noten en/of referenties
  1. πρωταγωνιστής, Henry George Liddell, Robert Scott, A Greek-English Lexicon, on Perseus Digital Library, and Online Etymology Dictionary
Genres epiek: anekdote · ballade · epos · fabel · gedicht · genre · inleiding · kort verhaal · legende · mythe · novelle · parabel · raamvertelling · reisverhaal · roman · saga · sage · sprookje · verhaal · vignet · volksballade · volksverhaal
Verloop: catharsis · cliffhanger · climax · deus ex machina · epiloog · fabel · plot · plotpoint · proloog · synopsis · verhaallijn
Begin en einde: ab ovo · in medias res · in ultimas res · incipit · openingszin · terminus
Personage: aangever · alter ego · alteriteit · antagonist · antiheld · bijfiguur · bijrol · booswicht · byroniaanse held · copresentator · deuteragonist · flat character · held · hoofdpersoon · hoofdrol · personage · protagonist · round character · tritagonist · typetje · uitverkorene · underdog
Spanning: cliffhanger · spanning
Vertelperspectief: afwisselende perspectief · auctoriële verteller · ik-perspectief · onbetrouwbare verteller · personele verteller · point of view
Vertelinstantie: focalisatie · homodiëgetische vertelling · heterodiëgetische vertelinstantie · rhema · vrije indirecte rede
Samenhang & verband: plot · rode draad · verhaallijn
Motief & thema: abstract motief · concreet motief · leidmotief · motto · thema
Tijd & ruimte: eenheidsconventie · kalendertijd · mise en abyme · opschuivende tijdlijn · praesens historicum · tijdverruiming · verteltijd · vertelde tijd
Stijl: dramatische ironie · red herring · shooting the messenger · register · stijl · stream of consciousness · suspension of disbelief · show, don't tell · verteltechniek
Stijlperiode: middeleeuwen · renaissance · maniërisme · barok · verlichting · sentimentalisme · preromantiek · romantiek · realisme · impressionisme · naturalisme · neoromantiek · symbolisme · expressionisme · constructivisme · dadaïsme · surrealisme · nieuwe zakelijkheid · magisch realisme · existentialisme · vijftigers · modernisme · postmodernisme
Studie: driehoek van Petersen · narratologie · verhaalanalyse