Protagonist
Een protagonist is de aanduiding voor het personage waar het verhaal van een film, toneelstuk of boek om draait. In een klassieke vertelling gaat het meestal om één personage of een koppel.
Meestal leidt hij in het begin een rustig leventje tot er iets gebeurt. Dit is vaak een ontwikkeling met dramatische gevolgen. In de introductie van het personage - tijdens de setup van het verhaal - wordt duidelijk gemaakt wie hij is, wat hij doet en wat hem beweegt. Zodra het publiek weet waarover het gaat, geeft de protagonist aan wat hij wil veranderen: het dramatisch doel is nu vastgesteld. De eigenlijke plot komt nu op gang en wordt in de narratologie de startplotscène genoemd. De Amerikaanse scenarioschrijver Syd Field introduceerde de term plotpoint om een narratieve wending in het verhaal aan te geven. De eerste, gewoonlijk aan het eind van act 1, wordt plotpoint 1 genoemd. De protagonist heeft nu een doel en gaat op weg om dat doel te bereiken.
In de verdere dramatische ontwikkeling van het verhaal moet de protagonist nu keuzes maken, die tot een positieve of negatieve ontwikkeling kunnen leiden. Daarvoor zal hij typisch allerlei obstakels moeten overwinnen. Halverwege act 2 is er vaak een keerpunt in het verhaal, dat midpunt wordt genoemd omdat het in de helft van de film plaatsvindt. Er gebeurt dan iets dat het verhaal een beslissende wending geeft en waardoor de protagonist gedwongen zal zijn om een keuze te maken waarop hij of zijn niet kan terugkomen. Aan het einde van het verhaal is het personage veranderd door alles wat hij/zij heeft meegemaakt.
De tegenhanger van de protagonist, het tweede personage, de antagonist, wil meestal het tegenovergestelde en doet zijn best het zo moeilijk mogelijk te maken voor de protagonist. De twee dramatis personae zijn even belangrijk in het verhaal. Een derde personage dat kan optreden heet de tritagonist of pivotal, soms ook katalysator genoemd. Dit personage stuurt de protagonist een nieuwe richting uit, hij laat hem als het ware 'pivoteren', dus tollen.
[bewerken] Kenmerken
- personage waar in feite alles om draait
- wordt getoond met normale angsten (psychologisch doorzicht)
- status quo wordt verstoord
- wil het evenwicht herstellen
- moet een opdracht vervullen
- zijn belangen staan op het spel
- de scènes worden vanuit zijn standpunt gezien
- actief of reactief
- beslissende keuzes maken
- zijn acties leiden naar een climax
- evolueert en verandert (innerlijk en/of uiterlijk)