IJsselstein

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zie het artikel Dit artikel gaat over de Utrechtse gemeente IJsselstein. Zie ook Ysselsteyn in Limburg.
IJsselstein
Gemeente in Nederland Vlag van Nederland
Vlag van de gemeente IJsselstein Wapen van de gemeente IJsselstein
(Details) (Details)
Locatie van de gemeente IJsselstein
Situering
Provincie Vlag Utrecht (provincie) Utrecht
Coördinaten 52° 1′ NB, 5° 3′ OL
Algemeen
Oppervlakte 21,68 km²
- land 21,15 km²
- water 0,53 km²
Inwoners (1 mei 2014) 34.184? (1616 inw/km²)
Hoofdplaats IJsselstein
Belangrijke verkeersaders A2
Politiek
Burgemeester (lijst) Patrick van den Brink (CDA)
Zetels
VVD
PvdA
CDA
D66
LDIJ
GroenLinks
ChristenUnie
SP
23
4
1
3
5
5
2
1
2
Economie
Gemiddeld inkomen (2006) € 13.900 per inw.
Gem. WOZ-waarde (2008) € 251.000
WW-uitkeringen (2007) 15 per 1000 inw.
Overig
Postcode(s) 3401-3404
Netnummer(s) 030
CBS-code 0353
CBS-wijkindeling zie wijken en buurten
Website www.ijsselstein.nl
Bevolkingspiramide van de gemeente IJsselstein
Bevolkingspiramide (2008)
Portaal  Portaalicoon   Nederland
Topografische gemeentekaart van IJsselstein, september 2014
Kaart van de gemeente IJsselstein in 1866.
De Oude Sint-Nicolaaskerk (Hervormde kerk)

IJsselstein (Geluidsfragment uitspraak (info / uitleg)) is een stad en gemeente in de Nederlandse provincie Utrecht. De gemeente herbergt 34.184 inwoners (1 mei 2014, bron: CBS) op een oppervlakte van 21,62 km² (waarvan 0,46 km² water). IJsselstein dankt zijn naam aan de Hollandse IJssel en is onderdeel van de agglomeratie Utrecht.

Geschiedenis[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie ook: Baronie IJsselstein.

IJsselstein ontstond als nederzetting in de buurt van kasteel IJsselstein, dat in 1279 voor het eerst wordt genoemd, toen het in het bezit kwam van Gijsbrecht van Amstel, die zich later ook Gijsbrecht van IJsselstein ging noemen.

Vermoedelijk in 1310 kreeg het dorp stadsrechten. 1310 was een belangrijk jaar voor IJsselstein. Er is een akte voor de wijding van de Nicolaaskerk, een huwelijksakte van Maria van Henegouwen en Arnoud van Amstel en een akte uit dat jaar waarin toestemming wordt verleend voortaan drie jaarmarkten te mogen houden. De stad IJsselstein is dan officieel een feit. Omstreeks 1390 werd het ommuurd, mogelijk voor de tweede keer. In 1418 werd het verwoest door Jacoba van Beieren op verzoek van de Utrechters en in 1466 door bendes uit Gelderland. Bij de wederopbouw na 1466 werd een gebied ommuurd dat maar ongeveer half zo groot was als daarvoor: het gebied gevormd door de huidige wijk Nieuwpoort viel erbuiten. Na een aanval van jonker Floris van IJsselstein op de stad Utrecht volgde er in 1482 een beleg van IJsselstein door de Utrechters, en in 1511 nog eens opnieuw.[1]


In 1551 kwam IJsselstein in het bezit van Willem van Oranje als gevolg van diens huwelijk met Anna van Egmond en Buren.

Willem en zijn opvolgers, de Prinsen van Oranje, besteedden niet veel aandacht aan hun kleine feodale bezit, maar onder de Friesche Nassaus die de baronie na de dood van de kinderloze Willem III erfden werd IJsselstein in 18de eeuw een klein belastingparadijs. In de Republiek bestonden in de 18de eeuw naast de zeven gewesten een aantal zelfstandige ministaatjes. IJsselstein was er daar één van. In tegenstelling tot andere vrijplaatsen gebruikte de baronie haar autonomie veel minder om asiel te verlenen aan criminelen, maar vormde ze zich om tot een belastingparadijs dat rijke inwoners uit de hele Republiek trok. Vooral renteniers werden door de belastingtarieven aangetrokken. Voor failliet gegane ondernemers en particulieren was IJsselstein minder aantrekkelijk. Het stadje koos voor een respectabele positie.

Maria Louise van Hessen-Kassel, de regentes voor Willem IV liet in IJsselstein openbare werken verrichten. Er kwamen riolen en een Latijnse School. Voor de kinderen van de rijke ingezetenen was er een schermleraar.

Omdat het centrale gezag in de Republiek der Verenigde Nederlanden zwak was en de positie van de stadhouders sterk was maakte pas de Bataafse Revolutie aan het eind van de 18e eeuw een einde aan de uitzonderingspositie van IJsselstein en de andere enclaves. De verloren autonomie op fiscaal gebied veroorzaakte daarop grote economische achteruitgang.[2]

De indertijd hoge algemene belastingen werden toen ook in IJsselstein ingevoerd. Een groot deel van de renteniers verliet daarom de baronie. Bovendien werden andere economische pijlers, het verbouwen van hennep voor de touwfabricage aangetast door het Napoleontische Continentaal Stelsel, dat de Fransen in 1806 invoerden en dat de handel tussen het Europese continent en Groot-Brittannië verbood. IJsselstein ging in de 19e eeuw een tijd van grote armoede tegemoet. Pas na de Tweede Wereldoorlog kwam IJsselstein, nu als forensengemeente, weer tot bloei.

Architectuur[bewerken]

Bij de stichting van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden in 1815 werd IJsselstein bij de provincie Utrecht gevoegd.

Tot ver in de 19e eeuw groeide de stad nauwelijks. Rond 1865 had IJsselstein slechts 3275 inwoners. Vooral na de Tweede Wereldoorlog breidde de stad zich sterk uit, ook aan de andere kant van de Hollandse IJssel.

De Hervormde Kerk, oorspronkelijk gewijd aan de heilige Nicolaas van Myra en gesticht door Gijsbrecht van Amstel, dateert gedeeltelijk uit 1309, maar is grotendeels laat-15e-eeuws, waarschijnlijk een gevolg van de verwoestingen in 1466. In de kerk bevindt zich een grafmonument met daarop vier liggende beelden, waaronder een van Gijsbrecht.

De kerktoren kwam vermoedelijk gereed in 1535 en is waarschijnlijk gebouwd onder leiding van de architect Alessandro Pasqualini uit Bologna. Hij geldt als een van de belangrijkste voorbeelden van vroege Renaissance-architectuur in Nederland. De opvallende spits is een Amsterdamse School-ontwerp van architect Michel de Klerk, dat na diens dood werd uitgevoerd.

De rooms-katholieke Sint-Nicolaasbasiliek dateert uit 1885-1887 en is een grote neogotische kerk naar ontwerp van architect Alfred Tepe.

Kasteel IJsselstein werd in 1417 gesloopt, maar zo'n vijftig jaar later herbouwd in opdracht van Frederik van Egmond. In 1888 werd het afgebroken, op de toren na.

Korenmolen de Windotter staat aan de zuidwestzijde van de stadswal en is in 1987 helemaal gerestaureerd.

Op het grondgebied van de gemeente staat het hoogste bouwwerk van Nederland: de Gerbrandytoren, beter bekend als de zender Lopik.

Monumenten[bewerken]

Een deel van IJsselstein is een beschermd dorpsgezicht. Verder zijn er in het stadje tientallen rijksmonumenten en oorlogsmonumenten, zie.

Oudheden[bewerken]

Infrastructuur[bewerken]

IJsselstein ligt ten westen van de voormalige groeikern Nieuwegein en is met sneltramlijn 61 verbonden met het centrum van Nieuwegein en Utrecht. De A2 vormt de scheidslijn tussen IJsselstein en Nieuwegein. Door IJsselstein stroomt de Hollandse IJssel.

Sport[bewerken]

IJsselstein kent onder meer twee voetbalverenigingen: VVIJ en IJFC. Beide clubs spelen op sportpark Groenvliet. Er is ook een basketbalvereniging, Jump genaamd. Een turnvereniging: VOGEL, en er zijn een hockeyvereniging (HC IJsseloever), tennisvereniging (IJTC Groenvliet) en sporten/activiteiten zoals korfbal, handbal, zaalvoetbal en een aantal minder bekendere sporten.

Partnerstad[bewerken]

IJsselstein heeft van 1994 tot 2010 een stedenband gehad met de Vlag van Tsjechië Tsjechische stad Strakonice. Deze stedenband is op initiatief van IJsselstein beëindigd.

Zetelverdeling gemeenteraad[bewerken]

De gemeenteraad van IJsselstein bestaat uit 23 zetels. Hieronder staat de samenstelling van de gemeenteraad sinds 1994:

Gemeenteraadszetels
Partij 1994 1998 2002 2006 2010 2014
VVD 5 6 7 5 8 4
CDA 5 4 6 4 3 3
PvdA 3 4 5 7 3 1
D66 4 1 1 1 3 5
GroenLinks 1 2 2 2 2 2
Liberaal Democr IJ'stein - - - 3 2 5
ChristenUnie* 1 1 1 1 1 1
SGP - 1 1 - - -
SP - - - - 1 2
Totaal 19 19 23 23 23 23

* De ChristenUnie werd in 1994 en 1998 vertegenwoordigd door de RPF, één van haar voorgangers.

Geboren in IJsselstein[bewerken]

Baron van IJsselstein[bewerken]

De Nederlandse koning Willem-Alexander voert de adellijke titel Baron van IJsselstein. Zie Titels Nederlandse koninklijke familie.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]

Bronnen en referenties
  • Kolman, C. et al. (1996), Monumenten in Nederland: Utrecht, p. 17–19 en 129–135. Waanders Uitgevers, Zwolle. ISBN 90-400-9757-7.

  1. Bijdragen en Mededeelingen van het Historisch Genootschap. Deel 4 p. 665
  2. Fred Vogelzang in zijn proefschrift over de soevereine baronie IJsselstein tussen 1720 en 1820.
  3. Nu.nl, Unieke grafheuvels gevonden in IJsselstein, 15 juli 2009

Beluister

(info)