Binnenhof (Den Haag)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Binnenhof
Luchtfoto van het Binnenhof in 2015. in het midden de Grafelijke zalen met daarachter de Raad van State en de Eerste Kamer. Naast de Ridderzaal het ministerie van Algemene Zaken met het torentje. Linksvoor de gebouwen van de Tweede Kamer, rechts de Hofvijver.
Luchtfoto van het Binnenhof in 2015. in het midden de Grafelijke zalen met daarachter de Raad van State en de Eerste Kamer. Naast de Ridderzaal het ministerie van Algemene Zaken met het torentje. Linksvoor de gebouwen van de Tweede Kamer, rechts de Hofvijver.
Geografische informatie
Locatie       Den Haag
Stadsdeel Centrum
Wijk Centrum
Begin Buitenhof
Eind Plein
Postcode 2513 AA
Detailkaart
Binnnenhofkaart.jpg
Portaal  Portaalicoon   Geschiedenis
Luchtfoto van het Binnenhof in 1938 nog zonder de uitbreiding van de Tweede Kamer
Binnenaanzicht van het Binnenhof, met in het midden de Ridderzaal
Het Binnenhof en de Hofvijver

Het Binnenhof is een gebouwencomplex in het centrum van Den Haag, dat al eeuwenlang het centrum is van de Hollandse en Nederlandse politiek. Haar ontstaan gaat terug tot de bouw van een kasteel door de graven van Holland, die er sinds de dertiende eeuw hun residentie hielden. Later werden zij in deze keuze opgevolgd door stadhouders en de Staten-Generaal van de Nederlanden, respectievelijk die van het Koninkrijk der Nederlanden, die deze locatie verkozen vanwege haar status als bestuurscentrum. Ook de minister-president, de hoogste politieke bestuurder van Nederland, heeft hier zijn kantoor, in het Torentje.

De stad Den Haag dankt haar ontstaan aan het Binnenhof, dat in de loop van de eeuwen zorgde voor een aanwas van bestuurders en werklieden, die zich in de nabijheid vestigden. Het Binnenhof wordt gerekend tot de Top 100 van Nederlandse monumenten en is mogelijk het oudste parlementsgebouw in Europa dat nog als zodanig dienstdoet. Het woord "Binnenhof" staat in het Nederlandse taalgebruik vaak synoniem voor de landelijke politiek.

Het Buitenhof is een aangrenzend plein, vroeger ook wel 'Nederhof' genoemd.

Geschiedenis[bewerken]

Impressie van het Binnenhof in de 13e eeuw volgens architect Cornelis Peters, 600 jaar later

Oorsprong[bewerken]

Over het ontstaan van het Binnenhof is niets met zekerheid bekend. Het oudste gebouw was een donjon, die er voor 1230 zou hebben gestaan; de fundamenten liggen nog onder het Rolgebouw. Volgens een hypothese zou het terrein van het Binnenhof in 1229 door graaf Floris IV van Holland zijn gekocht.

Het Binnenhof en omgeving aan het eind van de zestiende eeuw
De bebouwing van het Binnenhof langs de Hofvijver met een watersteekspel op het water; omstreeks 1625.

Uitbreiding[bewerken]

Zeker is dat de zoon van Floris IV, graaf Willem II begon met de uitbreiding tot een kasteelcomplex waar ook het toen ommuurde Buitenhof inclusief de Gevangenpoort deel van uitmaakte. Tussen 1248 en 1280 bouwde Willem de hofkapel en de gotische Ridderzaal. Links en rechts, haaks op de Ridderzaal, staat een muur die de ruimte voor en achter het gebouw splitste. Beide muren hebben een poort. Aan het einde van de muur, bij de Hofvijver, werd de hofkapel gebouwd, en vlak daarbij het Ridderhuis, waar bezoekende ridders onderdak kregen; aan de zuidkant kwamen keukens. De zuiderpoort werd de Keukenpoort genoemd, en daarachter lag de Keukenhof ('Cokenplein').

Achter de ridderzaal werden woonvertrekken aangebouwd. Een poort (later de Maurits- of Grenadierspoort genoemd) en brug gaven toegang tot de kooltuin en een boomgaard. Daar zijn nu het Mauritshuis en het Plein.

Vermoedelijk werd het kasteel voltooid tijdens de regering van Willems zoon, graaf Floris V, en was het Binnenhof waarschijnlijk korte tijd residentie van de graven van Holland. De graven van Henegouwen woonden slechts tijdelijk op het Binnenhof. Desondanks breidden zij het kasteel uit met nieuwe gebouwen. Onder enkele graven van Beieren was het kasteel weer wel residentie. Met name Albrecht van Beieren heeft er lang gewoond.

Behalve de Hofvijver werd het Binnenhof eeuwenlang omringd door grachten, die ook via het Spui toegang gaven naar Delft. Dat was onder meer belangrijk voor de aanvoer van bier, want alleen steden met stadsrechten mochten bier maken. Tegenwoordig is van al dat water alleen de Hofvijver overgebleven en een klein stukje gracht naast het Torentje.

Bijna afgebroken[bewerken]

Persfoto bij een internationale conferentie in 1930

Tot twee keer toe zijn er plannen geweest om het Binnenhof af te breken.[1] Tussen 1806 en 1810 werd het land bestuurd vanuit Amsterdam: koning Lodewijk Napoleon verplaatste zijn zetel naar Amsterdam en het Binnenhof stond leeg.

De tweede keer dat er dreiging was om het Binnenhof af te breken was in 1848. De toenmalige Staten-Generaal wilden een groot signaal geven dat de nieuwe grondwet de macht bij de Staten-Generaal legde in plaats van de koning, en het leek de leden een goed idee om als gebaar het oude machtscentrum af te breken en nieuwe regeringsgebouwen neer te zetten. De lokale bevolking had echter meer oog voor de historische waarde van het Binnenhof en kwam met succes in verzet tegen de plannen.

Verbouwing en uitbreiding in 1992[bewerken]

Het huidige Binnenhof bestaat al lange tijd en is weinig van uiterlijk veranderd, al stelt de huidige opzet van het parlement andere eisen aan de faciliteiten dan enkele eeuwen geleden. Tot 1992 was de Oude Zaal (de Balzaal van stadhouder Willem V uit de 18e eeuw) de zittingszaal van de Tweede Kamer der Staten-Generaal. De zaal was te klein om de 150 leden van de Kamer te huisvesten samen met alle ondersteunende personen. In 1992 werd daarom de nieuwe vergaderzaal geopend. De oude gebouwen liet men staan.

Plannen voor renovatie vanaf 2020[bewerken]

Model op schaal 1:25 van het Binnenhof met de Ridderzaal in de Haagse miniatuurstad Madurodam.

Sinds 1992 is er alleen klein onderhoud gepleegd en langzamerhand werd duidelijk dat er groot onderhoud moet gebeuren aan het eeuwenoude gebouwencomplex. De werkgroep 'Renovatie Binnenhof' kwam in 2014 met voorstellen. In februari 2015 werd bekendgemaakt dat vanaf 2018 het Binnenhof voor minstens vijf jaren 'op de schop' moet en dat de gebruikers in die tijd elders moeten worden gehuisvest.

Met name de oudste gebouwen, langs de Hofvijver, hebben een opknapbeurt nodig, zoals het Torentje van de premier, de Trêveszaal, waar het kabinet wekelijks vergadert, en de Eerste Kamer. Ook het gebouw van de Tweede Kamer aan de andere kant van het Binnenhof moet worden aangepakt. Het gaat om onder meer airconditioning, ICT-systemen, liften en cv-installaties. Ook moeten er maatregelen genomen worden om de brandveiligheid te verbeteren.

Als het hele Binnenhof in één keer wordt aangepakt zullen de werkzaamheden zeker vijf jaar duren, als het in fases gaat gebeuren is er sprake van een periode van zeker dertien jaar. Het renovatieproject gaat naar schatting vele miljoenen euro's kosten.[2][3]

Eind september 2015 werd bekend dat gekozen werd voor de variant waarin het Binnenhof minimaal vijf jaar dicht gaat[4]. Het parlement zal in die periode dan worden gehuisvest in het dan leegstaande Ministerie van Buitenlandse Zaken, wat voor rond de 40 miljoen verbouwd zal moeten worden. Het ministerie van Algemene Zaken, de Eerste Kamer en de Raad van State zullen tijdelijk verhuizen naar Huis Huguetan, het gebouw van de Hoge Raad aan het Lange Voorhout. Totaal zal de verbouwing tussen de 500 en 600 miljoen euro gaan kosten.

Onderdelen[bewerken]

Vergadering in de Ridderzaal anno 1651, geschilderd door Dirck van Delen

De Ridderzaal[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Ridderzaal en Grafelijke zalen voor de hoofdartikelen over dit onderwerp.

De Ridderzaal is een grote zaal in het gotische gebouw, dat midden in het Binnenhof staat (de Grafelijke zalen). Hier wordt jaarlijks op de derde dinsdag in september in de Verenigde Vergadering der Staten-Generaal de troonrede uitgesproken door de Koning. De naam Ridderzaal is een romantisch verzinsel. Vanouds werd deze zaal aangeduid als de 'Groote Zaal' en ook wel als de 'Loterijzaal'. Oorspronkelijk is de zaal een uitbreiding van een onder Graaf Floris IV van Holland begonnen paleis. Door Graaf Willem II van Holland werd aan de westzijde van dat paleis een Grote Zaal opgericht. Graaf Floris V van Holland liet die door zijn vader begonnen zaal waarschijnlijk weer gedeeltelijk afbreken, om daarvoor in de plaats een nog veel grotere zaal op te richten. De afmetingen van die zaal waren zo groot, dat ze in West-Europa niet of nauwelijks hun gelijke vonden.[bron?]

In de loop der eeuwen werd er het nodige aan het complex verbouwd en werden er ook tal van bouwwerken tegenaan gebouwd. De restauratie van het complex van Grafelijke Zalen begon al onder Lodewijk Napoleon door de architect Adriaan Noordendorp. In de jaren zestig van de 19e eeuw liet rijksbouwmeester Willem Nicolaas Rose het complex grondig onderzoeken, om vervolgens de Grote Zaal te restaureren. Omdat Rose niet kon geloven dat de grote houten kap uit de bouwtijd van de zaal dateerde (de kap had voor die tijd een ongekende constructie en overspanning) en die kap bovendien in zeer slechte staat verkeerde, verving hij de kap door een gietijzeren overspanning. Dat kwam hem op veel kritiek te staan. In de jaren zeventig van de 19e eeuw werd de westgevel van de zaal gerestaureerd onder leiding van Pierre Cuypers. Daarbij kregen de beide torentjes hun huidige vorm. De meest ingrijpende restauratie begon kort voor de eeuwwisseling en werd afgerond in 1904. Onder leiding van rijksbouwmeester Daniël Knuttel werden de aanbouwen verwijderd en kreeg de Grote Zaal een nieuwe kap, die nauwgezet de door Johannes Craner in opdracht van Rose gemaakte tekeningen van de oorspronkelijke kap volgt. Bij deze restauratie is ook een roosvenster toegevoegd.

In 2006 werd het interieur van de Grote Zaal gerenoveerd. De vlaggen zijn verdwenen en er hangen nu wandkleden aan de muur. Ook zijn het podium en de bekleding van de troon vernieuwd en is het baldakijn kleiner gemaakt.

De Hofkapel[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Hofkapel (Den Haag) voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Hofkapel op het Binnenhof (tekening Albertus Frese, 1777)

Sinds 1591 hield de Waals-Hervormde gemeente haar diensten in de oude Kapel van Maria ten Hove op het Binnenhof, gesticht door graaf Floris V. De Hofkapel werd in 1879 aan het Rijk verkocht. Na een grondige verbouwing kreeg het gebouw een andere bestemming.[5] Tegenwoordig bevinden zich in dit deel van het Binnenhof de fractie-, commissie- en werkruimtes van de Eerste Kamer. Op de zolder is nog het oude houten gotische plafond te zien.

Mauritstoren[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Mauritstoren voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Op de eerste etage van de Mauritstoren bevindt zich een kamer die onder Stadhouder Willem V was ingericht als eetkamer. Deze kamer die uitkijkt op het Buitenhof, is lange tijd gebruikt als Ministerskamer door de ministers en staatssecretarissen, die zich hier voorbereidden op de plenaire behandeling van wetsvoorstellen in de Eerste Kamer. In de Ministerskamer vonden veelvuldig onderhandelingen in het kader van een kabinetsformatie plaats. In 2012 werd, na een verkennende fase in de Ministerskamer, verder onderhandeld in het gebouw van de Tweede Kamer. Sinds 2015 is deze ruimte in gebruik als fractiekamer van de CDA-fractie in de Eerste Kamer.

Het Keurhuis[bewerken]

Ten noorden van de Ridderzaal, op Binnenhof 6, staat een klein huis met het opschrift "t' Goutsmits Keurhuys". Het is in 1640 gebouwd voor het Gilde van de Goud- en Zilversmeden. Hier werden de keurmerken in zilveren en gouden voorwerpen geslagen.

Om bij het pand te komen moest men door de Spuipoort en de Hofpoort. De Stadhouderspoort bij het Buitenhof mocht alleen door de stadhouder gebruikt worden. Het pand ernaast, Binnenhof 4, werd in 1776 gebouwd. Het werd door de Tweede Kamer gebruikt.

Vergaderzaal Eerste Kamer[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Vergaderzaal van de Eerste Kamer voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Op Binnenhof 22 is de Eerste Kamer der Staten-Generaal gevestigd. In 1650 gaven de Staten van Holland en West-Friesland aan de befaamde architect Pieter Post de opdracht een nieuwe monumentale vergaderzaal te bouwen. De bouw vond plaats tijdens het stadhouderloze tijdperk dat na de dood van stadhouder Willem II werd afgekondigd. Hiertoe werd een gedeelte van de stadhouderlijke residentie afgebroken. Van het stadhouderlijk paleis bleef de Mauritstoren, gelegen in de zuidwesthoek van het Binnenhof, intact.

De Trêveszaal[bewerken]

Interieur Trêveszaal

De Trêveszaal werd gebouwd in opdracht van de Staten-Generaal. Dit gebeurde op verzoek van Johan van Oldenbarnevelt om zo een mooie zaal te krijgen om tijdens de Tachtigjarige Oorlog onderhandelingen te voeren die tot het Twaalfjarig Bestand van 1609 hebben geleid.[bron?] Zijn standbeeld staat op de Lange Vijverberg en kijkt over de Hofvijver heen, richting de plaats waar hij werd onthoofd: vóór de Ridderzaal.

Torentje[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Torentje voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Het Torentje (rechts) en het Mauritshuis

Het Torentje is sinds 1982 de werkkamer van de minister-president. Ernaast ligt het museum het Mauritshuis dat in 1640 werd gebouwd als woning voor graaf Johan Maurits van Nassau-Siegen. Het Torentje is in de jaren 1840 gebruikt als werkkamer door Thorbecke, maar de verschillende premiers wisselden nog wel eens van kantoor. Pas sinds de regeerperiode van Ruud Lubbers is het Torentje de vaste werkplek van de minister-president.

Aan de andere kant van het Torentje ligt de Maurits- of Grenadierspoort, die toegang geeft tot het Binnenhof. Recht tegenover het Torentje in het voormalige ministerie van Koloniën zijn nu kantoorruimten van de Tweede Kamer.

Poorten[bewerken]

De Binnenpoort, gebouwd in 1634

Lang was het hele terrein van het Binnenhof en het Buitenhof ommuurd. Er waren poorten om van het Binnenhof naar de buitenhoven te gaan en vandaar de buitenwereld te betreden.

  • Stadhouderspoort uit 1620. Aan de westkant verbindt de Stadhouderspoort het Binnenhof met het Buitenhof, waar onder meer de stallen waren. Alleen de stadhouder maakte gebruik van deze poort. Van het Buitenhof kon men aan de noordkant via de Gevangenpoort naar de stad gaan. Via een ophaalbrug over de Haagse Beek kwam men dan uit op de Plaats, waar nu een standbeeld van Johan de Witt staat. Daaromheen woonden allerlei personen die met het Hof te maken hadden.
  • Binnenpoort of Middenpoort uit 1634. Het Plein werd in 1633 opgeleverd en daarom werden in 1634 twee nieuwe poorten gebouwd. Ze lijken ook op elkaar. De Binnenpoort werd gebruikt om het Binnenhof af te sluiten. Tussen de Binnenpoort en de Buitenpoort vestigden zich voorname functionarissen.
  • Mauritspoort of Buitenpoort of Grenadierspoort uit 1634. Men kon het Binnenhof ook aan de oostkant verlaten door de Mauritspoort om te wandelen in de ommuurde moestuinen of te gaan jagen in het Haagse Bos.
  • Hofpoort. Aan de zuidkant van het Binnenhof gaf de Hofpoort toegang tot de Hofsingel. Deze poort is in de 18e eeuw gebouwd.
  • Spuipoort, gebouwd in de 14e eeuw, afgebroken in 1861. De poort stond op een eiland. Tussen het eiland en het Binnenhof was een vaste brug, die uitkwam bij de Hofpoort. Aan de andere kant van de Spuipoort was een ophaalbrug die uitkwam bij het Spui.

Fontein[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Binnenhoffontein voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De fontein is een geschenk van de Haagse burgerij, als dank voor de restauratie van de voorgevel van de Grafelijke Zalen (Ridderzaal). De regering aarzelde om het geschenk te aanvaarden, vanwege de kosten van het water. Dit probleem werd opgelost met de bepaling dat de fontein slechts op bepaalde hoogtijdagen zou spuiten. De fontein werd ontworpen door Pierre Cuypers.

Waterpomp[bewerken]

Bij de ingang naar het nieuwe gebouw van de Tweede Kamer staat één van de weinige oude pompen die in Den Haag zijn overgebleven. Er zijn nog enkele oude pompen bekend, o.a. op het Lange Voorhout, bij de Grote Kerk en in enkele hofjes.

Trams op het Binnenhof[bewerken]

Tramspoor door de Mauritspoort

Van 1880 tot 1924 was het Binnenhof onderdeel van de route van het Haagse tramnet tussen Buitenhof en Plein. De eerste paardentram reed op 1 september 1880 vanaf het Buitenhof via het Binnenhof naar het Plein.

Op 21 april 1906 werd de paardentram vervangen door de elektrische tramlijn 3. Op 4 maart 1907 kwam tramlijn 4 er bij en vanaf 15 april 1919 nam tramlijn 13 de route via het Binnenhof over van tramlijn 4. Voor het passeren van de drie lage poortjes van het Binnenhof waren alleen de Haagse motorwagens 1-20 en 151-168 geschikt (de zogenaamde 'Laagdakkers').

Na de aanleg van een trambaan in 1924 over de nieuw aangelegde Vijverdam tussen Buitenhof en Lange Vijverberg, werd per 24 december 1924 de route van de tramlijnen 3 en 13 via het Binnenhof verlaten en reden de trams voortaan tussen Buitenhof en Plein via de Lange Vijverberg. Tegenwoordig is het Binnenhof niet meer voor verkeer toegankelijk, alleen voor vergunninghouders, fietsers en voetgangers.

Trivia[bewerken]

Afbeeldingen[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]