Niki Lauda

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Andreas Nikolaus (Niki) Lauda (Wenen, 22 februari 1949) is een voormalig autocoureur uit Oostenrijk. Hij groeide uit tot een van de belangrijkste Formule 1-coureurs van zijn tijd en behaalde drie wereldtitels.

Biografie[bewerken]

Lauda debuteerde in de Formule 1 door zich in 1971 met geleend geld in te kopen bij het team van March. Het afbetalen van de lening realiseerde hij met het prijzengeld dat hij met de Alpina BMW in toerwagenraces bij elkaar reed. De March was een ramp en zijn eerste resultaten waren bedroevend. De oplossing was met meer geleend geld een plekje veroveren bij een ander team. Hij kreeg voor 1973 een contract bij BRM. Ook dat seizoen dreigde te mislukken, maar gelukkig kon hij zijn vaardigheden tonen tijdens de Grand Prix van Monaco. Hierdoor viel de aandacht van Enzo Ferrari op hem en kreeg hij een contract aangeboden bij het Scuderia Ferrari. Al snel kwam het succes en de leningen konden worden terugbetaald.

Niki Lauda in een Ferrari 312 T2,
in training voor de Duitse Grand Prix 1976

In 1975 won Lauda zijn eerste wereldtitel en hij was in 1976 hard op weg naar zijn tweede, toen hij op 1 augustus van dat jaar tijdens de Duitse Grand Prix op de oude Nürburgring in de linkerbocht voor Bergwerk materiaalpech kreeg en haaks rechts in de vangrails schoot. Hij dreigde levend te verbranden toen het wrak vlam vatte, maar hij werd gered door vier coureurs die vlak achter hem aan kwamen, de ernst van het ongeluk inzagen, onmiddellijk stopten en uit hun auto's sprongen. Arturo Merzario dook als eerste in de vlammen en maakte Lauda's veiligheidsriemen los, waarna hij hem samen met Harald Ertl, Brett Lunger en Guy Edwards uit de vuurzee sleurde. De ambulance arriveerde pas na acht minuten, die vervolgens door Hans Joachim Stuck via de kortste route naar het ziekenhuis werd geloodst.[1]
Lauda's racecarrière leek voorbij, maar tot ieders verbazing zat hij zes weken later tijdens de Grote Prijs van Italië alweer achter het stuur van de Ferrari. Met meters verband om zijn hoofd en mentaal nog vol schrik en angst reed hij naar de vierde plaats. Zijn monteurs huilden tranen met tuiten. 'De grootste comeback sinds Lazarus', kopten de kranten.[1] Uiteindelijk verloor hij dat jaar de wereldtitel met slechts één punt, mede doordat hij tijdens de laatste Grand Prix, in Japan, opgaf vanwege slechte weersomstandigheden.

Na 1977, waarin Lauda zijn tweede wereldtitel veroverde, nam hij ontslag bij Ferrari en tekende hij bij Brabham. In 1979 besloot hij tijdens de trainingen voor de Grote Prijs van Canada dat het welletjes was en vertrok om zijn eigen luchtvaartmaatschappij "Lauda Air" te beginnen.

In 1982 werd hij terug naar de Formule 1 gelokt door McLaren, waar hij in 1984 zijn derde wereldkampioenschap won. Aan het einde van 1985 verliet Lauda de Formule 1 voorgoed. Niki Lauda won in zijn laatste jaar als coureur de laatste Grote Prijs Formule 1 van Nederland die verreden werd op het circuit van Zandvoort in de provincie Noord-Holland.

In 1992 werd Lauda als adviseur bij het team van Scuderia Ferrari binnengehaald. Omdat Austrian Airlines meer invloed kreeg op Lauda Air, trok Lauda zich in 2000 terug als bestuurder van Lauda Air. Lauda zelf verhuisde naar het Formule 1-team van Jaguar, waar hij het in 2001 en 2002 voor het zeggen kreeg. Aan het einde van 2002 werd hij ontslagen door moederbedrijf Ford. Opnieuw richtte hij een luchtvaartmaatschappij op met de naam Niki. Deze luchtvaartmaatschappij werd later overgenomen door Air Berlin.

Momenteel is Lauda actief als gastcommentator bij Formule 1-races voor de Duitse televisie (RTL Television). In het seizoen 2013 werd hij opnieuw adviseur van een Formule 1-team, dit keer bij Mercedes GP.

Trivia[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. a b Pole Position - De 10 grootste wereldkampioenen uit de Formule 1 door Koen Vergeer (2013), Nieuw Amsterdam Uitgevers ISBN 978 90 468 1450 5