Lijst van gebeurtenissen tijdens de Tweede Wereldoorlog: Oost-Europa

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Dit is een chronologische lijst van gebeurtenissen in Oost-Europa voor, tijdens en vlak na de Tweede Wereldoorlog.


Opmerking: Bij het opzoeken van gebeurtenissen volgens datum gebeurt het soms dat de verschillende officiële bronnen elkaar tegenspreken over de datum. Nagenoeg steeds zijn deze verschillen zeer klein, meestal één dag verschil. De oorzaak hiervoor is te vinden in het feit dat bepaalde militaire acties tijdens de nacht starten en nog doorlopen in de vroege uren van de volgende dag. Ook gebeurt het dat een auteur de situatie beschrijft wanneer de actie volledig afgelopen is, met andere woorden de dag na de overgave, de dag na de vredesonderhandeling, enz. Ook merken we op dat het einde van een militair offensief of campagne niet steeds ondubbelzinnig te bepalen is. De bepaling van de datum is afhankelijk van de referentie die door de auteur werd gebruikt. Er is getracht in deze lijst zo veel mogelijk de exacte referentie van de datum aan te duiden via een omschrijving van wat er gebeurd is of bedoeld werd.


1939[bewerken]

24 februari

14 maart

15 maart

  • In de nacht van 14 op 15 maart wordt de Tsjechische president Emil Hácha middels intimidatie gedwongen de controle over zijn land over te dragen aan de Duitsers.
  • Duitse troepen bezetten Praag.

16 maart

22 maart

23 maart

  • Nazi-Duitsland neemt het Memelland in. Hitler geeft voor de laatste keer een toespraak naar aanleiding van een gebiedsuitbreiding zonder dat er een schot voor gelost hoefde te worden.
  • Polen verwerpt de Duitse eisen over Danzig.

30 maart

  • Engeland garandeert de Poolse onafhankelijkheid, Frankrijk zal dit voorbeeld later volgen.

31 maart

  • Chamberlain maakt het Brits-Franse garantieverdrag met betrekking tot Polen bekend.

17 april

3 mei

  • De Sovjet-Russische volkscommissaris van Buitenlandse zaken Litwinov wordt ontslagen.

4 mei

  • De ontslagen Sovjet-Russische volkscommissaris van Buitenlandse zaken Litwinov wordt vervangen door Vjatsjeslav Molotov. Hiermee wordt een totale wending ingeluid van Moskous buitenlandse politiek.

20 juli

  • Jozef Tiso wordt de nieuwe president van Slowakije.

24 juli

  • Groot-Brittannië, Frankrijk en de Sovjet-Unie beloven elkaar wederzijdse steun in het geval een van de drie wordt aangevallen. De overeenkomst zal pas van kracht zijn als een gelijkaardige militaire overeenstemming is bereikt.
  • Een geheime vergadering tussen de Poolse, Britse en Franse cryptografen wordt georganiseerd te Pyry, nabij Warschau, Polen. De vergadering duurt tot 25 juli en de Fransen en Britten krijgen een replica van de Enigma codeermachine mee. De Polen verklaarden dat ze reeds vanaf december 1932 in staat waren de Duitse Enigma-berichten te ontcijferen, maar dat ze dit sinds de recente Duitse aanpassingen aan dat Enigma-systeem (15 september 1938, 15 december 1938 en 1 januari 1939) niet meer konden. Daarna gaf de Poolse Generale Staf in januari 1939 Maksymilian Ciezki en Guido Langer toestemming om hun Enigma-geheimen door te geven aan de Franse en Britse collega's. De Fransen, die de Polen de Enigma-documenten hadden overhandigd, wisten tot aan de vergadering helemaal niets van het kraken van Enigma.

21 augustus

  • Stalin laat weten dat hij een niet-aanvalsverdrag met Duitsland wil sluiten.

23 augustus

25 augustus

  • Groot-Brittannië en Polen ondertekenen een wederzijds bijstandsverdrag. Hiermee verklaart Groot-Brittannië openlijk zijn steun aan Polen in het geval Duitsland dit laatste land zou binnenvallen. Dit is een tegenvaller voor de strategie van Hitler.
  • Hitler stelt de aanval op Polen voor de volgende dag vast maar herroept het bevel als Benito Mussolini hem laat weten dat Italië niet bereid is oorlog te voeren.
  • Het Duitse slagschip Schleswig-Holstein komt in Danzig aan.

26 augustus

  • Frankrijk en Engeland onderhandelen met Hitler over de kwestie Danzig en de Corridor.

27 augustus

  • Hitler stelt de datum voor de invasie van Polen vast op 1 september 1939.

30 augustus

  • Een algehele mobilisatie van het Poolse leger wordt van kracht.

31 augustus

1 september

  • Het begin van de Tweede Wereldoorlog.
  • De Duitse invasie in Polen onder leiding van generaal Walther von Brauchitsch gaat van start op vrijdagochtend 4.45 uur onder codenaam Fall Weiss. Deze militaire inval zal escaleren tot wat later bekend zal worden als de Tweede Wereldoorlog. De Duitse legermacht van 63 divisies (waaronder 6 pantserdivisies en 10 gemechaniseerde divisies), ondersteund door 1300 vliegtuigen, valt via de Duitse en Slowaakse grens Polen binnen en heeft tot doel de 24 Poolse divisies uit te schakelen door een snelle omcirkeling en het doorsnijden van aanvoer- en communicatielijnen.
  • Bij Gdańsk wordt het Poolse garnizoen te Westerplatte door het Duitse slagschip Schleswig-Holstein beschoten.
  • Adolf Hitler maakt een verklaring over 21 grensincidenten in zijn rede voor de Rijksdag en verantwoordt de invasie die 's ochtends is begonnen als een defensieve actie. Joachim von Ribbentrop en andere leden van het ministerie van Buitenlandse Zaken lichten de internationale pers in over de vermeende Poolse agressie op het radiostation te Gleiwitz.
  • Italië legt verklaringen af dat het niet betrokken wil geraken in het conflict.

2 september

  • Polen vraagt om hulp aan Groot-Brittannië en Frankrijk.
  • Er wordt druk diplomatiek overleg gepleegd tussen Groot-Brittannië en Frankrijk, maar er komt geen overeenkomst.
  • Duitse troepen behalen gemakkelijke overwinningen in Silezië, Pommeren, Oost-Pruisen en bij Czestochowa.
  • De Duitse Heeresgruppe Süd onder leiding van generaal Wilhelm List bedreigt Krakau.
  • De Italiaanse dictator Benito Mussolini stelt een internationale conferentie voor om het Pools-Duitse conflict op te lossen, Groot-Brittannië en Frankrijk eisen een onmiddellijke terugtrekking van de Duitse troepen. Hierop trekt Mussolini zich terug als bemiddelaar.
  • De Engelse premier Neville Chamberlain stuurt Hitler een ultimatum: als Duitsland zijn troepen niet onmiddellijk uit Polen terugtrekt, betekent dit oorlog met Groot-Brittannië.

3 september

  • Hitler ontvangt het ultimatum van Groot-Brittannië, waarin Duitsland gesommeerd wordt om voor 11.00 uur bekend te maken dat het zijn troepen uit Polen zal terugtrekken. Zo niet, dan zal Groot-Brittannië zich vanaf 11.00 uur in staat van oorlog beschouwen met het Derde Rijk. Duitsland negeert dit ultimatum.
  • Het grootste deel van de Poolse luchtmacht is vernietigd. De Poolse communicatielijnen zijn door de Duitse aanvallen aangetast.
  • Duitsland vraagt de Sovjet-Unie om bijstand volgens het Molotov-Ribbentroppact.

4 september

5 september

  • De Verenigde Staten verklaren neutraal te zijn in het Pools-Duitse conflict.
  • Duitse troepen steken in Polen de rivier Weichsel over.

6 september

  • De Duitse Heeresgruppe Süd en Heeresgruppe Nord rukken op naar Warschau en Krakau wordt ingenomen.
  • De Poolse regering verlaat Warschau.
  • De Poolse codebrekers die erin slaagden de Duitse Enigma te ontcijferen verlaten eveneens de stad Warschau om uit de handen van de Gestapo te blijven.

7 september

  • De Poolse linie bij rivier Warta wordt door de Duitsers doorbroken. De Duitse 10e Legergroep rukt op vanuit het zuiden en staat op 55 km van de hoofdstad Warschau. De 3e Legergroep uit het noorden arriveert aan de rivier de Narew, op 40 km van de Poolse hoofdstad. De Duitsers denken dat alle Poolse strijdkrachten omsingeld zijn en wijzigen hun plannen. Doch veel Polen kunnen de rivier de Wistula oversteken en stellen zich op ter verdediging van Warschau. De Duitsers maken een grotere omcirkeling vanaf de rivier de Bug.

8 september

  • De Duitse 4e pantserdivisie bereikt Warschau, voert een eerste aanval uit maar wordt teruggeslagen.

9 september

  • De Poolse strijdkrachten gaan in het tegenoffensief aan de rivier de Bzura tegen de noordelijke flank van het Duits Achtste Leger. Dit offensief duurt tot 15 september.

10 september

11 september

12 september

  • Duitse troepen hebben Warschau omsingeld.

13 september

16 september

  • De stad Warschau weigert het Duitse bevel tot overgave.

17 september

  • De Sovjet-aanval op Polen: Sovjettroepen vallen met dertig divisies Polen binnen en rukken op naar de Curzonlijn en bezetten het onverdedigde Oost-Polen.
  • Warschau is omsingeld door de Duitsers en krijgt elke dag hevige bombardementen te verduren.
  • De Poolse regering wijkt uit naar Roemenië.
  • Premier Vjatsjeslav Molotov van de Sovjet-Unie verklaart dat de Poolse regering niet meer bestaat.
  • In de nacht van 17 september bereikt de eerste groep Poolse cryptografen de grens tussen Polen en Roemenië. De meesten van hen zullen tegen begin oktober geïnstalleerd zijn in Château de Vignolles, nabij Gretz-armainvilliers, Frankrijk.

18 september

  • Er ontstaan felle gevechten bij de rivier Bzura waarbij 19 Poolse divisies worden omsingeld en uitgeschakeld.
  • Onder Duitse druk legt Roemenië een huisarrest op aan de Poolse regering in ballingschap.

19 september

  • Hitler houdt een triomfantelijke intocht in de stad Danzig (Gdańsk), Polen.
  • Duitse en Sovjettroepen ontmoeten elkaar bij Brest-Litovsk, Polen.

20 september

  • Duits-Russisch overleg over de afbakening van de grens in Polen.

21 september

  • Duits-Russisch akkoord over de afbakening van de grens in Polen.
  • De IJzeren Garde, een fascistische Roemeense groep, vermoordt de Roemeense eerste minister Armand Calinescu.

22 september

  • In de stad Lvov lossen Sovjettroepen de Duitsers af.

23 september

24 september

  • 1 150 Duitse vliegtuigen bombarderen Warschau.

26 september

27 september

  • Warschau geeft zich over na zware bombardementen op de stad, die gestart waren op 17 september.
  • Tien Poolse divisies zijn omsingeld in de vesting Modlin bij Kutno en geven zich over.
  • Een Duits militair bestuur wordt gevormd voor West-Polen.

28 september

29 september

  • Het pact voor wederzijdse hulp wordt ondertekend door de Sovjet-Unie en Estland. De Sovjet-Unie krijgt toegang tot de lucht- en zeehavens van Estland.
  • Ministers van Buitenlandse Zaken Joachim von Ribbentrop (Duitsland) en Vjatsjeslav Molotov (Sovjet-Unie) komen een nieuwe verdeling van Polen overeen.

30 september

1 oktober

  • Na zware gevechten geeft de Poolse marinecommandant zich over en komt er een einde aan de verdediging van de Poolse kust. De marinebasis Hel wordt ingenomen door de Duitsers. Drie Poolse torpedobootjagers en drie onderzeeboten kunnen nog uit de Oostzee vluchten en zullen in Britse havens aankomen.

5 oktober

  • Het gezamenlijk bijstandspact tussen de Sovjet-Unie en Letland wordt ondertekend, waardoor de Russen de zee- en luchthavens kunnen gebruiken.

6 oktober

  • De evacuatie van Rijksduitsers uit Litouwen gaat van start.
  • De laatste georganiseerde Poolse tegenstand eindigt bij Kock als 17.000 Polen zich overgeven. De totale Poolse verliezen zijn: 66.000 gesneuvelden, ten minste 200.000 gewonden en 694.000 krijgsgevangenen. Ongeveer 100.000 Polen vluchten via buurlanden Litouwen, Hongarije en Roemenië. Velen geraken tot in Frankrijk en Groot-Brittannië om aldaar een Pools leger in ballingschap op te richten. De verliezen aan Duitse zijde bedragen 13.981 gesneuvelden.

10 oktober

19 oktober

  • Adolf Hitler annexeert West-Polen in het Derde Rijk, proclameert de Nieuwe Staat Polen tussen West-Polen en de grens waar de Sovjets de macht nu hebben en creëert een eerste Joods getto te Lublin.

23 oktober

  • Het Vaticaan protesteert tegen de behandeling van de Katholieke Kerk in Polen.

24 oktober

  • Poolse patriotten smokkelen 70 ton goud uit Warschau naar Parijs.

28 oktober

31 oktober

8 november

  • Dr. Hans Frank wordt tot gouverneur-generaal van Polen benoemd.

16 november

  • De krijgswet wordt ingevoerd in Praag. Studenten worden doodgeschoten of gedeporteerd.

1940[bewerken]

22 januari

4 februari

12 februari

  • Onder een Duits-Sovjet-Russisch handelsverdrag zal de Sovjet-Unie ruwe grondstoffen, inclusief olie, exporteren naar nazi-Duitsland in ruil voor afgewerkte producten.

5 maart

16 maart

15 juni

26 juni

28 juni

2 juli

6 september

15 september

  • Generaal Lossberg, aangewezen om de invasie in het Oosten voor te bereiden, levert zijn plannen voor Operatie Fritz in bij Generaal Alfred Jodl.

7 oktober

10 november

  • De stad Danzig wordt door de Britse luchtmacht gebombardeerd.

12 november

17 november

19 november

20 november

  • Hongarije sluit zich aan bij het Driemogendhedenpact. Sinds de Italiaanse aanval op Griekenland hebben de Duitsers geprobeerd hun olieaanvoer uit de Balkan veilig te stellen door de landen in deze regio tot aansluiting bij het driemogendhedenpact te dwingen.

23 november

  • Roemenië treedt toe tot het Driemogendhedenpact.

25 november

18 december

  • Hitler geeft geheime instructies voor de invasie van de Sovjet-Unie.

1941[bewerken]

1 maart

  • Bulgarije sluit zich aan bij het Driemogendhedenpact.

2 maart

  • De Duitsers vallen Bulgarije binnen.

27 april

22 juni

24 juni

  • De Duitsers nemen Brest, Vilnius, Kaunas en Bialystok in.

26 juni

  • Minsk wordt door de Wehrmacht ingenomen. Tevens passeren de Duitsers de Dvina

27 juni

  • Hongarije verklaart de Sovjet-Unie de oorlog.

29 juni

  • Albanië verklaart de Sovjet-Unie de oorlog.
  • Operatie Silberfuchs gaat van start. Vanuit Noord-Finland proberen Duitse troepen Murmansk te veroveren.

30 juni

  • De diplomatieke betrekkingen tussen Vichy-Frankrijk en de Sovjet-Unie worden verbroken.

1 juli

  • Duitse troepen arriveren in Riga. Guderian stoot door tot over de Berezina

2 juli

  • Heeresgruppe Mitte aan het oostfront boekt grote vorderingen en heeft Wit-Rusland grotendeels veroverd.

6 juli

  • Het Rode Leger lanceert een tegenaanval in Wit-Rusland.

9 juli

10 juli

  • Begin van de slag om Smolensk.
  • Offensief van Heeresgruppe Nord in de richting van Leningrad.

15 juli

  • Wehrmacht rukt op tot in Smolensk.

21 juli

  • Het Rode Leger moet zich terugtrekken tot achter de Dnjestr.
  • De Luftwaffe valt Moskou aan.

1 augustus

  • De Sovjets lanceren een tegenoffensief op het centrale front van de Duitsers.

11 augustus

  • Heeresgruppe Süd lanceert een offensief richting de Zwarte Zee.

15 augustus

  • De Duitsers hebben grote delen van Oekraïne veroverd.

16 augustus

19 augustus

  • Heeresgruppe Nord valt Leningrad aan.

28 augustus

  • De Duitsers bezetten Dnjepropetrovsk

1 september

  • De Duitsers bezetten Karelië.

5 september

  • Estland staat geheel onder Duits gezag.

6 september

  • De stad Leningrad krijgt voor het eerst te maken met een Duits bombardement.

8 september

  • Het Rode Leger doet een tegenaanval ten zuidoosten van Smolensk en verovert Jelnja.
  • Begin van het beleg van Leningrad.
  • Grote luchtaanval op Leningrad, waarbij grote voedselvoorraden verloren gaan.

19 september

  • Het 6e Duitse leger uit het 29e Legerkorps neemt de Russische stad Kiev in.

25 september

  • Duitsland lanceert een aanval richting de Krim.

27 september

  • Heydrich wordt benoemd tot Rijksprotector van Bohemen en Moravië.

1 oktober

  • Bij Odessa landen Duitse strijdkrachten met gliders achter de Sovjetlinies.
  • Een Engels-Amerikaanse commissie onder leiding van Lord Beaverbrook en Averell Harriman is in Moskou overeengekomen de militaire hulp aan de Sovjet-Unie in 1942 te vergroten. Deze overeenkomst wordt op 4 oktober door Washington en Londen bevestigd.

2 oktober

  • Unternehmen Taifun gaat van start. Hoofddoel van de operatie is de verovering van Moskou. In het zuiden de zee van Azov. Het plan voorziet in het insluiten van de Sovjetstrijdkrachten in 2 Kessels, 1 bij Vyana en 1 bij Briansk.

3 oktober

  • Duitse troepen veroveren Tsarkoe Selo bij Leningrad en het industriële centrum Orel.
  • Hitler houdt een voorbarige overwinningsrede: "De vijand in het oosten is vernietigd"

5 oktober

  • Begin van de Slag om de Zee van Azov

6 oktober

  • Het Duitse 2e Leger en de 2e Panzergruppe sluiten de Kessel van Bryansk. 3 Sovjetlegers zijn ingesloten.

7 oktober

  • De Duitse 3e en 4e Panzergruppen sluiten de Kessel bij Vyasma. 6 Sovjetlegers zijn ingesloten.
  • Begin van de herfstregenperiode aan het Oostelijk front (raspoetiza). De modder begint de Duitse opmars ernstig te vertragen.

7 oktober - 20 oktober

  • Door de zogenaamde Kessels van Vyasma en Briansk worden 673.000 Sovjetsoldaten en 1254 tanks ingesloten. Hierdoor wordt de Duitse opmars vertraagd en krijgen de Sovjets de tijd hun verdediging te versterken.

10 oktober

  • Generaal Zhukov (Zjoekov) neemt het bevel op zich van de verdediging van Moskou.

11 oktober

  • De Sovjettank T34 komt voor het eerst in actie op het Moskou front.

13 oktober

  • Kalinin wordt door de Duitsers bezet

14 oktober

  • Einde van de strijd in de Kessel van Vyasma.

15 oktober

  • Evacuatie van de Sovjetregeringsdiensten en het Corps Diplomatique vanuit Moskou naar Kujbishev. Stalin blijft in Moskou.
  • De Sovjets beginnen met het evacueren van Sebastopol.

16 oktober

  • Duitse en Roemeense troepen trekken Odessa binnen. Enkele uren tevoren zijn de laatste Sovjettroepen over zee ontsnapt.
  • Meer dan een half miljoen mannen, vrouwen en kinderen voltooien de nieuwe verdedigingsring rond Moskou.

19 oktober

  • Taganrog aan de Zee van Azov valt in Duitse handen.
  • Troepen vanuit Siberië en het Verre Oosten komen aan in Moskou.

20 oktober

  • Beëindiging van de strijd in de sector van Briansk.
  • Stalin kondigt de staat van beleg af voor Moskou.

23 oktober

  • Het Sovjetcommandosysteem wordt gereorganiseerd: Zjoekov wordt verantwoordelijk voor de noordelijke sector, Timosjenko voor de zuidelijke sector.

24 oktober

  • Charkov wordt veroverd door Duitse troepen

27 oktober

28 oktober

  • De Duitse generaal Guderian voert een hernieuwde aanval op Moskou uit, maar komt door de modder niet vooruit.

30 oktober

  • De Duitse troepen stoppen met aanvallen over land op Moskou om het opdrogen en harder worden van de grond af te wachten.

31 oktober

  • De Duitse Luftwaffe bombardeert Moskou met 45 bombardementsvluchten.

1 november

  • Grootste deel van de Krim door de Duitsers bezet.

2 november

  • De Duitsers veroveren de Koersk.

15 november

  • Jalta wordt door de Duitsers veroverd.
  • De Duitsers hebben de hele Krim veroverd.

16 november

  • Groot Duits offensief richting Moskou.

17 november

19 november

  • Duits offensief tegen Rostov.

22 november

  • De Duitsers drijven de laatste Sovjettroepen uit Rostov.

25 november

  • Het Rode Leger doet aan het zuiden van het front enkele verwoede tegenaanvallen.

29 november

  • Het Rode Leger herovert Rostov.

1 december

  • De Sovjets versterken het Europees front met troepen afkomstig uit de Aziatische sector.

2 december

  • De Duitsers bereiken de voorsteden van Moskou.

6 december

  • Duits offensief tegen Moskou wordt tot staan gebracht.
  • Het Rode Leger doet een tegenoffensief over het hele front.

12 december

  • Sovjets ontzetten het gebied van Moskou.

13 december

  • Bulgarije verklaart de oorlog aan de Verenigde Staten en aan Groot-Brittannië.

16 december

  • De Duitsers moeten zich over het hele oostfront terugtrekken. Het Rode Leger verovert Kalinin.

29 december

  • De Sovjettroepen landen in de Krim en doen een succesvolle tegenaanval in de richting van Kertsj

1942[bewerken]

1 januari

  • Tegenaanval van het Rode Leger over het hele front.

22 januari

  • Einde van de slag om Moskou. Alle legers van de Duitsers ten westen van de stad moeten zich terugtrekken.

8 februari

  • In het gebied rondom Demjansk worden ruim negentigduizend Duitsers omsingeld.

15 februari

  • Het Rode Leger dropt parachutisten in het gebied rondom Demjansk, waar het ruim negentigduizend Duitsers heeft omsingeld. De aanval is een mislukking.

24 februari

27 februari

  • Het Sovjetoffensief op de Krim krijgt een vervolg op het schiereiland Kertsj en bij Sebastopol.

1 maart

  • Het Rode Leger lanceert een aanval in de richting van de Krim.

12 mei

  • Het Rode Leger valt Kharkov aan.

16 mei

  • De Duitsers heroveren Kertsj op de Krim.

26 mei

  • Verdrag tussen Groot-Brittannië en de Sovjet-Unie over wederzijdse bijstand voor de duur van twintig jaar.

27 mei

28 mei

  • Het Rode Leger heeft Kharkov heroverd.

3 juni

  • Zware Duitse aanvallen op Sebastopol.

4 juni

10 juni

  • Duits tegenoffensief in de richting van Charkov.
  • Als represaille voor de aanslag op Heydrich wordt het dorp Lidice uitgemoord.

22 juni

  • De Sovjettroepen moeten zich bij Charkov terugtrekken.

27 juni

  • Leen- en Pachtakkoord tussen Groot-Brittannië en de Sovjet-Unie.

28 juni

  • Duits voorjaarsoffensief aan het gehele oostfront.

3 juli

  • Sebastopol wordt door de Duitsers, na een belegering van meer dan acht maanden, veroverd.

5 juli

  • Duitse troepen trekken over de Don en vallen Voronezj aan. De strijd om de stad duurt ca. zes weken.

17 juli

18 juli

  • De Verenigde Staten verklaart Hongarije, Bulgarije en Roemenië de oorlog.

24 juli

  • De Wehrmacht herovert Rostov op het Rode Leger.

5 augustus

  • De Duitsers trekken over de Koeban en richten hun aanval op de Kaukasus.

9 augustus

  • Duitse aanval op de steden Majkop en Krasnodar in de Kaukasus.

28 augustus

  • Het Rode Leger doet een tegenoffensief bij Leningrad.

1 september

  • Duitse troepen bereiken de Wolga.
  • Duitse troepen landen op het schiereiland Taman.

10 september

14 september

  • De eerste Duitse troepen zijn de buitenwijken van Stalingrad binnen gedrongen en stuiten daar op hevige tegenstand.

23 september

  • De Sovjets lanceren een aanval ten noordoosten van Stalingrad.

19 november

  • Operatie Uranus, het Russisch plan om het Duitse 6e leger te omsingelen, begint.

20 november

  • Het Rode Leger lanceert een offensief in de Kaukasus.

23 november

1 december

  • Het Rode Leger lanceert een offensief tussen de Don en Wolga.

16 december

  • De Russische Operatie Kleine Saturnus, om het Duitse 6e leger te vernietigen, gaat van start.

23 december

  • De Duitse poging om Stalingrad te ontzetten loopt vast.

24 december

  • Het Rode Leger opent een offensief richting Kotelnikovo en breekt door de verdediging van het 4e Roemeense Leger.

28 december

1943[bewerken]

1 januari

  • Het Rode Leger lanceert een offensief naar de kust van de Zwarte Zee.

3 januari

  • De Sovjets boeken grote terreinwinst in de Kaukasus.

9 januari

  • De in Stalingrad gelegerde Duitse divisies weigeren op bevel van Hitler over te gaan tot capitulatie.

20 januari

  • De Sovjets boeken over het hele front terreinwinst.

28 januari

  • Duitse troepen ontruimen de Kaukasus.

31 januari

  • Paulus bevordert tot generaal-veldmaarschalk. Hitler deed deze bevordering omdat een generaal-veldmaarschalk zich nog nooit in de Duitse geschiedenis had overgegeven.
  • Paulus geeft zich kort na zijn bevordering over aan het Rode Leger.

1 februari

  • Sovjetoffensief bij de Zee van Azov en in de Oekraïne.

2 februari

  • Het zuidelijke deel van het ingesloten 6e Duitse leger, bij Stalingrad, capituleert, daarmee is de slag om Stalingrad ten einde.

8 februari

  • De Sovjets veroveren Koersk.

14 februari

  • De Sovjets heroveren Rostov en Vorosjilovgrad.

16 februari

  • Het Rode Leger herovert Charkov.

3 maart

  • De Italiaanse troepen worden van het oostfront teruggeroepen.

9 maart

  • Duitse tegenaanval en het Rode Leger moet zich terugtrekken naar de Donetz.

15 maart

  • De Duitsers heroveren Charkov.

12 april

  • Duitsers vinden in het Russische Katyn massagraven met daarin ongeveer 3 000 lijken met Poolse identiteitspapieren. Tijdens latere opgravingen werden nog eens 1 200 lijken gevonden. Zie Bloedbad van Katyn.

16 april

  • De Sovjets trekken over de Koeban. Opstand in het getto van Warschau, die eerst op 16 mei neergeslagen wordt.

26 april

  • De diplomatieke betrekkingen tussen de Sovjet-Unie en de Poolse regering te Londen verbroken, wegens het verzoek der Polen aan het Internationale Rode Kruis om een onderzoek naar ‘de moord van Katyn’ in te stellen.

3 mei

  • Duits offensief bij de Koeban loopt op een mislukking uit.

15 mei

  • In Moskou wordt de Komintern ontbonden.

5 juli

12 juli

  • Het Rode Leger lanceert een tegenoffensief in de richting van Orel.

23 juli

  • Het Duitse zomeroffensief is vastgelopen.

26 juli

  • De Sovjets lanceren een nieuw offensief om de Duitsers terug te dringen.

1 augustus

  • De Amerikaanse luchtmacht bombardeert de Roemeense olievelden.

4 augustus

  • Het Rode Leger herovert Orel.

6 augustus

  • In de buurt van Charkov lanceren de Sovjets een nieuw offensief.

23 augustus

  • Het Rode Leger herovert Charkov.

8 september

  • Het gebied tussen de Donetsbekken wordt door de Sovjets veroverd.

25 september

  • Smolensk wordt door het Rode Leger bevrijd.

7 oktober

  • Het Rode Leger vestigt een bruggenhoofd aan de Dnjepr.

12 december

  • Vriendschapsverdrag tussen de Sovjet-Unie en de Tsjechische regering in ballingschap.
  • De Verenigde Staten roepen Hongarije, Bulgarije en Roemenië op om zich tegen Duitsland te keren.

31 december

  • Zjytomyr door het Rode Leger heroverd.

1944[bewerken]

4 januari

  • Sovjettroepen overschrijden de Pools-Russische grens.

14 januari

  • Het Sovjetleger begint bij Narva (Estland) een offensief tegen de Duitse Heeresgruppe Nord.

20 januari

27 januari

23 februari

26 februari

  • Het Rode leger verovert Porkhov.

4 maart

  • Het Rode leger begint een offensief in de Karpaten.

6 maart

  • Het Rode leger lanceert een offensief in Oekraïne.

19 maart

  • De Wehrmacht valt Hongarije binnen.

27 maart

  • De Sovjettroepen bereiken de Boekovina.

8 april

10 april

  • Odessa wordt door het Rode Leger veroverd.

9 mei

9 juni

  • Begin van Sovjet-offensief in Karelië.

22 juni

24 juni

  • Het Rode Leger valt aan in Wit-Rusland.

5 juli

  • Het Rode Leger herovert Minsk.

11 juli

  • De zak rond Minsk is beslist in het voordeel van het Rode Leger. De Duitsers verliezen 105.000 man; 70.000 doden en 35.000 krijgsgevangenen.

16 juli

23 juli

28 juli

  • Sovjettroepen veroveren Brest.

29 juli

  • Het Rode Leger herovert Lviv.

1 augustus

18 augustus

  • Het Rode Leger lanceert een succesvol offensief in Roemenië.

31 augustus

  • Het Rode Leger bereikt de Wisla.
  • Boekarest wordt veroverd door de Sovjets.

5 september

  • De Sovjet-Unie verklaart de oorlog aan Bulgarije en valt dit land binnen.

18 september

  • De Bulgaarse hoofdstad Sofia wordt veroverd door het Rode Leger.

22 september

  • De Sovjets bezetten Tallinn.

6 oktober

  • De Sovjets rukken Hongarije binnen.

13 oktober

  • Het Rode Leger verovert Riga.

18 oktober

  • Het Sovjetleger trekt Tsjecho-Slowakije binnen.

28 oktober

  • Wapenstilstand tussen de Sovjet-Unie en Bulgarije.

30 oktober

  • De Duitsers ontruimen Saloniki

13 november

  • De Sovjets trekken over de Donau in het zuiden van Hongarije.

10 december

  • Bondgenootschapsverdrag tussen Frankrijk en de Sovjet-Unie.

26 december

31 december

1945[bewerken]

12 januari

17 januari

19 januari

20 januari

27 januari

29 januari

6 februari

  • Het Rode Leger vestigt een bruggenhoofd over de Oder.

13 februari

  • Het Rode Leger heeft alle Duitsers uit Boedapest verdreven.

29 maart

  • Het Rode Leger verovert Danzig.
  • De Sovjets rukken Oostenrijk binnen.

9 april

  • Het Rode Leger verovert na een beleg van drie maanden de stad Königsberg.

13 april

  • Wenen wordt veroverd door het Rode Leger.

16 april

21 april

  • De Sovjettroepen trekken de voorsteden van Berlijn binnen.

25 april

  • Het Rode Leger maakt bij Torgau aan de Elbe contact met troepen van het Amerikaanse leger.

27 april

30 april

  • Adolf Hitler, Duits dictator, pleegt om 15h30 samen met Eva Braun, met wie hij een paar uur eerder trouwde, zelfmoord in zijn bunker. Hij overlijdt na inname van een gif en door vervolgens een kogel in zijn hoofd te schieten.

30 april

  • Het Rode Leger doet een aanval op het centrum van Berlijn.

2 mei

  • Berlijn in zijn geheel veroverd door het Rode Leger.

6 mei

  • De door Adolf Hitler tot vesting benoemde stad Breslau capituleert na drie maanden van gevechten.

8 mei

  • Einde van de Tweede Wereldoorlog in Europa.
  • Definitieve overeenkomst van de capitulatie van alle Duitse troepen wordt in Berlijn getekend door veldmaarschalk Keitel (Duitsland), Zjoekov (Sovjet-Unie), Spaatz (VS), Tedder (Groot-Brittannië) en de Lattre (Frankrijk). Hiermee is de onvoorwaardelijke overgave van Duitsland een feit.
  • In heel Europa ontstaan bevrijdingsfeesten.

5 juni

  • Conferentie in Berlijn tussen Eisenhower, Montgomery, Zjoekov en de Lattre. De vier geallieerde mogendheden besluiten het opperste gezag in Duitsland op zich te nemen.

Zie ook[bewerken]

Referenties[bewerken]